Plus PS

De schoenmaakster houdt zich bij haar leest

Schoenmaker? Dat is een uitstervend mannenberoep. Niet dus. In Amsterdam storten vrouwen zich enthousiast op het ambacht.

Jelske Peterson: 'Dat rammen achter een grove schuurband ligt me' Beeld Carly Wollaert

Jelske Peterson (34), eigenaar Peterson + Stoop, Van Diemenstraat (West)

Jelske Peterson deed de kunstacademie in Arnhem en studeerde af op het ontwerpen van schoenen. Voor haar afstuderen volgde ze verplicht een jaar van de opleiding ambachtelijk schoenmaken. Het was zo leuk dat ze er haar beroep van maakte.

"De handelingen liggen me ­gewoon. Dat je achter zo'n grove schuurband staat te rammen en dat je met hamers bezig bent. Tijdens de opleiding tot ambachtelijk schoenmaker leer je het vak echt zoals ze het lang geleden deden: met zo weinig mogelijk machines en alles helemaal van leer."

"Tegenwoordig hebben we een schalmmachine om leer mee uit te dunnen, maar op de opleiding leer je van dat nog allemaal met een mes. En dan komt er zoiets fijnzinnigs als een schoen uit. Dat vind ik gewoon heel gaaf."

Asymmetrisch
Voor haar eigen label Peterson + Stoop ontwierp ze samen met zakenpartner Jarah Stoop een schoen die - voor schoenmakersbegrippen - relatief makkelijk in elkaar steekt. Zo maakte ze van haar atelier een fabriekje met handwerk.

"Onze zolen zijn apart omdat ze asymmetrisch zijn. Van de ene kant lijkt het een schoen met een hak, van de andere kant een sleehak. Sinds kort zijn er ook Nikes waar we onze eigen zool onder hebben gezet. Echte sneakerfreaks roepen dat het heiligschennis is, maar dat vinden wij juist weer grappig."

Naast het schoenmaken en ontwerpen deed ze ­jarenlang schoenherstelwerk bij Nils Kalf. "Hij heeft mij het vak geleerd. Als je de hele dag schoenen uit elkaar haalt zie je allerlei verschillende maakwijzen en constructies. Dat is ontzettend leerzaam voor me geweest en ik vind het leuk om te doen. Toch ga ik ermee stoppen. Het liefst wil ik mijn geld verdienen met mijn label. Het is fysiek zwaar, maar ik moet het toch een keer proberen."

Marleen Dijkhoff: 'Laatst vroeg iemand of ik ook hakken kon maken!' Beeld Carly Wollaert

Marleen Dijkhoff (30, foto), eigenaar Schoenmakerette, Van der Pekstraat (Noord) en Anouk Broodman (22), leerling-schoenmaker

Dat Marleen Dijkhoff schoenmaker zou worden had ze nooit gedacht. In de tijd dat ze vaak op de winkel paste van een bevriende schoenmaker leerde ze wat kleine klusjes. Toen ze zichzelf betrapte op dromen over een eigen zaak begon ze aan de ­opleiding tot schoenhersteller. Inmiddels is ze anderhalf jaar eigenaar van de Schoenmakerette.

Dijkhoff zit er niet over in dat de klassieke leren schoen steeds meer wordt vervangen door de sneaker van plastic en rubber. "Ik doe niet aan ­reclame-uitingen, ik heb alleen een bord waarop staat dat ik ook sneakers kan maken."

"Laatst was de eigenaar van een broodjeszaak hier en die vroeg of ik ook hakken kon maken. Ik heb haar gevraagd of ze ook broodjes kon smeren, zo verbaasd was ik. Mensen weten niet meer wat de schoenmaker allemaal wel niet kan."

Circulaire economie
"Ook op de opleiding zagen ze dat het minder goed ging met het vak. Het was de realiteit, maar niemand wilde er iets aan veranderen. Ik wil daarbij helpen. We moeten de trend van duurzaamheid oppakken en van de daken gaan schreeuwen."

Over de toekomst is ze resoluut. "Er breken betere tijden aan. Mensen worden zich weer bewuster van hun aankoop- en weggooigedrag. Ik wil dit jaar mijn nek meer gaan uitsteken voor de circulaire economie. Misschien is dat iets waar vrouwen nog beter in zijn dan mannen."

Ook Anouk Broodman - tweedejaars leerling-schoenmaker bij Dijkhoff en Van der Lugt - denkt dat er een grotere rol is weggelegd voor vrouwelijke schoenmakers. "Met de komst van de machines is het fysiek allemaal wat minder zwaar geworden. Van de negen leerlingen in de klas zijn er al vijf vrouw."

Ilonka Heine: 'Ik hield altijd al van het stoerdere werk' Beeld Carly Wollaert

Ilonka Heine (53, foto), eigenaar Schoenservice Heine, Bankrashof (Amstelveen) en Lisette Wolters (27), leerling-schoenmaker

Het schoensmeer stroomt Ilonka Heine door de aderen: broer, vader en opa zaten in het vak. Zelf wilde ze eigenlijk de advocatuur in. Pas toen een vriendin een schoenmakerij opende, raakte ze ­enthousiast.

"Het was een ieniemieniezaakje:­ ­bordeauxrood met ecru. Geweldig! Een week later was ik ingeschreven voor de opleiding. Ik was er 35 jaar ­geleden een van de eerste vrouwen. Kwam ik daar, in het roze gestoken. Er waren leraren die me kopjes thee gaven en mijn tas werd zelfs gedragen."

"De liefde voor het stoerdere werk heeft er bij mij ­altijd wel ingezeten. Bij handenarbeid op school gingen de meisjes handwerken terwijl de jongens hout of metaal mochten bewerken. Veel leuker!"

Haar man ontmoette ze op de opleiding. Toen ze destijds hoorde dat hij een zaak opende, besloot ze een kijkje te gaan nemen. "Ik ben voor altijd blijven plakken. Vroeger was het nog weleens lastig hoor, dan stonden we tegen elkaar op te bieden wie de mooiste schoen had gemaakt. Nu vind ik het leuker om een goede gastvrouw te zijn en een beetje in de winkel te fröbelen met fournituren."

Geen gezicht
Leerling-schoenmaker Lisette Wolters is halverwege de opleiding. Als lerares kon ze haar draai niet vinden en besloot ze iets nieuws te gaan doen. "Mijn man is ook schoenmaker en begint een eigen zaak, dus ik wil hem daarin kunnen steunen."

Heine: "Er is veel veranderd in het vak, vooral in de mode en het materiaal van schoenen zijn golfbewegingen te zien. Dragen ze ineens een driedelig pak met een paar sneakers eronder! Ik vind het geen ­gezicht, maar het is blijkbaar hartstikke hip."

"En aan een paar sneakers is voor ons minder te verhapstukken. Maar het is de kunst om als ondernemer mee te bewegen met die golven en jezelf te blijven vernieuwen. Als je vastroest gaat het fout."

Mandy van der Lugt: 'Ik zei: ik kan altijd nog schoenmaker worden' Beeld Carly Wollaert

Mandy van der Lugt (41), eigenaar Schoen ­Herstel Salon, Czaar Peterstraat (Centrum)

Als kind wilde ze automonteur worden bij de ANWB, maar toch kwam Mandy van der Lugt terecht in een kantoorbaan bij netbeheerder Liander. Een nieuwsbericht over een tekort aan schoenmakers zette haar aan het denken.

"Ik zei gekscherend dat ik altijd nog schoenmaker kon worden. Maar hoe meer ik erover nadacht en ­erover praatte, hoe meer ik me realiseerde dat het zo gek nog niet was. Ik heb altijd al een passie voor schoenen gehad, misschien hoort dat een beetje bij het vrouw-zijn."

"Ik ben wat gaan rondsnuffelen bij de schoenmaker in mijn toenmalige woonplaats Zutphen en heb een oriëntatiecursus gedaan in Utrecht. Toen ik gebeld werd voor een leer-werkplek in ­Volendam heb ik mijn boeltje gepakt en ben ik naar ­Amsterdam verhuisd. Alles viel op zijn plek."

Ruim een jaar zit haar Schoen Herstel Salon nu in de Czaar ­Peterstraat. Een traditionele schoenmakerij kun je Van der Lugts winkel niet noemen, al was het maar vanwege de kleurige kasten en de grote roze stikmachine.

Stoute schoenen
"Bij het reviseren belden ze me op: of ze hem niet een kleurtje zouden geven nu hij toch uit ­elkaar lag. Ze wisten dat ik gek ben op kleurtjes, ik was altijd al de felgekleurde zolen aan het promoten."

"Héél soms trek ik de stoute schoenen aan. Dan doe ik er een paar gekleurde zolen onder zonder te overleggen. Maar alleen als ik weet wie ik voor me heb, hoor. En ik zeg er altijd maar bij dat er zo weer zwarte onder zitten als het niet bevalt."

Dat mensen minder willen consumeren is volgens van der Lugt niet de enige reden dat mensen weer naar de schoenmaker gaan. "Er is een groeiende groep die voor vijf euro een paar schoenen koopt bij de IJhallen en die laat ­opknappen. Gekke veters erin en je hebt voor een klein bedrag toffe schoenen."

De schoenmaker leeft

Het aantal schoenmakers in Nederland neemt al jarenlang af. Waren er in 2010 nog 720 schoenmakerijen, ­inmiddels zijn dat er nog maar 600. Daarvan zitten er zo'n 20 in de regio Amsterdam.

Ondanks die afname is de nieuwe ­generatie schoenmakers positief ove de toekomst. En wie bij de schoenmaker nog denkt aan de norse man in een ruimte vol ronkende machines, heeft het mis. Anno 2018 zijn er steeds meer vrouwen in het vak. Allemaal met een eigen kijk op schoenen, maar over één ding zijn ze het eens: de tijd van de schoenmaker is nog lang niet voorbij.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden