Plus Analyse

De onderbuik laat zich niet zo makkelijk bespelen

Wat is de invloed van het Trumptijdperk op de campagne voor de Kamerverkiezingen? Wie in het gevlij van de kiezer wil komen, hoeft niet meer aan te komen zetten met statistieken of de koopkrachtwolken van het CPB.

Geert Wilders, heer en meester op het populistische speelveld, reageert op de strafeis in de 'minder Marokkanen-zaak Beeld ANP

Bij de Algemene Beschouwingen in 2010 muntte GroenLinksleider Femke Halsema een nieuw begrip in de Tweede Kamer. De net aangetreden premier Mark Rutte maakte zich schuldig aan 'feitenvrije politiek'.

Die term had ze overgenomen van Bill Clinton, die een jaar eerder Sarah Palin had verweten fact free politics te bedrijven. Het werd nadien een door politici vaak geuite, ernstig klinkende beschuldiging. Populisme was in 2010 nog een scheldwoord.

Rond diezelfde tijd kwam een journalistiek fenomeen overgewaaid uit de VS: factchecken. Boude beweringen van politici werden door journalisten gecontroleerd op het waarheidsgehalte: het antwoord op feitenvrije politiek.

Zes jaar later zijn de Clintons verslagen door een presidentskandidaat voor wie feiten geen betekenis hebben en wiens campagne dreef op emoties als angst en woede. Het leger factcheckende journalisten werd niet als objectieve scheidsrechter gezien, maar als onderdeel van de elite, als slippendrager van de macht.

Hart en hoofd
Hoe moeten partijen in de aanloop naar de Tweede Kamerverkiezingen zich verhouden tot deze nieuwe werkelijkheid? Meedeinen op de golven van ongenoegen, waarbij feiten ondergeschikt zijn, of vasthouden aan de ratio, die vooral wordt gewaardeerd door het hogeropgeleide deel van de samenleving, waartoe de meeste politici behoren?

Het echte campagnegeweld is nog niet losgebarsten maar inleidende beschietingen wijzen op een strijd waarin het hart minstens zo belangrijk is als het hoofd.

Rutte gaat voor een derde termijn als premier met een 'plan' waarin de gevoelens van Nederlanders centraal staan. Hij wil dat we 'voelen dat het beter gaat'.

'Ik kan wel proberen uit te leggen dat we het hier echt wel goed voor elkaar hebben met elkaar, maar zolang mensen dat niet voelen, helpt dat niets,' schrijft hij. 'Ik snap ook echt de boosheid, onvrede en zorgen die ik zie in ons land. Daar wil ik dus ook iets aan doen.'

Gevoelens
Ook in de strijd om het PvdA-leiderschap spelen gevoelens een belangrijke rol. Lodewijk Asscher verwijt Diederik Samsom, met wie hij de afgelopen vier jaar het kabinetsbeleid bepaalde, dat hij de PvdA-achterban onvoldoende heeft 'meegenomen' in de kabinetsformatie van 2012.

"Je hebt ons het gevoel gegeven dat er werd gekwartet met onze waarden." Alsof Asscher als beoogd vicepremier niet voortdurend contact hield met Samsom tijdens die formatie.

Feelings are facts: die les van het Oekraïne-­referendum, de Brexit en de winst van Trump is ook tot de politiek strategen in Den Haag doorgedrongen. Politici die in het gevlij van de kiezer willen komen hoeven niet aan te komen met statistieken of doorgerekende plannen: ze moeten inspelen op de sentimenten.

Helemaal nieuw is dat fenomeen niet: de 'puinhopen van paars' waar Pim Fortuyn mee scoorde in 2002 kwamen voort uit hetzelfde sentiment. Het ging eigenlijk prima met Nederland, maar de afkeer van de gevestigde orde, zorgen over de multiculturele samenleving en het idee dat Nederland op de rand van de afgrond balanceerde, bleken krachtiger dan de koopkrachtwolken van het CPB.

Dat feiten ondergeschikt raken aan de werkelijkheid neemt soms absurde vormen aan. Oud-vakbondsvrouw en kandidaat-Kamerlid voor 50Plus Corrie van Brenk plaatste deze maand vraagtekens bij het verhogen van de AOW-leeftijd omdat we volgens haar niet zo oud worden als het Centraal Bureau voor de Statistiek stelt.

"Er zijn redenen om je af te vragen of de sterftecijfers van het CBS wel kloppen." Gortdroge statistieken terzijde schuiven als 'ook maar een mening', zo belandt het feitenvrij politiek bedrijven in een hogere versnelling.

Voor de gevestigde politieke orde is het schrikken: uitgangspunten die nooit toelichting behoefden - vrijhandel is goed, net als globalisering en nadere Europese samenwerking - staan ter discussie.

Het zijn zeker niet allemaal irrationele angsten bij een deel van de bevolking, maar ze worden gevoed door een breed gedeeld gevoel van onbehagen. Donald Trump begreep dat als geen ander: zijn van emoties doorspekte verbale geweld sloeg bij kiezers beter aan dan de koele technocratische taal van Hillary Clinton.

Dat de debatten die Trump voerde met zijn opponenten bizarre schouwspelen waren, had er mee te maken dat hij een compleet ander spel speelde dan zijn tegenstanders. Alsof een kickbokser vecht met een judoka.

De attaquerende stijl van Geert Wilders lijkt op die van Trump. In Nederland is hij heer en meester op het populistische speelveld. Op Wilders' veld moet alles benoemd kunnen worden.

Politieke correctheid
De politieke correctheid die hij zo verfoeit lijkt alleen nog te bestaan bij het aanwijzen van de plek van de PVV in het politieke spectrum. Waar buitenlandse media Wilders als extreemrechts classificeren, draaien journalisten en politieke rivalen bij ons om de hete brij heen.

D66-leider Alexander Pechtold doorbrak kort na de winst van Trump dit taboe: "Er ontstaat een gek soort politieke correctheid, die door conservatief Nederland wordt afgedwongen. We gebruiken het woord 'extreemrechts' nooit meer. Mensen durven dat nauwelijks nog te uiten, omdat er verbaal geweld en intimidatie van de andere kant komt. Voor mij is de grens bereikt. Ik láát me niet meer intimideren."

Dat belooft wat voor de campagne, waarin politici die gewend zijn kiezers te overtuigen met argumenten en ratio het gevoel moeten aanspreken. VVD-fractievoorzitter Halbe Zijlstra deed een poging toen hij in Pauw sprak over de moord op het sinterklaasfeest.

Electoraal vast slim, maar Jeroen Pauw moest er om lachen: "Ik ken u een beetje, u moet nu toch ook denken: het is een beetje flauwekul wat ik nu zeg?" De volgende dag erkende Zijlstra dat dit niet zijn sterkste optreden was geweest.

Het tekent de worsteling van politici in het Trumptijdperk. Ze zijn doodsbang voor het verwijt losgezongen te zijn van de gewone man.

Populist is van een vies woord veranderd in een geuzentitel, maar de onderbuik laat zich niet zo makkelijk bespelen. Met vallen en opstaan trachten partijen in te spelen op de nieuwe werkelijkheid, waarin een geoliede campagne geen enkele garantie op succes biedt.

D66-leider Alexander Pechtold: 'Voor mij is de grens bereikt. Ik láát me niet meer intimideren' Beeld ANP
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden