De mythe van Pulgrum (3)

Vandaag haast Filosoof Lars Top zich naar de training van zijn dameshockeyteam en zingt een zwanenzang.

Beeld reuters

Het was nog niet afgelopen met de dood, wist Lars. Hij kneep harder dan anders in het skai van zijn stuur bij het passeren van de bomen en het tegemoetkomende verkeer langs het Boterdiep. Maar hij zette er wel de sokken in, want hij was laat. Sara had het idioot gevonden dat hij training ging geven op de dag dat hij zijn oma had begraven.

Lars zweeg, want al was de dood van zijn 97-jarige grootmoeder geen moment tragisch geweest, hij wist dat zijn gedrag in strijd was met de waarden die hij bijna dagelijks debiteerde. "Alleen omdat we niet meer weten hoe het eigenlijk hoort, laten we omgangsvormen uit pure gêne maar achterwege. Zo sterft beschaving dus een stille dood. Zo heroïsch als een cultuur begint, met wapengekletter en revoluties, zo banaal kan ze ten ondergaan, uit ongemak en onverschilligheid."

Of uit verliefdheid dus, wist hij nu.

Het laagje ijs dat vanochtend op het diep had gelegen was net als de dagen ervoor in de middagzon verdwenen. Iedere ochtend opnieuw lag er van één nacht ijs. "IJs!", riep hij gisteren toen hij met de kinderen voor- en achterop de fiets over de houten draaibrug roffelde. "Maar, het is nog niet dik genoeg om op te staan", reageerde Hannah. "Wel voor die zwaan, daar." Lars wees. Hannah volgde zwijgzaam zijn vinger. Die gaat over één nacht ijs, schoot het door zijn hoofd. Het was vast weer een teken. En ja hoor, toen hij later die ochtend hun kunstkalender in de keuken een week te laat op de nieuwe maand hing, kwam daar 'De bedreigde zwaan' van Jan Asselijn te voorschijn.

En zoals dat gaat bij het leggen van verbanden, als je er eenmaal aan begint, dan zie je er steeds meer. Zeker Lars Top. Hij dacht terug aan het grote verdriet van Jonathan, die vorig weekend ontroostbaar was geweest bij het zien van het filmpje van Het lelijke eendje op Lars' iPhone. Hij en Sara stonden versteld van de empathie waarmee hun peuter zich identificeerde met het verstoten zwaantje. "Dah wah een sielig eentjen", zei hij nu al dagen voor het slapen gaan.

Maar met de nieuwe tekens van ook andere zwanen geraakte het brein van Lars in een spoor van associaties. Dit moest meer betekenen.

Dat gevoel had hij ook gehad toen hij hoorde van de kamelen in het Friese Burgum die uit circus Renz waren ontsnapt. En inderdaad, zo reconstrueerde Lars een paar dagen later, precies op het moment dat de kamelen voor de Hema in het centrum van Burgum stonden, werden in Libië de drie Nederlandse militairen uit hun helikopter getrokken. De zwanenreeks leek ook iets aan te kondigen. Maar wat? Had het iets te maken met de Umwertung aller Werten, die Lars op het spoor dacht te zijn? Die gedachte hield hem bezig sinds het gelijktijdige omvallen van het IJslandse Icesave en het uitbarsten van de Eyjafjallajoküll. Omdat hij het voorlopig maar hield op de aankondiging van een dood, een zwanenzang, zat hij nerveuzer dan anders in de auto.

Op vijftig meter van de spoorwegovergang bij de melkfabriek van Bedum zag hij de rode lichten van de overweg aanspringen. Zijn ongeduld om Sanne Kort te zien verdreef zijn hersenspinsels. Het rood-witte boemeltje uit Delfzijl zweefde over het land, dat in het avondlicht een rustige zee leek. Lars drukte de radio aan zonder te luisteren.

Hij zou geen training meer missen. Voor de eerste na de winterstop had hij zelfs een lezing afgezegd. Als trainer was het niet ongepast om in haar nabijheid te verkeren. Op het veld trok zij niet alleen de aandacht van Lars. Sanne viel op. Ze versnelde schijnbaar zonder inspanning, haar harde slagen waren geluidloos. En tussen de rood aangelopen koppen van de andere meiden bleef haar huid opvallend wit.

Het was geen bleke huid, maar echt wit. Wit als Galatea, het tot leven gewekte marmeren beeld uit de mythe van Pygmalion. In zijn werkkamer hing een afbeelding van het moment waarop Pygmalion zijn zelfgehouwen beeld tot leven kust. Het was een poster die hij in de museumwinkel van The Metropolitan Museum of Art had gekocht, de enige keer dat hij in New York was geweest. Sanne had ook het haar van Galatea, kastanjebruin en opgestoken zonder losse plukken.

Het journaal klonk toen hij de parkeerplaats opdraaide. "Jongeren kunnen als het aan minister Schultz ligt vanaf november met rijlessen beginnen als ze zestien en een half zijn." Terwijl hij het portier dichtsloeg zocht hij tussen de blauwe capuchontruien op het veld tevergeefs naar het marmeren gelaat. Was ze er niet?

Lars kneep in de sleutelbos van het clubhuis en staarde voor zich uit.

"Aaltieds te loat, filosoof!" Twee koude handen duwden zijn ogen dicht. Hij zag een zwaan op het ijs.

Wordt vervolgd


Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden