Natascha van Weezel. Beeld Agata Nowicka
Natascha van Weezel.Beeld Agata Nowicka

De laatste weken was ze mijn quarantainebuddy

PlusNatascha van Weezel

Er zit een witte kattenhaar op mijn zwarte legging.

Talloze keren plukte ik kattenharen uit mijn kleding. En ook uit het tapijt, de gordijnen en de bank. Het irriteerde me mateloos dat ik dagelijks moest stof­zuigen. Nu pak ik de haar voorzichtig op. Ik hou hem vlak bij mijn gezicht en rol hem langzaam tussen mijn vingers.

Een paar dagen geleden hoorde ik een harde knal vanuit mijn kledingkast. Op de grond lag mijn kat Sababa. Ze keek me hulpeloos aan. Haar nek hing scheef. Haar pootjes staken in de lucht. Wie heeft het stompzinnige gezegde bedacht dat katten altijd op hun pootjes terechtkomen? Even later zaten we in een taxi op weg naar de spoedkliniek voor dieren. Ik aaide het beestje; ze trilde van angst en braakte over zichzelf heen. De taxichauffeur gaf me een doekje waarmee ik haar voorzichtig schoonveegde.

Ik kreeg Sababa elf jaar geleden als kitten voor mijn 22ste verjaardag. Elke paar uur maakte ze me wakker door in mijn tenen te bijten. Als ik tussen mijn tanden floot, kwam ze meteen op me afgerend. Ze keek schamper toe wanneer ik vriendjes mee naar huis nam (‘Wat doet die man in míjn territorium?’) en dreef me tot waanzin met haar protestacties: af en toe pieste ze de hele boel onder. 

Toch nam ik haar mee toen ik voor het eerst ging samenwonen. En ook weer toen mijn ex-vriend en ik uit elkaar gingen. Ze kroop tegen me aan tijdens de lange nachten waarin ik huilde om de dood van mijn vader. De laatste weken was ze mijn quarantainebuddy. Wist ik veel dat het ook háár laatste weken zouden zijn.

In het dierenziekenhuis moest ik haar meteen afgeven vanwege de coronamaatregelen.

Ik werd naar huis gestuurd. Volle wachtkamers en corona gaan nou eenmaal niet goed samen. De dierenarts facetimede een paar uur later. Sababa bleek haar nek te hebben gebroken. “Een freak accident,” hoorde ik hem zeggen. En ook: “De komende uren worden cruciaal. Houd uw telefoon vannacht aan. We brengen haar naar de intensive care en gaan haar beademen. Stemt u in met reanimatie?”

De hele nacht wachtte ik op het telefoontje waarvan ik niet wilde dat het zou komen. Het kwam pas tegen de ochtend. Ik haastte me naar de Isolatorweg, waar ik mijn handen grondig ontsmette voordat ik de kliniek binnenrende. De dierenarts constateerde dat Sababa de eer aan zichzelf had gehouden. Ze was net dood.

Nu zit ik op de bank en kijk ik naar de witte kattenhaar tussen mijn vingers. Ik fluit tussen mijn tanden, maar er komt niemand op me afgerend.

Natascha van Weezel (33) is journalist. Elke dinsdag schrijft ze een column voor Het Parool.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden