De Kulprijs: een bevestiging van onze domheid

Beeld /

Maandag is het weer zo ver. Dan maakt de Zweedse Academie voor Wetenschappen de winnaar van de Sveriges Riksbanks pris i ekonomisk vetenskap till Alfred Nobels minne bekend en barst in de media weer het bekende oh'en en ah'en over de brille van de laureaat los. Overal kunnen we dan weer onze eigen kaaskopeconomen in geuren en kleuren horen vertellen hoe ze ooit schoudertje hebben gewreven met de laureaat. Al was het maar om te demonstreren hoe dicht men zelf tegen erkende genialiteit aanschurkt.

Voor u en mij is het Zweedse feestje tegelijk een bevestiging van onze domheid en een illustratie van de intimiderende expertise van de economenkaste. Want als enige van de sociale wetenschappen zijn zij er toch maar mooi in geslaagd bij de erfgenamen van Alfred Nobel een heuse Nobelprijs los te troggelen. Daarmee hebben ze zich pontificaal genesteld naast de chemici, de fysici en de medici - zeg maar de echte wetenschappers waar de mensheid echt wat aan heeft - en hebben ze die koekenbakkers van antropologie, politicologie, sociologie en geografie - zeg maar de lulkoekwetenschappers waar de mensheid geen zier aan heeft - toch maar mooi het nakijken gegeven.

Niets is minder waar.

De Sveriges riksbanks pris i ekonomisk vetenskap till Alfred Nobels minne is namelijk helemaal geen Nobelprijs maar een schaamteloze imitatie ervan. Letterlijk heet hij: 'De Zweedse Rijksbankprijs voor de economie ter nagedachtenis van Alfred Nobel'. Ingesteld in 1969 en van meet af aan uitgereikt in dezelfde periode dat de echte Nobelprijzen worden uitgereikt, is na verloop van tijd het onderscheid tussen Nobelprijs en Nobelachtige prijs en tussen echte wetenschap en kulwetenschap geleidelijk aan verloren gegaan.

De geschiedenis van de Kulprijs voor de economie is veelzeggend. In het socialistische Zweden van die dagen was de Zweedse Rijksbank (zeg maar de centrale bank) een broeinest van neoliberalisme dat een kleine staat, lage belastingen, flexibele arbeidsmarkten en strikte begrotingsdiscipline voorstond. In het Zweden van Olof Palme was dat vloeken in de kerk. Ter provocatie bedacht de bank toen ter gelegenheid van het eigen driehonderdjarige bestaan een economenprijs die als twee druppels water op de prestigieuze Nobelprijs leek, maar het niet was.

Om de goegemeente niet meteen op de kast te jagen gingen de eerste prijzen naar gecertificeerde socialisten als Jan Tinbergen, Ragnar Frisch en Gunnar Myrdal. Maar al snel was de beer los en bleek de prijs een uiterst effectieve witwasmachine voor rabiaat rechts economisch denken.

Denk daaraan als maandag het economengekakel begint.

 
Rabiaat rechts economisch denken wordt witgewassen
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool.nl.