Plus Klein Parijs

De klimaatdoelen halen als gezin? Parijs is nog ver

Wat als een gezin zichzelf verplicht ­conform het klimaatakkoord van Parijs 80 procent minder CO2 uit te stoten? Verslaggever Bart van Zoelen ging de ­uit­daging aan. Dit is het slot van een zesdelige serie: de conclusies.

In deze serie komen we al met al niet verder dan zo'n 45 procent minder CO2-uitstootBeeld Lizette Schaap

Het houdt ergens op. We zijn best bereid onszelf veel te ontzeggen - vliegvakanties, een cv-ketel, koken op gas, vlees, de auto desnoods. Maar daarna komt er toch echt een eind aan onze uiterste poging zo min mogelijk broeikasgassen uit te stoten. Er zijn grenzen en daar lopen we nu toch wel keihard tegenaan.

We hebben het geprobeerd de voorbije weken. We vroegen ons hardop af hoe ver we kunnen komen, nu al, als we ons huishouden in harmonie met het klimaatakkoord van Parijs willen brengen. In dat akkoord spraken 195 landen twee jaar geleden af dat we de opwarming van de aarde ruim onder de twee graden willen houden. Per 2050 moeten we dan naar 80 tot 95 procent minder CO2.

Knappe koppen
Dat zal heus niet allemaal op de schouders van huishoudens neerkomen. En knappe koppen komen vast nog met innovaties die een slok op een borrel zullen schelen. Maar met zulke grote percentages is wel duidelijk dat we de CO2-broek­riem flink moeten aanhalen.

Alleen, de tachtig procent blijft voorlopig ver uit zicht. Thuis zijn we althans ver voor de eindstreep tot stilstand gekomen.

De eerste klappen waren raak: door de drie vliegtrips die we dit jaar hebben gemaakt, schrappen we meteen ruim tien procent als we onze uitstapjes volgend jaar dichter bij huis zoeken. Als we ons dak volleggen met zonnepanelen en de energie die die opleveren ook gebruiken voor verwarming en dus geen aardgas meer verstoken, strepen we in een keer zelfs bijna twintig procent van onze CO2-uitstoot weg. Maar dan wordt het moeilijk.

Door nog minder vlees te eten, kunnen we zo'n vier procent schrappen. Meer niet, want voor een deel zullen we dat in ons eetpatroon compenseren door zuivel, met ook een behoorlijke CO2-uitstoot. Als het echt moet, kunnen we de auto wegdoen, daarmee winnen we weer ruim vijf procent. Maar dan zullen we weer meer gebruikmaken van het openbaar vervoer, onderstreept ook de handige invultest van voorlichtingsbureau Milieu Centraal.

Verborgen broeikasgassen
Daarna wordt het schrapen: een waterbesparende douchekop en beter opletten of onze groenten met het vliegtuig worden aangevoerd, bijvoorbeeld. Ook dient gezegd dat we hele stukken van onze CO2-uitstoot nog niet ontgonnen hebben - persoonlijke verzorging, vrije tijd, woning en inrichting, niet te onderschatten categorieën die ook de test van Milieu Centraal liever constant houdt omdat aan de CO2-impact nog weinig is te doen of omdat de broeikasgassen verborgen liggen in de productie van allerhande spullen die we kopen.

In deze serie komen we al met al niet verder dan zo'n 45 procent minder CO2-uitstoot. Althans, als we onszelf niet willen veroordelen tot een dieet van stamppot, bruinbrood en peulvruchten. En als we af en toe eens een nieuw kledingstuk willen kopen - iets anders dan tweedehandsjes of die onverslijtbare fleecetruien die we nog hebben hangen van twintig jaar terug, still going strong.

Natuurlijk, we hoeven niet op alle vlakken naar een besparing van tachtig procent. Op ons dak is ruimte voor meer zonnepanelen dan nodig zijn voor warmte en elektriciteit. Daar is genoeg plek om ook nog een elektrische auto te voeden. Door met ons huis een stapje extra te zetten, kunnen we in andere uithoeken van ons CO2-budget berusten in het feit dat we de tachtig procent niet gaan halen.

Onhaalbare happen
Het een met het ander compenseren, daar kunnen we tot 2050 ook niet omheen, zegt Kees Vringer, onderzoeker van het Planbureau voor de Leefomgeving. Als het gaat om voeding of verre reizen lijken zulke grote happen CO2-­besparing voorlopig simpelweg onhaalbaar.

Met Andries van den Broek van het Sociaal en Cultureel Planbureau verkende Vringer de mogelijkheden voor een CO2-arm consumptie­patroon. Op basis van scenario's die uitgaan van al het voorgenomen beleid zonder spectaculaire 'doorbraaktechnologieën' bekeken ze of het Nederland lukt per 2050 tot tachtig procent minder CO2 te komen bij vervoer, vliegvakanties, verwarming en voeding. Wat zijn de consequenties voor ons dagelijks leven als we straks stukken minder CO2 mogen uitstoten?

Het valt niet mee, zegt Vringer. "De boodschap is: het wordt alle hens aan dek." Er wacht ons een ingrijpende 'energietransitie' waarna we stukken efficiënter omgaan met energie waarvoor bovendien nauwelijks nog fossiele brandstoffen worden verstookt.

Bittere pil
Oftewel: we gaan elektrisch rijden, elektrisch koken en isoleren ons huis beter. Verder krijgen we zonnepanelen op het dak en windmolens aan onze horizon, andere verwarming en eten we straks minder zuivel en rood vlees.

Dat is soms een bittere pil. En het zal met aanloopproblemen gepaard gaan, gewoonten zijn nou eenmaal taai. Maar voor het dagelijks leven lijken de gevolgen te overzien, concluderen Vringer en Van den Broek.

'We hoeven niet in de kou te zitten en vervoer voor bezoek aan familie, pretpark en werk hoeft niet te worden ingeperkt,' schrijven ze. We zouden minder moeten vliegen, maar om het aantal vliegvakanties terug te dringen moeten ze flink duurder worden.

Verdeling over de wereld
Dat geeft al aan dat er stevig klimaatbeleid nodig is. Want met de voorgenomen maatregelen waar Vringer en Van den Broek mee rekenen, zijn we er bepaald nog niet. Uit hun what if-­studie blijkt dat we onze CO2-uitstoot als gevolg van consumptie per 2050 drukken met 45 tot 60 procent, afhankelijk van het tempo waarin de economie groeit.

En of tachtig procent genoeg is om de opwarming van de aarde ruim beneden te twee graden te houden, zoals in Parijs is afgesproken? Vringer: "Het is goed mogelijk dat we de CO2-emissie zelfs nog verder moeten terugdringen, met misschien wel 95 procent. Dat ligt ook aan de manier waarop de wereldwijde opgave wordt verdeeld over alle landen."

Er moet waarschijnlijk dus nog een flinke schep bovenop. Joop Zoetemelk zei het al: Parijs is nog ver. "Maar het is geen onhaalbare kaart," zegt Vringer. "Het is geen onmogelijke opgave, wel een megaopgave."

Dit is het laatste deel van een zesdelige serie. Lees ook de eerdere delen:

Deel 1: Wat als een gezin zichzelf verplicht 80 procent minder CO2 uit te stoten?
Deel 2: Een cv-ketel is nergens voor nodig in een moderne woning
Deel 3: Vliegen kan dus echt niet meer
Deel 4: Erwten en bonen eten, wen er maar aan
Deel 5: Voor wie ruimte heeft: een waslijn is de makkelijkste CO2-besparing

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden