Column

De hoofdrolspelers van de nieuwe serie van Verbraak zijn er straks niet meer

Albert de Lange (57), bijna dertig jaar redacteur bij Het Parool, is 'uitbehandeld'. Hij verkent, ongewis hoe lang, de route naar zijn aangekondigde dood

Beeld Floris Lok

Je bent overgeleverd aan nogal tegenstrijdige signalen: als je 'flink' bent, moet je vooral meer emotie tonen, en als je zwakte laat zien, wordt aanbevolen om je te vermannen. Ik loop tegen het eerste op en krijg gemopper als ik hier te ver wegblijf van mijn particuliere gemoedstoestand. Grote dilemma's willen we zien, en persoonlijkste levensvragen.

Tv-interviewer Coen Verbraak kwam kijken in mijn ziel. Dan weet je natuurlijk waar je aan begint, maar ik kon me na de opnames slecht losmaken van het idee dat mijn acceptatiemodus maar matigjes tegemoetkomt aan de behoeften van de hedendaagse emocultuur.

In z'n algemeenheid geldt in programma's over de menselijke misère: als je niet zichtbaar lijdt of verdriet hebt - de camera kan niet wachten om in te zoomen - dan ben je toch een minder geschikte gast. Of erger: je wekt de indruk een tamelijk gevoelloze persoon te zijn. Je weet het niet met tv.

Nou is Coen - hij werkt aan alweer zijn achtste serie Kijken in de ziel - zelf een buitengewoon geschikte gast, één van de beleefdste mensen die je kunt tegen­komen. Maar als hij na anderhalf uur praten - je huis wordt tv-studio - drie keer tegen je zegt dat je het héél goed deed, gaat het toch knagen. Zeker als je incalculeert dat de omgangsvormen in televisieland, de openlijke bedoel ik, lichtjes neigen naar uitsloverij.

Was het emo genoeg? Over een jaar of zo kunt u zelf beoordelen of deze ijdele twijfel gegrond is, dan is de uitzending met René Gude, Adri Duivesteijn en andere mensen die nu de horizon rap naderbij zien komen. De kans dat wij rond die tijd zelf gezellig voor de buis zitten, is vrij gering, maar dat geeft juist een morbide meerwaarde aan deze serie - de hoofdrolspelers zijn niet meer.

Of het de montage haalt weet je niet, maar Verbraak vroeg er ook naar: wat het betekent - of 'met je doet', dat zei hij, denk ik - om aan een programma mee te werken dat je zelf nooit zult zien. Dat is wel een goeie vraag, want voor mij zit daar wel charme in: dat je er straks nog even bent, terwijl je er niet meer bent.

Hij heeft politici, psychiaters, advocaten, journalisten en ondernemers in zijn baanbrekende serie gehad, allemaal professionals die hebben nagedacht over de (sociale, politieke, zakelijke) wenselijkheid van hun antwoorden. Daar moet een interviewer tegen opboksen.

Met mensen die de dood in de ogen kijken, heb je daar minder last van en kun je, als programmamaker, plezier hebben van een zekere onthechtheid die inmiddels van deze gesprekspartners bezit heeft genomen.

Best begrijpelijk dat de meeste mensen over hun eigen aanloop naar de dood niet graag van gedachten wisselen, maar van publieke figuren, of mensen die menen dat ze er in de krant over moeten berichten, mag meer verwacht worden. In de maalstroom van 'reality' is privacy bovendien een sterk achterhaald concept geworden; op tafel met die gevoeligheden en emoties.

Ik doe daar zelf aan mee, zeker, maar dan word je toch nog verrast als je op tv de vraag moet beantwoorden wat je je kinderen nog zou willen meegeven. Ik zal daar over een jaartje een enigszins stamelende indruk maken.

Achteraf denk ik: meegeven, moet dat nu nog?


Wil je reageren op deze column? Dat kan! Scroll (een beetje) naar beneden om een reactie te plaatsen of mail naar a.delange@parool.nl.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden