Plus

De familie Cromhout leefde als Goden in Amsterdam

Een van de rijkste en machtigste families van het Amsterdam van de zeventiende en achttiende eeuw krijgt een eigen museum. Het Cromhouthuis, het huis van de familie aan de Herengracht, opent vrijdag voor publiek.

null Beeld Roï Shiratski
Beeld Roï Shiratski

Terwijl je door de oude vertrekken van de familie Cromhout loopt, is het niet moeilijk voor te stellen: Elisabeth Cromhout die haar vriendinnen op stand ontvangt in de hoge hal van Herengracht 366, om ze vervolgens voor te gaan over het marmer in de vloer naar de kamer rechts waar de thee wordt geschonken en waar een royaal gedekte tafel het middelpunt is. Hoe ze lachen en misschien wel roddelen over de rijke buren in de Gouden Bocht, terwijl ze taart eten van vrolijke porseleinen bordjes of een gebakje pakken, langs een bos weelderige bloemen, van een kitscherige etagère.

Daarna maken ze misschien een wandelingetje door de grote binnentuin, ommuurd door de koetshuizen aan de Huidenstraat aan de ene kant en de uitbouw aan de Keizersgracht aan de andere, terwijl schilder Jacob de Wit werkt aan een plafondschildering op de eerste verdieping, de meid beneden in de donkere keuken een schotel paté op tafel zet en de man des huizes elders in de stad om de tafel zit om zijn vers verworven ingepolderde land te verkopen.

Elite in Amsterdam
Hier woonden geen gewone Amsterdammers. De Cromhoutfamilie behoorde gedurende de zeventiende en achttiende eeuw tot de allerrijkste en machtigste families van de stad. Het was de elite van overwegend protestants Amsterdam, totdat een aantal verkeerde keuzes leidden tot een toekomst in relatieve vergetelheid.

null Beeld Roï Shiratski
Beeld Roï Shiratski

Maar daar komt nu verandering in. In het grachtenpand waar ook het Bijbels Museum huist, ooit gebouwd in opdracht van Jacob Cromhout in 1661 en ontworpen door architect Philips Vingboons, opent vrijdag het Cromhouthuis voor publiek.

Adriaen Reijnerszoon was reder en kwam uit een rijke Amsterdamse familie. Hij woonde in de Warmoesstraat, destijds een van de belangrijkste straten van de stad, in het duurste huis van de straat, genaamd Cromhout, een houtsoort die gebruikt werd voor scheHoepen. Het werd in de zestiende eeuw steeds gebruikelijker om jezelf een achternaam toe te kennen, vaak af­geleid van locatie of werk. Zo werd Adriaen Cromhout de eerste van een clan die bestond uit handelaars, ondernemers en meerdere burgemeesters.

Cromhouteiland
"De Cromhouts kennen een smeuïg en fantastisch familieverhaal," zegt conservator Thijs Boers (48), die ongeveer vier jaar geleden begon met zijn onderzoek naar de Amsterdamse familie. "Ze waren verantwoordelijk voor de stadsuitbreiding en het aanleggen van de grachtengordel. Ze kochten stukken grond van mensen buiten de stad in de wetenschap dat die binnen korte tijd onderdeel van de stad zouden zijn. Eigenlijk was het handel met voorkennis. Nu zouden we het bouwfraude noemen, maar toen was dit niet ongebruikelijk. Wat nu Bickerseiland heet, had net zo goed Cromhouteiland kunnen heten, als het niet later verkocht was aan de Bickersclan."

Omdat de familie een groot deel van de Gouden Eeuw zowel politiek als financieel aan de Amsterdamse touwtjes trok, ging het ze finan­cieel voor de wind. Verdiende een doorsnee ­rijkaard aan de Herengracht tienduizend gulden per jaar, een Cromhout had een inkomen van zo'n vijftigduizend gulden.

null Beeld Roï Shiratski
Beeld Roï Shiratski

Was Adriaen Cromhout nog medeverantwoordelijk voor het protestants worden van de stad, zo soepel koos een latere Cromhout voor de katholieke kerk. Iets wat hem waarschijnlijk een adellijke titel, een hoop geld en wat kastelen opleverde, maar waardoor leden van de familie niet meer in aanmerking kwamen voor een politieke functie. Vanaf dat moment verdwijnt de naam Cromhout uit beeld en eindigt de lijn in de achttiende eeuw door een kinderloos huwelijk - in het paleis van Versailles en met Lodewijk XVI en Marie-Antoinette als getuigen - met een Franse prins.

Geen traditioneel museum
"Het is waarschijnlijk de reden dat er zo weinig bewaard is gebleven," zegt Boers. "Door een erfenis zijn de schilderijen die in het huis hingen, vermoedelijk in Frankrijk beland, op een veiling, anoniem, of ergens op een zolder."

Een gebrek aan objecten was voor de makers geen reden om geen museum in te richten. Boers: "We hadden immers het huis al en nu ook het bijbehorende verhaal, het enige wat ontbrak waren de spullen. Maar we wilden eigenlijk ook geen traditionele inrichting voor dit museum. Daarom hebben we ervoor gekozen objecten te gebruiken uit die periode, zodat je een beeld krijgt van hoe de familie geleefd heeft." Zo verwijst het zilver uit het Begijnhof naar de katholieke tijd en de geweren naar de jachtpartijen die ze hielden bij hun buitenhuizen.

Het interieur is geen letterlijke reconstructie. Stylistencollectief The Wunderkammer werd gevraagd mee te denken over de aankleding en de inrichting om aan het geheel een hedendaagse draai te geven. Zij konden putten uit de brede collectie van het Amsterdam Museum en combineerden dat met hun specialisme in bloemen.

Een van de originele portretschilderingen is wel bewaard gebleven en hangt weer waar hij lang geleden ook al hing. Vanaf het doek verwelkomt Adriaen Cromhout, een blonde man met een wat norse uitstraling, vanaf vrijdag zijn gasten na ruim twee eeuwen weer in de familie­woning op de Herengracht.

null Beeld Roï Shiratski
Beeld Roï Shiratski
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden