Plus

'De eerste keer stond ik huilend achter een bosje'

In het Friendship Sports Centre in Amsterdam-Noord zijn dagelijks honderden mensen met een beperking actief. Wie zijn die sporters, trainers en begeleiders en wat is hun verhaal? Het Parool kijkt rond op een bijzondere plek in de stad. Deel 8: vrijwilliger Oom Eddie.

Oom Eddie Beeld Marc Driessen

De twintig minuten durende warming-up heeft 'oom' Eddie Blankers (79) vanochtend nog even meegepakt, maar het badmintonnen slaat hij over, want zwetend het interview in is ook weer zo wat.

Eén keer per week sport hij met Older Friends, de ouderen van vereniging Only Friends, in het Friendship Sports Centre. Of twee keer, als je maandag meerekent; de vaste klusdag ("Dat is ook behoorlijk bewegen"). Maar eigenlijk is hij er veel vaker, soms wel vijf dagen per week.

Manusje-van-alles
Dertig jaar geleden raakte Blankers als vrijwilliger betrokken bij de gehandicaptensport. Hij was een manusje-van-alles bij voetbalclub Rood Wit. De zoon van de voorzitter had een beperking en wilde voetballen, daarom begonnen Blankers en zijn vrouw met het organiseren van wedstrijdjes. "De eerste keer, tijdens de prijsuitreiking, stond ik huilend achter een bosje. Het was zo indrukwekkend, fantastisch gewoon."

Via het g-voetbal kwam de ras-Amsterdammer, geboren in De Pijp, in contact met Only Friends waar hij begeleider werd van de rolstoelbasketballers. Dat laat hij tegenwoordig over aan de jongere generatie, maar stilzitten is er niet bij.

Vanzelf waren er allerlei klusjes bijgekomen. Zo laat hij - naast de klusdag - tijdens bedrijfsdagen die in het FSC georganiseerd worden in het kader van teambuilding zien hoe het is om te basketballen vanuit een rolstoel.

Een belletje naar zijn huis in Noord is genoeg om hem naar het centrum te krijgen. "Kun je iets niet vinden? Vraag het oom Eddie," zegt Blankers.

De naam oom Eddie werd hem in eerste instantie door de kinderen gegeven, maar inmiddels noemt iedereen hem zo.

Jankerd eersteklas
Het is de blijdschap van de kinderen waarvoor hij het al zo veel jaren doet. "Neem bijvoorbeeld een rolstoelbasketballer met een meervoudige handicap, die zijn rolstoel bestuurt met zijn hoofd en scoort met de kleine beweging die hij kan maken met zijn hand, om vervolgens van oor tot oor te glimlachen."

Hij wordt er nog altijd emotioneel van: "Ik ben een jankerd eersteklas."

Als kinderen het even moeilijk hebben, zegt hij, "Dan leven ze hier op, ze vinden er afleiding en ontmoeten lotgenoten. Het is mooi dat ik daaraan mag bijdragen."

Ook als het even wat minder mooi is, zoals toen één van de kinderen overleed die hij regelmatig naar het ziekenhuis reed. Hij grijpt naar zijn zakdoek. "Zoiets is een dieptepunt en heel erg verdrietig, maar daartegenover staat dat de kinderen hier zo genieten."

"Dat ik dit mag doen, is toch geweldig?" Verzucht hij terwijl hij zijn zakdoek weer wegstopt. Aan stoppen denkt hij dan ook nog lang niet. Mocht hij ooit zelf met een rollator binnenkomen, dan nog is er vast wel wat te doen. "En anders kom ik wel voor een kop kofie."

Volgende week deel 9: Djurny en Jadey. Wilt u meer informatie of doneren? www.friendshipsc.nl

Lees ook deel 7: Sport in Noord: 'Hier ken ik iedereen en iedereen is hier gelijk' [+]

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool.nl.