De brand nam bijna alles mee

PRONKSTUK

Elke club heeft ze. Prominent boven de bar of in de bestuurskamer. Verscholen in een hoekje van de kantine, of achter de struiken rond veld twee. Pronkstukken. Ze vormen de schatkamer van het amateurvoetbal. Deze week: De vlag van TOG.

Elke maandag komt de werkploeg van Tot Ons Genoegen (TOG, uitgesproken als 'toch') bijeen om de kantine op sportpark Middenmeer schoon te maken. Er is koffie met gebak. De vloer gaat in het sop. Barkrukken worden stevig geboend. Zelfs als er de vorige dag niet gevoetbald is. Als het werk gedaan is, drinkt men een biertje aan een blinkende tafel. Voldane gezichten.

Elftalfoto's tonen chronologisch de geschiedenis van TOG. De wortels van de club liggen in de Czaar Peterbuurt, het oude Oost. Bij kolenboeren als de familie Karssemeyer. Een kantine als alle andere, zo lijkt het. Toch ontbreekt er iets. Boven de bar staan twee kleine bekers. Dat is alles. Hier huist een club zonder prijzenkast. Zonder eremetaal, zonder vaandels.
Vlnr: Toon Molenaar, Nel Molenaar, Gerard van Schijndel en Bas Mol tonen de vlag die uit de puinhopen kwam.

Drie generaties TOG zitten in de bestuurskamer. Erevoorzitter Toon Molenaar (76) en zijn vrouw Nel. Zelfbenoemd clubarcheoloog Bas Mol (54) en spelend lid Gerard van Schijndel (45). Op tafel ligt een aantal zwart geblakerde delftsblauwe jubileumborden uitgestald. Van de KNVB. Van Ajax.

Op 17 augustus 2006 legde een brand de oude kantine in de as. De club was in een klap al zijn pronkstukken kwijt. ''Leden stonden te huilen bij de restanten van de kantine,'' zegt Mol. Zelf ging hij de volgende dag meteen graven in het as. Op zoek naar restanten uit het clubverleden. Mol: ''Als ware archeologen hebben we dagenlang alles verzameld. Daarna ben ik gaan puzzelen.'' Het resultaat ligt op tafel. De scherven zijn aan elkaar gelijmd, maar de wond is nog niet dicht.

Mol haalt uit een plastic bakje een klomp gesmolten zilver naar boven. ''Dit was waarschijnlijk de Zilveren Watertoren, een juweeltje in de prijzenkast.'' Keramiek kun je lijmen, maar het eremetaal is voor altijd verdwenen. En met de bekers verdwijnen de verhalen.

Eén trofee overleefde de vlammenzee, simpelweg omdat deze niet in de prijzenkast stond. Molenaar: ''Het is een zilveren ophaalbrug. Begin jaren vijftig wonnen we drie keer een toernooi voetbalclub ARC uit Alphen aan den Rijn.'' De trofee was door een edelsmid met gevoel voor detail gemaakt. Nel Molenaar: ''Ik poetste hem altijd met een wattenstaafje.''

Toon Molenaar vond de brug te waardevol om onbeheerd in de kantine te laten staan en bewaarde het pronkstuk thuis. Molenaar: ''Een paar jaar terug raakte ik toevallig in contact met een oud-secretaris van ARC. Ik vertelde hem over de brug. Dat had ik beter niet kunnen doen. Hij wilde de brug graag aan het Historisch Museum van de Alphen geven. Hij was vasthoudend. Een paar maanden voor de brand heb ik met het bestuur besloten de brug terug te geven.''

Hij heeft nog wel een foto laten maken. ''Toon vond het heel erg om de brug terug te geven,'' zegt Nel als haar man de foto even gaat ophalen. Maar ik zei tegen hem: 'Als wij er straks niet meer zijn kan die brug beter in het museum staan.'''

''Ze hebben nu ook de betonnen vlonders weggehaald,'' zegt Molenaar als hij terugkomt. ''Hij is toch nog even langs het oude terrein gefietst. ''Oh ja,'' zegt Mol. Hij gaat er niet meer kijken. Vindt het nog steeds te moeilijk. Gerard van Schijndel gaat wel eens in de dug out zitten. Mijmeren. Over de wereldgoal van zijn vriend Peter Broerse jaren terug. Onlangs hebben ze hem nog na gespeeld.

Halverwege de helft van de tegenstander gooide Van Schijndel de bal in naar Broerse. Met zijn hak nam deze de bal mee, over twee tegenstanders heen. Broerse liet de bal één keer stuiten en schoot hem van 25 meter in de kruising. De bal bleef letterlijk in de beugel achter de kruising hangen. Van Schijndel: ''Het was de mooiste goal die ooit door een TOG'er is gemaakt.''

In ieder geval de meest besprokene. Daar zorgt Broerse wel voor volgens Van Schijndel. ''Zeker vier keer per jaar begint hij over zijn doelpunt.'' En met de jaren wordt het doelpunt mooier. Het aantal verdedigers is al verdubbeld naar twee en elk jaar komt er een metertje bij de afstand tot de goal.

Zonder tastbare pronkstukken moet de club het van de verhalen hebben. ''Wacht even,'' zegt Van Schijndel. Hij komt terug met een opgerolde vlag. De houten kop is verkoold. Van Schijndel rolt hem uit. De vlag is aangevreten door de vlammen, maar nog net gered door de brandweer. Hij lag in het ballenhok. De 'G' bungelt, maar de 'T' en de 'O' zijn nog duidelijk zichtbaar. Evenals het oprichtingsjaar: 1909. Over anderhalf jaar viert TOG zijn eeuwfeest op een nieuwe plek. Molenaar: ''Misschien moet ik toch dat museum een keer bellen.'' (STEVEN VAN DER GAAG)

Vlnr: Toon Molenaar, Nel Molenaar, Gerard van Schijndel en Bas Mol tonen de vlag die uit de puinhopen kwam. Foto: Edwin Schoon.
Vlnr: Toon Molenaar, Nel Molenaar, Gerard van Schijndel en Bas Mol tonen de vlag die uit de puinhopen kwam. Foto: Edwin Schoon.
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden