Column

Dat vleesmes kent mijn vaders handafdruk, mijnheer

Theodor HolmanBeeld Wolff

Moeder deed daar altijd blij de bloemen in, mevrouw.

Als bloem, zij, de kamer in, op het dressoir.

Mij kleurt geen bloem, ­mevrouw en het dressoir ­verdween.

Dat vleesmes kent mijn vaders handafdruk, mijnheer - het blinkt nog van de kerst­dagen, de familie om de tafel, voor wat u ervoor over hebt.

Die spiegel. Is niet te koop.

Nou ja, dus wel. Ook daar keek moeder in. Heeft ooit een mooiere vrouw... Jawel, mijn dochter, op haar schoot, en ik. Ik wilde daar nooit weg. Te oud? U wilt hem zo meenemen?

Die kopjes? Niet? Weet u wel dat oma... Ach oma, die van de wereld liep, het duister in, vergeten door de dood, vergeten wie zij zelf was. Vergeten dat zij was vergeten.

En zeker ook die glaasjes. Die kleine borrelglaasjes. Opa ook. Met brandewijn en een suikerklontje, opa? Niet? Echt niets voor u? Gelukkig maar. Opa ­lepelde zijn brandewijn met suiker. "Hier jong! Eén lepeltje."

Die lepeltjes nam ik niet mee.

Nee, deze lepels zijn... Nee, juist ongewone lepels. En vorken. En messen.

Weet u wel wie met dit bestek in leven bleef? Het raakte tongen aan van Indische prinsen en prinsessen, van politici en oproerkraaiers, van zeer bekende kunstenaars. Moeders heerlijke voedsel balanceerde hierop en werd gesneden en zo rijp gemaakt om tussen lippen door te schuiven hun mond in die vaak gevuld was met welsprekendheid.

Geen interesse?

Die radio bedoelt u? Die heeft de inval nog gehoord in Hongarije. Hij schonk mij Paul Vlaanderen in bed. Hij heeft The Beatles goed gekend. En Herman Stok. Wie dat is? ­Superclean dreammachine? Zegt u ook niets?

Het antwoord is nee, maar hij kan wel gemaakt worden. Maar als u hem niet wil, is dat niet erg.

Dat? Dat zijn bureauspulletjes. Die nietmachine heeft ­vaders contracten geniet, en dit zilveren ding gebruikte hij om te weten wat de datum was en de dag. Kijk woe 17. Of woe 21. Al zeker veertig jaar oud, maar toch modern vormgegeven.

Wat? Ja, mijn boeken, mijnheer.Omdat ik geen ruimte meer heb, mijnheer.

Jawel, ik vond ze wel goed, maar ik had geen ruimte meer - ik vind na een vrouw en een kind, een boek het mooiste...

Geen mens loopt meer voorbij mijn aangetast verleden.

Droef loop ik leeg naar huis. De vuilnisman neemt alle verhalen mee.

Theodor Holman (1953) is columnist, schrijver, televisie- en radiomaker. Elke dag, uitgezonderd zondag, lees je hier zijn column. Lees al zijn columns terug in het archief.

Reageren? t.holman@parool.nl

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden