Plus Interview

Daniël Dekker: voorman van Ajaxfans én het Songfestival

Als voorman van de supportersvereniging van Ajax én van de Nederlandse Songfestivalequipe breken voor Daniël Dekker (59) de spannendste weken van het jaar aan. 'Ik denk dat ik de enige Eurovisiefan op de tribune ben.'

'Ajax is echt mijn passie. Ik word nog elke keer blij als ik naar het stadion rijd' Beeld Erik Smits

Hij haalde opgelucht adem. De twee grote liefdes van radiomaker Daniël Dekker vermijden volgende week een pijnlijke botsing. De eerste podium­repetitie van Duncan Laurence voor het Eurovisie Songfestival in Israël leek samen te vallen met de tweede wedstrijd van Ajax tegen Tottenham Hotspur in de Champions League. "Ik vroeg me af: hoe krijg ik in Tel Aviv een livestream van die wedstrijd de Arena in?"

Uiteindelijk speelt Ajax niet dinsdag maar woensdag en staat Dekker als 'senior delegatielid' van de Nederlandse Songfestivalequipe dinsdagavond gewoon met volle concentratie naast het podium waar Duncan Laurence voor het eerst oefent met zijn prijsnummer Arcade.

Dinsdag volgde Dekker de eerste halvefinalewedstrijd van Ajax - 0-1 gewonnen - volgens vertrouwd recept. Thuis op de bank met zijn boezemvrienden Michèl en Ronald. Ieder op z'n vaste positie voor de beeldbuis. Wisselen van plek kan immers ongeluk brengen. Ook taboe: meekijkers op het bankstel die niet voor Ajax zijn.

Als voorzitter van de raad van toezicht van de supportersvereniging van Ajax bezoekt Dekker alle thuiswedstrijden in de eredivisie. Maar goed, werk gaat voor. Dus reist hij maandag met de oranjeafvaardiging af naar Tel Aviv, waar de mede door hem aangestelde Laurence topfavoriet is.

Met hoeveel mensen op de tribune van Ajax kunt u uw liefde voor het Songfestival delen?
"Dat zijn er niet veel. Zeg maar gerust niemand. Op de tribune van Ajax gaat het vooral over Ajax. Dat zijn verschillende werelden."

U verenigt die blijkbaar.
"Ajax is echt mijn passie. Ik word nog elke keer blij als ik naar het stadion rijd. Die liefde is verankerd in mijn jeugd, toen ik met mijn opa mee mocht naar De Meer en in de rust een halve worst in een papiertje kreeg. Ik kom nu al een halve eeuw bij die club. Het Songfestival is in die zin echt werk. Hoewel ik het ontzettend leuk vind en mijn inzet ook een idealistische kant heeft: de Nederlandse muziek ligt me na aan het hart en die kan ik zo promoten."

U maakte zich als voorzitter van Ajax' supportersvereniging sterk voor meer sfeer in de Arena. Het ging er te zakelijk aan toe, vond u.
"Ik vind dat de ziel in zo'n club moet blijven, ja. Ook als je, zoals nu gelukkig weer, op het wereldtoneel verschijnt. De basis is gewoon een Amsterdamse voetbalvereniging. Wij zeiden: 'Waarom tonen we niet meer betrokkenheid met de omgeving in Zuidoost? We moeten toch iets voor de scholen doen?' Of neem de omwonenden. Die mensen moeten zich bij elke thuiswedstrijd legitimeren om hun eigen straat in te mogen rijden: die moet je erbij betrekken. In die zin doen we het nu een stuk beter dan tien jaar geleden."

U moet kiezen: Ajax wint de Champions League of Duncan Laurence het Songfestival.
"Absoluut het eerste. Hoef ik niet lang over na te denken. Ik gun het Duncan heel erg, maar Ajax emotioneert me echt. Ajax is mijn leven. Als ik stokoud en doof ben, zal ik nog in een rolstoel de Arena in worden getakeld. Dat is toch iets anders dan mijn herinneringen aan Sieneke of de jurk van Trijntje Oosterhuis."

'Ik ben geen door God gezonden deejay, zoals Van Inkel en Evers' Beeld Erik Smits

Dekker groeide als Henk Bakhuijsen op in Amsterdam-Noord. Vader ("Een ras-Amsterdammer") werkte bij scheepvaartmaatschappij Nedlloyd, zijn uit Indonesië afkomstige moeder was thuis bij de drie kinderen. Dekkers zus Lilian herinnert zich hoe haar oudere broer op Koninginnedag een pick-up en geluidsboxen op de stoep voor het huis zette om voorbijgangers te vermaken met zijn plaatjes.

Als jonge twintiger werd hij diskjockey bij de Amsterdamse radiopiraat Decibel. Daar bedacht hij zijn artiestennaam. "In eerste instantie een schuilnaam. Je moest het de politie niet te makkelijk maken een piraat uit de lucht te halen."

Pas tegen zijn dertigste brak hij door bij de Tros, waarvoor hij eerst op jongerenzender 3FM en later op Radio 2 presenteerde. Zijn programma Gouden uren was overal in kantoren deel van het ochtend­ritueel. Nu is hij op weekenddagen gastheer van het programma Muziekcafé.

Heeft u als diskjockey bereikt wat u wilde bereiken?
"Zeker. Ik weet wat ik kan. En ook wat ik niet kan. Ik ben geen door God gezonden deejay, zoals Jeroen van Inkel, Edwin Evers of Giel Beelen. Zij zijn buitencategorie. Maar wat ik doe, is wel goed. Ik zeg dat nu stellig, maar natuurlijk twijfel ik soms. Dan houd ik me vast aan wat Thomas Acda tegen me zei: 'Als jij al 30 jaar op de radio bent, doe je echt wel iets goed hoor.' Een heel eenvoudige observatie, maar ik was toch blij het te horen."

Wat heeft u dan niet wat Evers en Van Inkel wel hebben?
"Tja, dat hoor je toch wel? Waarom moet je wel lachen om André van Duin en niet om een mindere komiek? Het is gewoon een kwestie van talent. Zij hebben ook echt zaken veranderd. Van Inkel haalde Amerika naar de Nederlandse radio met zijn specifieke geluid. Evers maakte de personality-radio groot."

Vindt u dat verschil jammer? Edwin Evers is ruimschoots miljonair geworden van dat talent.
"Met de opkomst van de commerciële radio is er wel wat veranderd, natuurlijk. Jeroen van Inkel, Erik de Zwart, Adam Curry; dat waren de sterren van mijn generatie. Ze zullen er minder aan hebben verdiend dan Edwin en Giel, maar zijn zeker niet slecht terechtgekomen. En ik heb dan weer de tijd, begin jaren negentig, meegemaakt dat we met Radio 3 soms vier miljoen luisteraars hadden. Er was natuurlijk nog weinig te kiezen, maar ik heb nooit zo veel reacties gehad als toen. Die tijd komt niet meer terug."

Sinds de Tros in 2009 de organisatie van het Songfestival overnam van de NOS, is Dekker betrokken bij de selectie van de Nederlandse kandidaat. Hij maakte achter de schermen sleutelmomenten uit de vaderlandse Eurovisiehistorie mee.

Hij zag Vader Abraham in een live tv-uitzending weigeren te kiezen wie zijn hymne Ik ben verliefd (Shalalie Shalala) moest uitvoeren. Hij bemiddelde in Kopenhagen tijdens de gewapende vrede tussen Common Linnets Ilse DeLange en Waylon en hij koos voor de komende editie met de rest van de selectiecommissie voor de totaal onbekende Duncan Laurence uit Spijkenisse. Wedkantoren zien hem namens Nederland voor het eerst sinds Teach-In met Ding-A-Dong uit 1975 weer het Songfestival winnen.

Dit moet na 44 jaar hét jaar worden?
"We moeten echt oppassen dat als Duncan Laurence straks derde wordt, het geen teleurstelling is. Zo'n klassering zou een ongekend goede prestatie zijn! De parallel tussen het Songfestival en Ajax is: we krijgen nu veel waardering, maar we hebben nog niets."

Wat zou het voor u betekenen als Nederland wint?
"Dat zou ten eerste heel verdiend zijn voor Duncan, een zeer talentvolle muzikant die met zijn internationale sound zomaar in Europa kan doorbreken. Voor mij betekent het het slagen van een missie. Met toenmalig Tros-directeur Remco van Leen hebben we in 2012 een plan opgesteld met als doel Nederland zo snel mogelijk weer aan een Eurovisiezege te helpen."

Wat stond er in dat plan?
"We zagen tijdens die editie van 2012 het Zweedse team van nabij aan het werk, met zangeres Loreen en haar nummer Euphoria. We waren zelf in Azerbeidzjan met Joan Franka. Die met de indianentooi, ja. Een hartstikke lieve meid en een goede zangeres. Alleen nog heel onervaren. Ze werd zo zenuwachtig dat ze begon te hyperventileren voor ze het podium op moest."

"Zweden voerde dat jaar een bijna militaire missie uit. Zij hadden zó goed voor ogen wat ze wilden. Een perfecte harmonie van show en liedje. En Loreen won glansrijk. Dat wilden wij ook. Het jaar erna meldde Anouk zich uit het niets als deelnemer. Ze haalde de top 10. De ban was gebroken. Het zou mooi zijn als de toen ingezette weg nu uitmondt in een zege."

Hoe kan het dat Nederland zo torenhoog favoriet is?
"Dat heeft natuurlijk vooral met de kwaliteit van het liedje te maken. En onderschat daarbij de rol van Ilse DeLange niet. Zij heeft mij dit liedje gestuurd. Na haar deelname in 2014 is ze altijd geïnteresseerd gebleven. Ik liet haar de nummers horen die we in overweging hadden voor dit jaar. 'Bagger,' stuurde ze terug. Ze wist iets véél beters. Toen ik Arcade hoorde, was ik het met haar eens. Ilse heeft de afgelopen maanden heel intensief meegekeken bij het repeteren van de act voor straks in Tel Aviv."

De juichstemming van nu volgt op een roerige editie vorig jaar waarin Waylon een persboycot afkondigde, veel commentaar kreeg op zijn act met 'krumpende' dansers en uiteindelijk slechts 18de werd. Deed u achter de schermen aan crisismanagement?
"Waylon was vastbesloten het beter te doen dan die tweede plaats die hij met de Common Linnets had behaald. De stemming was optimistisch. Het keerde ineens toen die vier dansers, die wij ook niet kenden, op het toneel verschenen."

"Buiten ons team bleek niemand er wat van te begrijpen. Er kwam kritiek. Een journalist van een belangrijk festivalblog zag er zelfs iets racistisch in. Nou, dat was een bom in de groep. En Waylon is iemand die dan juist zijn poot stijf houdt. Het werd voor hem 'zij' tegen 'ons'. Hij begon wild om zich heen te slaan, wilde niet meer praten met negatievelingen. Vaak is het ook zo dat als je buiten een vijand creëert, het teamgevoel er binnen sterker van wordt."

Toch greep u in. U verscheen de dag voor zijn eerste optreden live op de radio om een statement te maken.
"De vibe werd snel heel negatief. Mede doordat er ruzie was tussen Waylon en kranten AD en De Telegraaf. Ik dacht: ik moet nu iets doen. Anders gaat het tijdens die halve finale helemaal fout. Waylon twijfelde op dat moment aan alles: ook aan ons commitment richting hem."

Hoe kijkt u terug op uw optreden?
"Natuurlijk heb ik me toen voor een karretje laten spannen. Maar dat liet ik bewust gebeuren. Waylon moest en zou naar de finale, dat voelde ik heel sterk."

Henk Bakhuijsen
(pseudoniem: Daniël Dekker)
8 april 1960, Amsterdam

1969-1972 Almere School Amsterdam
1973-1978 Scholengemeenschap Noord Amsterdam, mavo-havo
1981-1985 Decibel Radio Amsterdam
1980-1987 Medewerker Bijzonder Beheer Kredieten/ICT Chase Manhattan Bank Amsterdam
1987-1988 Radio 10
1988-1991 Radio 1 en 2 Tros Nachtwacht
1989-1991 Radio 3 Middle of the Road Show
1992-2005 Radio 3FM Nationale Hitparade Top 100 en Mega Top 50
1998-2014 Radio 2 Gouden uren
1999-heden Eindredacteur Radio AvroTros
2005-2017 Voorzitter Ajax Supporters­vereniging
2010-heden Lid selectiecommissie Euro­visie Songfestival AvroTros
2015 Winnaar Gouden Harp Buma Cultuur
2017-heden Voorzitter raad van toezicht Ajax Supportersvereniging
2017-heden Ambassadeur Metakids

Henk Bakhuijsen is getrouwd met Carla en woont in Ankeveen.

"Dat radio-interview was natuurlijk heel erg. Ik gooide het op nationale trots. Haalde er een vergelijking met Lionel Messi bij. Maar ik moést mijn verantwoordelijkheid nemen. Vergeet niet: de emotionele component op het Songfestival is door alle druk van buiten heel groot. Daarom greep ik terug op ons plan. Daarin staat: wij moeten de artiest faciliteren. Die moet met alle creatieve vrijheid én vertrouwen het podium op."

U noemde de mediaboycot 'legitiem'.
"Dat vond ik diep in mijn hart natuurlijk niet. Wij begrijpen als mediabedrijf echt wel dat je gewoon iedereen te woord moet staan. Alleen kan ik een artiest niet dwingen te praten met mensen met wie hij moeite heeft. En daarbij vroeg ik me af: is het nou echt niet mogelijk om wat trotser te zijn op de inzending van je eigen land?"

U maakt geen contracten waarin de verplichtingen van Songfestivalartiesten staan?
"Jaap Buys, de fameuze artiestenmanager uit Volendam, zei altijd: 'Op het moment dat je een map met papieren uit de kast moet halen, is het al te laat.' Dus nee, we leggen alleen de hoofdlijnen vast. Logisch ook: moet ik dan een advocaat laten invliegen en op de Songfestival­deelnemer afsturen?"

Dekker is gewend om met artiesten mee te denken. Het bracht hem een groot netwerk binnen de Nederlandse pop. Dat zette hij een aantal jaar geleden ook in toen de Stichting Metakids, die geld inzamelt voor onderzoek naar metabole ziekten bij kinderen, hem om hulp vroeg. Op verzoek regelde hij een ontmoeting met Marco Borsato voor twee ouders wier kinderen door de ziekte waren getroffen.

Sindsdien bent u ambassadeur voor Metakids. Wat grijpt u zo aan in hun verhaal?
"Ik heb die ouders in de ogen gekeken. Twee kinderen verloren en dan toch zeggen: 'Wij zijn dankbaar voor de muziek.' En dan die gedachte dat het om kinderen gaat. Ik voelde dat heel diep, een soort purpose."

U heeft geen kinderen. Speelt dat mee?
"Dat kan ermee te maken hebben, ja. Veel vrienden hebben wel kinderen. Mijn jongste zus ook. Ik weet wat het voor iemand betekent als een kind ziek wordt. Al is het maar een griepje. Bij de AvroTros ben ik de eerste die medewerkers naar huis stuurt als hun kind ziek is. Wat moet zo iemand nog op kantoor? Dan kun je je toch niet meer concentreren?"

U bent een eersteklas suiker­oom, zegt uw zus over uw relatie met haar zoon.
"Zij voedt hem sinds haar scheiding alleen op. Dat was nogal wat, vond ik. Dat ik me verantwoordelijk voelde gaat wat ver, maar ik dacht wel: die jongen zal nooit vergeefs een beroep op mij doen. En ik was gewoon hartstikke trots. Ik heb hem op de dag van zijn geboorte lid gemaakt van Ajax. Als hij straks 18 wordt, wordt zijn naam omgeroepen in het stadion. Daar verheug ik me nu al op."

Had u zelf graag vader willen worden?
"Ik had dat best graag... kijk, dat soort dingen moet je gegund worden. Dat heb ik nog overgehouden van mijn katholieke opvoeding: je beslist niet alles zelf. In mijn leven is het gewoon niet zo gelopen."

Kinderfoto Beeld Privé-archief

"De timing van mijn relaties was misschien niet ideaal. Carla en ik zijn nu 21 jaar samen. We hebben eerst vijf jaar ge-lat. Dan denk je nog niet over het stichten van het gezin. Toen we eenmaal samenwoonden was het niet te laat, maar in elk geval te kort dag om het realiseren."

Vond u dat pijnlijk?
"Ik kon me daar redelijk vlot overheen zetten. Het was blijkbaar de bedoeling me op andere dingen te richten. Voor vrouwen is dat anders, dat besef ik wel. Voor Carla was de teleurstelling groter."

Hoe lukte het u zich eroverheen te zetten?
"Wat ik van het leven geleerd heb is dit: sommige dingen zijn misschien niet zoals je zou willen, maar ze zijn wél zo. Dat besefte ik voor het eerst bij het overlijden van mijn vader. Dat was het eerste moment in mijn leven waarop ik echt schrok: 'Dit mag toch niet?' Hij was pas 54. Zomaar ineens een hartaanval tijdens het sporten."

"Een superverdrietige tijd was het. Mijn moeder had altijd op mijn vader geleund. We waren er gewoon niet op voorbereid. Ik voelde me verantwoordelijk voor mijn moeder en mijn twee zusjes. Ik kon er soms heel boos over worden: dit klopte toch gewoon niet?"

U was 28 toen hij stierf.
"Het was stom genoeg ook precies de tijd dat ik van mijn radiohobby mijn beroep leek te kunnen maken. Ik had net een baan bij de Tros, een nachtprogramma. Precies toen ik een paar weken kon invallen op de Tros-donderdag op Radio 3, toentertijd ongeveer de belangrijkste plek van de Nederlandse radio, gebeurde het met mijn vader."

'Wat ik van het leven geleerd heb is dit: sommige dingen zijn misschien niet zoals je zou willen, maar ze zijn wél zo' Beeld Erik Smits

"Een paar dagen eerder was ik nog euforisch geweest. En toen ineens dat intense verdriet. Ik raakte er echt door in de war, was te zeer van slag om die kans te grijpen. Wat ook meespeelt: toen ik mijn vader vertelde dat ik mijn baan bij een bank - ik had volop promotiekansen - wilde inruilen voor de radio, had hij me op de onzekerheid van die wereld gewezen. 'Weet wat je doet,' waarschuwde hij. Ineens dacht ik: verdorie pa, je had nog gelijk ook."

Heeft die periode u veranderd?
"Ik leerde dat er na een verschrikkelijk verdriet ook weer nieuwe, mooie tijden kunnen aanbreken. Ik kijk nu sneller weer vooruit. Als je moeilijke dingen echt niet kunt veranderen, moet je ze laten. Dan moet je je aandacht verleggen."

"Carla is ziek geweest, kreeg tot drie keer toe borstkanker. Ik ben blij dat ik mijn energie toen kon gebruiken om haar te steunen. Ik bleef niet hangen in het onrecht dat zo'n mooie vrouw, toen pas midden veertig, haar borst moest verliezen."

"Natuurlijk stortte onze wereld in. Er zijn momenten geweest dat ik dacht haar te gaan verliezen, maar ze is er heel krachtig doorheen gekomen. Als een commando heeft ze de zwaarste chemo's doorstaan. Ik ben nog meer van haar gaan houden, juist door het besef dat het misschien wel voorbij kon zijn."

U heeft uw portie ellende gehad. Toch noemt uw zus u 'een zondagskind'.
"Mijn zusjes hebben het idee dat alles wat ik probeer lukt, ja. En natuurlijk, het gaat ook hartstikke goed. Mijn hobby is mijn beroep geworden. En de radio- en televisiebranche brengt veel privileges met zich mee: mooie concerten, ontmoetingen met interessante artiesten, tripjes naar het buitenland."

"Maar er zijn genoeg dingen niet gelukt hoor. Met het Songfestival is het echt niet allemaal gegaan zoals ik wilde. Maar goed, daar val ik mijn familie niet mee lastig. Mijn andere zus werkt in de bejaardenzorg. Die zit elke ochtend om half zeven op de fiets voor een fractie van wat ik verdien. Het zou wel heel gek zijn om dan te klagen dat we het Songfestival nog niet hebben gewonnen."

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden