Dan heet je dorp opeens Heimwee, gemeente Verdriet

Theodor Holman
Theodor Holman Beeld Wollff
Theodor HolmanBeeld Wollff

Daarnet fietste ik weer door mijn oude buurt met weemoed in mijn benen en verwondering in mijn ogen. Nu fiets ik sowieso nooit zo snel.

Alles leek veranderd en tegelijkertijd hetzelfde gebleven. Waar vroeger de Volendamse Vischhandel was, had zich nu een modezaak gevestigd, kantoorboekhandel Karel van der Schot deed thans iets met schoenen, de drankzaak was een kapper geworden, en ik geloof dat ik in de etalages van de andere winkels alleen maar jurkjes zag hangen waarvan de prijs zich had aangepast aan die van de huizen.

En toch leek het op een dorp, met de kerk in de Jacob Obrechtstraat, het café op de hoek en de roddelende buurvrouw, die ik ternauwernood wist te mijden.

In de kerk was een begrafenis afgelopen. De kist was naar buiten gedragen en men werd in de zwarte limousines geplaatst; en hoewel ik dit al honderden keren had gezien (ik ben tegenover de kerk geboren), rook ik voor het eerst die typerende lucht van wierook op straat. De kerkklok klonk nog hetzelfde.

Ik was trouwens op weg naar de apotheek waar ze pillen verkopen, die zorgen voor wat gewichtsafname bij een zwaar gemoed. Die pillen zijn populair in deze buurt, zag ik aan de gezichten van de wachtenden, die net als ik een nummertje hadden getrokken.

Soms denk ik dat het leven bestaat uit een aantal dorpen die je moet bezoeken en elk dorp heet Teleurstelling. En als je teruggekeerd bent, en alleen buurthond Argus heeft je herkend, dan heet je eigen dorp opeens Heimwee, gemeente Verdriet.

"Nummer achthonderddertien!" zei de apothekersassistente. Niemand reageerde. "Nummer achthonderddertien!" herhaalde ze dreigend. Opeens keek iedereen op van zijn telefoon. Een jonge vrouw schreed schuchter naar voren. Sommige dure kledingstukken lijken tot doel te hebben een vrouw seksloos te maken; dat iemand zulke kleren koopt, vind ik altijd veelzeggend.

De vrouw kreeg een zakje met haar medicijnen en vroeg toen naar een homeopathisch middel, vermoedelijk een zalf tegen haar schuldgevoel, omdat ze zich ongelukkig weet terwijl het haar aan niks ontbreekt.

Even later kreeg ik mijn eigen tasje met medicinaal lekkers.Terug via de dorpsstraten die ik zo goed ken. Even stoppen bij mijn oude huis. Even m'n moeder in het portiek zien staan, m'n vader thuis zien komen en de poezen van mijn jeugd voor de ramen zien slapen.

Theodor Holman (1953) is columnist, schrijver, televisie- en radiomaker. Elke dag, uitgezonderd zondag, lees je hier zijn column. Lees al zijn columns terug in het archief.

Reageren? t.holman@parool.nl

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden