Update

Dader Puttense zaak gepakt voor dood Anneke

AMSTERDAM - Ron P. (34), veroordeeld in de Puttense moordzaak, wist vele jaren uit beeld van politie en justitie te blijven. Maar daar kwam in april 2008 verandering in nadat zijn DNA-profiel bij het Nederlands Forensisch Instituut (NFI) werd verbonden aan de geruchtmakende moord op Christel Ambrosius uit 1994. Maandag werd P. opnieuw aangehouden, ditmaal wegens zijn mogelijke betrokkenheid bij de moord in juli 2005 op Anneke van der Stap uit Rijswijk.

Een spermadruppel die op het lichaam van Christel Ambrosius werd gevonden, kon in 2008 aan P. gelinkt worden. Het NFI kreeg toen P.'s DNA-profiel binnen. Hij moest dat verplicht afstaan nadat hij in 2005 werd veroordeeld voor mishandeling van zijn vriendin. Hij probeerde er onderuit te komen maar uiteindelijk moet hij eraan geloven.

De man was ten tijde van de moord op Christel bekend bij politie en justitie, alleen niet als moordenaar maar als inbreker. Hij wordt onder meer in verband gebracht met woninginbraken in de omgeving van Putten. In zowel 1993 als 1999 wordt hij voor dergelijke misdrijven veroordeeld. De veroordeling voor mishandeling was de laatste voor hij werd opgepakt in de Puttense moordzaak.

Tijdens de behandeling van de Puttense moordzaak viel op dat P. vooral zijn mond hield. Hij heeft alleen in het begin tegen de politie gezegd dat hij met Christel een geheime seksuele relatie had en dat hij van haar hield. Dit verhaal is door zowel OM als rechtbank afgedaan als ongeloofwaardig.

De rechtbank oordeelde dat P. zich meedogenloos en gewetenloos heeft opgesteld door te blijven ontkennen dat hij Christel iets had aangedaan. Ook vond de rechtbank het ''uiterst onbevredigend'' dat ze geen inzicht in zijn motieven heeft kunnen krijgen. Schrijnend vonden de rechters het dat hij al die jaren zijn mond heeft gehouden, ook al moesten twee anderen daardoor onterecht gevangenisstraf uitzitten.

P. wilde niet meewerken aan onderzoek naar zijn psyche. Daardoor kan het Pieter Baan Centrum niet met zekerheid zeggen of P. aan een persoonlijkheidsstoornis lijdt. Dat vermoeden bestaat wel. P. zou impulsief leven, parasiteren op anderen, geen respect hebben voor anderen en geen schaamte- en schuldgevoelens hebben. Verder zou hij narcistisch zijn en borderlinekenmerken hebben. Dat laatste zou kunnen komen doordat P. zelf ooit seksueel misbruikt is. (ANP)

Rechtbanktekening van de Puttense moordzaak. ANP Beeld
Rechtbanktekening van de Puttense moordzaak. ANP
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden