CPB: Corona-uitbraak treft economie nu al, maar impact is onzeker

De Nederlandse economie loopt dit jaar flinke schade op als het corona-virus zich verder weet te verspreiden en de uitbraak langer duurt. Het Centraal Planbureau (CPB) voorspelt dat het groeicijfer een derde lager uit kan komen dan nu wordt voorspeld.

De desinfecterende handgel is uitverkocht in een Etos-filiaal.Beeld ANP

In de raming die het CPB dinsdagochtend heeft gepresenteerd gaat het instituut er nog van uit dat de Nederlandse economie dit jaar met 1,4 procent groeit. In 2021 wordt een groeicijfer van 1,6 procent verwacht. In deze cijfers is al rekening gehouden met een milde uitbraak van het coronavirus. Desondanks spreekt het CPB van een gestage groei, zeker in vergelijking met andere landen in  de eurozone.

Ander verhaal

Het wordt echter een ander verhaal als het coronavirus niet snel onder controle komt en de economische gevolgen niet tijdelijk blijken te zijn. In een dergelijk somber scenario gaat het CPB er vanuit dat het groeicijfer dit jaar op 0,9 procent uitkomt en volgend jaar op 1,3 procent. Dit komt vooral doordat in dat geval de wereldhandel hapert, waardoor ook de Nederlandse export wordt geraakt. Ook investeringen en de de consumptie zullen dan inzakken. 

“Het is duidelijk dat het coronavirus nu al een negatief effect heeft op de economie. Als de verspreiding van het virus niet snel tot staan wordt gebracht, zal dit de economische groei verder negatief beïnvloeden,” zegt CPB-directeur Pieter Hasekamp.

Koopkracht

Vooralsnog houdt het CPB dus echter rekening met een milde uitbraak. In dat scenario doet Nederland het relatief goed, zeker gezien de uitzonderlijk lage groei van de wereldhandel en de magere groei in de ons omringende landen. Wel wordt het Nederlandse groeicijfer gedrukt door de stikstof- en pfas-problematiek. Het CPB voorziet dat de investeringen in woningen in 2020 en 2021 zullen dalen. Doordat de bouwproductie lager uitkomt en de bevolking toeneemt, blijft de woningmarkt voorlopig gespannen.

Ook op de arbeidsmarkt blijft er voorlopig sprake van krapte. De werkloosheid is historisch laag en dat blijft voorlopig zo. Dat heeft effect op de lonen, die dit jaar gemiddeld met 2,9 procent stijgen en volgend jaar met 2,8 procent. Omdat de inflatie lager ligt dan vorig jaar, houden Nederlanders daardoor meer over in hun portemonnee:  dit jaar neemt de koopkracht met 2,1 procent toe. In 2021 houdt het CPB rekening met een stijging van 1,3 procent. 

Florissanter

Verreweg het beste nieuws heeft het CPB voor het volgende kabinet. De zogeheten middellangetermijnraming voor de komende kabinetsperiode ziet er opeens een stuk florissanter uit: het gemiddelde groeicijfer komt tussen 2022 en 2025 uit op 1,5 procent per jaar. Dat is bijna een derde meer dan het CPB in november nog dacht. Toen werd een gemiddeld groeicijfer van 1,1 procent voorspeld. Ook de koopkracht knapt op in de bijgestelde raming: aanvankelijk zouden Nederlanders in de volgende regeringstermijn gemiddeld niets extra's in hun portemonnee overhouden. Nu voorziet het CPB alsnog een klein plusje, van 0,2 procent erbij. 

Het verbeterde vooruitzicht komt bijna volledig op het conto van de bevolkingsgroei: in 2025 telt Nederland 18 miljoen inwoners, 300.000 meer dan gedacht. Doordat meer mensen zich zullen aanbieden op de arbeidsmarkt, en werk vinden, groeit de economie harder. Er komt er meer belastinggeld binnen en de overheid kan daardoor meer uitgeven. 

De bevolkingsgroei heeft voor de overheid ook een keerzijde, doordat meer mensen bijvoorbeeld een beroep doen op de gezondheidszorg. Maar doordat er ook meevallers in de zorg zijn, verbetert het begrotingssaldo flink: het eerder geraamde begrotingstekort van gemiddeld  0,3 procent per jaar slaat om  in een nipt overschot van 0,1 procent. De staatsschuld daalt hierdoor in de komende periode ook harder dan verwacht en komt - bij ongewijzigd beleid - in 2025 uit op 40,8 procent van het bruto binnenlands product. 

Houdbaarheidstekort

Op de veel langere termijn komt de overheid volgens het CPB overigens wel geld tekort om alle voorzieningen te kunnen blijven betalen. Het zogeheten houdbaarheidstekort komt uit op 0,8 procent. Dat is echter een halvering ten opzichte van de raming van eind vorig jaar. Om het houdbaarheidstekort tegen te gaan heeft de overheid doorgaans twee smaken om uit te kiezen: het verhogen van de belastingen of bezuinigen.  

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden