Plus

Concurrentiestrijd met e-commerce eist zijn tol

De winkelstraat verandert razendsnel. Faillissementen, internet en de veranderde consumentensmaak zetten de winkelwereld op zijn kop. Vandaag: de consument is genadeloos.

Ontmoeten doe je online of op plekken die uitnodigen tot ontmoeten, niet noodzakelijkerwijs in een winkelstraat Beeld Tammy van Nerum

Ploeteren was het, herinneren ze zich nog levendig van hun dagen als winkeladviseurs in Amsterdam, een jaar of tien geleden. Toen moesten Lodewijk Buijs en Bjørn Brink de ene na de andere lege winkel in de Van Baerlestraat aan de man brengen.

Het was een vergeefse opgave. De winkelcrisis sloeg keihard toe en niet alleen in de chicste winkelstraten. Buijs: "In de Kinkerstraat stond op een gegeven moment een op de drie winkels leeg."

Die straat was lang booming, veel winkels kenden in 2006 nog tophuren. "Doordat de straat lange tijd was opengebroken en ondernemers niet mee ontwikkelden met de vraag van de consument, kende de Kinkerstraat vervolgens een moeilijke periode met veel leegstand. Er vond een huurcorrectie plaats."

Veeleisender
Maar kijk nu eens. Winkels vechten er om een plekje. Door de oplevende economie en vanwege de impuls die de Hallen aan Oud-West hebben gegeven. "Nu zijn er veel ondernemers, ook een ander type winkeliers, en ook meer in het hoge segment dan voor de crisis."

"De winkelmarkt maakt een enorme verandering door," constateert retailanalist Christian Lennartz van Rabobank.

"Dit heeft grote gevolgen voor het winkellandschap. De groeiende economie, hogere consumentenbestedingen en de stijgende omzetten kunnen niet verhinderen dat de concurrentiestrijd met e-commerce op veel plaatsen zijn tol eist."

"Consumenten hebben meer te kiezen en beschikken over veel meer informatie dan voorheen. Zij zijn veeleisender als het gaat om prijzen, productinformatie, beschikbaarheid en levertijden, maar ook wat betreft beleving, sfeer en gezelligheid in winkels en winkelgebieden."

"De consument is genadeloos," vult Brink,verantwoordelijk voor winkelvastgoed bij adviseur CBRE aan. "Als hij een winkel niet meer ziet zitten, zal hij er niet meer kopen. Zeker niet als er een concurrent komt die het wel goed doet. Dat is ook ­gezond.

Consumenten zijn op zoek naar gezelligheid en verpozing. Dingen kopen is daar een onderdeel van. Maar gezelligheid, eten, ontmoeten zijn net zo belangrijk."

Nieuwe formules
Al die leegstand en een reeks faillissementen hebben een grote schoonmaak van de winkelwereld op gang gebracht.

"Tijdens de crisis zijn veel dominante winkeliers als V&D, Miss Etam, Blokker en Kijkshop in winkelstraten weggevallen," zegt Buijs. "Dat leidde eerst tot leegstand, maar uiteindelijk ook tot levendigheid op de winkelmarkt."

Ze zien het overal in de winkelstraten die het tien, vijf jaar geleden moeilijk hadden. "De Ferdinand Bol is nog wel het beste voorbeeld, die bloeit op nu de Noord/Zuidlijn rijdt, met nieuwe zaken, nieuwe formules."

Verschuiving naar gemakswinkels
Buijs: "Neem winkelcentrum Oostpoort, een winkelgebied bij de Linnaeusstraat-Middenweg. Dat werd op een moeilijk moment geopend, in een periode dat de buurt er eigenlijk niet klaar voor was. Maar nu zie je ook de winkels daaromheen in de oude straten omhoog krabbelen."

De Beethovenstraat heeft het lang moeilijk gehad. "De afgelopen tien jaar is maar 40 procent van de winkeliers gebleven. Maar dan komt Marqt, en die zaak spreekt zo'n buurt aan. Daaromheen zijn allerlei nieuwe winkels gekomen die meer hebben dan een buurtfunctie. Je ziet ook minder mode in de Beethovenstraat dan voorheen."

"De maatschappij is veranderd, er zijn veel meer individuele leefwijzen en woonvormen bijgekomen. Ontmoeten doe je online of op plekken die uitnodigen tot ontmoeten. En dat is niet noodzakelijkerwijs nog de winkelstraat."

De winkelstraat is niet meer modegedreven maar schuift op naar gemakswinkels. "De tijd dat werd gezegd dat toch niemand kleding op internet gaat kopen, is echt voorbij. Dat betekent iets voor de samenstelling van winkel­gebieden maar ook iets voor de wijze waarop je een winkel opzet en inricht."

Beeld Jamie Groenestein

Bescherming

Het is logisch dat winkeliers in de Amsterdamse binnenstad de focus verleggen naar bezoekers. "Maar er wordt te gemakkelijk gezegd dat dat door al die toeristen komt," zegt Bjørn Brink.

"Ook het winkelgedrag van de Amsterdammer is veranderd. We gaan niet zomaar meer voor een uitje naar de Kalverstraat. Een goede winkelier pikt zulke veranderingen op en speelt erop in."

"De winkelmarkt corrigeert zichzelf wel," vult Lodewijk Buijs aan. "De zoveelste souvenirshop of Nutellawinkel in hartje binnenstad loopt vanzelf tegen zijn grens aan. Toeristen trekken zelf ook naar andere deelgebieden, daar waar het gebeurt, omdat ze een bepaalde beleving zoeken."

"De markt corrigeert zichzelf wel. Er zijn nu veel toeristen en veel toeristenwinkels, maar dit is een tijdelijke fase. Bij een teveel verdwijnen die op den duur vanzelf weer en komt er wat nieuws voor terug, afhankelijk van de vraag. Wat ons betreft is daar niet specifiek regulering voor nodig. Als je het loslaat, past het aanbod zich op termijn zelf wel aan"

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden