Plus

Chinese les in opmars op Nederlandse scholen

Op meerdere basisscholen in de stad wordt Chinees gegeven - na school. 'Ik wil het zelf, want ik wil op vakantie naar China.'

Chinese les op school Beeld ANP

"Chinees? Dat hoorde ik boven ergens. Daar de trap op." Alsof het de normaalste zaak van de wereld is, word ik een paar verdiepingen hoger doorverwezen op de Anne Frankschool in de Rivierenbuurt.

Daar, in de mediatheek, tussen de computers en boeken zit inderdaad een groepje van tien kinderen. Verder is de school leeg, want het is vrijdagmiddag, na de les.

Ze zitten op krukjes in een cirkel en praten de Chinese juf na. 'Na, la, ni, li, nu, lu.' Het zijn kinderen zonder een spoortje Chinees bloed, maar ze doen er niet minder ­enthousiast om mee.

Het is pas les 5, maar de elfjarige Julia (Chinese naam Hu Li'an) gooit er al bijna vloeiend een 'wo ai wo jia' uit. 'Ik houd van mijn familie.'

Deze kinderen van 7 tot 11 jaar oud hebben tien weken lang op vrijdagmiddag om half vier een uur Chinese les. Gewoon, omdat ze het leuk vinden. Julia's ouders hebben haar ­ervoor opgegeven, maar ze vindt het 'supertof'. "Het is zo'n andere taal. En ik vind het heel leuk om te leren."

De negenjarige Kayumi wil na Chinees ook nog Indiaas en ­Japans leren. Lariza's ouders zijn in China geweest toen Lariza (10) in de buik zat. "Daarom wil ik al heel lang Chinees ­leren."

Jing Wang (33) is docent Chinese taal en cultuur en geeft op 29 basis- en middelbare scholen Chinees, waarvan drie in Amsterdam. Het zijn altijd extra vakken, dus niet verplicht, maar de belangstelling neemt toe.

Afgelopen voorjaar werd voor het eerst door 170 vwo'ers eindexamen ­gedaan in het Chinees. Het Nuffic, de organisatie voor ­internationalisering in het onderwijs, verwacht dat er ­alleen maar meer interesse komt voor Chinees.

Ook plusklassen geven het: Chinees is ideaal om te onderwijzen aan leerlingen die meer uitdaging willen.

Wang was lerares Engels in Wuhan voordat ze voor de liefde naar Nederland kwam. Ze wilde haar beroep niet opgeven en begon op de bonnefooi met Chinese les geven. Tot haar verbazing was er veel enthousiasme.

Tegelijkertijd doet ze de lerarenopleiding Engels, zodat ze ook haar oude vak nog kan onderwijzen.

Pandafilmpje
De lessen zijn in het Mandarijn, de officiële taal van China. Een taal die door meer dan een miljard mensen wordt ­gesproken, en daarmee de meest gesproken taal ter wereld is. Ze erkent dat het moeilijk is.

"In tien lessen leren ze ­ongeveer honderd woorden. Maar de karakters blijven moeilijk. Daarom geef ik die in Pinyin." Pinyin is de transcriptie van het Chinees in Latijnse letters.

Elke les heeft een ander thema. Vandaag is het familie. 'Ai' (lief, houden van), 'jia' (familie), 'mama', 'baba', 'gege' (grote broer), 'didi' (kleine broer) en 'meimei' (zusje) leren ze.

Binnen tien minuten dreunen de leerlingen van de ­Anne Frank de samenstelling van hun gezin in het Chinees op. "Wat is kat?" vraagt Raaf (10) nog snel, want die hoort ook bij zijn familie. 'Mao' schrijft Wang op het bord.

Vaste prik is ook een pandafilmpje. Wang laat er een zien op haar computer. "Aaw, oeeh," koeren de kinderen. Panda in het Mandarijn is 'xiong mao', de woorden voor 'beer' en 'kat'.

Om de leerlingen even aan het bewegen te krijgen zodat ze niet in een eindeweekse dip vallen, dansen ze en zingen ze op een christelijk liedje. Wang is christen, net als haar man.

En terwijl klasgenootjes al buiten spelen, pakken de leerlingen Chinees braaf hun kalligrafieset om karakters te ­oefenen. Soms is Lariza best moe en heeft ze geen zin om naar de les te gaan. "Maar als ik er ben, vind ik het altijd leuk."

Een speciale schrijfrol en een kwast toveren met ­water zwarte strepen op doek. Even zien de scholieren eruit als Chinese kinderen die schoonschrift leren.

Kennis van het Mandarijn
Als Wang terugdenkt aan haar eigen schooltijd in China lacht ze om de verschillen. "We zaten altijd met 70 tot 80 leerlingen in de klas. Op school zaten bijna 3000 kinderen. We droegen vaak een uniform en gingen van acht tot vijf uur 's middags naar school."

Ze vindt het ­belangrijk dat ­Nederlandse kinderen Chinees leren. "Voor de handel, dat ze elkaar begrijpen. Maar ik zie ook dat Chinese jongeren steeds vaker Engels kunnen." Zelf leerde ze in de vier jaar dat ze in Utrecht woont, vloeiend Nederlands spreken. "Ik houd van talen."

Veel Nederlandse scholen bieden Chinees, omdat ­ouders het interessant vinden, maar tegelijkertijd maken ze de Chinese overheid blij. Die probeert kennis van het Mandarijn te stimuleren via het Confucius Instituut, een soort Goethe Instituut van China, waarvan er wereldwijd meer dan 500 bestaan.

Het financiert scholen die Chinees willen geven, in Nederland zijn dat er in elk geval elf.

Het Chinese teken voor 'mama' Beeld Barbara Lateur

In Amerika wordt al langer Chinees op reguliere scholen gegeven.

Op een school in Los Angeles leren zelfs de kleuters de taal. In sommige ­delen van de Verenigde Staten zijn de plekken voor Chinese lessen zo schaars dat een Chinees-Amerikaanse moeder een oproep deed op weblog Nextshark ('the voice of global asians') om 'witte Amerikanen' ervan te weerhouden hun kinderen naar Chinese les te sturen: de vrouw wilde niet met hen hoeven wedijveren om een schoolbankje.

Haar kinderen zouden meer recht hebben om hun moedertaal goed te ­leren.

Van overinschrijving is in de kleine mediatheek op zolder in de Anne Frankschool geen sprake. Voor de Chinese les konden 15 kinderen zich aanmelden. Het werden er 11. Voor sommige ouders is de 90 euro misschien te duur, ­exclusief kalligrafieset van 20 euro.

De Anne Frank koos voor Chinees als naschoolse activiteit, naast musicalles, kleding maken en een typecursus, om iets nieuws te proberen. Directeur Katja Rakic: "De les is geschikt voor alle kinderen vanaf groep 3. Het is mooi dat het niet uitmaakt of je veel uitdaging in de klas nodig hebt of juist weinig, want ze beginnen allemaal opnieuw."

Moedertalen
Of het ook zinnig is om Chinees te geven in tien lessen, vinden de kinderen op de Anne Frankschool niet zo belangrijk. Karijn Helsloot, taalwetenschapper en coördinator van het Taal-naar-Keuze-project op Espritscholen, wil er wel een kanttekening bij plaatsen.

Helsloot organiseert nu anderhalf jaar extra taallessen voor middelbare scholieren. In principe is namelijk alleen Engels en Nederlands verplicht, andere talen zijn grotendeels aan scholen zelf om aan te bieden.

Vaak blijven die bij Duits en Frans en steeds vaker Spaans, maar Taal-naar-Keuze biedt ook Russisch, Arabisch, Turks, Italiaans en Chinees. Het valt haar op dat Chinees nu gewild is, maar dat het eigenlijk vreemd is dat er geen aandacht is voor de veelheid van moedertalen die in de ­gemiddelde Amsterdamse schoolklas wordt gesproken.

Waarom krijgt Chinees aandacht en Arabisch en Turks niet? Waarom hangen er in sommige scholen nog altijd briefjes dat er alleen Nederlands mag worden gesproken?

"Zorg nou dat je iets doet met alle talen die kinderen al meebrengen. Veel talen worden gezien als de bron van achterstand in het Nederlands, maar didactisch en pedagogisch gezien is dat helemaal verkeerd."

Ze pleit voor ­algemene taallessen waar kinderen de ­overeenkomsten en verschillen tussen talen leren ontdekken. "Kinderen vinden het leuk om andere woorden te ­leren, en met ­inzicht in de opbouw van andere talen leren ze meer over het Nederlands en over de thuistaal die ze spreken."

Hoewel tien lessen te weinig is om later vloeiend Chinees te spreken, heeft Julia al grootste plannen met haar nieuw verworven woorden.

"Ik wil op vakantie naar China met mijn familie en dan kan ik ze rondleiden."

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden