Plus

Cees van Staal (1927-2018): reclameman met zeemansbloed

Hij was de bedenker van 'in geouwehoer kun je niet wonen'. Reclamepionier en zeebonk Cees van Staal overleed eind juli.

Beeld NTR

Hij was reclamepionier en zeebonk ineen. Cees van Staal verzon de eerste reclame op televisie, hij was imagostrateeg van Joop den Uyl, maar net zo goed vocht hij met bandieten in de baai van Santa Cruz en leefde hij maandenlang als een Robinson Crusoë op een verlaten Galapagos­eiland. Een leven als een jongensboek.

Eind juli overleed Van Staal. Zijn keeshond Sancho ging hem een maand eerder voor, stond in de rouwadvertentie. "Hij was er een week ziek van," zegt zijn vrouw Helena van Staal-Stockmann.

Cees van Staal werd geboren op Zeeburg en groeide op in De Pijp. Hij kwam in de reclame terecht nadat hij in 1949 was teruggekeerd uit Nederlands-Indië, waar hij had deelgenomen aan de politionele acties. "Een idiote oorlog," zei hij daar vier jaar geleden over in Het Financieele Dagblad.

Geouwehoer
Samen met Ruud Koster begon hij in 1957 het reclamebureau Van Staal en Koster. Hij liet zich inspireren door een nieuwe, lossere reclamestijl uit Amerika, de New Wave.

Zo scoorde hij met een campagne waarin kinderen poepten en plasten op de plastic vloerbedekking van Novilon: 'Dat krast maar en plast maar op Novilon.' Toen hij daar ruim een halve eeuw later in het FD over vertelde, schaterde hij het nog altijd uit.

Zijn talent verbond hij ook aan de PvdA, want producten of ideeën verkopen was voor Van Staal hetzelfde. Hij bedacht verkiezingsleuzen voor Ed van Thijn ('Amsterdammers zijn lastig. Mogen ze misschien?') en in nauw overleg met Jan Schaefer bedacht hij de klassieker 'In geouwehoer kun je niet wonen'.

Ook hoorde hij bij het clubje dat Joop den Uyl 'boetseerde'. Den Uyl moest normale woorden gebruiken, volkser worden, maar wel nodig een net pak dragen en een rechte das.

Van Staal, zoon van een sigarenboer, had zeemansbloed. In 1970 werd Van Staal en Koster verkocht aan de Amerikaanse reclamegigant Young & Rubicam en maakte hij een wereldreis van vier jaar met zijn tweemaster Karin IV en zijn toenmalige vrouw Olga.

Tegen de Volkskrant zei hij daarover: "Die gigantische oceaan, hoge golven, witte kruinen. Om vijf uur dronken we een borrel in de kuip en zetten we Bach op, de Kunst der Fuge. Fantastisch."

Eenheid
Op het strand van Martinique vond hij zijn eerste Sancho. De hond zou tweemaal zijn leven redden. Sancho maakte zijn baasje met de neus op tijd wakker toen indianen, gewapend met machetes, zijn boot overvielen. Ook beet Sancho zich een keer vast in de testikels van een bok die op Van Staal afstormde.

Later in zijn leven volgden nog drie keeshonden, twee Sancho's en een Sancha, een vrouwtje.

Over die avonturen schreef hij twee boeken: Zeven scheve zeeverhalen en een rechte en Hoe hard het woei en hoe groot de liefde was op zee.

In 1974 keerde Van Staal terug naar Nederland en begon hij met Wim van Hoek een nieuw reclamebureau. De klassieker uit die tijd: 'Boer, bakker, Bolletje' voor beschuit van Bolletje.

Ook van dat bureau verkocht hij de aandelen, maar hij bleef nog tot zijn 82ste ondernemen. Zo was hij hoofdredacteur van reclameblad Nieuws­tribune en daarna begon hij met zijn vrouw Helena het tijdschrift Building Business.

Zijn vrouw: "Het was een markante persoonlijkheid met een ijzeren wil, maar ook een heel lieve man. Het was het goede midden zoeken en dat lukte altijd. We waren een eenheid."

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden