CBS: aantal 'omgekeerde scheefwoners' fors toegenomen

In de crisisjaren is het aantal 'omgekeerde scheefwoners', mensen met te weinig inkomen in te dure sociale huurwoningen, fors toegenomen. In 2009 zat 8 procent van de huurders in een te duur sociaal huurhuis, terwijl dit percentage vorig jaar was opgelopen tot 18 procent.

Minister Stef Blok voor Wonen en Rijksdienst tijdens een debat in de Tweede Kamer over Wet doorstroming huurmarkt. Beeld anp
Minister Stef Blok voor Wonen en Rijksdienst tijdens een debat in de Tweede Kamer over Wet doorstroming huurmarkt.Beeld anp

Dit meldt het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS). Door de nieuwe huisvestingswet die vorig jaar van kracht werd is 'omgekeerd scheefwonen' vrijwel niet meer mogelijk. Woningcorporaties moeten wettelijk 'passend toewijzen', wat betekent dat huurders bijvoorbeeld geen sociale huurwoning van 700 euro per maand aangeboden mogen krijgen, als zij gezien hun inkomen maar 450 euro kunnen betalen.

Voor de invoering van de nieuwe huisvestingswet werd die keuze aan de huurders overgelaten. De corporaties waren verplicht alle beschikbare huizen aan de huurders aan te bieden. Huurders konden daardoor ook voor te dure huizen kiezen. Tegelijkertijd schroefden de corporaties in de crisisjaren hun huren fors op om hun zwakke balansen te versterken en de gestegen lasten als de verhuurdersheffing te betalen.

Geen aantrekkelijke woning
Het omgekeerd scheefwonen, wat het CBS 'duur scheefwonen' noemt, staat haaks op het meer gebruikelijke begrip scheefwonen, wat betekent dat mensen met een te hoog inkomen in een sociale huurwoning blijven zitten. Zij behouden doorgaans hun sociale huis omdat ze geen aantrekkelijk ander huis voor aanvaardbare prijzen kunnen vinden. Oudere scheefwoners krijgen vaak ook geen hypotheek meer voor een koopwoning.

Deze 'gewone scheefwoners' vormen voor de huisvesters een probleem omdat zij in gesubsidieerde woningen zitten, die krachtens de nieuwe Europese regelgeving alleen nog bedoeld zijn voor mensen met een laag tot modaal inkomen, gesteld op maximaal 35.739 euro. Het aandeel 'gewone scheefwoners' is volgens de telling van het CBS juist gedaald van 28 naar 18 procent.

Nederland telt, aldus het CBS, bijna 2,9 miljoen hurende huishoudens en ruim 4,3 miljoen gezinnen met een eigen huis. In de onderlinge verhoudingen is sinds 2009 weinig veranderd.

Hogere woonlasten
Anders dan huiseigenaren, zagen huurders hun woonlasten de laatste jaren stevig oplopen, zo signaleert het CBS. Ze betaalden vorig jaar met gemiddeld 654 euro per maand aan huur en bijkomende woonlasten 100 euro meer dan in 2009. Mensen met een eigen huis hoefden in 2015 juist 26 euro minder neer te tellen voor zaken als hun hypotheek, belastingen en onderhoudskosten.

Mensen in Utrecht en Noord-Holland betalen door de bank genomen overigens het meest aan woonlasten. Eigenaren waren in deze provincies vorig jaar gemiddeld ruim 960 euro per maand kwijt en huurders bijna 700 euro.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden