Bouterse blijft weg

PARAMARIBO - Slechts negen verdachten kwamen opdagen op de eerste dag van het proces tegen de verdachten van de Decembermoorden. Ook hoofdverdachte Desi Bouterse ontbrak.Bouterse was de grote afwezige op de eerste dag van het proces tegen de verdachten van de Decembermoorden. Advocaat Irwin Kanhai had nog zeer beslist geklonken toen hij voor aanvang van de zitting in Fort Boxel had verzekerd dat zijn cliënt elk moment kon aankomen. Maar toen om half elf voorzitter Cynthia Valstein-Montnor de zitting opende, was Bouterse niet van de partij. Kanhai haalde zijn schouders op: ''Misschien is zijn vrouw ziek.''

Slechts negen van de 25 verdachten waren komen opdagen voor de rechtszaak, die duidelijk moet maken wat zich precies heeft afgespeeld in Fort Zeelandia in de nacht van 8 op 9 december 1982. De meeste van de aanwezige verdachten zeiden bij aankomst dat ze niets met de moord op de vijftien vooraanstaande landgenoten te maken hadden gehad. Etienne Boereveen, indertijd de rechterhand van Bouterse: ''Voor mij is het een opluchting dat het proces eindelijk begint. Ik ben onschuldig, zeker weten.''

Bij aankomst bij de zwaarbeveiligde marinebasis aan de Surinamerivier stonden de verdachten zij aan zij met de nabestaanden, van wie enkele tientallen naar het gerechtsgebouw waren gekomen om de eerste dag van het proces te volgen. Actrice Helen Kamperveen, schoondochter van de in 1982 vermoorde tv-baas André Kamperveen, zei eveneens opgelucht te zijn dat het proces is begonnen.

''Hier hebben we 25 jaar naar uitgekeken. Het is voor ons heel belangrijk dat de daders van de Decembermoorden voor de rechter verschijnen. Dat Bouterse er niet is, is voor mij geen verrassing. Het zij zo. Ik hoop alleen dat het proces niet eindeloos zal worden gerekt.''

De eerste zittingsdag bood in dat opzicht weinig hoop. De advocaten van de verdachten gebruikten het preliminair verweer om het strafproces onderuit te halen. De hoofdrol was weggelegd voor advocaat Kanhai, een opvallende verschijning in de rechtszaal met zijn woeste haardos, witte cowboylaarzen en oranje boodschappentas. Kanhai stelde dat de aanklacht tegen Bouterse niet thuishoort bij de krijgsraad, omdat deze in 1982 niet zozeer optrad als bevelhebber als wel als gezagsdrager.

Na de coup van 1980 was het gezag immers formeel overgedragen aan de legerleiding. Dat betekent in de ogen van Kanhai dat sprake is van gelegitimeerd optreden van Bouterse in Fort Zeelandia. ''Het kan niet de beste prijs verdienen wat er is gebeurd, maar de overheid is verplicht tot handelen en ingrijpen, of dit onze goedkeuring wegdraagt of niet.''

Volgens Kanhai dient de krijgsraad zich te buigen over de vraag of Bouterse een ambtsdelict pleegde of niet. ''Daar draait het hier om.''

Auditeur John Mohammedamin verzette zich fel tegen deze zienswijze. Volgens hem staat vast dat Bouterse in de jaren tachtig militair was en is de krijgsraad om die reden bevoegd de zaak in behandeling te nemen. De voorzitter zei na een lange schorsing het verweer van Kanhai nader te willen onderzoeken. Zij verdaagde de behandeling tot 17 december. Dat geeft justitie ook de gelegenheid nog enkele dossiers te kopiëren en op te sturen, want gisteren werd duidelijk dat nog niet alle advocaten in het bezit zijn van de processtukken.









Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden