'Blijf af van gevels paleis op de Dam'

Het besluit de gevels van het tussen 1648 en 1665 gebouwde paleis toch te reinigen is al gevallen, maar de monumentenwereld bleek het daar gisteren niet mee eens te zijn. Foto ANP

AMSTERDAM - Blijf van de zandstenen gevels van het paleis op de Dam af. Verf ze niet en probeer ze ook niet schoon te maken. Als je dat wél doet, gaan ze stuk.

Dat zei gisteren een groot deel van de bezoekers van een colloquium van het Amsterdams Centrum voor de Studie van de Gouden Eeuw in het P.C. Hoofthuis van de Universiteit van Amsterdam.

Het besluit de gevels van het tussen 1648 en 1665 gebouwde paleis toch te reinigen is al gevallen, maar de monumentenwereld bleek het daar gisteren niet mee eens te zijn.

Pieter Vlaardingerbroek, architectuurhistoricus en paleisdeskundige bij uitstek, die namens Bureau Monumenten en Archeologie een negatief advies over de gevelreiniging had gegeven, legde een verband tussen de betekenis van het paleis als gebouw en het ontwerp van Jacob van Campen. ''Het stadhuis van Van Campen stond voor het juridische gezag - er werd recht gesproken - en de macht van de stad en voor de rijkdom van de Gouden Eeuw. Als voorbeeld diende de tempel van koning Salomo.''

Van Campen wist volgens Vlaardingerbroek de klassieke en Bijbelse oudheid te versmelten. Essentieel daarbij is volgens Vlaardingerbroek de blokstructuur van het zandstenen gebouw. ''Die gevels zijn in hun perfecte maatvoering even ideaal als het hele gebouw.''

Eeuwen geleden werden sommige gebouwen van Bentheimer zandsteen overigens wel geschilderd, erkende Vlaardingerbroek, maar dat geldt niet voor bijzondere gebouwen zoals het paleis. ''Dat is nooit geschilderd. Er is geen reden het wél te doen. De steen is perfect.''

De roep het gebouw licht te maken is volgens Vlaardingerbroek ook nieuw. De steen wordt aan de oppervlakte van nature zwart. ''Al in de achttiende eeuw was het paleis behoorlijk zwart. Het is de essentie van het ontwerp.''

Krijn van den Ende, de architect van de paleisrestauratie, zei dat de gevels moeten worden aangepakt 'opdat het oorspronkelijke ontwerp kan worden beleefd'. De door Vlaardingerboerk bejubelde blokken in de gevels zijn volgens Van den Ende vlekken die via reiniging moeten worden 'ontstoord'. ''Wie stoort zich waaraan?'' vroeg architectuurhistoricus Freek Schmidt.

Henk van Nierop, hoogleraar nieuwe geschiedenis aan de UvA, signaleerde 'iets nieuws'. ''Voorheen gingen we uit van het monument, het object. Nu telt de mening van architecten, het subject.''

Bert van Bommel stelde namens de Rijksgebouwendienst dat de restauratie - wervelstralen, laserstralen en retoucheren met verf dan wel krijt - verantwoord is. Onderzoek van TNO heeft dat volgens hem uitgewezen.

Architectuurhistoricus Gerrit Vermeer betwistte dat. ''Op elke bladzijde van de rapporten staat dat directe effecten zijn gemeten, maar niet over langere periodes.'' Hij vond dat de ouderdom van een gebouw beter moet worden geaccepteerd.

De neiging in te grijpen vergeleek hij met de plastische chirurgie bij Marijke Helwegen. ''Kijk in Bentheim.

Daar rijdt geen tram, daar zijn geen auto's en toch wordt de steen in de groeve al zwart.'' (TON DAMEN)

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden