Bijna helft internationals debuteerde onder Van Basten

null Beeld

HOENDERLOO - In zijn eerste seizoen als bondscoach riep Marco van Basten zestien debutanten op. Een aantal dat in de drie jaar daarna verdubbelde. Een duiventil werd het Nederlands elftal genoemd. Internationals kwamen, maar vertrokken soms net zo snel weer door de achterdeur. Wat heeft het selectiebeleid Oranje, en de spelers zelf, opgeleverd?

Als opvolger van Dick Advocaat kreeg Van Basten bij zijn aanstelling door de KNVB in de zomer van 2004 als opdracht mee te bouwen aan een nieuwe, verjongde selectie. Hij ging voortvarend te werk. Spelers die niet konden bevroeden dat ze in aanmerking zouden komen voor het Nederlands elftal kregen plotseling een invitatie uit Zeist.

Van Basten ging voorbij aan leeftijd en status en zocht vooral in eigen land naar potentieel dat uitvoering kon geven aan de speelwijze die hem voor ogen stond. De bondscoach was in de eerste twee jaar nog in de veronderstelling dat hij bij Oranje direct invloed zou kunnen uitoefenen op de ontwikkeling en de vorming van (jonge) voetballers. Dat idealisme heeft Van Basten deels moeten laten varen, omdat de praktijk hem leerde dat de tijd rondom interlands daarvoor te beperkt is.

In 46 interlands gebruikte Van Basten 54 spelers, van wie er 32 hun debuut maakten. In zijn eerste seizoen (grofweg gerekend van augustus tot juni) riep hij zestien nieuwelingen op. Het seizoen daarna waren dat er zes, vorig seizoen tien en dit seizoen niet één. En na het afvallen van doelman Sander Boschker voor de definitieve EK-selectie blijft die teller dit seizoen ook op nul staan. Dat is nooit eerder voorgekomen in de geschiedenis van het Nederlands elftal die teruggaat tot 1905.

Orlando Engelaar en Andwélé Slory waren vorig jaar juni, op een trip door Azië, de laatste twee spelers die onder Van Basten debuteerden. Slory is op twee interlands blijven steken, Engelaar maakt deel uit van de EK-selectie en heeft zelfs een gerede kans als basisspeler aan het toernooi te beginnen. Van de groep van 23 internationals die Van Basten meeneemt naar Zwitserland hebben elf spelers onder zijn leiding voor het eerst hun opwachting gemaakt in de nationale ploeg.

Ook dát is de oogst van zijn beleid, dat vaak als 'warrig' en 'onnavolgbaar' werd omschreven. Van Basten had zich na zijn actieve loopbaan lange tijd van het voetbal afgekeerd en wilde vooral in zijn beginperiode als bondscoach een inventarisatie maken van de beschikbare voetballers. ''En ik krijg het beste beeld van een speler als ik hem een paar dagen dicht bij me heb.''

De eredivisie was de vijver waarin Van Basten meestal viste. Van de 32 debutanten speelden er 23 bij een Nederlandse club op het moment dat ze voor de eerste keer geselecteerd werden, met AZ (dertien) als hofleverancier. Daarna volgen Ajax (vijf), Feyenoord (drie) en PSV (twee). De spelers zelf plukten er sportief en financieel de vruchten van. Onder anderen Dirk Kuijt, Ryan Babel (beiden Liverpool), Joris Mathijsen, Romeo Castelen (beiden HSV) en Jan Kromkamp (Villarreal) maakten een mooie transfer nadat ze het tot international hadden geschopt. (DICK SINTENIE)

null Beeld
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden