PlusBijlmer 50 jaar

Bijlmer-verslaggever Raphaël Smit: 'Er ging veel fout, dat was heerlijk'

Vijftig jaar geleden streken de eerste bewoners in de Bijlmermeer neer. In deze serie doen zes pioniers hun verhaal. Vandaag het slot: verslaggever Raphaël Smit.

Raphaël Smit, 76 jaar, tegenwoordig wonend in Amersfoort. Beeld Marc Driessen
Raphaël Smit, 76 jaar, tegenwoordig wonend in Amersfoort.Beeld Marc Driessen

In november 1968 ben ik met mijn toenmalige vrouw naar de Bijlmer getrokken. We waren getrouwd en hadden net een kindje. We gingen naar een tweekamerwoning in Hoogoord, de eerste flat die net was opgeleverd.

De eerste kerstavond hebben we met vrijwel alle bewoners samen gevierd in de binnenstraat. Er was een oecumenische dienst onder leiding van dominee Cees Rijper. Daarna was er warme chocolademelk.

Toen we opbraken, waren alle bewoners lid van een of andere werkgroep. De sfeer was: we gaan er met z'n allen iets van maken."

"Ik zat in de werkgroep sport. Die besloot dat er een voetbalvereniging moest komen. Ook dat deden we zelf. Een van de bewoners was directeur van een bedrijf dat in Utrecht het oude Vredenburg sloopte. Die man is op een zondagochtend met een dragline over de provinciale weg van Utrecht naar de Bijlmer gereden om het terrein te egaliseren.

De gemeente wilde net een proef doen met een nieuw type graszaad voor de sportvelden. Dat werd de SV Bijlmer."

Zes pagina's
"Ik werkte als danser in het theater, en deed daarnaast wat klussen voor het opbouwwerk in de Bijlmer. Daarvoor ging ik ook naar de gemeenteraad. Zo wist ik dat een punt over het onderwijs vanwege de volle agenda was uitgesteld.

Tot mijn verbazing las ik in het huis-aan-huisblad een bericht over een genomen besluit. De journalist bleek op basis van het voorstel een stukje te hebben getikt. Ik belde met de redactie om te vertellen dat het anders was gelopen."

"Zo kwam ik bij De Nieuwe Bijlmer terecht. De eerste weken als freelancer, daarna in vaste dienst. Het was mijn taak om elke week zes pagina's over de Bijlmer te schrijven.

De krant werd gedrukt bij het Handelsblad op de Nieuwezijds Voorburgwal. De redactie zetelde in Amstelveen, maar ik werkte vanuit huis. Om die reden kon ik in 1970 een zeskamerwoning krijgen in Hofgeest. Dat was een geweldige luxe."

Van huisconcerten tot de metro
"Over een gebrek aan kopij mocht ik niet klagen. Er ging veel fout. Dat was heerlijk voor een journalist. Op zondag ging ik naar de sportvelden, door de week naar raadsvergaderingen en persconferenties. Eens in de week kon ik de politieberichten ophalen.

Onder de eerste lichting bewoners waren veel artistieke en actieve mensen. Er gebeurde van alles, van huisconcerten tot acties tegen de hoge huren en de slechte verbinding met de stad. Iedereen keek reikhalzend uit naar de komst van de metro."

"Ik had mij als journalist natuurlijk enigszins op de vlakte moeten houden, maar ik vrees dat ik al snel een participerende journalist ben geworden. Ik was actief binnen de PvdA en haalde daar veel primeurs vandaan.

Ik kreeg ook wel te maken met het psychologische mechanisme dat je vaak ziet in nieuwbouwwijken. Binnenskamers mag er worden gekankerd, maar naar buiten toe vorm je een front om de grond waarop je woont met hand en tand te verdedigen."

"Halverwege de jaren zeventig kwam de grote groep Surinamers. Ik herinner me dat ik een keer werd gebeld door een huismeester. Die liet me een flat zien waar net een gezin uit was getrokken.

De keuken was niet gebruikt, er werd gekookt op een vuurtje in de woonkamer. De brandplek zat in het beton. De wc was alleen gebruikt om de haren te wassen. De meeste mensen hadden nog nooit een modern huis van binnen gezien."

"Het was dramatisch. Surinamers kwamen naar Nederland om te studeren of te werken, maar deze groep had geen enkel vooruitzicht. Het waren ontwortelde mensen. In Suriname waren zij tweederangs burgers geweest, en hier werden zij door een witte taxichauffeur van Schiphol naar de Bijlmer gebracht.

De verwarring was compleet. De overheid heeft dat niet onderkend, in elk geval niet bijtijds. Dat aan de rafels van die groep criminele activiteiten werden ontplooid, wekte geen verbazing."

Nieuwe liefde
"Na acht jaar keihard werken ben ik gestopt bij de krant. Ik was gesloopt eerlijk gezegd, het werk ging in toenemende mate ten koste van mijn gezondheid.

Mijn huwelijk was al kapot. Ik ben met een nieuwe liefde naar Amersfoort verhuisd. Veel mensen van het eerste uur waren toen al vertrokken. Het werd minder plezierig in de Bijlmer."

"In onze woning in Hofgeest kwam een gezin met elf kinderen. Ik bleef nog even werken in Amsterdam als voorlichter en ging af en toe nog eens kijken in mijn oude buurt.

Ik schrok ervan, hoe snel het allemaal achteruitging. Ramen die waren dichtgeplakt met papier, oude fietsen op de galerij. Het was voor mij het bewijs dat verpaupering snel kan toeslaan op het moment dat er geen sturing door de overheid is."

De Bijlmer bestaat vijftig jaar. Het Parool bezoekt enkele pioniers van weleer.

1. De politieman
2. De architect
3. De onderwijzer
4. De zangeres
5. De melkboer
6. De verslaggever

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden