PlusPS

Bij De Toevlucht krijgt de egel een warm nest

De egel heeft het zwaar. In de herfst verregent zijn nest en vindt hij te weinig voedsel. Bij opvang De Toevlucht geeft dat topdrukte. Egelspecialist Roxina van Eck (25) heeft haar handen vol aan zwakke, zieke en gewonde diertjes. 'Als ik ze weer zie gaan, ben ik trots.'

Marloes de Moor
null Beeld Renate Beense
Beeld Renate Beense

In de warme quarantaineruimte van dierenopvang De Toevlucht in Zuidoost heerst een lome rust. Op de achtergrond klinkt alleen het gelijkmatige draaien en pompen van een wasmachine. Overal hangt de dominante geur van kattenvoer, dierenontlasting en melk. Roxina van Eck, egelspecialist bij De Toevlucht, heeft net gezegd dat zich in de ruimte tientallen egels bevinden, maar ze houden zich schuil onder kranten, takjes en stro.

Niet zo verwonderlijk, zegt Van Eck, want egels zijn - mits ze jongen hebben - solitaire dieren, die veelal niets moeten hebben van aaiende handen en jolig gekir. Bovendien slapen ze veel en worden ze pas 's nachts actief. In tegenstelling tot de vissen die in het aquarium op de kast uitsloverige salto's maken. "Dat aquarium was bij het grofvuil gedumpt. Gelukkig waren we er op tijd bij."

Al heeft ze haar handen vol aan de drie- à vierhonderd egels die jaarlijks worden binnengebracht, die vissen kunnen er nog wel bij. Het is momenteel topdrukte met de opvang van egels. Meestal komen ze via de Dierenambulance binnen, soms brengen particulieren ze. "Sinds augustus hebben we er al honderd opgevangen. We krijgen er minstens één per dag, maar soms ook wel tien."

Verdwaalde egel
Die enorme toestroom heeft te maken met het herfstseizoen. "De egels hebben de paartijd achter de rug en trekken er na zo'n vier à zes weken voor het eerst met hun jonkies op uit. Onderweg raken die jonkies soms hun moeder kwijt en verdwalen. Door het regenachtige weer worden ze zo nat dat ze onderkoeld raken. Het komt ook regelmatig voor dat hun nesten onder water lopen."

Daarnaast speelt volgens Van Eck de verslechterde leefomgeving voor egels een rol. "Egels zijn het liefst in bosrijke gebieden of plekken met struiken. Maar nu veel tuinen bestraat zijn, is het moeilijker voor ze om voedsel te vinden."

Zo kreeg Van Eck al een eens een verdwaalde egel binnen die doodgemoedereerd op de Dam liep. Op de Admiraal de Ruyterweg werd een stel jongen gevonden. De moeder was onvindbaar en vermoedelijk al dood.

null Beeld Renate Beense
Beeld Renate Beense
De hokken voor binnengebrachte egels in een quarantaineruimte van De Toevlucht Beeld Renate Beense
De hokken voor binnengebrachte egels in een quarantaineruimte van De ToevluchtBeeld Renate Beense

Om meer egelleed te voorkomen, raadt ze mensen aan om de diertjes bij wisselvallig weer bij te voeden door bijvoorbeeld kattenbrokjes met water, een gekookt ei, een appeltje of insecten neer te zetten. Beslist geen melk, benadrukt Van Eck.

"Egels kunnen niet tegen lactose, dus geef ze liever water. Om te voorkomen dat andere dieren met het eten aan de haal gaan, is het een idee om een huisje met een smal tunneltje in de tuin te zetten. Daar kan de kat niet bij. De egel heeft dan een schuilplek en zijn voedsel is veilig. Ze ruiken het snel genoeg en zullen geregeld terugkomen."

Couveusekastjes
Van Eck wandelt langs de hokken in de warme quarantaine. Jonge, onderkoelde en verzwakte egels worden daar in eerste instantie opgevangen. De zwakste broeders liggen in couveusekastjes bij een temperatuur van 40 graden. Naarmate ze opwarmen, wordt die verlaagd tot 25 graden. Bij de allerkleinsten heeft Van Eck een kruik gelegd, gewikkeld in een witte handdoek. Als ze de baby-egels met een voorzichtig tikje op de krant wakker maakt, komen ze schichtig tevoorschijn.

Als de dieren het nodig hebben, krijgen ze de fles Beeld Renate Beense
Als de dieren het nodig hebben, krijgen ze de flesBeeld Renate Beense

En happen meteen fanatiek naar haar vingers. "Au! Nee, dat is geen fles," zegt Van Eck lachend. "Ze lijken nu vrij tam, maar dat komt doordat ze mijn geur goed kennen." Met een zuigfles, gevuld met speciale, lactosevrije melk, voedt ze een egel van amper vier weken oud. Die drinkt met razendsnelle, gulzige slokjes.

"Als ze op gewicht zijn, stoppen we met flesvoeding en krijgen ze water, kattenbrokjes, blikvoer en insecten. Op den duur moeten ze natuurlijk weer leren zelf naar eten te zoeken. Sommige blijven hier vier tot zes maanden, andere kunnen al veel eerder naar buiten."

Likje nagellak
De Toevlucht beschikt over drie quarantaineruimtes. "Op elke plek verzorgt één medewerker de egels en als het nodig is helpen we elkaar. Ik houd me vooral met de jonkies bezig," aldus Van Eck. Elke egel heeft een eigen dossier, dat wordt bijgehouden op een klembord dat aan hun hok hangt. Namen hebben de egels niet. De verzorgers gebruiken nummers en houden ze uit elkaar met een likje nagellak op hun rug.

Met toewijding doen de verzorgers nauwkeurig verslag van de vorderingen en aandachtspunten: 'Alles opgegeten'; 'onrustig'; 'sleept met achterpoten'; 'let op: bijt'; 'verlamd aan achterzijde'; 'slecht gegeten'; 'oog blijft erg vochtig'.

Van Eck kent ze allemaal door en door. In het voorbijgaan maakt ze afwisselend opbeurende en meelevende opmerkingen over haar patiënten: "Die komt er wel weer bovenop." En: "Die zit bijna op zijn streefgewicht van 600 gram." Of: "Die heeft een slepend achterlijf. Ik hoop maar dat het goed komt."

Chagrijnig
Van Eck werkt tien jaar bij De Toevlucht, eerst als stagiaire voor haar opleiding dierverzorging, later als vaste kracht. Ze was aanvankelijk helemaal niet zo met egels bezig, maar ze wisten haar hart te winnen.

"Ik vind het een apart dier met een lief snoetje. Egels kunnen heel goed ruiken en horen en hebben een zesde zintuig, het zogenoemde orgaan van Jacobson, dat tussen hun neus- en keelholte ligt. Daarmee kunnen egels nieuwe geuren onderzoeken. Eerst ruiken ze eraan, daarna komt veel speeksel vrij. Als ze de nieuwe ervaring hebben verwerkt, smeren ze het speeksel op hun rug. Zo maken ze hun orgaan van Jacobson weer schoon."

Roxina van Eck merkt dat de egels heel verschillende karakters hebben. 'De een is chagrijnig en snel boos, de ander juist lief en rustig' Beeld Renate Beense
Roxina van Eck merkt dat de egels heel verschillende karakters hebben. 'De een is chagrijnig en snel boos, de ander juist lief en rustig'Beeld Renate Beense
De overkapte buitenplaats, waar ze weer kunnen wennen aan de natuur Beeld Renate Beense
De overkapte buitenplaats, waar ze weer kunnen wennen aan de natuurBeeld Renate Beense

Van Eck kwam erachter dat ook egels heel verschillende karakters kunnen hebben: "De een is chagrijnig en snel boos, de ander juist heel lief en rustig."

Doordat ze zich er zo flink in heeft verdiept, herkent ze de symptomen van bepaalde ziektes. "En weet ik hoe ik wonden moet behandelen en hoe ik een egel grootbreng. Maar ik leer elke dag nog bij."

Dat vraagt wel om engelengeduld en een goed hart. Soms brengt de Dieren­ambulance egels binnen, bezaaid met teken, vlooien, vliegen of maden. Dan weet Roxina van Eck dat haar een lastig karwei wacht.

"De vlooien kun je nog met vlooienspray bestrijden, maar maden en teken haal ik er een voor een met een pincet uit. Een smerig werkje, waar ik vaak ruim anderhalf uur mee bezig ben. Maar als de egel het redt, is het de moeite meer dan waard. Al is het ook weleens gebeurd dat ik twee uur in de weer was geweest met een pincet en de egel de volgende dag toch bezweek. Daar voelde ik me echt rot over."

Opgezette stekels
Hartverscheurend vindt Van Eck de egels die zijn aangereden door een auto of onder een grasmaaier zijn gekomen.

"Ze zijn soms zo ernstig gewond dat zelfs hun ruggengraat zichtbaar is. Egels gaan sterk af op geur en geluid, en horen een auto of grasmaaier wel naderen, maar lopen niet weg. Ze blijven juist stil liggen, met opgezette stekels om zich te beschermen. Helaas is het dan al te laat."

In veel gevallen lukt het haar om de egels weer op te lappen. Soms neemt ze de jonkies zelfs 's nachts mee naar huis om ze extra te kunnen bijvoeden. "Een paar weken geleden vingen we een nestje met vijf zeer jonge egeltjes op. Hun oogjes zaten nog dicht. Nu eten ze zelfstandig en groeien ze hard."

Egels die voldoende zijn aangesterkt, mogen naar de buitenplaats. Die is overkapt met gaas, en voorzien van dakpannen, boomstammen, takken en bladeren. "Zo kunnen ze wennen aan de natuur en leren hun eigen eten te zoeken. Met bladeren bouwen ze hier hun huisjes."

'Nu veel tuinen bestraat zijn, kunnen egels moeilijker voedsel vinden' Beeld Renate Beense
'Nu veel tuinen bestraat zijn, kunnen egels moeilijker voedsel vinden'Beeld Renate Beense
Egelspecialist Roxina van Eck van dierenopvang De Toevlucht: 'Egels wisten mijn hart te winnen' Beeld Renate Beense
Egelspecialist Roxina van Eck van dierenopvang De Toevlucht: 'Egels wisten mijn hart te winnen'Beeld Renate Beense

Op het erf van De Toevlucht wachten twee egels in een krat met stro. Behoedzaam tilt Van Eck er eentje uit: "Deze is er helemaal klaar voor. Hij was 75 gram toen hij binnenkwam en is nu over de 700 gram." Vanavond, als de schemering invalt, zal ze hen loslaten in de natuur.

"Vaak doe ik dat op de plek waar ze gevonden zijn. Als dat niet kan, omdat dat bijvoorbeeld op straat of in een achtertuin was, doe ik het op een andere bosrijke plek." Altijd wacht Van Eck totdat de egels veilig in het groen zijn verdwenen.

"Meestal blijven ze eerst een tijdje stil liggen, zetten ze hun stekels uit. Dat kan soms wel twintig minuten duren, omdat ze nog gehecht zijn aan mijn geur. Dan durven ze het aan en lopen weg."

"Dat weglopen vind ik altijd weer een mooi moment. Als ik ze zie gaan, ben ik blij en trots dat ik het voor elkaar heb gekregen!"

www.toevlucht.nl
www.egelbescherming.nl

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden