Plus Column

Bij Ajax is een blessure geen sinecure

Cabaretière Ellen Dikker had heel lang niets met voetbal, totdat haar zoon werd gescout door Ajax. Iedere zaterdag schrijft zij in Het Parool een column over haar 'Kleine Messi'.

Ellen Dikker Beeld Wolff

"Mam, ik voel helemaal niks meer!" Mijn zoontje sprint door de kamer tijdens het ontbijt. "Nee hoor, niks," en hij springt een gat in de lucht.

Vandaag wil hij fit zijn. Want vandaag komt de top van het Nederlands voetbal samen. Althans, van de elfjarigen. De jeugd van Ajax, PSV en Feyenoord neemt het in een drieluik tegen elkaar op. Een krachtmeting op het hoogste niveau, waarbij de eer van de club wordt verdedigd. Dit zijn de wedstrijden waar de jongens het voor doen.

Maar tot zijn grote schrik kreeg mijn zoontje gisteren last van zijn knie tijdens de training. In de zomer had diezelfde knie ook een tijdje opgespeeld.

Hij was als de dood dat hij nu het Drieluik van het Jaar zou missen. Dus wat moest hij doen? Even doorbijten, in de hoop dat het zo zou overgaan, of zijn knie rust gunnen, zodat hij vandaag zeker hersteld zou zijn? Hij koos het laatste. En zijn aanpak lijkt geslaagd, want zijn knie voelt als herboren.

Maar helaas, zo simpel werkt dat niet. Want bij Ajax worden blessures heel serieus genomen. Die voeten, die enkels, die knieën, dat hele lichaam: het moet een voetballeven mee, dus daar wordt zeer behoedzaam mee omgesprongen. Wie ergens iets voelt, gaat naar de fysio en mag daar pas weg als de ­hele machine weer geruisloos draait. Voor elke blessure is een herstelprogramma en dat duurt altijd langer dan de kinderen willen.

Een beetje groeipijn en je ligt er weken uit. Eerst fietsen op de hometrainer en zwemmen in het zwembad, dan heel langzaam terug aan de bal, misschien een klein uurtje meetrainen en wie weet, als dat allemaal goed gaat, een kwart wedstrijdje spelen.

Er zijn ouders die hun kind aanvuren met een lichte blessure door te spelen. Er zijn zelfs ouders die hun kind een paracetamol geven om de pijn weg te slikken. Alles om die belangrijke wedstrijd of dat mooie toernooi niet te missen.

Mijn zoontje speelt dit drieluik toch twee keer tien minuutjes, al heeft hij tegen beter weten in op meer gehoopt. Als ik hem die avond ophaal, druipt de teleurstelling van hem af. Pijn heeft meerdere gezichten.

"Ik had makkelijk meer kunnen spelen. Maar de trainer wilde het rustig aan doen." Dan een waterige lach: "Maar we zijn wel de beste van Nederland!"
Zijn bijdrage aan de dubbele winst is niet groot, maar de eer van de club is behouden. En dat stemt hem toch een beetje vrolijk.

Reageren? e.dikker@parool.nl

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden