Plus

Beurspassage wordt publiekstrekker: een hommage aan de grachten

De Beurspassage wordt een hommage aan de grachten, dankzij de kunstenaars die eerder tekenden voor de Sixtijnse kapel van Rotterdam.

'De passage wordt in zijn geheel één kunstwerk,' zegt Collin Boelhouwer van eigenaar Bouwinvest.Beeld Eva Plevier

Direct na binnenkomst via het Damrak zwemt het winkelend publiek straks een joekel van een vis tegemoet. Op het gewelfde bogenplafond van de nieuwe Beurspassage komt de hele gracht voorbij met alles wat in de loop der eeuwen door het water is meegevoerd: een anker, de kwast van een Hollandse meester, een complete fiets. En dat allemaal uitgevoerd in algengroen en als parelmoer oplichtend glasmozaïek.

Vrijdag wordt het eerste mozaïeksteentje gelegd, het eerste van duizenden. De steentjes zijn als pixels, vertelt Jeroen Everaert, oprichter en artdirector van kunstproducent Mothership. De kunstenaars Arno Coenen en Iris Roskam hebben ze stuk voor stuk genummerd, met tot op de vierkante centimeter de plek die ze in het computerontwerp hebben gekregen. In totaal wordt meer dan 450 vierkante meter met glasmozaïek bekleed.

Oersoep
Alleen de etalages blijven buiten schot. Verder is de circa vijftig meter lange doorgang naar de Nieuwendijk van onder tot boven opgenomen in het ontwerp, wijst Everaert. De Beurspassage krijgt een terrazzovloer en met bladgoud gedecoreerde spiegels aan de wanden. Voor de verlichting zorgen kroonluchters van Hans van Bentem, zoals hij die eerder maakte voor campagnes van modeontwerpers Viktor & Rolf. Alleen zijn ze nu gemaakt van tandwielen, koplampen en andere fietsonderdelen.

"De passage wordt in zijn geheel één kunstwerk," zegt Collin Boelhouwer van eigenaar Bouwinvest. "Dat vraagt deze plek ook. Je kunt dit niet overal zo doen." Het moet een hommage worden aan de grachten die Amsterdam bekend hebben gemaakt. Vandaar ook de naam: Amsterdam Oersoep. In het najaar denken de kunstenaars klaar te zijn.

Jeroen Everaert (r) en Collin Boelhouwer bij het Mothershipproject in de Beurspassage.Beeld Eva Plevier

En dan te bedenken dat Bouwinvest aanvankelijk op zoek was naar een kunstenaar voor een tegeltableau. In de passage was nog een stuk blinde muur te vullen. Mothership had echter een beter idee: een groot gebaar. "Je wilt toch elke toerist die over het Damrak loopt de passage binnenhalen," zegt Everaert. "Iedereen die iets moois ziet, maakt tegenwoordig meteen een foto. En die worden niet meer in een album gestopt, maar online gedeeld. Zo maakt iedere voorbijganger in potentie reclame. Dat lukt je niet met een tegeltableau."

Bij Mothership noemen ze dat de pr-waarde van kunst. En met enig recht van spreken. In Rotterdam maakten Coenen en Roskam in opdracht van Mothership het plafond van de Markthal. Door het overweldigende stilleven aan de binnengevel, het elfduizend vierkante meter grote Hoorn des overvloeds, kwam de Markthal tot ver over de grens bekend te staan als de Sixtijnse kapel van Rotterdam. "Die is de hele wereld overgegaan. Rotterdam stond overal in de bladen," zegt Everaerts compagnon Vincent van Zon.

"Dat is onze manier van kijken en denken. Je kunt het spraakmakend noemen, of aandacht trekken," zegt Van Zon. "Bij de Sixtijnse kapel denk je ook nooit aan een gebouw, maar aan de schilderingen van Michelangelo," zegt Everaert. "Dat is de rol die kunst kan spelen voor een gebied in ontwikkeling. Of voor een gebouw. Als je mensen naar binnen wilt trekken, moet je iets unieks creëren. Iets waar iedereen wel even rond wil kijken."

Sinister doorsteekje
En dat was precies wat de Beurspassage kon gebruiken. De oude passage zal bij weinig Amsterdammers warme herinneringen oproepen. De uit 1968 stammende winkelgalerij onder het hoofdkantoor van C&A was toch een wat sinister doorsteekje naar de Nieuwendijk. Nu is het C&A-pand geheel gestript en weer van de grond af opgebouwd, zoals Bouwinvest ook haar winkelpanden op de Nieuwendijk volledig in het nieuw heeft gestoken en heeft verhuurd aan Zara en JD Sports. Het ziet er netjes uit, maar een publiekstrekker is het niet.

Intussen waren omwonenden bezorgd over de leefbaarheid. De Beurspassage is er weliswaar hoger en lichter op geworden, maar ook een stuk smaller. Behalve de zij-ingang van Primark zijn er geen winkeltjes meer die voor leven in de brouwerij zorgen. Dat is ondervangen door de hele noordzijde te verhuren aan De Koffiesalon. "Dat wordt de langste koffiebar van Nederland," zegt Boelhouwer. Met halverwege een openbaar watertappunt in de vorm van een vis. "Dit moet niet een passage zijn waar je alleen maar doorheen loopt."

Bouwinvest rekent daarbij uitdrukkelijk ook op buurtbewoners. Zoals toeristen zich van noord naar zuid door de binnenstad bewegen, zo hebben de locals vaak looproutes van oost naar west, en terug. De passage blijft ook 's avonds en 's nachts open, dus zo gek zijn de zorgen over de leefbaarheid niet. Mothership verwacht ook op dat vlak een gunstige uitwerking van het Oersoepontwerp. "Iedere dronken gek heeft altijd nog genoeg respect in zijn lijf om niet tegen een kunstwerk te pissen," zegt Van Zon. "Of te graffitiën."

Rotterdam - Amsterdam

Sinds het succes van de Markthal is Mothership een gevierde kunstproducent, maar toch vooral in thuisbasis Rotterdam. Wat doet het met directeur en oprichter Jeroen Everaert dat hij nu ook in Amsterdam van zich doet spreken? Hij lacht: “Ha! 1-0! Nee, hoor! We zijn hartstikke trots dat we nu ook in de hoofdstad iets moois mogen maken.” Een verschil is er wel: “Rotterdam is heel erg van de vooruitgang, van alsmaar de stad een stukje verbeteren. Daar zie je in terug dat we een inhaalslag moesten maken door het bombardement. Hier in hartje Amsterdam ligt de focus meer op het behouden. Maar dat maakt de kans ook groter dat we iets nalaten dat ons gaat overleven.” Door de keuze voor materialen als brons en terrazzovloeren suggereert het ontwerp heel bewust dat de Beurspassage al lang meegaat. “Het is net alsof het honderd jaar geleden is gemaakt. Maar wel met een heel nieuwe twist.”

Sokkel
Dat er ook regelmatig een duif binnenvliegt, moet Bouw­invest voor lief nemen. Niks aan te doen, zegt Boelhouwer. "Kwestie van onderhoud."

Dat hoort erbij als je iets bijzonders wilt neerzetten. Daar krijg je dan ook wat voor terug. "Daag ons uit, al vroeg in het bouwproces. Dat beeld op een sokkel kennen de mensen nu wel," zegt Van Zon, met een verwijzing naar de verplichting die projectontwikkelaars lang hebben gehad om ten minste één procent van de bouwsom aan kunst te besteden. Dus voor Bouwinvest was het een grote investering? Boelhouwer: "Zeker meer dan één procent."

"Maar als we investeren in een locatie is dat uiteindelijk goed voor onze huurders, voor de omgeving en dus ook voor onszelf. En als je investeert, zie je vaak anderen volgen. Aan de Nieuwendijk en het Damrak merken we nu al het effect van onze herontwikkeling van de panden Damrak 70 en 80 door de komst van andere huurders en hogere winkelhuren."

Artist's impression van Amsterdam Oersoep.Beeld Arno Coenen, Iris Roskam en Hans van Bentem
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden