Plus

Baas Dopingautoriteit: 'Bij WK keurt slager zijn eigen vlees'

Bij het WK voetbal voert organisator Fifa zelf de dopingcontroles uit. Een weeffout in het systeem, zegt Herman Ram van de Dopingautoriteit, met als gevolg een principieel belangenconflict.

Paolo Guerrero (Peru) was geschorst, maar mocht toch mee naar dit WK. Beeld AFP

Het kantoor van de Nederlandse Doping­auto­riteit huisvest een klein museum. In vitrines prijken verboden middelen en staan foto's van enkele uitwassen: de dode wielrenner ­Tommy Simpson en de blinkende spieren van bodybuilders. Nergens is iets te vinden wat ­direct verwijst naar voetbal.

Vreemd is dat niet, zegt Ram. Voetbal is geen dopingsport. Het heeft geen doping­cultuur. In tegenstelling tot wielrennen of ­gewichtheffen is de winst van stimulerende middelen bij het voetbal gering. Tactiek, techniek en natuurlijke aanleg spelen een grote rol, waardoor voetballers relatief weinig dopingvoordeel hebben, aldus Ram.

Maar toch, in een sport waarbij de financiële belangen groot zijn, wordt het verleidelijk om elk voordeel aan te grijpen. Bovendien kan de top van de voetbalwereld het zich veroorloven om professionele dopingbegeleiders in te ­huren; er is geld genoeg.

Anabole steroïden maken voetballers sterker en kunnen helpen bij een sneller herstel. Dat is handig als je drie wedstrijden per week speelt.

Groeihormonen versnellen de terugkeer na een zware blessure. Epo vergroot het duurvermogen, handig voor de verlenging van een wedstrijd. Ook stimulantia bestrijden vermoeidheid.

Systematisch dopinggebruik
Toch worden in Nederland alleen voetballers gepakt die relatief domme dingen doen. In de voorbije jaren werden Purrel Fränkel van De Graafschap (marihuana), Maikel Aerts van FC Den Bosch (cocaïne), Sven Verdonck van Fortuna Sittard (stanozolol, een anabole steroïde) en Telstarmiddenvelder Kevin van Essen (furosemide, maskeringsmiddel) positief bevonden. Voor georganiseerd dopinggebruik is in Nederland geen aanwijzing, zegt Ram.

Ook in internationaal opzicht is de vangst ­mager. De Peruaan Paolo Guerrero testte vorig jaar positief op een afbraakproduct van cocaïne en dreigde het WK te missen, maar een Zwitserse rechtbank heeft zijn schorsing tijdelijk opgeheven.

Verder zijn er geen omvangrijke zaken. Bij Juventus zijn in de jaren negentig aanwijzingen gevonden voor systematisch dopinggebruik, maar er is niemand veroordeeld. Of dat iets zegt over de onschuld van de spelers of over een falend rechtssysteem, is niet duidelijk.

In Operación Puerta (2004-2016) is vastgesteld dat behalve wielrenners ook Spaanse voetballers de dopingregels overtraden. Hun namen zijn nooit vrijgegeven. "Een gemiste kans," zegt Ram.

Dopingarts Eufemiano Fuentes was bereid namen en rugnummers te noemen van alle atleten die hij had behandeld, maar dat hoefde niet van het Spaanse Openbaar Ministerie.

De mondiale antidopingorganisatie Wada kreeg van de Spaanse aanklager geen rol in het proces. "Doodzonde," vindt Ram. Het had waardevolle informatie kunnen opleveren over de ­dopingsystematiek. En veroordelingen met een sterk waarschuwend karakter. Inmiddels zijn de zaken verjaard.

De positieve tests van onder anderen Jaap Stam, Frank de Boer, Edgar Davids en Pep Guardiola uit 2001 (allen nandrolon, een spierversterkend middel) beschouwt Ram als 'klein bier'.

De aandacht was groot, omdat het om bekende voetballers ging, maar de overtreding was klein. Het betrof vrijwel zeker vervuilde voedingssupplementen. Oftewel: geen bewuste doping, maar een ongelukje.

Dopingvangst
Van alle Nederlandse topsporters gebruikt ­ongeveer 4 procent doping, wijst onderzoek van de Dopingautoriteit uit. Slechts 1 procent van alle tests die jaarlijks worden uitgevoerd levert een positieve uitslag op. Sommige dopingzondaars ontspringen de dans.

Hoe groot dat deel is, weet Ram niet exact. "Een topsportloopbaan duurt gemiddeld meer dan tien jaar, dus als hij of zij het ene jaar niet positief wordt bevonden, kan dat een jaar later wel gebeuren. Je kunt in elk geval niet stellen dat driekwart ongestraft doping gebruikt."

Herman Ram is sinds 2006 directeur van de Dopingautoriteit. Ram studeerde rechten en sportmanagement. Eerder werkte hij bij de ­Nederlandse Ski Vereniging. Beeld anp

In het Nederlandse voetbal ligt het percentage positieve dopingtests op 0,4 procent: als er 1000 controles worden uitgevoerd, hebben ­gemiddeld vier spelers de dopingregels over­treden. Daarmee ligt de dopingvangst van de Nederlandse Dopingautoriteit hoger dan die van de Fifa: 0,29 procent.

Dat de Fifa niet fanatiek genoeg achter dopingzondaars aangaat, kan Ram niet stellen. Daarvoor ontbreekt bewijs. Wel heeft hij fundamentele kritiek op de systematiek van Fifa's antidopingbeleid.

De Fifa is niet alleen de organisator van het WK, maar ziet ook toe op de ­dopingcontroles. "Een weeffout in het systeem," aldus Ram. "Want er is een principieel belangenconflict als dezelfde organisatie de sport promoot én controleert."

In de praktijk van dit WK ziet het antidopingbeleid er zo uit: alle bloed- en urinemonsters worden door Fifawerknemers afgenomen. Vervolgens laat de Fifa de monsters vanuit Rusland overvliegen naar een onafhankelijk laboratorium in Fifa's thuisland Zwitserland.

De Nederlandse Dopingautoriteit functioneert anders. Rams medewerkers, gefinancierd vanuit de Nederlandse overheid en de sportkoepel NOC*NSF, nemen de dopingtests af en leveren ze in bij een onafhankelijk laboratorium. Zodoende hebben de controleurs van de Dopingautoriteit in tegenstelling tot de controleurs van de Fifa geen direct belang in de sport.

Hoe is die weeffout bij de Fifa op te lossen?
"Door oprichting van een internationale test­autoriteit, die geen directe link heeft met de sport. Zo'n autoriteit is in oprichting, maar functioneert nog niet. Dat orgaan zou niet ­alleen de dopingtest moeten uitvoeren tijdens het WK, maar moet ook het antidopingbeleid van internationale sportbonden."

4%

Van alle Nederlandse topsporters gebruikt ongeveer 4 procent doping, blijkt uit onderzoek van de Dopingautoriteit.

"Dat biedt geen oplossing voor de grote verschillen tussen nationale antidopingprogramma's. In Zuid-Amerikaanse, Afrikaanse en Oost-Europese landen ligt het antidopingbeleid ver onder het niveau van West-Europa, ook omdat de kans op corruptie daar groter is."

"Denk aan het Russische dopingprogramma tijdens de winterspelen van Sotsji in 2014. Met medewerking van sportbonden en politiek werden sporters toen optimaal geprepareerd met verboden middelen. Zo'n ­gestructureerd dopingsysteem kennen we ­alleen uit de tijd van het IJzeren Gordijn."

De Fifa heeft een verleden van corruptie bij de toekenning van WK's. Wordt er ook gefraudeerd op dopinggebied?
"Daar zijn geen aanwijzingen voor. Op grond van wat wij weten, maken we ons weinig zorgen om dopinggebruik in het voetbal, maar het valt evenmin uit te sluiten."

Verwacht u een positieve test dit WK?
"Nee, maar ik zal niet van m'n stoel vallen als ­iemand positief wordt bevonden. Doorgaans worden elke wedstrijd twee spelers per team ­getest. Dat betekent in totaal minimaal 256 tests. Daar kan best iets uitkomen."

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden