Aziatische Cup a soup met inktvispoeder

Noedelsoep met een 'vissmaakje'. Foto GPD Beeld
Noedelsoep met een 'vissmaakje'. Foto GPD

Het tart de verbeelding. Je kunt er niet bij met je Hollandse hoofd. Elk jaar worden in de wereld meer dan 90.000.000.000.000 kommetjes of plastic bekers noedelsoep leeg gelepeld, gestokt (eetstokjes) of geslurpt. Meer dan negentig miljard instant soepen met deegslierten en namaaksmaak. Bijna allemaal in Aziatische landen. De droge soepen, waar alleen heet water aan moet worden toegevoegd, zijn ook in Europa te koop maar nemen weinig plek in op het pakjessoepschap in de supermarkt.

Het is moeilijk te begrijpen voor mensen zoals ik die voorheen niet beter wisten dan dat je soep uit een zakje van Royco at, of als je arm was genoegen nam met poedersoep van California. Aziaten willen van California niets weten, maar lijken verslingerd aan hun noedelsoepen in veel varianten.

Op handelsbeurzen in Europa, waar ze hun koopwaar proberen te slijten, zie je Aziaten nooit broodjes kaas kopen voor de schaft, of in Duitsland een broodje zuurkool met worst. Ze koken wat Europees water, om er in een hoekje achterin hun beursstandje een meegebrachte beker noedelsoep mee te bereiden.

Singapore Airlines neemt de instant soepen standaard mee de lucht in. De KLM ook, op internationale vluchten, maar deelt ze niet uit. Alleen als iemand er om vraagt komt zo'n beker tevoorschijn, en Aziaten vragen er om. Het is helemaal bizar, het enorme marktsucces van de Aziatische soepen, als je er bij bedenkt dat ze 40 jaar geleden nog helemaal niet bestonden. Ze zijn ontwikkeld in Japan en worden daar beschouwd - lach niet, Roycogeneratie - als een van de belangrijkste uitvindingen van de vorige eeuw.

Een paar jaar geleden deed ik voor de Consumentengids verslag van een blindproeverij van noedelsoepen. De proevers waren van Aziatische afkomst, de soepen kwamen uit Nederlandse supermarkten. Ze werden allemaal gekraakt. Misschien, omdat fabrikanten de samenstelling hadden aangepast aan Europese smaak, wat die ook moge zijn. Ook onder Aziatische consumenten is er verschil in smaakvoorkeur. Wat Thailand lekker vindt, krijgt een Javaan moeilijk weg. Maar wat is het, dat Aziaten dol zijn op de soepen? Zuid Koreanen zijn er bijna verslaafd aan.

In Chinese supermarkten in Nederlandse grote steden zijn ze in veel varianten te koop. Ik kocht ze in pakjes en bekers voor 20 tot 85 eurocent. Kipsmaak, de smaak rundvlees, paddestoelen, maar vooral viel me het grote aanbod op van 'seafood', soms nader benoemd, zoals een beker soep met de smaak van Sint Jakobsschelpen.

Heb je een lekke band en moest je met de fiets aan de hand in de stromende regen drie uur lopen naar huis waar je eerst je haar droogt en droge kleren aantrekt, maar kreeg je dan zo'n bakje soep voorgezet, ja dan is het geweldig lekker. Maar om nou te zeggen dat je proeft dat er vis in zit, of kip of koe? Nee, ze ruiken lekker, smaken sterk, maar niet naar iets dat je kunt benoemen. En er zit werkelijk bijna niks in. Geen spoor van Sint Jakobsschelp in de Jakobsschelpennoedelsoep. Hij bestaat uit tarwebloem, eipoeder, tapiocameel, zout en kaliumcarbonaat, geen zuchtje schelpdier.

Toch zijn er soepen bij met iets uit de zee. Ik vond in de ingrediëntenlijstjes poeder van ansjovisextract, oesterextract en inktvis. Niet veel, maar ooit beest geweest. Was ik van de snelle soep van Unilever, dan zou ik van die vispoeders een paar balen bestellen, om er nieuwe Cup a Soupen van te maken. Want vissoep gaat het maken in de wereld en koken kan straks niemand meer. (WOUTER KLOOTWIJK)

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden