Liveblog

Astrid Holleeder verhoord over de moord op Van Hout

Ruim drie jaar na zijn aanhouding en na veertien inleidende zittingen is de rechtbank in Amsterdam gestart met de inhoudelijke behandeling van het megaproces tegen Willem Holleeder. Misdaadverslaggever Paul Vugts houdt je in dit blog op de hoogte.

Beeld Sjoukje Bierma

Het Holleeder-liveblog op deze plek gaat sluiten. Vanaf vrijdag (1 juni) kunt u Paul Vugts op deze plek weer live volgen over de zaak-Holleeder.

Dat Holleeder dreigend lijkt te hebben afgesloten met de goede raad dat De Vries zich beter niet kon bemoeien met de liquidatie van Cor van Hout en de vermoede rol van Stanley Hillis daarbij, is anders op papier gekomen dan bedoeld.

Holleeder: "Het zijn Peters interpretaties van een vriendschappelijk gesprek. Hij gaf mij goede raad, toen ik naar College Tour ging bijvoorbeeld, en ik geef hem goede raad. Dat ik hem altijd goede raad heb gegeven, klopt. Als je eerlijk bent, is er niks aan de hand, dat is mijn goede raad."

Rechtbankvoorzitter Frank Wieland sluit de zittingsdag af. Vrijdag om 10.00 uur begint de rechtbank met de behandeling van de liquidatie van Cor van Hout en botenhandelaar Robert ter Haak, op 24 januari 2003 in Amstelveen.

'Oudste rechter' Benedicte Mildner heeft nog wat vragen aan Willem Holleeder over een gesprek dat Holleeder in restaurant De Kersentuin voerde met misdaadjournalist Peter R. de Vries – waarvan die laatste een gespreksverslag heeft gemaakt en ingebracht in het dossier.

In grote lijnen bevestigt Willem Holleeder dat de eerste delen van het gesprek kunnen zijn verlopen zoals Peter R. de Vries het heeft vastgelegd.

Holleeder bevestigt ook dat hij tegen De Vries zou hebben verteld dat Cor van Hout, anders dan De Vries dacht, moorden had laten plegen.

Holleeder: "Cor is betrokken geweest bij de liquidatie van (de zware crimineel) Sam Klepper, samen met Joegoslaven uit de groep van Jotsa Jocic. Dat heeft Cor me ook zelf verteld."

'Joegoleider' Sreten 'Jotsa' Jocic is de baas van de joegoslavische maffia die heel machtig was in de jaren negentig en rond de millenniumwisseling in Amsterdam. Hij zit inmiddels vast in Serviê.

Holleeder: "Mensen hebben me heel veel verteld, ook in 2012 toen ik vrij was gekomen (na zijn straf voor de afpersingszaak). De reden dát ze me veel vertellen, is omdat ik nooit namen zal noemen tegen derden. Dat doe ik nu dus ook niet, hoewel ik daar nu veel problemen door krijg."

Soms heeft Holleeder 'een kanttekening', waar De Vries details verkeerd heeft begrepen of te kort door de bocht heeft samengevat.

Sam Klepper en John Mieremet hebben volgens Holleeder 'een bus vol' mensen geliquideerd, zo noteerde De Vries.

Holleeder: "Klepper en Mieremet hebben heel veel mensen vermoord en dat ze machtswellustelingen waren was bekend."

Dat hij Klepper en Mieremet er zo 'in had kunnen hangen' (had kunnen aangeven bij de politie), ook doordat hij gesprekken met ze had opgenomen, klopt niet, zegt Holleeder nu. "Als ze me één keer zagen met een opname-apparaat, kwam ik die avond niet meer thuis."

De Vries noteerde dat Holleeder 'opmerkelijk fel' reageerde toen De Vries had gezegd dat Stanley Hillis (onderwereldkopstuk die begin 2011 is geliquideerd in Watergraafsmeer) betrokken zou zijn geweest bij de liquidatie van Cor van Hout. Holleeder kan zich dat 'niet voor de geest halen', zegt hij nu.

Dat Stanley Hillis betrokken zou zijn geweest bij de moorden op Jan Femer en Sam Klepper, zegt Holleeder niet te weten. "Dat zal ik hem dan wel hebben gezegd, ja."

Dat Holleeder tegen De Vries gezegd heeft dat hij goed had geboerd, klopt. Dat het om 'tientallen miljoenen' ging, 'zou overdreven zijn'. "Ik had veel geld, miljoenen, bij (de malafide vastgoedmagnaat Willem) Endstra. Dat zal ik best gezegd hebben."

Dat Holleeder tegen De Vries had gezegd dat hij álles wist over de onderwereld, dat hij iedereen kende en alles hoorde, 'zal kloppen'.

Dat De Vries noteerde dat Holleeder aan het eind van het gesprek uit zichzelf nogmaals uitdrukkelijk zei dat Stanley Hillis 'een goede vriend' van hem was die niks met de moord op Cor van Hout te maken had, is volgens Holleeder overdreven. "Ik kende Hillis goed, maar het was geen goede vriend van me."

De rechtbank trekt zich zo even terug om te bespreken hoe het verder moet met het verhoor van Astrid Holleeder, die voor vandaag wil stoppen omdat het 'al een behoorlijk inspannende dag' is.

Advocaat Robert Malewicz wil (buiten de aanwezigheid van de getuige) zijn visie geven op de door Astrid Holleeder heimelijk opgenomen gesprekken die nu zijn besproken.

De rechtbank is terug. De rechters vinden het 'prematuur' om de advocaten nu hun visie te laten geven op de gesprekken, ook omdat Willem Holleeder vandaag heeft gevraagd hem zelf uitvoerig te verhoren.

Getuige Astrid Holleeder mag gaan en hoeft pas op 28 juni terug te komen.

In een volgende gesprek lijken Willem en Astrid ogenschijnlijk te dollen. Het gaat erover dat hij geen plek heeft om heen te gaan terwijl Astrid weg moet; Astrid vraagt of hij morgen mee gaat eten.

Malewicz: "Wat we wat mij betreft horen, is dat Astrid Willem een sleutel aanbiedt van haar huis omdat hij grieperig is en dat zij aan het einde van het gesprek uit zichzelf vraagt of Willem de volgende avond mee gaat eten."

Astrid: "Zoals u heeft gehoord op andere gesprekken, was het punt dat hij niet op de scooter durfde bij slecht weer omdat hij bang was te vallen en dat hij daarom het autootje moest hebben van Sonja's zoon. Als het maar zou stoppen met het gezeik over dat autootje."

Malewicz: "Dat kan ik me voorstellen, maar als u hem aan het eind dan uit uzelf aanbiedt de volgende dag te gaan eten."

Astrid: "Dat is in het kader van de boel goed houden. Meneer, ik zít met hem in een relatie. Daar ontkom ik niet aan. Ik zit te laveren om ervoor te zorgen dat hij zich tegenover anderen en mij normaal zou blijven gedragen. Ik moest zorgen dat ik bij hem aan de goede kant zat. Ondertussen heb ik het opgenomen, omdat ik toch met hem zat."

Malewicz is klaar met het voorhouden van geluidsfragmenten aan de getuige, omdat zij toch steeds zegt dat ze toneel speelde in ogenschijnlijk vrolijke gesprekken.

In een derde fragment bespreken Astrid en Willem het boek dat misdaadjournalist Hendrik Jan Korterink over Cor van Hout had geschreven en dat Willem Holleeder tevoren via Astrid kreeg voorgelegd. Astrid noemt de nabestaanden van Cor van Hout, die aan het boek hebben meegewerkt, 'achterlijk'.

Malewicz: "Ook hier hoor ik weer een harde lach. Het werkt ook aanstekelijk. Uw commentaar daarop zou zijn dat het weer allemaal gespeeld is, ook dat lachen?"

Astrid: "Ja."

In weer een ander fragment lopen Astrid en Willem over straat. Ze bespreken de Hamburger-top-10 uit Het Parool en lopen ergens heen om de krant te kopen om te kijken wie er allemaal in die top 10 staan.

Astrid: "Wim en ik zijn toen Het Parool gaan halen en weer teruggelopen naar Sandra (ex-vriendin Willem). Zo zijn we later weer bij een hamburgertent gekomen."

In weer een ander gesprek is ook sprake van het eten van een broodje. Net zoals het gesprek over de hamburger-top-10 stopt de opname abrupt. Hoe dat komt, vraagt advocaat Malewicz? Astrid: "Het is voice-gecontroleert, dus soms stopt-ie, maar ik weet het niet. Andere opnames zijn helemáál mislukt."

Malewicz wijst erop dat hij van één gesprek eerst drie delen had, waarna er ineens een vierde deel bij is gekomen dat is ingevoegd.

Malewicz: "Heeft u met verschillende apparaten opgenomen tegelijkertijd?"

Astrid: "Ja. Omdat heel vaak een apparaat het niet deed of de batterijen op waren of zo. Het kan daardoor heel goed zo zijn dat van één gesprek verschillende opnames zijn. Ik ben voor verschillende ankers gaan liggen. Soms had ik vier apparaatjes bij me. Dat is niet zo makkelijk, hè?"

Malewicz: "Maar van een en hetzelfde gesprek zou je dan toch vier dezelfde opnames moeten hebben?"

Astrid: "Dat hangt er maar helemaal van af welk apparaat het heeft gedaan en of ik een apparaat bijvoorbeeld in de auto even heb afgezet."

Malewicz: "Heeft u zelf opnames bewerkt?"

Astrid: "Nee. Daarom zou ik graag de opgewaardeerde versie van justitie willen horen."

Malewicz: "Heeft u in opnamen geknipt en geplakt?"

Astrid: "Nee."

Malewicz: "Zijn er nog meer opnames die u nog gaat inbrengen?"

Astrid: "Wat ik nu heb gevonden, heeft u."

Astrid heeft de opnames steeds zo snel mogelijk op 'een ding gezet en weggebracht' omdat ze bang was voor een inval thuis of dat Willem 'nogal vrij was' met het snuffelen in haar spullen.

Astrid: "Het was allemaal stress. Het is niet niks wat ik gedaan heb. Ik heb gedaan wat ik kon."

Malewicz: "Het is vaak dat juist als meneer Holleeder er nog niet is, dat ik dan geen stress hoor..."

Astrid: "Ben jij hier de huispsycholoog of zo?! Wat dénk je nou zelf hoe het is om zo iemand op te nemen. Jij snapt niet hoe dit leven is, jongen. Ga lekker terug naar je schoolbanken, jongen. Tsjóngejongejonge, zeg hé!"

Astrid, bijtend cynisch, tegen advocaat Malewicz: "Ik heb er écht plezier in gehad, jongen, in wat ik heb gedaan. Ik heb liedjes gezongen zo leuk vond ik het. Tsjongejonge zeg. Wat denk je nou zélf?!"

De rechtbank hervat de zitting met enkele geluidsfragmenten die Willem Holleeders advocaat Robert Malewicz wil laten horen uit de heimelijk opgenomen gesprekken tussen Willem Holleeder en Astrid. Bij elk fragment heeft hij een vraag aan getuige Astrid.

Het eerste fragment gaat over motorrijden. Malewicz hoort 'gewoon een gezellig sociaal gesprek'.

Astrid: "Het is geen gezellig sociaal gesprek. Ik doe mijn best normaal te doen, maar wij hebben het nooit gezellig. Ik kán nooit normaal met mijn broer omgaan."

Overigens geven de Holleeders terloops ook een inkijkje in hun visie op de verkeersregels. 

Astrid, in het gesprek: "Je mag tegenwoordig overal 130 rijden, behalve dan waar het anders staat aangegeven."

In een tweede gesprek lijkt Astrid naar Willem te bellen om te vragen of hij naar een afspraak komt. 

Astrid: "Het zal best dat ik een keer heb gebeld om te vragen waar hij is." 

Verderop in het fragment geeft Willem kennelijk een cadeau aan een kind. Ooooohs en aaaaaahs. Willem: "Goh, wat een kinderen ineens hier zeg..."

Malewicz: "Het lijkt een gezellige entree van Willem. Hoe ziet u dat?

Astrid: "Dit is een toevallige ontmoeting op het Gelderlandplein. Zo kunt u meer ontmoetingen op een rijtje zetten. Als u de andere gesprekken erbij denkt waarin hij zich zo asociaal opstelt, kun je dit niet meer zien als normaal contact. Een ontspannen contact kán al niet meer door wat in het verleden is voorgehouden. Zoals vroeger ook een ontspannen contact met onze (tirannieke) vader ook niet kon, zoals Willem als geen ander weet. Je weet nooit wanneer hij weer kan omdraaien als een blad aan een boom. Je wil hem vooral niet boos maken of het gevoel geven dat wat aan de hand is."

Astrid: "ik deed tegen mijn vader ook niet meer gewoon aardig. Het is gespeeld. Zo is het ook bij Wim. Wat ik triest vind, is dat je dit steeds zo oprakelt. Geeft dat hem (Willem) een lekker gevoel?"

Malewicz: "Je kunt ook een andere lading aan het gesprek geven dan u steeds doet."

Astrid: "Ik vind het heel triest steeds te moeten uitleggen dat die hartelijkheid gespeeld is. Als u me vraagt wat ik het ergste vind aan het terughoren van deze gesprekken... Dat ik mezelf hoor acteren."

Astrid komt terug op Willems beschuldiging dat Astrid hem had willen laten liquideren, net voor de pauze.

"Dát is het ergste van vandaag. Dat is het eindstadium. Ik wil hem niet de tbs in hebben, want daar is-ie binnen een jaar weer uit, maar hij heeft het stadium bereikt waarin hij er van overtuigd is dat ik hem wilde laten liquideren; of dat Thomas van der Bijl hem wilde laten liquideren. Het is altijd zo dat híj in zijn hoofd het slachtoffer is. Hij draait het om. Zo ver is het met hem gekomen."

Holleeder: "Zij belt mij en ze is met de kleinkinderen en de hele familie. Als ik zo gevaarlijk ben en iedereen wil liquideren, ga je mij toch niet bellen om me uit te nodigen bij die hele familie en die kinderen."

Sander Janssen (L) en Robert Malewicz. De advocaten van Willem Holleeder tijdens een eerdere zittingsdag deze maand. Beeld anp

Rechtbankvoorzitter Frank Wieland tegen Astrid Holleeder: "Uw broer zegt: 'Mijn zussen hebben een deal gesloten met justitie over dat Heinekengeld waarvan u jaren heeft geleefd'..."

Astrid ontploft: "Ho even! Ik heb nóóit van dat geld geleefd. Dat is een ónzinverhaal! Ik heb altijd netjes gewerkt en ik heb er niks mee te maken!"

Wieland: "Ik bedoel u niet te beledigen, maar als u loon krijgt (Astrid werkte als student kort voor één van de bedrijven die de Heinekenontvoerders met het losgeld hadden opgezet) van een bedrijf waarmee Heinekenmiljoenen zijn witgewassen, bent u ook aan het witwassen. Ik heb met respect naar u geluisterd, maar uw broer zegt dat hij bang was dat u als zussen een deal had gesloten met justitie en dat daar getuigenissen tegenover zouden staan."

Holleeder: "Dat wíst ik toch niet, wat in die deal stond."

Astrid: "Hij wíst gewoon wat Sonja kón vertellen, dat hij liquidaties had laten plegen. Dáár ging het om, daar was hij bang voor. Als je dingen doet in je leven, krijg je die ooit in je leven terug."

Holleeder: "Zij zegt wel steeds dat die opnames van haar bevestigen wat ze verklaard hebben. Dan wil ik weten wanneer die opnames gemaakt zijn. Ik denk dat zij eerst die opnames gemaakt hebben en daarna die verklaringen daarop hebben afgestemd om die te verankeren. Ze is advocaat."

Astrid: "Die opnames zijn heel makkelijk in de tijd te plaatsen, want die vinden plaats naar aanleidingen van gebeurtenissen waarvan duidelijk is waneer die zich hadden afgespeeld."

Holleeder herhaalt dat Astrid hem in de heimelijk opgenomen gesprekken steeds uit de tent lokte door dingen te zeggen waarvan ze wist dat hij daar over woedend zou gaan schreeuwen.

Astrid wordt weer emotioneel: "Mijn zusje (Sonja) moest onderduiken voor hem! Hij dreigde haar het ziekenhuis in te slaan! Heb ik hem dat allemaal expres laten zeggen?! Hij is niet te sturen. Ik kán hem geen dingen laten zeggen. Ik kan best hebben zitten improviseren soms, maar wat hij zegt komt uit hem zelf."

Astrid, nog steeds woedend: "We doen wel allemaal alsof het heel normaal is als hij zegt dat Sonja de intensive care op wordt geslagen. Stel dat zoiets over jouw moeder wordt gezegd?! Zo iemand steek je toch meteen een mes in zijn ribben?! Maar hier wordt het maar een beetje weggewuifd (door Willem Holleeder en zijn advocaten)."

Officier van justitie Sabine Tammes vraagt of er inderdaad een opname is waarop Willem Holleeder expliciet tegen Astrid zegt dat hij niets te maken heeft met de liquidatie van Cor van Hout, zoals Willem stelt.

Astrid: "Nee, natúúrlijk niet!"

De rechtbank pauzeert voor de lunch.

Rechtbankvoozitter Frank Wieland: "Mevrouw, voor u met een naar gevoel de lunch in gaat: Wat voor u gesneden koek is, moeten wij voor onzelf helder krijgen. Daarom lijkt het voor u misschien dat we naar de bekende weg vragen. Dat is niet vervelend bedoeld."

Holleeder zegt dat hij bang was dat Sonja hem van overvallen zou beschuldigen, niet zo zeer van moorden.

Aanklaagster Tammes: "Met alle respect, die overvallen waren van meer dan dertig jaar geleden..."

Holleeder: "Ik zit niet achter die moord op Cor. Ik snap daar niet dat justitie Sonja vanaf 1984 achterna heeft gezeten over die Heinekenmiljoenen en dat ze nu ineens zeggen: 'Geef maar een miljoen en dan is het klaar.' Hoe kan dat? Ik was bang voor wat zij de politie allemaal had gegeven van wat de politie graag wilde horen. Dat probeer ik uit te vissen."

Holleeder herhaalt: "Astrid moet ook die opnames geven waarin ik zeg dat ik niet verantwoordelijk ben voor de moord op Cor!"

Aanklaagster Tammes: "U denkt dat die er zijn?"

Holleeder: "U denkt dat er niets meer komt?! We hebben eerder al gevraagd huiszoekingen te doen bij Astrid, zodat we alle opnames nu eens zouden kunnen hebben."

Officier van justitie Lars Stempher zegt ook niet te begrijpen waarom Holleeder zich zo druk maakt over wat Sonja over hem zou zeggen als hij niets te maken had met moorden.

Holleeder: "Mensen liegen. Dat gebeurt. Astrid speelt hier nu ook weer een spelletje en dat doet ze best goed. Het is net het Jordaancabaret met op zijn tijd een traantje. Ze heeft me ook op een andere manier geprobeerd weg te krijgen."

Tegen Astrid: "Je hebt gewoon geprobeerd me te laten liquideren, mafkees?!"

Aanklager Stempher: "Waar blijkt dat uit?"

Holleeder: "Ze is ook naar (de familie van) Dino Soerel geweest om te zeggen dat ik hem wat wilde aandoen, om te kijken of hij mij zou laten liquideren."

Stempher: "Geeft Soerel opdracht voor liquidaties, begrijp ik?"

Holleeder: "Ik zit hier voor mezelf, dus dat zeg ik niet. Ik ben vandaag zestig geworden en ik heb nog nooit iemand verraaien. Zij (Astrid) is erger dan de zee diep is. Zij is een heel gevaarlijk meissie!"

Astrid: "Dit is nou net het BOPZ-gehalte (de wet Bijzondere Opnemingen Psychiatrische Ziekenhuizen, op grond waarvan iemand tegen zijn wil opgenomen kan worden) waar ik altijd mee te maken heb. Die paranoïde gedachten! Ik heb hem nooit willen laten liquideren. Hád ik het maar gedaan! Maar dan had ik het wel zelf gedaan, want ik ben niet zoals hij. Echt, Wim, ik vind het heel erg voor jou, maar jij moet gewoon opgeruimd worden. Je spoort gewoon niet!"

Rechter Margo Somsen zegt dat ze 'een lijfelijke reactie' zag toen de band ging draaien.

Astrid, in tranen: "Het brengt mij terug, mevrouw. Ik praat hier over het doodschieten van mijn zusje. De krankzinnigheid?! Dit doet iets met je. Dit was niet één keer, hè?! Het is mijn leven. Ik kan niet zeggen: 'O, dit is een momentje'. Het is de stelselmatigheid waarin je in een soort van mishandelingssituatie zit. Probeert u zich er een voorstelling van te maken dat dit over uw zwager gaat, of over uw zusje gaat."

Advocaat Sander Janssen van Willem Holleeder heeft nog wat vragen over de besproken gesprekken.

"U weet toch dat het niet waar is dat uw zus Sonja wilde dat Cor van Hout zou worden vermoord, dus dat is onzin volgens u? Moeten we de andere helft van het gesprek dan wél voor waar aannemen?" (Waaruit zou blijken dat Willem Cor heeft laten vermoorden.)

Astrid: "Dat tekent nou hoe manipulatief hij is."

Janssen: "Je zou ook kunnen betogen dat hij in zijn boosheid dingen roept die niet waar zijn."

Astrid: "Dat zou ik ook zeggen als ik u was."

Rechter Benedicte Mildner tot Holleeder: "Meneer Holleeder, wat bedoelde u nou precies?"

Holleeder: "Astrid is advocaat en die houdt hier een pleidooi, zo is ze. U moet het zien in de context. Sonja hep een deal gesloten met justitie. Ten eerste hebben ze me dat niet van tevoren gezegd."

Officier van justitie Tammes: "Waarom?!"

Rechter Mildner: "Ja, waarom?"

Holleeder: "Nou, zo gaan wij met elkaar om. Je zégt het toch als je een deal gaat sluiten."

Holleeder vervolgt: "Ik kon niet begrijpen dat ze al sinds 1984 achterna was gezeten door justitie en dat ze nu ineens een deal kreeg. Dan móet ze me wel zwart hebben zitten maken. Dan doe ik wat ik doe: Ik dreig, ik dreig en ik dreig om uit te vissen wat er aan de hand is. Ik héb Cor niet vermoord! Het gaat mij er om: Wat hebben ze verzonnen om de politie te kunnen geven wat die wil hebben?"

Wat had Sonja dan kunnen vertellen over Holleeder waar hij bang voor was, wil rechter Mildner weten. "U maakt zich zo'n grote zorgen, maar waarom dan als u Cor niet heeft laten vermoorden?"

Holleeder: "Ik was bang dat ze onzin over me zouden vertellen waar ik last van zou krijgen."

De rechtbank vraagt zich af waarom advocaat Janssen vragen beantwoordt in plaats van Holleeder zelf.

Holleeder: "Mijn advocaat heeft me al zo vaak gezegd dat ik mijn mond moet houden. Ik hoop dat u me nog uitgebreid verhoort over wat ik bedoelde in de gesprekken. Ik heb geen opdrachten gegeven voor liquidaties, maar hier zit een advocaat (Astrid Holleeder) een pleidooi in elkaar te draaien waaruit dat zou moeten blijken. Ik heb ook vaak gezegd dat ik Cor níet heb laten vermoorden, maar waar zijn díe opnames? Ik hoop dat nog uitgebreid te kunnen uitleggen als u me overhoort." (Hij bedoelt verhoort.)

De zitting gaat weer verder met een derde gesprek dat officier van justitie Sabine Tammes getuige Astrid Holleeder wil voorhouden. Het gaat over de auto van de zoon van Sonja Holleeder, waar Willem tot zijn woede niet in mag rijden.

Holleeder moet in slecht weer op zijn brommer door de stad rijden en is bang dat hij valt.

Tammes laat een fragment afdraaien.

Holleeder is nijdig. "Wie zijn ze dán! Vieze hoer! Als ik vál! Ik ben het echt zat hè?! Vieze hoer. Dit is de grootste hondenstreek..."

Holleeder vervolgt (in de opname) dat 'Peter R. de Vries écht moet oppassen en niet moet denken dat hij slim moet zijn (nu hij zijn boek over de Heinekenontvoering in Amerika wil laten verfilmen. Holleeder houdt daar zijn zus Sonja en De Vries voor verantwoordelijk. Holleeder zegt dat Sonja 'echt verdriet gaat krijgen...' "Zij wilde óók dat Cor eraan ging."

Astrid, nu: "Door Sonja te beschuldigen, beschuldigt hij in mijn visie zichzelf. Hij is bang dat Sonja over hem gesproken heeft met justitie om haar schikking te krijgen (in haar zaak over het geërfde losgeld van de Heinekenontvoering). Hij 'trekt haar mee' als ze over hem praat, zegt Wim. Hij bedoelt dat hij Sonja ook zal beschuldigen van betrokkenheid bij de liquidatie van Cor. Hij zegt dat ze het 'ook' wilde, dus in mijn ogen bekent hij hier zijn betrokkenheid bij de liquidatie van Cor."

Astrid: "In zijn ogen kun je geen schikking met justitie treffen zonder justitie iets te geven. Hij is dús bang dat Sonja praat, want ze krijgt een schikking. Dáárom is hij zo kwaad. Hij bedenkt een spel om te voorkomen dat Sonja praat en daarom zegt hij dat zij ook wilde dat Cor van Hout zou worden vermoord. Als hij door haar zou worden veroordeeld, trekt hij haar mee, zegt hij. We wisten ook dat hij op die manier met modder zou gaan gooien als we zouden praten met justitie."

Astrid: "Hij had mij al eerder gedreigd dat hij zou gaan zeggen dat Sonja ook wilde dat Cor eraan ging als ze over hem zou praten. Ik heb Sonja gezegd: 'Doe niks geks, want hij gaat je d'r in gooien'. Maar Sonja heeft Cor altijd gewaarschuwd. Daar is hij kwaad om. Daarom zegt hij: 'Wát een vieze hoer, hè?!' Begrijpt u hoe gestoord die verhoudingen zijn? Dat je altijd bezig moet zijn met de gedachte dat je door je broer ergens in gegooid wordt, dat je vermoord wordt, dat een ander vermoordt wordt, of je kinderen?"

Holleeder, in het gesprek: "Als ze praat over Cor heb je een probleem hè?!"
Hij zegt vervolgens iets onverstaanbaars.

Astrid, nu: "Hij zegt dat ie het al geregeld heeft! Dat Sonja zou worden vermoord. Dat is later ook als tip binnengekomen bij het Team Criminele Inlichtingen (de geheime dienst van de recherche): dat hij al geld had gegeven om Sonja eventueel te laten vermoorden, aan iemand die nu achttien jaar cel heeft gekregen. Wie dat is? Het is wel mooi zo, dat zeg ik niet."

Officier Tammes schakelt over op een tweede heimelijk opgenomen gesprek, over 'de petten' (corrupte politiemensen).

Astrid probeerde uit te vinden wie die 'petten' waren, omdat ze zelf in het diepste geheim met de politie zou gaan praten en natuurlijk niet wilde dat Holleeder daar via zijn corrupte contacten lucht van zou krijgen.

Astrid, nu: "Daarom heb ik geprobeerd bij hem uit te vogelen wie nou die petten van hem waren. Hij ging het me natuurlijk niet zeggen. Anders had ik dat hier allang kenbaar gemaakt."

Holleeder toont zich in het gesprek bezorgd over 'de petten', omdat hij ruzie heeft met crimineel Danny K.

Holleeder, in het gesprek: "Ze kunnen informatie geven, maar ze kunnen natuurlijk ook informatie máken." Dus het zou een risico zijn dat de corrupte contacten namens Danny K. informatie zouden fabriceren waarvan Willem Holleeder last zou kunnen krijgen.

Astrid, nu: "Wim legt mij uit hoe het werkt en hoe je daarmee om moet gaan. Dat je informatie koopt, wist ik, maar dat 'die platten' ook valse informatie kunnen maken, wist ik niet. Dat legt hij me hier uit."

Tammes wil weten of Willem Holleeder inderdaad weleens informatie heeft 'laten maken'.

Astrid, nu: "Je ziet toch hoe hij dat doet, ook met media? Hij legt steeds verhalen neer. Hij geeft Peter (R. de Vries) en (Hendrik Jan) Korterink precies de informatie zoals hij dat wil, en Bas van Hout. Hij trapt op de rem als het zijn kant op gaat en laat het gaan als het andermans kant op gaat."

Officier van justitie Sabine Tammes: "Wat mij opvalt is dat hier in een aantal passages weer heel duidelijk gefluisterd wordt."

Astrid: "Als het gaat om het beïnvloeden van getuigen namens Dino (Soerel) en als het gaat om het bedreigen van Stijn Franken, Holleeders toenmalige advocaat."

Aanklaagster Tammes haalt nog een passage uit het gesprek aan waarin Willem Holleeder iemand 'een pisbak' noemt. Dat gaat over Dino Soerel, zegt Astrid nu.

Astrid: "Toen Soerel bang was dat Wim in zijn afpersingszaak zou gaan praten (in 2007), zoals Wim had aangekondigd, schoten ze een granaat in de rechtbank (in 'de bunker') en nu gaat-ie (Soerel) zelf praten (in zijn liquidatiezaak Passage, nadat kroongetuige Fred Ros is gepresenteerd)."

Het is voor het eerst dat in een rechtszaal in het openbaar aan de orde komt dat Willem Holleeder ervan uitgaat dat Dino Soerel in 2007 die antitankgranaat op 'de bunker' van de rechtbank heeft laten afschieten in de nacht voor de openingsdag van zijn afpersingszaak Kolbak.

Aanklaagster Sabine Tammes houdt weer een stuk opgenomen gesprek voor dat nauwelijks is te verstaan.

Astrid: "Ik heb het bij de recherche terug geluisterd, maar dat is eigenlijk niet te doen. Dit is weer een bespreking van wat Dino Soerel gaat doen nadat Fred Ros hem heeft beschuldigd. Met alles wat hij zegt, zou hij (Soerel) zijn eigen betrokkenheid toegeven. Dus zeggen Soerel en zijn advocaten vanaf dag één dat Wim alles heeft gedaan. Willem weet dat Dino Soerel getuigen heeft omgekocht en (Holleeders toenmalige advocaat) Stijn Franken heeft bedreigd. Wim kan zeggen dat hún (Soerel cum suis) een spelletje hebben gespeeld en hun verhaal in elkaar hebben gedraaid."

Willem Holleeder anticipeerde in de nu besproken periode al op het gegeven dat hij zelf voor de liquidaties van Kees Houtman en Thomas van der Bijl zou worden aangeklaagd.

Astrid: "Je kunt alleen maar anticiperen op iets dat je weet dat gaat komen, hè? Willem wist dat er bewijs zou komen dat hij bij die moorden betrokken is geweest."

In het besproken gesprek zegt Astrid dat Soerel en zijn advocaten 'paniekvoetbal' spelen.

Willem, in het gesprek: "Het is lullig voor hem, maar die (Soerel) komt er niet meer uit. Hij kan met verklaringen komen, maar dat gaat-ie nu echt niet doen."

Astrid zegt in het opgenomen gesprek dat Soerel 'geen ankerpuntjes heeft' waaruit blijkt dat zijn beschuldigingen aan het adres van Willem Holleeder kloppen, want Fred Ros heeft dat niet met zoveel woorden gezegd.

Astrid, nu: "Dino heeft geen ankertje om zijn verklaring te bevestigen. Dus dat is gunstig voor Wim."

Willem Holleeder bespreekt in het gesprek met Astrid dat hij 'niet gaat verklaren' in het voordeel van Dino Soerel.

Astrid, nu: "De kracht van Wims verweer is dat zoveel mensen hem hebben beschuldigd in het verleden, dat hij kan zeggen: 'Dat zeggen ze allemaal, iedereen beschuldigt me altijd maar van van alles'. Dat is natuurlijk ook zo. Wim is al van zo veel dingen beschuldigd."

Astrid herhaalt dat het uitgangspunt van haar opgenomen gesprekken met Willem is dat zij allebei weten dat hij wél opdracht heeft gegeven voor de liquidaties. "Hij zegt ook nooit dat hij het níet gedaan heeft. Wij (zus Sonja, Astrid en hij) weten allemaal dat hij er wél bij betrokken is. We zoeken alleen maar naar manieren om hem er buiten te houden."

Tammes laat een fragment van het opgenomen gesprek afspelen.

Astrid zegt dat ze 'niet onder de indruk is'. Willem Holleeder zegt dat Dino Soerel 'denkt dat hij het beter weet, maar dat hij tegenstrijdige belangen heeft'.
Willem in opgenomen gesprek: "Hij (Soerel) zegt steeds de verkeerde dingen. Hij moet gewoon zeggen: 'Ik heb die man (kroongetuige Fred Ros) nog nooit gezien."

Astrid en Willem gaan er allebei van uit dat Soerel niet zal worden geloofd in het weerspreken van de beschuldigingen van Fred Ros, want die heeft (in de woorden van Astrid) 'wél ankertjes' (die zijn relaas enigszins bevestigen).

Astrid en Willem bespreken dat Dino Soerel 'andere mensen' heeft gestuurd om getuigen te beïnvloeden, niet zijn advocaten Nico Meijering en Bénédicte Ficq.

Astrid: "Dat ga je als advocaat ook niet doen."

Astrid, in het gesprek: "Als híj nou zo slim was geweest (Soerel), dan had ie één front gevormd met iedereen. Maar dat hep-ie niet gedaan, hè?"

Astrid houdt weer een hele verhandeling over hoe Willem en zij spraken en 'leefden met bepaalde wetenschap' die niet expliciet hoeft te worden besproken: "In onze gesprekken zie je de bevestiging van wat ik al in 2013 had verklaard over onze manier van communiceren."

Astrid: "Er zitten een paar uitschieters bij waarin hij wél namen noemt. Als het over Dino gaat, is dat omdat hij bang is dat die over hem gaat praten."

Astrid en Willem bespreken dat 'het heel dom is wat-ie doet'. (Dat Soerel al een verklaring aflegt) "Hij weet nog helemaal niet wat gaat komme (aan verklaringen van moordmakelaar Fred Ros."

Astrid had bij Holleeders advocaat Stijn Franken inmiddels al de verklaringen van Fred Ros ingezien. Een passage in het gesprek tussen Astrid en Willem gaat over Soerels advocaat Nico Meijering.

Astrid: "Volgens Wim wilde hij getuigen omkopen. Ik zei dat Meijering heus zelf die getuigen niet zou omkopen. Zoiets gebeurt buiten hem om en hij (Meijering) denkt dan dat hij authentieke verklaringen heeft. Zo gaat dat altijd."

Astrid, in het gesprek: "Het enige dat ie (Dino Soerel) moet zeggen is die gozer (Fred Ros) lult uit zijn nek. Als hij (Soerel) gaat zeggen dat Thomas (van der Bijl) is gedaan omdat die Wim wilde vermoorden, geeft hij toe dat hij de opdracht heeft gegeven."

Astrid, nu: "Daarom was ik ervan overtuigd dat Soerel níet zou gaan praten. Niemand zal een stukje (van zijn betrokkenheid bij de liquidatie) toegeven, want voor je het weet, geef je meer weg."

Op de website crimesite.nl is Fred Ros als onbetrouwbaar afgeschilderd.

Holleeder, in het heimelijk opgenomen gesprek: "Crimesite is Nico Meijering."

Astrid, nu: "Wim zegt dat Crimesite.nl Meijering is omdat die de verslaggeving doen in het voordeel van Nico Meijering en Dino Soerel. Fred Ros wordt daar afgezeken, omdat het onbetrouwbaar maken van de getuige het enige is dat je op zo'n moment kan doen."

Astrid, nu: "De hele waarheid is dat Thomas van der Bijl Willem wilde laten doodschieten en daarvoor Fred Ros had benaderd, Wim heeft het omgedraaid en Fred Ros Thomas van der Bijl heeft laten doodschieten. Maar dat kon Dino natuurlijk niet zeggen, want dan geeft hij toe dat hij daar van weet en waar houdt zijn wetenschap en bemoeienis dan op?"

In het gesprek gaat het ook over 'A-tje': Ali Akgün, de beweerde moordmakelaar die gedurende het proces Passage in Istanbul is vermoord. Wat Willem holleeder precies over Ali Akgün had te vertellen, polste Astrid verder niet.

Nu: "Het is niet zo dat ik vragen kan stellen aan Wim, hè? Ik moet het doen met wat hij zelf aan mij wil vertellen."

De tijd van rijen voor 'de bunker' is (voorlopig) voorbij. Ook voor de verhoren van Astrid Holleeder, bij wie het tot nu toe steeds druk was. De publieke tribune zit vandaag maar halfvol.

Rechtbankvoorzitter Frank Wieland opent de twintigste zittingsdag met de vaststelling dat Willem Holleeder vandaag zestig jaar is geworden.

Zoals zo vaak in rechtbanken is er gedoe met de geluidsinstallatie. Holleeder en zijn zus Astrid zijn nog nauwelijks te verstaan. Rechter Wieland wil dat dat eerst wordt opgelost voor hij aan de zitting begint.

Officier van justitie Sabine Tammes meldt alvast dat het Openbaar Ministerie getuige Astrid vandaag weer drie gesprekken tussen haar en haar broer Willem Holleeder wil voorhouden die zij heimelijk heeft opgenomen. Het gaat onder meer om gesprekken die opnieuw zijn beluisterd en uitgewerkt.

Willem Holleeder zegt dat zijn verjaardag 'rustig' is begonnen: "Nu heb ik bezoek."

Aanklaagster Tammes mag de eerste vragen stellen over de gesprekken. Het eerste gaat om een gesprek kort nadat kroongetuige Fred Ros is gepresenteerd in het hoger beroep van de liquidatiezaak Passage. Willem Holleeder maakt zich zorgen dat zijn ex-compagnon Dino Soerel nu ook gaat praten.

Willem: "Dino gaat wel een verklaring afleggen."

Astrid: "Natuurlijk, dat moet wel."

Willem: "Hij moet zeggen dat hij het niet heeft gezegd."

Willem gaat ervan uit dat 'ze' in paniek zijn (Dino Soerel en 'zijn hele familie'). "Die gaat in één keer van vrijspraak (bij de rechtbank) naar levenslang."

Astrid Holleeder, nu: "U moet weten dat het uitgangspunt van het gesprek is dat wij allebei weten hoe het (met Willem) zit. Dino zou wat belastends over Willem kunnen verklaren. Iemand die Willem kent, wilde ook weten of hij in de verklaringen van Fred Ros stond. Die was naar de advocaat van Soerel gegaan en had daar de familie Soerel gezien. Later gaf hij aan Willem door dat de familie Soerel in paniek was."

Dino Soerel kreeg levenslang voor de liquidaties van Kees Houtman en Thomas van der Bijl.

Officier van justitie Sabine Tammes: "Was uw broer ook bij die moorden betrokken?"

Astrid: "Natuurlijk. We hebben daar veel over gesproken. In de loop der jaren is veel besproken over hoe hij daar buiten bleef."

Tammes: "Heeft hij u rechtstreeks verteld dat hij bij die moorden betrokken was?"

Astrid: "Dat gaat indirect."

Ze is in de veelvoudige liquidatiezaak tegen broer Willem al dagenlang doorgezaagd over algemene criminele en familiaire kwesties en over geluidsopnames die zij en zus Sonja heimelijk hadden gemaakt, maar dinsdag getuigt Astrid Holleeder voor het eerst over een concreet moorddossier.

Ze wordt vanaf tien uur verhoord over (met name) de liquidatie van Cor van Hout en Robert ter Haak, die min of meer toevallig naast hem stond, op 24 januari 2003 in Amstelveen.

De moord op haar zwager en Willems gewezen ‘bloedgabber en mede-Heinekenontvoerder grijpt Astrid verreweg het meest aan van alle zaken. Ze kan maar niet verkroppen dat – naar haar volle overtuiging – Willem zijn ex-compagnon, de man van zijn zusje Sonja en de vader van zijn neef en nichten heeft laten vermoorden.

Net zoals Sonja kreeg Astrid het in haar eerste verhoordagen in ‘de bunker’ van de rechtbank in Amsterdam-Osdorp geregeld te kwaad als ze sprak over de liquidatie van Van Hout – op wie al eerder twee mislukte moordaanslagen waren gepleegd in 1996 en 2000.

In hun getuigenissen bij de recherche en de (onderzoeks)rechter hebben de zussen al uitvoerig verteld hoe ze er van doordrongen raakten dat Willem het op zijn oude vriend had voorzien en dat die de liquidatie uiteindelijk moet hebben geregeld. Hij zou een wapen op zijn neefje hebben gericht om Sonja onder druk te zetten te verraden waar Cor was en hij zou haar hebben gedwongen de huurmoordenaars zelf te betalen.

Op zijn beurt is Willem Holleeder weer nijdig om de beschuldigingen van zijn zussen.

Ongetwijfeld zal de rechtbank ook deze twintigste procesdag weer alle zeilen moeten bijzetten om het verhoor door alle emoties te loodsen.

De irritaties tussen het Openbaar Ministerie (OM) enerzijds en Willem Holleeder en zijn advocaten liepen vrijdag op.

Op de negentiende dag van het megaproces kwamen de twee officieren van justitie herhaaldelijk in aanvaring met Holleeder en raadsman Sander Janssen. Beide partijen wisselden vaak met stemverheffing verwijten uit.

Het proces gaat dinsdag verder. Dan moet zus Astrid opnieuw getuigen in de rechtszaal.

Officier van justitie Sabine Tammes wil een gesprek aanhalen waaruit volgens haar blijkt dat Holleeder weduwe Sandra den Hartog van Sam Klepper 'aan het binnenhengelen' is en 'op de knieën heeft'. (Hij zal een relatie met haar beginnen waarna ze miljoenen zal betalen.)

Holleeder, verontwaardigd: "Bínnenhengelen?! Op de knieën?! Waar hebt u het over?!"

Tammes: "Nou, u was haar toch aan het binnenhengelen?! U wilde Mieremet iets 'leuks' zeggen, zegt u."

Advocaat Sander Janssen: "Ik ben het wel met mijn cliënt eens. Wat zijn dit nou voor kwalificaties?!"

Nadat de rechter het bewuste gesprek heeft doorgenomen, zegt Holleeder, wat cryptisch: "Het gaat er over dat Sandra den Hartog ook niet alles kan zeggen... Als we het over troebel water hebben, hou je dingen achter. In helder water kun je niet verdrinken..."

Rechtbankvoorzitter Frank Wieland: "Maar wat was er nou zo leuk aan? (zoals Holleeder tegen John Mieremet zegt)?"

Holleeder: "Het gaat met name om het geld..." Janssen: "Ik heb moeite met het frame dat u (aanklaagster Sabine Tammes) op dit gesprek legt terwijl het helemaal niet zo raar is als meneer (Holleeder) achttien F-ing jaar later niet meer weet wat hij precies bedoelt als hij zegt dat hij iets leuk heeft te vertellen..."

Het lijkt er op neer te komen dat Holleeder, mede namens Mieremet, blij is dat Sandra den Hartog stap voor stap toenadering zoekt en miljoenen wil gaan betalen, zoals ze hebben gevraagd. Holleeder: "Het is achttien jaar geleden. Het enige dat ik weet, is dat ik met Sandra heb gesproken om geld te vragen namens Johnny (Mieremet). Het gaat niet om hahaha het is leuk..."

Rechter Wieland: "Maar u zegt dat het leuk is dat de puzzel langzaam in elkaar valt. Wat was dat voor puzzel?"

Holleeder: "Johnny was aan het kijken wat Sam (de ex-compagnon van Mieremet) zelf buiten Mieremets rug om had geregeld... Ik heb geprobeerd Johnny te helpen én Sandra te helpen..."

Rechter Benedicte Mildner: "Ik heb het idee dat u hier Sandra geen plezier doet."

Holleeder: "Jawel. Ik heb haar aangehoord en haar geholpen het onderling weer te regelen (met Mieremet). Dat is mijn karakter, dat heb ik heel mijn leven gedaan. Ik hoef daar ook niks mee te verdienen. Hun (Mieremet en Den Hartog) hadden strubbelingen, konden niet door een deur, en ik heb geprobeerd te helpen. Klaar."

Rechter Somsen is het gehakketak moe: "Na dit punt gaan we..." (Ze werkt richting de lunchpauze). Holleeder vult aan: "Naar huis!"

Holleeder bevestigt dat hij in die periode geregeld contact had met Dino Soerel, die hij kende uit de gevangenis. Holleeder: "Ik ben hem eigenlijk pas (vaak) gaan zien toen ik voor John Mieremet met Stanley Hillis heb gesproken. Dino had rechtstreeks contact met Hillis. Dino is ook gewoon een gezellige jongen."

'Oudste rechter' Benedicte Mildner vraagt Holleeder hoe zijn relatie was met Stanley Hillis begin 2002, toen die onderhandelde tussen de Joegoslaven en John Mieremet. "Ik was niet goed bevriend met hem, maar ben niet met hem in de rondte gesprongen. Ik kon wel gewoon 'Hé, hallo' zeggen als ik hem tegen kwam en als ik dat wilde, kon ik naar hem toe. Ik zag hem wel af en toe, ook op Ibiza geloof ik. Ik heb hem ook gezien omdat hij geld had (ingelegd) bij Willem Endstra."

In 2002 zag Holleeder Stanley Hillis naar eigen zeggen vaker dan in 2003. Dat Dino Soerel en Stanley Hillis bij Magdi Barsoum over de vloer kwamen voordat die begin maart 2002 zou worden vermoord, zegt Holleeder niet te hebben geweten.

De woensdag voor zijn liquidatie sprak een rechercheur van de Criminele Inlichtingeneenheid Magdi Barsoum nog in zijn Red Light Bar op de Wallen. Hij was toen ontspannen, nadat hij zich eerder grote zorgen had gemaakt te worden vermoord en zelfs bij zijn broer was ondergedoken. Kennelijk zag hij de uiteindelijke moord op 2 maart 2002 niet aankomen, hoewel hij in die periode volgens de CIE wel conflicten had met én 'de Joego's' én Stanley Hillis en Willem Holleeder.

Hasjhandelaar Norbert Stok zou hebben gezegd dat 'Joegobaas' Sreten 'Jotsa' Jocic één miljoen gulden eiste van John Mieremet, maar dat Willem Holleeder daar tien miljoen van had gemaakt. Eén miljoen ging naar Jocic, één miljoen naar tussenpersonen en acht miljoen naar Holleeder.

Holleeder: "Er wordt zoveel gezegd. Wat ik van Mieremet heb gekregen, heb ik aan Stanley Hillis gegeven (vijf miljoen) en de rest heeft Sandra (den Hartog, weduwe van Sam Klepper) aan Hillis gegeven. Als ik acht miljoen zou achterhouden, zouden Jocic of Hillis daar wel om komme. Er wordt zo veel gezegd."

In een afgeluisterd gesprek tussen John Mieremet en zijn vrouw Ria komt aan de orde dat zij is vertrokken naar het buitenland. Ria zegt dat 'het echt heel, heel erg is',

John spreekt over 'die kanker-Hells Angels'. Holleeder: "Dat gaat over geld. Van de liquidatie van Sam Klepper weet Mieremet dat Jocic daar achter zat. Dit gaat over geld waarvan Mieremet dacht dat hij het verdiend had. Hij dacht dat Sam Klepper er een teringzooi van had gemaakt samen met de Hells Angels, bij wie hij steeds vaker kwam, en dat zijn geld in gevaar was gekomen. Dit gaat niet over de moord."

In een afgeluisterd gesprek nadat de tweede aanslag op Cor van Hout is gepleegd, in december 2000, zegt Magdi Barsoum dat 'Dino (Soerel) en Stanley (Hillis) 'die dinges voor Cor hebben geregeld' voor enkele miljoenen guldens.

Advocaat Janssen: "Ik koppel dat natuurlijk aan een eerder gesprek over Stanley Hillis die de onderhandelingen (tussen Mieremet en de Joegoslaven) van Barsoum had overgenomen."

Janssen: "Dit zijn allemaal bewijzen die kunnen invullen wat aan de hand was, over zaken die nu, veertien, vijftien, zestien jaar later (door justitie) heel makkelijk op het conto van Willem Holleeder worden geschreven. Dit bewijst dat het wel degelijk zo is zoals Holleeder eerder heeft verklaard."

Op de dag van de liquidatie van Sam Klepper (10 oktober 2000) vloog Stanley Hillis volgens de politie naar Spanje. (Zelf is Hillis in 2011 geliquideerd.)

Magdi Barsoum zei begin 2002 dat hij niet bang was te worden doodgeschoten. Dat gebeurde op 2 maart 2002, in de Bloedstraat op de Amsterdamse Wallen.

De uitvaart van de liquideerde Sam Klepper werd bijgewoond door honderden leden van Hells Angels Beeld anp

Rechter Margo Somsen hervat de zitting. Ze gaat richting de liquidatie van de Egyptisch Amsterdamse crimineel Magdi Barsoum in 2002 in de Bloedstraat in Amsterdam.

Ze haalt een gesprek van Maruf 'Paja' M. aan die in december 2000 belt met de chef van de Criminele Inlichtingeneenheid (CIE, de geheime dienst van de recherche). Hij zegt dat 'die poedel' in Amsterdam is ('Joegobaas' Sreten 'Jotsa' Jocic). Als Paja die poedel treft, gaat hij de CIE niet bellen, maar hem 'in stukken hakken'.

Paja zegt ook dat (na de liquidatie van Sam Klepper) 'de Hells Angels nu de handel hebben'. Rechter Somsen: "Als u had geweten dat meneer M. contact onderhield met de CIE, had dat uitgemaakt voor uw vertrouwen? " Holleeder: "Nee, dat maakt me niks uit. Mensen hebben zo hun contacten..."

Volgens een tip aan de Criminele Inlichtingeneenheid zou Magdi Barsoum in staat zijn het conflict tussen John Mieremet en de Joegoslaven kunnen sussen. Sam Klepper is vermoord als waarschuwing aan Mieremet dat hij moet betalen, zegt de tipgever. Advocaat Sander Janssen: "Wij gaan er van uit dat de tipgever Magdi Barsoum zelf is."

In een ander gesprek zegt John Mieremet aan Magdi Barsoum dat hij 'alles doet wat Magdi wil'.

Ook uit andere gesprekken blijkt volgens Holleeder en zijn advocaten voortdurend dat Magdi Barsoum nauw contact onderhoudt met de CIE.

Holleeder: "Ze zijn druk bezig met de CIE, maar wat ze daar allemaal mee willen, weet ik niet." Advocaat Janssen: "Wat ons betreft volgt ook uit tapgesprekken redelijk objectief dat Magdi Barsoum met de CIE sprak en dat Barsoum zich zorgen maakte over een escalatie van het conflict (tussen de Joegoslaven en John Mieremet) als niet snel zou worden ingegrepen. Barsoum lijkt zich in te dekken door te zeggen dat hij niet verantwoordelijk is voor die escalatie."

Rechter Somsen houdt een gesprek voor tussen Magdi Barsoum en de CIE waarin Barsoum zegt dat hij, (kennelijk) de Joegoslaven heeft 'gesmeekt' nog een paar dagen te wachten (kennelijk met het doodschieten van John Mieremet), maar dat 'die stomme mensen' hebben gezegd dat hij zich nergens meer mee mag bemoeien. (Het is jouw zaak niet meer.)"

John Mieremet gaat er in die periode van uit dat hij doodgeschoten zal worden. Zijn zoon Barry 'heeft zijn moordenaar al gezien'. Mieremet weet 'nagenoeg wie de opdrachtgever is', maar hij is benieuwd naar 'de Hollandse opdrachtgever'. Kennelijk is er volgens Mieremet ook een niet-Hollandse opdrachtgever. (Waarschijnlijk een Joegoslaaf).

Willem Holleder: "Ik wist ook dat Barry (Mieremet) gevolgd werd. Dat was bekend."

De rechtbank houdt tot kwart voor twaalf pauze.

Rechter Margo Somsen gaat terug naar de periode na de liquidatie van Sam Klepper. Ze haalt anonieme tips aan waarin wordt gesteld dat ('Joegobaas') Sreten 'Jotsa' Jocic Sam Klepper heeft laten doodschieten uit wraak voor de liquidatie van Duja jaren eerder (Duja Becirovic, de eerdere leider van de Joegoslavische maffia, PV).

In afgeluisterde telefoongesprekken bespreken zware criminelen wie Klepper heeft doodgeschoten. 'Diegene die hier achter zit heeft twee man gedaan in een maand en hij gaat nog verder.'

Zo waarschuwt een vriend Etiënne U., kopstuk uit de organisatie van de vermoorde maffiabaas Klaas Bruinsma, dat die niet naar Nederland moet komen omdat hij 'nummer drie of vier' kan zijn 'op het lijstje' (van te vermoorden personen. In een gesprek tussen John Mieremet en Etiënne U. vertelt U. dat hij 'John nog wel een keer wil zien' als Mieremet 'dat leuk vindt'.

Uit een ander gesprek, tussen John Mieremet en Holleeder, blijkt dat Holleeder eind oktober in Sarajevo was, in voormalig Joegoslavië. Holleeder zegt dat het 'ook een Nederlander kan zijn, hè' (de dader van de liquidatie). De mensen op de Balkan 'zijn heel aardig' en hij heeft in voormalig Joegoslavië iedereen gevraag 'en niemand weet er wat van' terwijl 'Jotsa' Jocic 'een schreeuwer is die het meteen zal rondschreeuwen als hij het heeft gedaan'.

Holleeder, nu: "De Joegoslaven krijgen altijd meteen overal de schuld van, maar ik ga liever eerst eens effe kijken of het wel zo is. Ik ben het daar gaan vragen, samen met Paja (Holleeders vriend Maruf M.)."

Zo zaten Maruf 'Paja' M. en Holleeder 'daar in de een of andere discotheek'. "Net zoals hier ga je overal heen en vraag je het hier en daar en zus en zo. Ik spreek de taal niet eens van die mensen, kan hun namen niet eens onthouden (zoals Holleeder donderdag al had gezegd), maar Paja vertelde me wat hij hoorde."

Achteraf bleek volgens Holleeder dat Sreten 'Jotsa' Jocic wel degelijk achter de liquidatie van Klepper zat. Holleeder: "Misschien hep ie het wel aan de verkeerde mensen gevraagd, weet ik veel..."

Holleeder en John Mieremet gingen behalve naar Polen en Tsjechië ook naar Sarajevo om te kijken of ze daar in gokhallen konden investeren. Nu: "Het werd niks. Je ken daar wel investeren, maar straks zeggen ze 'oprotten, het is nu van ons' en heb je niks."

Rechter Margo Somsen: "Uw onderzoekje waaruit volgens u bleek dat Jocic niets met de liquidatie van Sam Klepper te maken had, wat u hoorde van Paja, hoe waardeerde u dat?" Holleeder: "Ik luister altijd naar wat Paja zegt."

Somsen: "U vertrouwde daar op?" Holleeder: "Ja." Somsen: "Wij moeten al die verklaringen straks wegen. Daarom ben ik zo benieuwd hoe u die getuigen weegt..."

Officier van justitie Lars Stempher: "Waaróm nam u Paja zo serieus?" Holleeder: "Hij heeft me vaker informatie gegeven die klopte. Ik maak voor mezelf mijn eigen inschatting wie ik serieus neem. Zo ga ik daar mee om."

Rechter Margo Somsen: "Kende u Jotsa?" Holleeder: "Nee. Ik had hem bij het Olympiaplein ooit twee tellen in een kroeg gezien. Verder niks."

In Parijs spraken onderwereldkopstuk Etiënne U., John Mieremet en Willem Holleeder af, in de Ritz. Wat Mieremet en U. buiten bespraken, zegt hij niet te weten. Overigens verbetert Holleeder de rechter als ze de naam van het chique hotel Ritz in Parijs uitspreekt zoals de Fransen dat doen. Holleeder: "De Rits, ja."

Dit is de tweede dag dat Holleeder in de rechtbank wordt verhoord over de liquidaties. Beeld anp

Rechter Somsen gaat terug naar de tijd 'waarin Willem Endstra en John Mieremet nog leven', eind 2000'. In de periode voor zijn gewelddadige dood 'deed' Sam Klepper 'aardig' tegen Holleeder in die tijd, net zoals John Mieremet, zegt de verdachte.

"En ik deed aardig tegen hun. Maar met Klepper en Mieremet wist je nooit wat je aan ze had. Je moest altijd heel goed op je woorden letten, zodat ze je niet verkeerd begrijpen."

Mieremet en Holleeder gingen in die periode samen naar Polen om te kijken of ze via gokhallen wit geld konden verdienen. Holleeder: "Als het mogelijk was geweest, hadden we best samen een zakelijk belang kunnen opbouwen, misschien, maar zo ver is het niet gekomen."

Officier Sabine Tammes wijst op 'honderden afgeluisterde gesprekken' waarin Willem Holleeder bepaald niet altijd op zijn woorden leek te passen in gesprekken met Mieremet. Holleeder: "U moet me hier niet belachelijk gaan zitten maken. Als je elk woord weegt over belangrijke dingen, wil dat helemaal niet zeggen dat je niet de halve dag kunt lachen en grappen en dollen. u moet nou niet doen alsof ik hier onzin vertel."

Rechter Somsen: "Bedoelt u dat u zich altijd bewust was dat u bepaalde dingen níet moest zeggen?" Holleeder: "Ja. Je moet niet de verkeerde indruk wekken bij Sam en John. Zorgen dat ze niet de indruk krijgen dat je wat van plan bent. Verder kun je natuurlijk de hele dag flauwekul bespreken."

Was Mieremet een vriend? "Wij in Amsterdam zeggen altijd snel 'vriend' en 'gap' en 'gabbetje gap', maar Mieremet was geen vriend van me."

Holleeder heeft zich naar eigen zeggen 'nooit ingelaten met liquidaties' (door Sam Klepper en John Mieremet). "Ik ben naar (zakenman) Rolf Friedländer gestapt omdat ze zijn zoon wilden doodschieten. Om hem te waarschuwen. Ik ben veroordeeld voor afpersing vanwege die waarschuwing, maar ik wou hem gewoon waarschuwen, na overleg met Willem Endstra. Ik ben Willem en zo doe ik dat. Ik vind dat je beter kan betalen om je kind te redden dan het risico te nemen."

Advocaat Sander Janssen: "Hier komt het verhaal in de wereld dat Holleeder de woning van Cor van Hout had aangewezen voor de tweede aanslag op Van Hout in 2000. Dat is ook weer een voorbeeld van een beschuldiging door Mieremet om Holleeder zwart te maken. Heel veel criminelen wisten waar Van Hout toen woonde."

Mieremet probeerde ook allerlei zaken waarvoor Sam Klepper en Mieremet samen verantwoordelijk waren, waaronder liquidaties, 'op Klepper af te schuiven'. Advocaat Janssen: "Dat is de manier waarop Mieremet zich probeerde te positioneren in 2002. Hij schoof alles in de schoenen van Klepper en van Willem Holleeder."

Advocaat Janssen gaat er van uit dat allerlei verklaringen van getuigen, veel later, hun oorsprong hebben in de leugens van Mieremet – die ze bewust of onbewust napraten.

Officier van justitie Lars Stempher vraagt Holleeder hoe en van wie hij weet hoe het met John Mieremet en zijn interview in De Telegraaf is gegaan. "Van wie weet u hoe dat tussen Mieremet en (officier van justitie Koos) Plooij is gegaan? U presenteert dat hier als waarheid, maar hoe komt u daarbij?" Holleeder: "Ik heb die kennis opgedaan."

Stempher: "Als u het zo stellig stelt, is het een heel normale vraag hoe u daar bij komt." Advocaat Sander Janssen: "Er zit een stuk in het dossier waarin Plooij vertelt over dat gesprek met Mieremet! U moet niet suggereren dat meneer Holleeder dat hier verzint!"

Stempher, ook op hoge toon, in de lucht priemend met zijn pen: "Het is toch een volstrekt normale vraag hoe uw cliënt aan zijn wetenschap komt?!" Aanklager Sabine Tammes, eveneens op hoge toon: "U moet toch kunnen uitleggen hoe u dingen weet, zodat wij het kunnen plaatsen?!" Holleeder: "Ik ga me hier niet de mond laten snoeren omdat ik steeds zou moeten kunnen vertellen van wie ik wat weet. Ik zeg wat ik wil. U hoeft ook niet zo te schreeuwen."

Officier Sabine Tammes: "Ik schreeuw niet. Anders zou het lijken alsof ik uit Amsterdam kom." Holleeder: "U schreeuwt wél. U lijkt op mijn zusters!" Gelach op de publieke tribune en aan de perstafels.

Het eerste onderwerp wordt (de aanloop naar) de liquidatie van Sam Klepper in oktober 2000.

Sam Klepper en zijn partner Sandra den Hartog waren in de jaren negentig naar een villa in het Belgische Neerpelt verhuisd omdat Klepper in Amsterdam groot gevaar liep te worden geliquideerd door 'de Joegomaffia' die hem en compagnon John Mieremet een boete van tien miljoen gulden hadden opgelegd.

De Egyptisch-Amsterdamse crimineel Magdi Barsoum, die beide partijen goed kende, weigerde te bemiddelen omdat 'de eerste kogel altijd voor de scheidsrechter is'.

In De Telegraaf verschenen van de hand van misdaadjournalist John van den Heuvel in de nazomer van 2002 twee geruchtmakende artikelen met Kleppers gewezen compagnon John Mieremet. Hij deed Van den Heuvel in een interview allerlei onthullingen over de stand van zaken in de Amsterdamse onderwereld.

Boven het interview stond de veelzeggende kop: 'Óf ik word geschoten, óf ik praat'. Later werd bij hem thuis de laptop gestolen waarin Van den Heuvel zijn gespreksnotities had gemaakt. Inmiddels zit de uitwerking van die aantekeningen in het dosssier. Mieremet vertelde de journalist onder veel meer dat de malafide vastgoedmagnaat Willem Endstra 'de bankier van de onderwereld' en 'intrigant' Willem Holleeder 'zijn bewaker' is.

Mieremet zei Van den Heuvel dat Sam Klepper in opdracht van Holleeder was doodgeschoten, omdat 'de gevaarlijkste eerst moest worden uitgeschakeld'. Dat is ook de overtuiging van weduwe Sandra den Hartog, die inmiddels een belangrijke getuige is in Holleeders zaak.

Holleeder kan niet wachten te reageren. "Het is niet zo dat Mieremet maar een dom schaapie is dat ineens een interview geeft aan Van den Heuvel. Op hem was in februari 2002 een mislukte aanslag gepleegd (op de Keizersgracht in Amsterdam) en hij had een belastingaanslag gekregen van zo'n tien miljoen (gulden). Hij is naar officier van justitie Koos Plooij gegaan om een deal te sluiten. Hij zou van alles vertellen over mij en Willem Endstra en hij zou de eerste twee aanslagen op Cor van Hout bekennen. Plooij trapte daar niet in en tien is-ie naar John van den Heuvel gegaan."

"Willem Endstra is meteen na die stukken in de krant benaderd door de CIE (Criminele Inlichtingeneenheid, de geheime dienst van de recherche). Ze vroegen of hij door Mieremet en zijn vrouw (Ria) werd afgeperst," zegt Holleeder.

"Endstra heeft gezegd dat hij niet door Mieremet werd afgeperst, maar door mij. Dat hele interview met John van den Heuvel in De Telegraaf was een opzetje met Mieremet. Hij wilde zijn geld veiligstellen. Ik vind dat John van den Heuvel zich heeft laten gebruiken."

Willem Endstra was wél die witwasser, zegt Holleeder. "Aan de andere kant doet Endstra wel precies wat Mieremet wil, omdat zijn advocaat Endstra had gedreigd dat er nóg een interview zou komen als Endstra níet zou doen wat Mieremet wilde."


Rechtbankvoorzitter Frank Wieland opent weer stipt op tijd de zitting met de mededeling dat 'jongste rechter' Margo Somsen vandaag de (meeste) vragen zal stellen. De zaak gaat verder met 'de aanloop (naar de moorden op Cor van Hout en Robert ter Haak) die we gisteren hebben ingezet'.

Rechter Somsen benadrukt dat ze niet wil herhalen wat eerder al is besproken op de achttien zittingen tot nu toe (en heel veel verhoren bij de onderzoeksrechter). Ze zal Holleeder vooral ook stukken voorhouden die de aanklagers en advocaten hebben geselecteerd.

Ook op de tweede dag van de behandeling van het dossier over de liquidatie van Heinekenontvoerder Cor van Hout en diens toevallige gezelschap Robert ter Haak ploegt de rechtbank zich vrijdag vanaf 10.00 uur door de aanloop naar die dubbele moord in januari 2003.

Zo zal de eerste, mislukte, moordaanslag op rivaal Johnny Mieremet aan de orde komen, in 2002 op de Amsterdamse Keizersgracht, maar ook bijvoorbeeld de liquidatie van de Egyptisch-Amsterdamse crimineel Magdi Barsoum in de Bloedstraat op de Wallen en de betrokkenheid van 'de Joegomaffia' onder aanvoering van Sreten 'Jotsa' Jocic bij allerlei onderwereldmoorden en de intriges die daaraan ten grondslag lagen.

Waar in de aanvankelijke agenda van de rechtbank stond dat voor het dossier over de liquidatie van Cor van Hout en Robert ter Haak in totaal liefst 22 zittingsdagen waren uitgetrokken, zal de realiteit waarschijnlijk overzichtelijker zijn: binnen die tijdspanne zou óók de veelbesproken moord op de malafide vastgoedmagnaat Willem Endstra al aan de orde moeten komen. Voor de zomerstop medio juli, dus.

Lees de analyse van misdaadjournalist Paul Vugts over de eerste dag van de behandeling van de dubelle moordzaak. 'Het is niet zomaar dat je ergens voor lang geld kan begraven'

Rechtbankvoorzitter Frank Wieland vindt het een mooi moment om het verhoor voor vandaag te staken. "Er is al met al veel gepraat." Holleeder: "Daar ben ik voor gekomme!"

Volgens zussen Astrid en Sonja joeg Willem rond de tweede aanslag in 2000 op Cor van Hout. Sonja moest volgens Astrid de lamellen van hun woning in een bepaalde stand zetten als Cor thuis was in Amstelveen, zodat Holleeder hem kon (laten) pakken.

Holleeder: "Ik sprak in die tijd gewoon met Cor af. En ik had Sonja ook gewoon een één-op-één-prepaidje (telefoon) kunnen geven en dan had ze 'ja' kunnen smsen als hij er was. Wie gaat nou de hele dag langs een woning rijden om te kijken hoe de lamellen staan?! Hij kon na vijf minuten ook wel weer weg zijn!"

Advocaat Sander Janssen wijst er op dat Cor van Hout volgens vele getuigen vond dat Willem Holleeder de tweede aanslag op hem had moeten voorkómen omdat hij 'met John Mieremet liep', maar dat hij niét heeft gezegd dat hij dacht dat Mieremet die aanslag sámen met Holleeder had beraamd.

Officier van justitie Lars Stempher vraagt zich af of Sam Klepper en John Mieremet al in 1996 en 2000 'omgingen met Paja' (Maruf M.)? Holleeder: "Ja, in elk geval Klepper, Mieremet weet ik niet."

Kende Holleeder Joegoslaven? Holleeder: "Ik kende best wat Joegoslaven, maar alleen van 'hallo, moet je een bakkie koffie'."

Stempher: "Kent u Bato? (Milos 'Bato' P.)? Of Luka (B.)?" Holleeder: "Zo heten ze allemaal. Luka of Bato. Ik ken meer Luka's en meer Bato's. Ze hebben allemaal zulke namen. Ik vind dat moeilijke namen, van die Joegoslaven."

Peter R. de Vries verklaarde dat Willem Holleeder achter de tweede aanslag op Van Hout zat.

Holleeder ziet behalve twee Corren ook twee Peters: "Je hebt twee Peters. Tot ik in 2006 naar binnen ging (werd gearresteerd voor de afpersingen) heeft hij me altijd verdedigd en hadden we een vriendschappelijke relatie. Hij was een vriend. Maar de Peter van na mijn vrijlating in 2012 was een andere Peter R. de Vries. Toen was-ie bezig met die Heinekenfilm (in de Verenigde Staten) en was-ie samen met mijn zussen allerlei verhalen over mij in elkaar aan het zetten. De oude Peter R. de Vries zou met problemen gewoon naar me toe zijn gekomen, maar de nieuwe niet."

Peter R. de Vries 'is een heel nieuwsgierig mannetje', zegt Holleeder. "Zoals met Cor, zo wilde hij met mij ook over van alles praten. Over dagelijkse dingen, die ik gehoord heb. Peter is ook heel vaak bedreigd, dan kwam hij ook naar mij toe om te praten en kon ik op komen draven. Hij was wel eens gewaarschuwd dat hij zou worden vermoord omdat hij met mij op trok, na de moord op (crimineel) Jan Femer. Dan wilde hij met mij praten."

"Ik kan niet begrijpen wat er met Peter aan de hand is," vervolgt Holleeder. "Tot 2012 was het een goeie gozer, maar sinds-ie met (zus) Astrid in de rondte is gesprongen, ken ik hem niet meer terug. Mijn zus wil me in het pak naaien en Peter doet daar aan mee. Ik begrijp er niks van."

Na de moord op Cor van Hout ging Holleeder een tijd niet met Peter R. de Vries om. Holleeder: "Daarna weer wel. Maar nu ben ik de grote boef. Waar heb ik dit aan verdiend?

In 2012 is alles anders geworden. Nadat hij de eerste foto van me had mogen maken nadat ik uit de gevangenis was gekomen (in januari 2012), zouden we de winst delen. Hij kreeg daar tien ruggen voor, dus ik zou vijf ruggen krijgen. Die heb ik nooit gehad. Ik vroeg hem daar dan naar en dan zei-ie dat hij niks van de bank kon halen vanwege gedoe met de fiscus. Man, als je naar de hoeren gaat is dat toch ook geen probleem voor de fiscus?! Je haalt er toch gewoon vijf meier af? "

De rechtbank schakelt door naar de tweede aanslag op Cor van Hout in december 2000 in Amstelveen.

Cor van Hout was in die periode volop aan het dreigen. Dat hij Holleeder zou vermoorden en dat hij de kinderen van John Mieremet zou vermoorden. Holleeder: "Dat hij mij zou vermoorden, had hij al zo vaak gezegd. Hij zei ook dat hij John Mieremet en zijn zoon Barry zou vermoorden en dat hij het meissie van Barry in haar hart zou steken."

Willem Holleeder voelt zich geen 'overloper' die van Cor van Hout naar John Mieremet en Sam Klepper was overgelopen. "Je had de Cor van overdag en die was oké en je hebt de Cor van vier, vijf uur 's middags die allemaal rare dingen roept. Dat zijn twee Corren. Die tweede was een probleem, maar ik ben niet overgelopen, ik heb een probleem opgelost. Punt."

Cor van Hout zei in die periode dat 'Mieremet Holleeder niet kon vertrouwen' en dat hij het 'nu alleen moest doen'. Holleeder: "Ik heb Cor van Hout niet geholpen met dat soort dingen (liquidaties) en dat deed ik ook bij Mieremet niet. Ik doe zulke dingen niet."

Kroongetuige Fred Ros heeft verklaard dat hij had gehoord dat Willem Holleeder achter de aanslag op Ronald van Essen zat 'omdat hij het geld van Willem Endstra bewaakte'. "Ronald van Essen wilde alles (dat hij had ingelegd bij Endstra) terug en heeft een kogel door zijn kop gekregen."

Holleeder: "Ik ken die Ros niet. Nooit gesproken, nooit gezien, niks. Hij zegt er nog netjes bij dat hij het in het milieu heeft gehoord, maar er zijn er ook die van alles zeggen zonder daar bij te vertellen dat het maar verhalen zijn uit het milieu. Het is echt onzin. Ik ben nooit op het geld van Van Essen uit geweest. Ik had mijn eigen geld en dat was genoeg. Mijn geld was heus wel meer geworden bij Endstra."

Lees ook: In het megaproces tegen Willem Holleeder is Fred Ros één van de twee kroongetuigen. Wie is deze 'moordmakelaar'?

De stoel van Fred Ros in het liquidatieproces Passage Beeld anp

Rechter Benedicte Mildner gaat weer terug naar de aanslag waardoor xtc-handelaar Ronald van Essen invalide raakte.

Misdaadjournalist Bas van Hout vertelde eerder als getuige dat Sam Klepper, met wie hij goed contact had, hem had verteld dat hij die aanslag had geregeld in opdracht van Willem Endstra en dat hij daarvan spijt had.

Aanklaagster Sabine Tammes merkt op dat Willem Holleeder in zijn afpersingszaak heeft gezegd dat hij zelf van Sam Klepper had gehoord dat hij achter de aanslag op Van Essen zat. Holleeder: "Dat hoorde ik veel later van hem. Niet al in de week na de aanslag (in 1999), waarover we het nu hebben."

Rechter Mildner: "Wat dacht u zelf over de achtergronden van de aanslag op Van Essen?" Holleeder: "Nou ja, als iemand van een ander nog heel veel geld te goed heeft en diegene (de schuldeiser) wordt neergeschoten, dan denk je wel: 'Het zal toch niet?' Als je geld bij iemand hep, ben je kwetsbaar."

Rechter Mildner: "In uw visie kon Willem Endstra makkelijk betalen aan Van Essen (die tientallen miljoenen van hem moest krijgen)?" Holleeder: "Ja, natúúrlijk. Hij kon Van Essen makkelijk betalen en hij had Sam Klepper en John Mieremet kunnen betalen. Hij was steenrijk. Maar ja, hij deed het niet."

De rechtbank hervat de zitting.

Officier van justitie Lars Stempher heeft wat algemene vragen die hem tijdens de lunch te binnen zijn geschoten. Willem Holleeder heeft meermaals gezegd dat hij met bepaalde personen aantoonbaar geen contact heeft gehad in een bepaalde periode – en dat zou aantoonbaar zijn omdat hij vrijwel altijd door de recherche in de gaten werd gehouden.

Stempher: "Dinsdag bleek dat u vanuit de Extra Beveiligde Inrichting via de advocatenlijn met uw toenmalige raadsman Stijn Franken belde en sprak met misdaadverslaggever Peter R. de Vries. Daar is zo'n afgeschermde lijn natuurlijk niet voor bedoeld. Sprak u vaker zo met derden?" Holleeder: "Ook een keer met (Telegraafjournalist) John van den Heuvel, via (toenmalig advocaat) Bram Moszkowicz." Stempher: "Dat is alles?" Holleeder: "Dat is alles."

'Oudste rechter' Benedicte Mildner onderbreekt de zitting voor de lunch, tot 14.00 uur.

Ronald van Essen noemde Willem Holleeder 'de wielklem' omdat die altijd 'aan Willem Endstra vast zat'.

De zoon van Ronald van Essen heeft als getuige gezegd dat Endstra zijn moeder wel eens wat geld gaf 'voor boodschappen'. Hij 'hoorde in Spanje' dat Willem Holleeder niets met de aanslag op zijn vader te maken had en zei dat Holleeder 'gewoon een aardige vent' is.' Holleeder: "Eíndelijk eens iemand die dat zegt! Ik snakte er al naar!" Rechter Mildner: "Er komen nog meer mensen die dat zeggen."

Getuige Pieter van L. zegt dat Sam Klepper en John Mieremet in opdracht van Willem Endstra en met bemoeienis van Willem Holleeder de aanslag op Ronald van Essen hebben geregeld via Joegoslaven. Holleeder ontkent dat stellig.

Holleeder: "Wie echt het belang hep bij de moord op Van Essen is Sam Klepper, John Mieremet en Willem Endstra natuurlijk, want die had het geld."

Holleeder: "Willem Endstra heeft mij altijd gezegd dat hij Van Essen (na de aanslag) wél geld gaf, maar Endstra sprak tegen mij ook niet altijd de waarheid."

Een vriend maakte een geluidsopname waarin hij met Ronald van Essen besprak dat die geen geld meer had. Met die geluidsopname ging Holleeder naar Endstra zodat hij hem onder druk kon zetten Van Essen te onderhouden en 'op te houden met zijn kutverhalen'.

Holleeder gaf de geluidsopnames naar eigen zeggen uiteindelijk aan Peter R. de Vries. Hij gebruikte de opnames in een televisieprogramma. Wist Holleeder dat De Vries de opnames zou uitzenden, vraagt rechter Mildner? Holleeder: "Ja. En ik was daar niet rouwig om."

Voor de helderheid: behalve zijn geldzorgen, besprak de beschoten Ronald van Essen ook dat hij veel geld had ingelegd bij Endstra en dat hij daarom 'een kogel door zijn kop had gekregen'. Daarom bewaarde Holleeder de opnames, omdat die 'ooit nog wel van pas konden komen' (als hij een conflict zou hebben met Endstra).

Zussen Sonja en Astrid zeggen dat ze hun broer Willem hebben geholpen door Peter R. de Vries te faciliteren bij het maken van een uitzending over Willem Endstra, waarin die na zijn dood in mei 2004 werd neergezet als een heel grote crimineel (een veel grotere crimineel dan Willem Holleeder). Holleeder: "Mijn zussen hebben een heel draaiboek over de verhalen die ze in elkaar hebben gezet."

Bekijk hieronder de aflevering van Peter R de Vries uit 2006 over Willem Endstra.

Rechter Mildner gaat over naar de aanslag op xtc-handelaar Ronald van Essen met kerst 1999 voor diens woning in Amsterdam-Zuid.

Van Essen werd in zijn auto door zijn hoofd geschoten. Hij overleefde dat wonderwel, maar raakte zwaar invalide. Hij zit tot op de dag van vandaag in een rolstoel en vecht voor genoegdoening omdat 'de familie' Endstra (de in 2004 geliquideerde Willem Endstra en zijn broer Haico) naar zijn stellige overtuiging de opdracht had gegeven hem dood te schieten. Want de Endstra's wilden de tientallen miljoenen niet terugbetalen die Van Essen bij ze had belegd.

Mildner, tegen Holleeder: "U heeft verteld dat Van Essen bij Endstra terecht kwam en dat Endstra vreesde dat zijn geld in gevaar kwam. Sam (Klepper, die ook bij Endstra had belegd) zou hebben besloten dat Van Essen moest worden geliquideerd." Holleeder: "Ja."

Cor van Hout, die in de gevangenis bevriend was geraakt met Ronald van Essen, zei in 1999 ook dat Van Essen was neergeschoten omdat hij zijn oude schuld wilde innen. Van Hout, toen, kort na de aanslag: "Van één persoon moest hij nog héél veel geld krijgen." Het zou gaan om 75 miljoen gulden.

'Joego's' zouden de liquidatiepoging op Van Essen hebben gepleegd, rechtstreeks aangestuurd door Sam Klepper en John Mieremet. Holleeder: "Het klopt dat Ronald van Essen zijn geld kwam halen (bij Endstra)." Ronald van Essen heeft verklaard dat Holleeder zijn vordering wel had willen overnemen. Holleeder: "onzin."

Na de aanslag op Van Essen moest zijn vriendin Gaby volgens een getuige 'bij de Albert Heijn boodschappen pikken' om te eten te hebben.

Lees ook: Na een mislukte liquidatie belandde xtc-handelaar Ronald van Essen in een rolstoel. Hij is vastbesloten te bewijzen dat Willem Endstra, van wie hij tientallen miljoenen tegoed zegt te hebben, de opdracht gaf. "Wraak is mijn motief."

Ex-drugshandelaar Ronald van Essen: 'Wraak is mijn motief' Beeld Ronald van Essen

Rechter Mildner haalt een gesprek aan dat zus Astrid heimelijk heeft opgenomen, waaruit duidelijk het beeld rijst dat Holleeder de werkelijke eigenaar was van de gokhallen op de Wallen. Holleeder spreekt bijvoorbeeld over 'mijn personeel'.

Mildner: "Als ik die conversatie zo zie, kan ik moeilijk anders dan concluderen dat het (de gokhallen) úw verantwoordelijkheid was. Dan denk ik: u bent de eigenaar. Niet op papier, maar wel feitelijk." Holleeder: "Mijn broertje (Gerard) heb ik altijd tien ruggen per maand gegeven om op mijn spullen te letten, maar dat was wat anders dan de gokhallen. Verder beroep ik me op mijn verschoningsrecht."

"Willem Endstra wilde die hallen wel aan mij geven, maar ik wilde dat gedoe met vergunningen niet, want die kunnen ze afpakken." Zus Astrid zegt ook dat de gokhallen van Willem waren. Willem Endstra zei in zijn achterbankgesprekken ook dat de gokhallen in werkelijkheid van Willem Holleeder waren. (Endstra zegt daarin: "Willem zei, als jij die nou koopt, dan zijn ze van ons samen.")

Holleeder: "Dat zijn allemaal onjuistheden. Endstra heeft wel meer onwaarheden verteld. Ik wilde gewoon mijn geld in onroerend goed."

Peter R. de Vries vertelde in 2007 ook dat de gokhallen volgens Cor van Hout van Willem Holleeder waren. Sonja Holleeder zegt ook dat de gokhallen van Holleeder waren, net zoals het bordeel in de Roompotstraat. Holleeder: "Dat bordeel heb ik gekocht omdat ik daar die club uit ging halen en daar appartementen wilde maken."

Holleeder, over de gokhallen: "Dat is een moeilijk verhaal. Dat is iets dat Marcel Kaatee (die op papier altijd de eigenaar van de gokhallen was) ook niet weet. Het is een verhaal tussen mijn broer Gerard en mij, maar dat vertel ik hier niet want dan krijgt mijn broertje problemen."

Zijn zussen liegen aanhoudend, zegt Holleeder nog eens. "U kent hun achternaam toch. Ze heten Holleeder en de appel valt niet ver van de boom. Hun weten ook donders goed dat ze liegen. Ze hebben eerst allemaal verhalen in elkaar gezet om te verdoezelen dat ze (de prostitutiepanden in Alkmaar) aan de Achterdam hebben. Dat hebben ze eerst altijd verzwegen. Nu hebben ze weer allemaal nieuwe verhalen in elkaar gezet. Hun hebben hun valse verklaringen in 2011 ingediend."

Holleeder zei in een opgenomen gesprek dat hij zijn broer Gerard 'twaalf jaar lang tien ruggen per maand heeft gegeven' om 'op het bedrijf te passen'. Ook 'jongste rechter' Margo Somsen vraagt hoe dat dan níet op de gokhallen kan slaan?

Holleeder: "Hij hep tien ruggen gekregen om op te passen, twaalf jaar lang, ja. Hij moest goed opletten. Dan wordt het (de gokhallen) verkocht, en blijft hij daar werken. Die twaalf jaar opletten voor tien ruggen per maand waren in zoverre voor de gokhallen dat... Nee. Ik ga het hier niet vertellen waar het eigenlijk om ging. Ik ga mijn broertje niet belasten."

De rechtbank sluit het hoofdstuk over de boedelscheiding af.

Officier van justitie Sabine Tammes stelt na de koffiepauze weer de eerste vragen.

Over de boete van 'een miljoen en twee klokjes' die Holleeder zegt te hebben betaald aan het kamp van Sam Klepper en John Mieremet om te voorkomen dat Cor van Hout, 'de vijfde Heinekenontvoerder' Rob Grifhorst en Holleeder zouden worden geliquideerd. Wat waren dat voor 'klokkies'? Holleeder: "Die ben ik gaan kopen op het Waterlooplein. De goedkoopste Rolexjes."

Sam Klepper had volgens Holleeder liever gehad dat die boete niet was betaald. Holleeder: "Die had liever een bloedbad gehad. Dat was zijn hobby."

Rechter Benedicte Mildner schakelt over op de boedelscheiding van de Heinekenontvoerders. Holleeder: "Iedereen werd natuurlijk flauw van Cor (van Hout). Ik was niet de enige die hem 'dikke hond' noemde. Heel veel mensen noemden hem 'dikke hond'. Ik heb zo vaak gezegd dat hij moest stoppen met drinken, want hij was heel verevelend, ook voor (zus) Sonja (Van Houts vrouw), maar na een paar dagen ging dat weer mis."

In de boedelscheiding kreeg Holleeder volgens vele getuigen en justitie de twee gokhallen op de Amsterdamse Wallen, maar die wilde hij naar eigen zeggen juist niet op zijn naam. Hij wilde 'geen gedoe met vergunningen'.

In Haarlem verdeelden Cor van Hout, Rob Grifhorst en Willem Holleeder de met het Heineken-losgeld aangeschafte bezittingen. Broer Gerard van Willem Holleeder bleef in de gokhallen werken op de Amsterdamse Wallen.

Sander Janssen haalt een verklaring van crimineel Mink Kok aan in het boek 'Kouwe Ouwe' over Stanley Hillis. Hij legt daarin uit hoe hij met anderen het plan had bedacht Sam Klepper en John Mieremet een boete van één miljoen op te laten leggen aan de Heinekenontvoerders, waarna Cor van Hout absoluut niet wilde betalen, maar Holleeder dat tot diens woede wel deed. Holleeder, nu: "Ik heb een bloedbad voorkomen."

Het verhaal van Kok in dat boek bevestigt in grote lijnen de lezing die Willem Holleeder over die boete heeft.

Officier Stempher, tegen Holleeder: "Wie zou, behalve u, kunnen bevestigen waaróm die boete betaald moest worden?" Sander Janssen: "Mink! Dat zeg ik net." Stempher: "Ik vraag het uw cliënt." Holleeder: "Het interesseerde mij niet waarom het was, maar ik stond voor de keuze: óf ik betaal een miljoen, óf het wordt een bloedbad. Ik vind het wel vervelend voor Cor (van Hout) dat hij was neergeschoten, maar hij had het ook wel zelf aangehaald met al zijn ellende."

Holleeder: "Eerlijk gezegd dacht ik eerst dat we een miljoen zouden kríjgen nadat Cor voor zijn flikker was geschoten. Maar het bleek een boete te zijn die we daar bovenop moesten betalen. Ik had geen keuze en heb betaald. Als je wist wie Sam Klepper en John Mieremet toentertijd waren... Ik vind dat ik de beste oplossing heb gekozen die er is. Dat Cor dat zuur vond, snap ik. Maar hij moest ook beseffen dat hij met al die narigheid van hem (zoals het aanhoudend beledigen van Klepper en Mieremet) die ellende over zich had afgeroepen."

Holleeder zegt dat hij in die 'best wel hectische periode' na de eerste aanslag op Van Hout, eerst dat miljoen betaalde en vervolgens nog 'twee klokkies'. "Ik heb er voor gekozen geen liquidaties te plegen en heb die boete betaald. Cor wilde het anders..."

Aanklager Stempher herhaalt dat hij opnieuw zal proberen Mink Kok te laten verhoren. Die zit na een celstraf daar, nog steeds in Libanon en kan het land niet uit omdat hij geen Nederlands paspoort meer krijgt vanwege een torenhoge belastingschuld. Mede daardoor zijn herhaalde pogingen Kok te verhoren mislukt.

Holleeder en zijn advocaten hopen dat Mink Kok 'het ontbrekende schakeltje' kan zijn dat Holleeders relaas bevestigt. 'De Allesweter' kan Holleeders verhaal ook bevestigen (waarschijnlijk Maruf 'Paja' M., een oude vriend van Holleeder, al wil Holleeder de identiteit van De Allesweter niet bevestigen. ).

Holleeder: "De Allesweter wil het helaas niet bevestigen. Dan houdt het op."

Holleeder noemt hem steeds weer: de 'Allesweter'. De wie?

Honderden leden van motorclub Hells Angels begeleiden de lijkauto met Sam Klepper erin naar de begraafplaats Beeld anp

Officier van justitie Lars Stempher merkt op dat Holleeder steeds 'zeer stellig' zegt 'de waarheid te spreken', maar dat tussen zijn lezingen ook geregeld 'discrepanties' zitten. "Dat punt komt telkens terug. Wat ik u hoor zeggen is: 'Ik loog in het verleden voor mijn zussen. Altruïstisch, want u was zelfs bereid ten onrechte zes jaar cel te pakken (in zijn afpersingszaak)." Sander Janssen: "Dat hééft mijn cliënt nooit gesteld. Hij hád nooit gedacht zes jaar celstraf te zullen krijgen!"

Stempher gaat verder. "U zat in College Tour en zei dat u óf geen antwoord zou geven óf de waarheid zou spreken." (Toch vertelde Holleeder daar bijvoorbeeld dat hij niets wist van het losgeld en dat het verbrand was.) Holleeder: "Ik zit daar gewoon voor publiek hè, niet bij de rechter?! Dat was gewoon een of ander programma. Denkt u dat mensen daar allemaal de waarheid vertellen? Waarom moet ik iedereen vertellen hoe het echt is? Als de rechter het vraagt, of u, vertel ik de waarheid."

Officier van justitie Sabine Tammes laat terloops vallen dat ze er rekening mee houdt 'dat Willem Holleeder onder één hoedje heeft gespeeld met Sam Klepper en John Mieremet' (bij de eerste aanslag op Cor van Hout).

Raadsman Sander Janssen veert op: "Kunt u daar één bewijsmiddel voor noemen?!" Rechter Benedicte Mildner: "Dit lijkt me meer iets voor requisitoir en pleidooi..." Raadsman Janssen wijst er op dat er weliswaar veel afgeluisterde gesprekken zijn waaruit blijkt dat Holleeder in die tijd zeer laatdunkend, denigrerend en boos over Cor van Hout sprak, maar dat er in die tijd 'veel meer mensen waren voor wie dat gold', onder wie zijn eigen vrouw Sonja.

Rechter Mildner neemt nog allerlei bewijsmiddelen en verklaringen door – ook van zus Sonja – waaruit betrokkenheid van Holleeder kan blijken bij de eerste aanslag op Van Hout. "Ik vind het schandalig wat voor verklaringen allemaal in elkaar zijn gedraaid. Ik heb ook niet Cors woning aangewezen. Hij woonde toentertijd vooral in Buitenveldert. Dus als ik zijn woning had aangewezen, hadden ze (de huurmoordenaar en diens eventuele helper) wel in Buitenveldert gestaan)."

Over een incident waarbij tijdens een bemiddelingspoging een vuurwapen van Holleeder op de grond zou zijn gevallen, zegt die: "Bij mij vallen ze altijd op de grond. Daarom stop ik het ook liever in het handschoenenkastje (van de auto)."

Bekijk de aflevering van College Tour met Willem Holleeder hieronder terug.

Rechter Mildner stapt over naar de eerste aanslag op Cor van Hout, in 1996 in de Deurloostraat in de Amsterdamse Rivierenbuurt.

In het onderzoek 'Deur' naar die zaak kwam naar voren dat een Joegoslavische crimineel de uitvoerder zou zijn. Dat was een contact van Milos 'Bato' P., die weer bevriend was met Maruf 'Paja' M. – een vriend van Holleeder, zo bevestigt die.

Holleeder noemde Cor van Hout, met wie hij gebrouilleerd was geraakt, in die periode 'die schele hond'.

Rechter Mildner neemt in een heel vlotte vogelvlucht het dossier door over van de zaak 'Deur'. Holleeder duikt daarin geregeld op. Zoals bij een ontmoeting tussen de malafide vastgoedmagnaat Willem Endstra en de malafide vastgoedhandelaar Jan Dirk Paarlberg en bij de woning van 'de vijfde Heinekenontvoerder' Rob Grifhorst in Vinkeveen. Toevalligheden die niets te betekenen hebben, volgens Holleeder.

In aantekeningen van Telegraaf-journalist John van den Heuvel over zijn gesprekken met crimineel John Mieremet staat dat Willem Holleeder volgens Mieremet het huis van Cor Van Hout in de Deurloostraat had aangewezen. Onzin, zegt Holleeder. "Ik heb die woning ab-so-luut niet aangewezen. Écht onzin." Overigens 'wist iedereen' volgens Holleeder waar Van Hout woonde en was hij zelf op de vlucht voor rivalen in die tijd.

Holleeder: "Ik ben toen veel in Italië geweest. Dan weer een paar dagen daar, dan weer een paar dagen hier. Wanneer en hoe precies weet ik niet meer. Het is zo lang geleden. Ik ga mensen ook niet noemen die daar van weten, want dan krijgen die weer allemaal last, met de media en zo." Advocaat Janssen: "De politie heeft ook geconstateerd toen dat meneer kennelijk op de vlucht was, dat hij zich verschool en zijn telefoon niet beantwoordde."

Getuige Edgar van Lent, een zelfverklaarde oude vriend van John Mieremet, zegt dat Mieremet achteraf heeft toegegeven dat hij Cor van Hout had laten beschieten. Mieremet zou zich 'door Sam hebben laten opjutten' (Sam Klepper, zijn criminele compagnon). Cor van Hout had Sam Klepper en John Mieremet geregeld beledigd en er zou ook 'zakelijk wat mis zijn gegaan' in de drugshandel.

Holleeder, nu: "Ik heb aangenomen wat ze zeiden, dat ze er achter zaten (achter de eerste aanslag op Cor van Hout), maar daarna heb ik het laten rusten. Ik moest voorzichtig zijn, want ze moesten niet denken dat ik iets zou ondernemen."

'Oudste rechter' Bénédicte Mildner begint de zitting met het bespreken van 'de voorgeschiedenis' van de liquidatie van Cor van Hout (24 januari 2003). Ze loopt in hoofdlijnen door de agenda voor de komende dagen.

Zo zal aandacht worden besteed aan de ontvoering van Freddie Heineken en zijn chauffeur Ab Doderer; de eerste aanslag op Cor van Hout in 1996; de breuk tussen Willem Holleeder en Cor van Hout en de verdeling van het met losgeld verworven vermogen; de aanslag op xtc-handelaar Ronald van Essen met Kerst 1999; de liquidatie van crimineel Sam Klepper in oktober 2000; de tweede aanslag op Cor van Hout in 2000; de boete van 10 miljoen euro die 'Joegobaas' Sreten 'Jotsa' Jocic zou hebben opgelegd; de moord op crimineel Magdi Barsoum en de eerste aanslag op crimineel Johnnie Mieremet in 2002.

Over het losgeld van de Heinekenontvoering herhaalt Holleeder nu dat hij het losgeld goeddeels zelf heeft opgegraven – anders dan de later geliquideerde Thomas van der Bijl in een geheim verhoor heeft gezegd.

Holleeder: "Ik heb al meerdere keren gezegd: 'Ik kén aanwijzen waar het begraven was'. Bij een boom, ik denk met de letter F. Misschien staat die letter er nog in. Ik zou het best kunnen zeggen als Van der Bijl het losgeld had opgegraven, maar ik kan dat moeilijk zeggen als ik het zelf heb gedaan."

Van der Bijl heeft tot in detail verteld hoe hij het losgeld opgroef in 'een homofielenbos' in Parijs, een bepaald aantal stappen van een boom. De broer van Cor van Hout, Ad, hielp Van der Bijl onderweg.

Officier van justitie Sabine Tammes breekt in met de mededeling dat Ad van Hout onlangs opnieuw is verhoord. Die zegt nu, anders dan voorheen, dat hij inderdaad met Thomas van der Bijl naar het bos in Parijs is gereden. Van der Bijl is daar gaan graven. Om de twee uur zou hij zich melden. De 'moeizame zoektocht' duurde twee dagen. Toen Van der Bijl het losgeld eindelijk had gevonden, zouden ze Van der Bijls auto hebben opgehaald bij het vliegveld Charles de Gaulle en, zegt Ad van Hout, uiteindelijk hebben gezien dat Van der Bijl twee grote vaten achterin zijn auto laadde. Uiteindelijk zouden ze Cor van Hout hebben laten weten dat het gelukt was het losgeld op te graven.

Advocaat Sander Janssen van Willem Holleeder herhaalt dat Holleeder geen reden zou hebben een ander verhaal op te hangen als Van der Bijl het losgeld inderdaad had opgegraven, 'maar wij stellen dat álles wat Van der Bijl heeft verteld, onjuist is'.
Broer Jopie van der Bijl (van de vermoorde Thomas van der Bijl) heeft als getuige verteld dat hij het losgeld weer van Thomas had overgenomen en begraven 'in een tuinhuisje'.

Holleeder, nu: "Ik zit al jaren in de EBI (Extra Beveiligde Inrichting in Vught) en weet niet hoe de hazen buiten lopen. Maar ík heb het losgeld opgegraven en als u dat wilt kan ik de boom aanwijzen waar het begraven is geweest." Het bos waar Holleeder op doelt is in Lage Vuursche, niet in Parijs.

Holleeder ontkent dat Cor van Hout en hij het losgeld naar Parijs hebben gebracht. "Toen waren er nog geen open grenzen en alles wat uit Nederland kwam, werd gecontroleerd, want Nederland is: drugs."

Holleeder: "Het is niet zomaar dat je ergens geld kén begraven en zomaar kén laten liggen. Dat gaat rotten. Daar gaan knaagdieren aan knagen. Voor mij is dit heel frustrerend, want ik weet dat ik het zelf heb opgegraven al heel snel na de ontvoering."

Een slordige drieënhalve maand na aanvang van de veelvoudige liquidatiezaak tegen Willem Holleeder en met zeventien zittingsdagen achter de rug zet de rechtbank zich vanaf 10 uur aan het eerste concrete moorddossier, in ‘de bunker’ in Amsterdam-Osdorp.

Het gaat meteen om een geruchtmakende dubbele moord: de liquidatie van Holleeders gewezen ‘bloedgabber’, misdaadcompagnon én zwager Cor van Hout en botenhandelaar Robert ter Haak, op 24 januari 2003.

De twee wandelden richting de Amstelveense Stationsstraat na een lunch in Chinees restaurant Royal San Kong aan de Dorpsstraat toen twee mannen op een rode BMW-motor kwamen aanrijden. De passagier vuurde met een automatisch wapen tientallen kogels af. Van Hout (45) stierf op straat; Ter Haak (36), die ook door meerdere kogels was geraakt, overleed later in het ziekenhuis.

De daders vluchtten via de Doprsstraat. Bij een bruggetje langs de Kalfjeslaan wilden ze de in Limburg gestolen motor in een sloot laten zinken, maar die bleef grotendeels boven water hangen.

Op Van Hout waren al twee aanslagen gepleegd in 1996 (in de Deurloostraat in de Amsterdamse Rivierenbuurt) en in 2000 (op de Catharina van Renneslaan in Amstelveen).

Kroongetuige Fred Ros, de later beide geliquideerde Willem Endstra en Thomas van der Bijl én Van Houts weduwe Sonja Holleeder en zus Astrid beschuldig(d)en Holleeder ervan de opdracht te hebben gegeven voor de liquidatie van zijn jeugdvriend – met wie hij in 1996 had gebroken.

De recherche beschouwde ook John Mieremet lang als mogelijke opdrachtgever van zowel de moordpoging in 2000 als de uiteindelijke liquidatie. Holleeder en Mieremet kunnen rond de moord ook hebben samengewerkt, was het idee.

Op de tweede dag waarop ze werd verhoord gooide Astrid Holleeder een bommetje door te onthullen dat haar broer Willem haar in een heimelijk opgenomen (maar op dat punt vrijwel onverstaanbaar) gesprek had gezegd dat de al vaak genoemde crimineel Sjaak B. de bewuste motor van de schutter bestuurde. “Ik heb die naam (eerder) niet willen noemen vanwege de veiligheidsrisico’s, maar ik heb nu toegezegd gekregen dat ik bescherming blijf genieten. De man die volgens mijn broer de motor bestuurde, is Sjaak B.”

Justitie liet wapenfanaat Sjaak B. prompt arresteren, maar hij kwam al snel weer vrij wegens gebrek aan bewijs.

Ook kroongetuige Fred Ros is vaak genoemd als bestuurder van de motor. De tot levenslang veroordeelde huurmoordenaar Jesse R. zou volgens velen ook een sleutelrol hebben gespeeld bij de liquidatie.

Uit reacties op sociale media en misdaadwebsites blijkt dat veel volgers niet beseffen dat de rechtbank Holleeders monsterproces tot nu toe slechts heeft ingeleid met de verhoren van Holleeder zelf, zijn zussen Sonja en Astrid, ex Sandra den Hartog en misdaadjournalist Peter R. de Vries. Waar volop wordt betoogd dat het aanklagers Sabine Tammes en Lars Stempher kennelijk ontbreekt aan concreet bewijs dat Holleeder achter de zes onderwereldmoorden zit waarvan hij wordt beticht, is de inhoudelijke behandeling van al die liquidaties nu pas echt aangebroken.

De rechters, aangevoerd door voorzitter Frank Wieland, nemen alleszins de tijd. Zo zijn voor het dossier ‘Viool’ over het doodschieten van Van Hout en Ter Haak tot in juli liefst 22 (!) zittingsdagen uitgetrokken.

Dit is de planning voor het megaproces tegen Holleeder

Willem Holleeder (l) en Cor van Hout kort na de ontvoering van Heineken. Beeld anp

Misdaadjournalist Peter R. de Vries zou één dag getuigen tegen Willem Holleeder, maar ook een tweede dag bleek dinsdag niet genoeg. Zijn documenten blijven vragen oproepen.

Paul Vugts blikt terug op het tweede verhoor van Peter R. de Vries.

Vrijwel zeker zal Peter R. de Vries nogmaals worden opgeroepen als getuige, op basis van alles wat op 9 april en vandaag is besproken, en alle stukken waarover De Vries beschikt en die hij mogelijk zal inbrengen 'na één nachtjes slapen of meer nachtjes slapen'.

De zaak gaat donderdag verder, om 10 uur. Dan zet de rechtbank zich aan het omvangrijke dossier 'Viool' over de liquidatie van Cor van Hout en zijn disgenoot Robert ter Haak na een lunch in een Chinees restaurant in Amstelveen op 24 januari 2003.

De zitting wordt donderdag 24 mei om 10 uur hervat.

Willem Holleeder heeft 'wel wat vragen aan Peter', al 'wordt het in deze hoedanigheid een welles-nietesspel' – dus het meeste laat Holleeder maar zitten.

Wel komt hij terug op het telefoongesprek met De Vries vanuit de Extra Beveiligde Inrichting in 2011.

Holleeder: "Ik had niet gewild dat dat gesprek over de advocaten van Dino Soerel ooit bekend zou worden, maar het is nu wel gebeurd. Dat ik meneer De Vries vanmorgen beschuldigde van meineed, was omdat hij zei dat ik had gebeld vanuit de EBI, maar dat kon helemaal niet. Ik heb me vergist, meer niet, want ik dacht niet dat hij dit gesprek bedoelde."

De rechtbank werkt toe naar een einde aan de zittingsdag.

De rechtbank vraagt De Vries wie 'De Allesweter' is waarvan sprake is. De Vries: "Als ik een Allesweter zou moeten noemen, zou ik met een knipoog zeggen dat het (misdaadjournalist) Bas van Hout is. Hij is van alles op de hoogte en kent iedereen.

Ik heb nu inmiddels wel kennis van wie het wel zou zijn. Meneer M. (Maruf 'Paja' M., een oude vriend en gewezen misdaadpartner van Holleeder)."

Aanklager Lars Stempher houdt De Vries verklaringen van Holleeder voor waarin die stelt dat Cor van Hout kort na de Heinekenontvoering, in 1986, aan Peter R. de Vries had gevraagd geld mee te nemen naar Guadeloupe – waar Van Hout en Holleeder in een soort hotelarrest zaten in afwachting van een problematische uitlevering aan Nederland.

Van Hout zou hebben gesuggereerd dat het om losgeld ging, zodat hij De Vries 'aan een touwtje had' als hij met dat zwarte geld zou zijn gaan reizen voor de ontvoerders.

De Vries: "Ik schaar dit onder het kopje karaktermoord. Willem Holleeder had voorspeld dat hij mij zwart zou maken als hij last van me zou krijgen.

De Vries: "Het is onzin, maar bij Holleeder heeft alles een ondergrond, die hij gebruikt. Toen de ontvoerders op Guadeloupe zaten, kwam op enig moment aan de orde dat Van Hout en Holleeder teruggebracht zouden worden naar Frankrijk.

Voor het vertrek naar Frankrijk, waarvan Van Hout dacht dat hij in de gevangenis zou worden geplaatst, haalde Van Hout uit zijn broekzak een bundel 20-dollarbiljetten met het verzoek aan mij om dat aan Sonja te geven zodat het niet bij de politie terecht zou komen. Ik heb dat aangepakt, juist omdat ik wist dat het géén losgeld kon zijn omdat het van andere valuta was. Dat had verder geen betekenis."

De Vries: "Als me dat nu zou vragen, zou ik zeggen: 'Nou, dat moest ik maar niet doen. Maar ik was toen een angry young man. Nu probeert Holleeder er een draai aan te geven."

De Vries voegt nog wat toe dat voor hem heel belangrijk is: "Holleeder heeft meermaals gezegd en gesuggereerd dat ik een verhouding zou hebben of hebben gehad met zijn zus Sonja Holleeder. Ik ken haar sinds 1986. Ik heb nooit ook maar één uur, één minuut, één seconde een verhouding met haar gehad, een relatie, een aanraking of wat ook. Ik put me hier in uit omdat ik niet een soort Clinton-achtige situatie wil laten bestaan."

De Vries is geëmotioneerd.

De Vries: "Ik ben in al die jaren met Sonja vrijwel nooit met haar alleen geweest. Altijd was hun moeder Stien er bij, of Astrid, of de kinderen van Sonja of mijn vrouw of mijn kinderen. Het is 'infaam en abject' dat Holleeder dit blijft roepen, om maar eens een oud-raadsman van hem te citeren. Maar Willem Holleeder heeft nooit iets belangeloos gedaan en kan zich dus niet voorstellen dat een ander dat zou doen."

Willem Holleeder heeft ook wel gezegd dat Peter R. de Vries 'was aangekleed met Versace-kleding' door Cor van Hout – wat volgens Holleeder tot een witwaszaak zou kunnen leiden omdat hij zo crimineel geld zou hebben aangepakt.

De Vries: "In die kledingzaak waarin dat zou zijn gebeurd ben ik nog nooit een uur, vijf minuten of één minuut geweest.

Ik heb een kledingsponsor en ik kan alle kleding krijgen die ik wil en ik heb een enorme garderobe. Ik heb meer kleding dan alle vrouwen hier in de zaal. Ik ben blij dat ik de gelegenheid krijg dat allemaal hier in het openbaar onder ede uit te spreken."

Kort voordat Willem Holleeder op televisie in College Tour zou verschijnen, stond hij ineens bij De Vries voor de deur met de vraag wat de misdaadjournalist er van vond dat hij aan dat interviewprogramma mee deed.

De Vries: "Volgens mij heb ik hem wel voorgehouden dat hij daar een risico mee liep. Dat je daar ongelooflijk kan afbranden."

Aanklager Lars Stempher houdt De Vries verklaringen van Holleeder voor waarin die stelt dat Cor van Hout kort na de Heinekenontvoering, in 1986, aan Peter R. de Vries had gevraagd geld mee te nemen naar Guadeloupe – waar Van Hout en Holleeder in een soort hotelarrest zaten in afwachting van een problematische uitlevering aan Nederland.

Van Hout zou hebben gesuggereerd dat het om losgeld ging, zodat hij De Vries 'aan een touwtje had' als hij met dat zwarte geld zou zijn gaan reizen voor de ontvoerders.

De Vries: "Ik schaar dit onder het kopje karaktermoord. Willem Holleeder had voorspeld dat hij mij zwart zou maken als hij last van me zou krijgen.

De Vries: "Het is onzin, maar bij Holleeder heeft alles een ondergrond, die hij gebruikt. Toen de ontvoerders op Guadeloupe zaten, kwam op enig moment aan de orde dat Van Hout en Holleeder teruggebracht zouden worden naar Frankrijk.

Voor het vertrek naar Frankrijk, waarvan Van Hout dacht dat hij in de gevangenis zou worden geplaatst, haalde Van Hout uit zijn broekzak een bundel 20-dollarbiljetten met het verzoek aan mij om dat aan Sonja te geven zodat het niet bij de politie terecht zou komen. Ik heb dat aangepakt, juist omdat ik wist dat het géén losgeld kon zijn omdat het van andere valuta was. Dat had verder geen betekenis."

De Vries vertelt dat hij na de liquidatie van de omstreden vastgoedhandelaar Bertus Lüske (augustus 2003, bij restaurant Frankendael aan de Middenweg in de Amsterdam, red.) 'Bulldozer Bertus', door diens weduwe en dochter werd benaderd omdat zij bang waren dat de zaak niet zou worden opgelost.

In een ochtend was hij bij de erven Lüske geweest, 's middags zag hij Willem Holleeder. Die vroeg of hij nog met wat interessants bezig was.

De Vries: "Ik zei hem dat ik bezig was met die zaak-Lüske. Het is me altijd bijgebleven dat Holleeder fel reageerde en zei dat ik dat niet moest doen."

Iets soortgelijks gebeurde later toen De Vries in een gesprek met Holleeder had geopperd dat Stanley Hillis mogelijk wat van doen had met de moord op Cor van Hout. Holleeder zei met nadruk dat het 'onverstandig' zou zijn als De Vries daar wat mee zou doen.

Aanklager Stempher vraagt zich af waarom De Vries nooit een uitzending maakte over de liquidatie van Cor van Hout.

De Vries: "Gaandeweg had ik kenbaar gemaakt dat ik een vriendschap had met Cor van Hout. Dat gaf een groot dilemma.

Als ik een programma aan de liquidatie zou wijden, zouden mensen misschien wel terecht zeggen: 'Ja, maar, Van Hout was een vriend van je'.

Ik deed mijn onderzoek in de luwte. Als ik er géén programma over maakte, kon ik vrijmoediger met ze praten. Nu kon ik zeggen: 'Het is niet voor een uitzending, maar ik ben het zelf aan het uitzoeken'."

Stempher deelt een door een notaris gewaarmerkte overeenkomst uit die De Vries opstelde met Heinekenontvoerders Cor van Hout en Willem Holleeder, over het door hem te publiceren boek over de Heinekenontvoering.

De afspraken werden gemaakt in 1986, in 1987 'legaliseerde' de notaris die, zegt De Vries.

Stempher: "In punten 10 en 11 is al sprake van eventuele filmrechten..."

De Vries: "Er was toen nog niet eens een boek. Ik heb die overeenkomst zelf opgesteld en maar rekening gehouden met zo veel mogelijk punten, maar van een verfilming was nog geen sprake."

Stempher: "De verdeelsleutel staat genoemd. De revenuen zouden gaan naar Cor van Hout, (diens vriend en manusje van alles) Thomas van der Bijl en u. Wist meneer Holleeder hier van?"

De Vries: "Hij was er bij aanwezig in dat hotel, maar ik weet 32 jaar later niet precies meer alle details."

De Vries zal heus hebben gezegd: 'Dit is wel een film', maar 'dit was echt het begin'.

De Vries: "Ik nam ook wel een risico. Ik had Cor van Hout beloofd dat hij een veto zou hebben over het boek. Dat was een enorm risico. Het was nodig om hem over de streep te trekken om dat boek te maken."

Advocaat Sander Janssen vraagt zich af of De Vries' gesprekken met Holleeder als vertrouwelijk moesten worden beschouwd?

De Vries: "Daar is niet steeds vooraf iets over afgesproken. U hoorde ook in de door mij opgelezen gespreksverslagen dat Willem Holleeder ergens vroeg of ik een geheim kon bewaren. Dat zou hij niet hoeven vragen als alles geheim had moeten blijven."

Raadsman Janssen: "Heeft u meneer Holleeder wel eens geconfronteerd met de verdenkingen die u tegen hem had, bijvoorbeeld over zijn vermoede betrokkenheid bij de liquidatie van Cor van Hout?"

De Vries: "Ja. Maar als journalist ga je geen vragen stellen waarvan je weet dat het antwoord niet de waarheid zou zijn. Dan zou je jezelf belachelijk maken. Je vraagt er omheen. Hij heeft wel laten doorschemeren dat hij meer wist over die liquidatie van Cor van Hout, maar mij niet alles verteld."

Advocaat Sander Janssen houdt De Vries voor dat hij in zijn contacten met Holleeder of met de recherche nooit heeft laten doorschemeren dat hij vermoedde dat Holleeder achter de liquidatie van Cor van Hout zat.

De Vries: "Dat zou buitengewoon dom zijn, zeker als je geen enkele harde aanwijzing hebt."

De Vries benadrukt dat hij 'juist altijd open is blijven staan voor alternatieve informatie'.

De Vries: "Als ik morgen nieuwe informatie zou krijgen die een andere richting in wijst dan naar Willem Holleeder, zou ik daar zeker achteraan gaan. Dat tekent mijn professionaliteit."

Advocaat Janssen is klaar met zijn ondervraging. Officier van justitie Lars Stempher neemt het stokje over. Ook hij en zijn collega Sabine Tammes 'hebben nog wat punten te bespreken' met de getuige.

In het bewuste televisieprogramma 'nam' De Vries het volgens rechtbankvoorzitter Wieland 'op voor meneer Holleeder'.

De Vries: "U zult het programma hebben teruggekeken. ik niet. Ik heb nadien nog heel veel programma's gemaakt."

Het programma was zeker in het voordeel van Holleeder.

De Vries: "Maar dat was niet de opzet. Mij ging het er om of het waar en relevant was wat ik wist en in handen had en of ik het kon brengen. Aan beide voorwaarden was voor 110 procent voldaan. Er waren vele collega-journalisten die in handen hadden willen hebben wat ik in handen had."

Officier van justitie Sabine Tammes vraagt of 'het bescheiden mapje' dat De Vries bij zich heeft, de gehele weerslag is van wat hij met Holleeder had besproken.

De Vries: "Mijn archief is onnoemelijk groot en beslaat na veertig jaar misdaadjournalistiek meer dan honderd meter. Niet alles zit onder de letter 'H' van Holleeder. Soms dacht ik dat het wellicht beter paste in een ander mapje, en kom ik het daar tegen."

De Vries heeft ook nog zijn agenda uit 2004 in zijn binnenzak. Officier van justitie Sabine Tammes heeft daar belangstelling voor, zegt ze.

De Vries: "Het verbaast me dat u dat vraagt. Ik ben in 2007 uit eigener beweging gekomen met de mededeling dat ik die agenda nog had, maar niemand heeft er belangstelling voor getoond. Van mij mag u de agenda inzien. Ik geef die niet uit handen, want er staan allemaal privacygevoelige zaken in, maar u mag hem bekijken."

Aan de recherche vertelde De Vries eerder dat Holleeder wilde dat hij een boek zou schrijven dat de wereld zou schokken, te verschijnen na Holleeders dood. Alles wat tot dan was geschreven, zou verbleken bij dat boek.

Rechtbankvoorzitter Wieland: "Was dat boek dan zoiets als alles plat maken wat hij eerder in die gesprekken had verteld, in de gesprekken die u net heeft aangehaald?"

Ja, zegt De Vries: "Ik zou een slechte misdaadjournalist zijn als ik niet geïnteresseerd zou zijn geweest. Ik zag dat (boek) wel voor me."

Rechter Bénédicte Mildner: "Heeft u als journalist iets gedaan met de informatie die u van meneer Holleeder had gekregen?"

De Vries: "Ik moest daar natuurlijk wel omzichtig mee te werk gaan. Ik kon moeilijk naar de woordvoerder van het Openbaar Ministerie bellen om te zeggen dat ik Holleeder had gesproken en dat die zei dat Mink Kok (de malafide ex-advocaat) Evert Hingst had laten vermoorden. De ene keer kun je meteen concreet iets met informatie doen en een andere keer helemaal niet."

Mildner: "Verwachtte Holleeder niet soms dat u wat met zijn informatie deed?"

De Vries: "Hij zei wel eens dat ik eens ergens in moest duiken. Bijvoorbeeld opdat (zijn rivaal) John Mieremet last van zou krijgen van een publicatie. Soms waagde ik ergens een belletje aan, soms niet."

De Vries maakte een uitvoerige uitzending over Willem Endstra, die daarin werd neergezet als een grote crimineel.

Rechter Mildner: "Was die uitzending een gevolg van uw gesprekken met meneer Holleeder?"

De Vries: "Niet rechtstreeks, maar zijn uitspraken over Endstra strookten wel met andere informatie en stukken die in mijn bezit waren gekomen. Het was een soort optelsom van allerlei factoren en informatie."

De rechtbank wil weten hoe De Vries aan door hem gepubliceerde geluidsopnames kwam waarop xtc-handelaar Ronald van Essen is te horen, in gesprek met een ander.

De Vries: "Ik ga hier niet zeggen hoe ik aan informatie kwam gedurende een journalistiek proces."

Rechtbankvoorzitter Frank Wieland: "Meneer Holleeder zegt dat hij ze aan u heeft gegeven."

De Vries: "Naar mijn weten zat Holleeder toen vast."

Rechter Mildner: "Zussen Astrid en Sonja Holleeder zeggen dat zij die opnames aan u hebben gegeven."

De Vries: "Dat is alweer wat anders."

De Vries heeft nu alle verslagen van zijn gesprekken met Holleeder doorgenomen.

Rechtbankvoorzitter Frank Wieland: "Wat was uw beeld bij die gesprekken met meneer Holleeder. Was het vriendschappelijk?"

De Vries: "Dat verscheelde per keer. Soms dacht ik ook dat hij wellicht iets probeerde in te steken. Zoals bij het verhaal dat Holleeder een politieman plat had omdat diens dochter was verkracht waarna het geslachtsdeel van de verkrachter door een crimineel zou zijn afgesneden. Dat is zo'n verhaal dat erg onwaarschijnlijk klonk. Maar ja, ik heb in mijn loopbaan geleerd dat het onwaarschijnlijkste in de onderwereld waar kan zijn. Ik heb het motto gehanteerd: 'Vraag niet hoe het kan, maar profiteer er van'."

De Vries gaat verder met een gespreksverslag van eind 2004, weer van een gesprek met Willem Holleeder. Die vertelde dat het bedrijf Convoy Vastgoed (een belangrijk bedrijf van vastgoedmagnaat Willem Endstra) 'eigenlijk van xtc-handelaars Ronald van Essen en Ton van Dalen was'.

Holleeder zou hebben gezegd: 'Kort nadat Van Essen om zijn geld was gekomen, lag hij op de grond.'

Ook in dat gesprek kwam aan de orde dat Willem Endstra volgens Holleeder opdracht aan Holleeder had gegeven zijn (Endstra's) compagnon Klaas Hummel wat aan te doen. 'Dan is alles van ons'. Ook zou Endstra aan Holleeder hebben gevraagd Hummels vrouw te ontvoeren.

De malafide ex-advocaat Evert Hingst zou Holleeder hebben gezegd dat Jan Dirk Paarlberg een probleem had met 'de Ouwe' (Stanley Hillis). Het draaide om een club op Ibiza. Dat werd opgelost door geld over te maken aan Hillis.

Het verhoor van Peter R. de Vries wordt hervat. De Vries merkt op dat hij werd getrakteerd op een lunch waarop hij niet had gerekend.

Op 6 december 2005 sprak De Vries weer met Willem Holleeder, nadat zus Sonja had gevraagd of ze langs kon komen. Niet Sonja, maar Willem verscheen.

Holleeder zei dat hij 'het complete dossier van Willem Endstra' had weten te pakken te krijgen. Het zou gaan om floppy's, waarvan hij vroeg of Peter R. de Vries die voor hem zou kunnen uitdraaien.

Holleeder zei die floppy's na 'lang werken' te hebben gekregen via een politieman wiens dochter was verkracht, waarna de penis van de verkrachter was afgesneden door een zware crimineel.

Holleeder zei dat hij tevoren wist dat crimineel George van Kleef zou worden doodgeschoten. Hij had Van Kleef kunnen waarschuwen, maar dat niet gedaan omdat die 'zijn mond niet kan houden'. Van Kleef werd vervolgens inderdaad geliquideerd.

De rechtbank pauzeert tot half twee voor de lunch.

In een nieuw gesprek in juni 2005 bezwoer Holleeder De Vries dat hij Willem Endstra nooit heeft afgeperst.

Hij benadrukte dat Endstra zelf slecht bezig was. Holleeder zei dat 'Endstra heel wat mensen heeft kapotgemaakt, geruïneerd of vermoord, of bijna vermoord'.

Hij noemde Ronald van Essen (die een aanslag overleefde en invalide raakte), xtc-producent Danny Leclerc en zichzelf, omdat Holleeder ook op Endstra's dodenlijst zou staan.

Holleeder vertelde De Vries hoe Willem Endstra 'iedereen oplichtte'. Hij nam tientallen miljoenen aan van criminelen, belegde dat in panden, maar betaalde de investeringen nooit terug.

Zelf zei Holleeder ook eens '25 miljoen' van Sam Klepper en Johnny Mieremet aan Endstra hebben gegeven, zodat die het kon investeren. Holleeder noemde allerlei liquidaties waarbij Endstra betrokken zou zijn geweest.

Holleeder beschuldigde misdaadjournalist John van den Heuvel er van 'partijdig te zijn' en in het voordeel van John Mieremet te schrijven, waarmee Van den Heuvel nog wel problemen zou krijgen.

Holleeder vertelde De Vries ook trots dat hij zakenman en beweerd faciliteerder van criminelen Marco P. uit Amsterdam-Noord in elkaar had geslagen in Amsterdam Noord (in café De Brulboei, PV), waarbij die wel 'vier keer knockout' was gegaan.

Ook P.'s vrouw zei Holleeder een klap te hebben gegeven. 'Ja ik sla vrouwen. Kinderen ook, als het moet'.

In een ander gesprek zou Holleeder aan De Vries hebben verteld dat de beruchte crimineel Mink Kok de malafide (ex-)advocaat Evert Hingst heeft laten doodschieten (eind 2005 in Amsterdam-Zuid). Dat zou Kok zelf aan Holleeder hebben gezegd.

Holleeder zegt in dat gesprek eind 2005 dat 'Jotsa ontzettend bezig is' ('Joegobaas Streten Jocic). Jocic zat volgens Holleeder ook wel degelijk achter het plan officier van justitie Koos Plooij te vermoorden.

Niet omdat hij zelf teveel last van de aanklager had gehad, maar omdat Mink Kok was gepakt (vanwege een enorm wapenarsenaal dat in een flat aan de Nachtwachtlaan was gevonden).

Holleeder voorspelde in dat gesprek in november 2005 dat Mink Kok 'nog flink problemen zou krijgen met de liquidatie van (hasjhandelaar) Jaap van der Heijden (in Alkmaar)'. (Kok is inderdaad vervolgd voor het entameren van die bomaanslag, en werd na een geruchtmakend proces vrijgesproken, red.)

Op 22 januari 2005 sprak De Vries Willem Holleeder weer in Jan Tabak in Bussum. Er liep een 'Joego' met een ijsmuts op rond bij het hotel, wat zowel De Vries als Holleeder opviel.

Holleeder lachte toen De Vries hem op de 'Joego' wees.

De Vries: "Holleeder zei: 'Peet, een Joego rookt geen sigaretje vlak voordat hij een huurmoord gaat spelen'."

Ook in dit gesprek bespreken De Vries en Holleeder allerlei actualiteiten uit het criminele milieu. Het gaat ook over zakenman Erik de Vlieger, van wie Holleeder zei dat hij 'een vriend' was.

Daarna zei Holleeder: 'Hoewel, 'vriend' is teveel gezegd'. Holleeder zei dat De Vlieger niet brandschoon was, maar toch ging Holleeder naar 'de Joego's' die De Vlieger belaagden om te zorgen dat ze hem niet zouden doden'.

Holleeder noemde De Vlieger een 'rare kwiebus die rare dingen zei tijdens een vergadering'.

De Vries: "Hij gaf ook een voorbeeld, dat ik maar voorlees omdat het in het verslag staat: 'De Vlieger zei: 'Zo, nu ga ik, lekker neuken'."

Holleeder sprak ook over een plan topvechter Dick Vrij te vermoorden. Holleeder zei dat hij 'die zaak had stukgemaakt'.

Hij had dus een goede zaak verricht.

Holleeder: "Snap je nou dat ik wel eens pissig word van al die verhalen in de media?"

Op 19 augustus 2004 sprak De Vries weer met Holleeder, in Hilversum. Aanleiding was een artikel in De Telegraaf waarin stond dat Willem Endstra een aanslag op Holleeder wilde laten plegen door de IJmuidense Hells Angel Willem P.

Holleeder vertelde dat hij het Amsterdamse chapter van de Hells Angels had aangesproken en gezegd dat ze 'pisbakken' waren 'die niets meer voorstelden' als ze dit over hun kant zouden laten gaan.

Holleeder vond dat de Hells Angels niets meer voorstelden. Hij zei ook de toenmalige president van de Amsterdamse Hells Angels Willem van Boxtel te hebben aangesproken.

Uiteindelijk werd Van Boxtel in oneer uit de motorclub gegooid vanwege het beweerde plan Holleeder te laten vermoorden, omdat Van Boxtel daarover met opdrachtgever Willem Endstra had gesproken.

De Vries gaat verder met een verslag van een gesprek van 27 juni 2004.

In een bos bij Hilversum, vlakbij De Vries' toenmalige woning, besprak De Vries met Holleeder een brief van de secretaresse van Willem Endstra. Zij was getrouwd met een politieman uit Beverwijk en had ook een relatie met Endstra.

De politie had haar benaderd om de sleutel van het kantoor, waarin de recherche heimelijk opnameapparatuur wilde plaatsen. Ze besloten daar in mee te gaan, om zelf te kunnen opnemen wat de politie zou uitspoken.

De Vries: "Dan zegt Willem Holleeder dat hij die man van de secretaresse ooit hormonen heeft gegeven omdat die zijn conditietest bij de politie dreigde niet te halen. Zo kreeg Holleeder een beetje een voet tussen de deur."

Verder bespreken Holleeder en De Vries allerlei verwikkelingen in de onderwereld in die tijd.

Holleeder beklaagde zich tegenover De Vries dat allerlei rivalen, onder wie Johnny Mieremet, van de politie weinig te duchten hadden, terwijl hij zelf 'al werd gepakt als hij vijf kilometer te hard reed'.

Holleeder vertelde ook dat Mieremet hem wilde vermoorden. Holleeder noemde Mieremet 'een massamoordenaar' van wie hij niet begreep dat hij zijn gang mocht gaan.

Holleeder noemde Willem Endstra in dat gesprek 'de grootste drugshandelaar van Nederland'. Vele criminelen zouden niet accepteren dat Endstra ze hun miljoenen niet terugbetaalde.

De Vries citeert een brief van de secretaresse van Endstra aan Endstra waarin ze haar grote zorgen uit over het plan de recherche heimelijk op te nemen als die apparatuur zou komen plaatsen.

"Iedere gek zou begrijpen dat dat ontslag op staande voet zou betekenen (voor haar man, die bij de politie werkte)."

De zitting wordt hervat.

Advocaat Sander Janssen wil nu de verschillende gesprekken bespreken met Willem Holleeder, waarvan De Vries verslagen heeft gemaakt.

Het begint met een gesprek dat De Vries met Willem Holleeder voerde in Hilversum, waarin Holleeder volop vertelde over de criminele activiteiten van Endstra.

Onder meer kwam aan de orde dat ze de 'echtgenote' van Endstra's ex-compagnon Klaas Hummel voor vier dagen te wilden ontvoeren. 'Dat zou hem leren'.

De Vries heeft in zijn aantekeningen van het gesprek met Holleeder op 14 juni 2004 in Hilversum allerlei verhalen over andere criminelen die problemen hadden met Willem Endstra, omdat ze hun ingelegde miljoenen terug wilden.

Om criminelen onder druk te zetten zouden eens iemand zijn 'verhoord' in een container die met kippenbloed was besmeurd, opdat diegene zou denken dat het slecht was afgelopen met een ander die eerder niet de waarheid had verteld.

Al weet De Vries niet meer in welke context Holleeder hem die anekdote vertelde.

De rechtbank maakt zich zorgen dat het bespreken van alle gesprekken de hele dag zal duren.

Advocaat Janssen: "Ja, dat bedoelde ik daarstraks ook."

De Vries: "Ik heb de hele dag hiervoor uitgetrokken."

De rechtbank vraagt De Vries in grote lijnen te vertellen wat in zijn verslagen staat, om te kunnen beoordelen welke zaken besproken dienen te worden. De Vries heeft daar geen bezwaar tegen.

De Vries: "Het is een aantal verklaringen en daar is wel wat over te vertellen en vast ook een en ander over te vragen. Ik kan er in vogelvlucht doorheen gaan."

Frank Wieland: "Meneer De Vries, u gooit steeds de knuppel in het hoenderhok, en als de kippen dan kakelend opzij stuiven wil u de stukken niet inbrengen. Snapt u dat dat vreemd is?"

De Vries: "Ik heb daar slechte ervaringen mee. Ik heb de stukken meegenomen om mijn verhaal te ondersteunen en eventuele beschuldigingen van de heer Holleeder te kunnen weerleggen. Dit had voorkomen kunnen worden als ik eerder deugdelijk was behandeld."

De Vries is om vele redenen kwaad op het Openbaar Ministerie.

De Vries: "Ik heb altijd meegewerkt, de zussen Holleeder als getuigen aangedragen en ben uitgebreid verhoord bij de recherche. Die verklaringen van mijzelf had ik zelf nog niet teruggezien, maar ineens waren ze al voorgelegd aan derden. In een tweede verhoor heb ik heel uitdrukkelijk gezegd dat ik dit een verkeerde gang van zaken vond."

De Vries stopte uiteindelijk met verklaren.

De Vries: "En nu vraagt ú mij alles zomaar even meteen in te brengen? Het Openbaar Ministerie opereerde incorrect en onzorgvuldig en dan ga ik nu hier niet zomaar van alles in één keer inbrengen."

De Vries: "We hebben het hier niet over een winkeldiefstal, maar over een proces dat misschien wat grotesk de zaak van de eeuw wordt genoemd en dan gaat men zó slordig met mijn verklaringen om. Ik ben niet boos, maar ik vind het een gang van zaken die gewoon niet klopt. Dat wil ik memoreren en heeft bepaalde consequenties."

Officier van justitie Lars Stempher kondigt aan dat het openbaar Ministerie opnbieuw met De Vries wil spreken.

De rechtbank pauzeert voor een kwartier zodat partijen onderling kunnen overleggen.

Holleeder wil nu van De Vries weten wanneer De Vries volgens hem met hem sprak voor zijn vrijlating in januari 2012. Holleeder zou hebben verteld dat hij zakenman Jan Dirk Paarlberg in zijn nek was gesprongen in Londen. De Vries zegt dat hij met Holleeder belde toen die vast zat.

Holleeder veert op: "Hier hebben we meineed voorzitter! Ik heb niet met De Vries kunnen bellen vanuit de EBI (de Extra Beveiligde Inrichting in Vught). Dat kunt u keihard krijgen, want in de EBI wordt dat allemaal geregistreerd. Ik heb met hem niet gebeld! Ik heb met niemand gebeld!"

De Vries zegt nu te kunnen bewijzen dat hij Holleeder sprak.

De Vries: "Ik was gebeld door de advocaat van Willem Holleeder die zei dat Holleeder en hij werden bedreigd door advocaat Bénédicte Ficq van Dino Soerel. Holleeder moest tegen de waarheid een verklaring afleggen in het voordeel van Soerel."

Advocaat Benedicte Ficq ontkent tegenover Het Parool dat ze Holleeder onder druk heeft gezet om te liegen ten faveure van Dino Soerel.

De Vries toont nu een handgeschreven verklaring van Holleeder waarin hij ('vertrouwelijk, dit mag je niet gebruiken bij mijn leven') uitvoerig beschrijft dat hij niet tegen de waarheid in wil verklaren voor Soerel.

De Vries: "Advocaat Stijn Franken vroeg mij hierover ook met Holleeder te bellen. Dat heb ik gedaan op het kantoor van Franken, omdat die geheimhouder is (waardoor het niet kon worden afgeluisterd). In dát gesprek heeft Holleeder mij uitvoerig verteld over die dreiging van Soerel en over Paarlberg die hij in zijn nek zegt te zijn gesprongen in Londen."

De Vries: "Ik zeg niet zomaar dat ik dat kan bewijzen, maar ik heb dat hele gesprek opgenomen."

Holleeder: "Daar was zelfs een camera bij."

De Vries: "Kijk, zie je wel, dít is nou Holleeder ten voeten uit! Eerst mij van meineed beschuldigen omdat ik zou liegen en dan nu ineens alles bevestigen omdat ik het kan bewijzen!"

Advocaat Sander Janssen vraagt de rechtbank De Vries te dwingen zijn stuk over dat telefoontje naar de EBI in te brengen.

De Vries: "Ik zal me daarover beraden."

Officier van justitie Sabine Tammes: "Wij zouden dat stuk heel graag zien, maar begrijpen ook dat de getuige stukken voor zich houdt omdat Holleeder zich anders zou kunnen voorbereiden."

De Vries: "Ik wil er een nachtje over slapen. Dat is me de vorige keer goed bevallen."

Raadsman Janssen: "U heeft dat stuk net aan de rechtbank laten zien op een openbare zitting. Dan kunt u toch niet volhouden dat u dat niet zou inbrengen?"

De Vries: "Ik heb het alleen laten zien omdat meneer Holleeder mij van meineed beschuldigde."

Janssen: "Als u het pas later inbrengt, riskeert u wel dat u een derde keer moet terugkomen als getuige."

De Vries: "Dat risico kunt u gerust bij mij laten. Daar hoeft u zich niet over te bekreunen."

Janssen begint over de Nederlandse verfilming van De Vries' boek over de ontvoering van Freddy Heineken en zijn chauffeur Ab Doderer.

De Vries: "Dat was niet op mijn initiatief en met mijn betrokkenheid. In tegendeel, zou ik kunnen zeggen."

Janssen: "Op welk moment is nou door u met Amerikaanse producers overeengekomen dat daar een verfilming van uw boek zou komen?"

De Vries: "Dat is natuurlijk een heel proces. Het gaat niet om een telefoontje, maar die producers komen natuurlijk naar Nederland en je gaat praten en overleggen, waarna de producent bepaalt of hij het wel of niet doet. Daar kan wel anderhalf of twee jaar overheen zijn gegaan."

De Vries weet niet uit zijn hoofd wanneer hij de overeenkomst over de Amerikaanse verfilming van zijn boek heeft gesloten. Was dat bijvoorbeeld voordat Willem Holleeder (in januari 2012) vrij kwam?

De Vries: "Dat moet ik nakijken."

Janssen begint over de verklaring die Holleeder in april 2012 ondertekende waarin hij schreef dat hij geen bezwaar had tegen de Amerikaanse verfilming. Nu ontkent Holleeder stellig dat hij die verklaring bewust heeft ondertekend, toen die hem door zus Sonja moest zijn voorgelegd temidden van papieren van de verzekering over zijn ziektekosten die hij moest tekenen.

De Vries: "Ik heb daar eerder ook zelf met Willem Holleeder gesproken. Ik herinner me nog een treffende anekdote. Holleeder zei dat het prima was, die film, en zei: 'Peet, zorg er dan wel voor dat (Cor van Houts stiefbroer) Martin E. (aan wie Holleeder een hekel heeft) gespeeld wordt door Mister Bean'."

Officier van justitie Sabine Tammes breekt in.

"Was het probleem niet uiteindelijk dat u (Willem Holleeder) niet als uzelf zou worden geportretteerd in de film, maar als een samentrekking van u (Holleeder) en Martin E.?"

Holleeder: "Nee, zo is het niet gegaan. Het probleem was dat ze Martin E. allemaal dingen lieten doen die ik had gedaan."

De Vries: "Nu u dat zo zegt, herinner ik dat me weer. Wij waren ook verbaasd en vonden het vreemd dat Martin E. in de film allemaal dingen zou doen die hij niet had gedaan. Dat was een verkrachting van mijn boek. Maar het belangrijkste is dat Willem Holleeder er geen bezwaar tegen had dat het boek zou worden verfilmd. (Weduwe) Sonja Holleeder en de kinderen hadden er ook geen moeite meer mee. Cor zou het wel mooi hebben gevonden en de kinderen zaten niet meer op school waar ze last van de film zouden kunnen krijgen."

In het voorjaar van 2013 kwam Willem Holleeder woest aan de deur bij Peter R. de Vries om te briesen dat hij uit de film wilde blijven.

De Vries: "Van Sonja had ik al wel gehoord dat Willem tegenover mij meegaand was geweest over die film, terwijl hij tegenover hen daarover wel chicaneerde."

Holleeder is veroordeeld voor het ernstig bedreigen van De Vries aan de deur.

Janssen vraagt nu over de relatie van Cor van Hout en Ariën K.

De Vries: "Ik zag Ariën K. ook wel bij Cor thuis, dus ik ging er van uit dat ze behalve een (crimineel) zakelijke relatie ook een vriendschappelijke relatie hadden."

Janssen: "Er wordt gezegd dat Ariën K. een van de weinige mensen was die al op 23 januari 2003 wist dat Cor van Hout op 24 januari 2003 zou lunchen bij de Chinees in (de Dorpsstraat in) Amstelveen..."

Van Hout werd na die lunch geliquideerd, net zoals botenhandelaar Robert ter Haak, die toevallig naast Van Hout stond.

De Vries: "Ook daarnaar heb ik navraag gedaan. Het zou de sleutel kunnen zijn tot de oplossing van de liquidatie van Van Hout."

Waar Van Houts vriend en bodyguard Bas Vermeulen zegt dat de lunchafspraak bij de Chinees al lang stond.

De Vries: "Ik heb Bas daar wel over gesproken. Hij vreesde dat hij (als een van de weinigen die van de lunch wisten) de schuld zou krijgen (van het lokken van de schutters naar die plek)."

Vermeulen heeft gezegd dat hij, Cor van Hout en Robert ter Haak de enigen waren die wisten van de lunchafspraak, omdat ze die afspraak daags voor de moord bij biefstukrestaurant Loetje in Amsterdam-Zuid hadden gemaakt.

De Vries: "Maar het kan natuurlijk heel goed zijn dat een ander pakweg Van Hout heeft gebeld met de vraag of hij tijd had om af te spreken, waarna die kan hebben gezegd dat hij niet kon omdat hij een lunchafspraak had in Amstelveen. Ik noem maar wat... Zo konden er toch meer mensen op de hoogte zijn."

Van Cor van Hout had De Vries gehoord dat Willem Holleeder hem had benaderd om behulpzaam te zijn bij het liquideren van crimineel Johnny Mieremet, herhaalt De Vries, zoals hij op 9 april ook al had gezegd.

Advocaat Janssen neemt allerlei theorieën door die ook bij de recherche circuleerden over de achtergronden van de liquidatie van Cor van Hout. Ook Holleeder speelt in die theorieën een rol. De Vries merkt op dat allerlei betrokken zelf 'zaten te interpreteren'.

In de vele gesprekken die De Vries met Van Essen voerde, vertelde die dat hij 'astronomische bedragen, tientallen miljoenen, had verdiend in de xtc-handel.

Willem Endstra had die miljoenen voor hem geïnvesteerd in 'een treinbedrijf'. Toen hij (na langdurige detentie) aanspraak maakte op de miljoenen, werd hij door zijn hoofd geschoten.

De Vries: "Hij is er van overtuigd dat hij is neergeschoten omdat hij zijn geld wilde hebben. Voor Endstra was het goedkoper hem dood te laten schieten dan te betalen. Hij is er van overtuigd dat Willem Holleeder daarin een rol heeft gespeeld."

Advocaat Janssen vraagt zich af waarom De Vries zijn informatie over Endstra's beweerde betrokkenheid bij de aanslag op Van Essen, via Holleeder, niet heeft ingebracht toen hij werd verhoord in de afpersingszaak van Holleeder.

De Vries: "Ik beschik over karrenvrachten informatie. Je maakt ook afspraken met bronnen (over afscherming). Inmiddels geldt voor Van Essen geen geheimhouding meer voor de informatie."

Janssen wil weten van wie De Vries nog meer informatie kreeg over Endstra en zijn beweerde betrokkenheid bij zware misdrijven.

De Vries: "Ik ga hier geen lijstje afvinken met bronnen die ik heb gesproken. Ook (de in 2003 geliquideerde) Cor van Hout heeft me dingen verteld over Endstra. Van Hout was heel kwaad over de aanslag op Van Essen, die hij als een vriend beschouwde. (Ze hadden elkaar in de gevangenis leren kennen, PV). Hij overwoog de erecode te verbreken en over deze specifieke zaak met de politie te gaan praten."

Janssen: "Weet u of hij dat ook heeft gedaan, met de politie praten?"

De Vries: "Nee. Ik weet dat het Van Hout hoog zat en dat hij wat wilde doen (zoals met de politie te praten), maar of hij dat daadwerkelijk heeft gedaan, weet ik niet."

Janssen vraagt de rechtbank hoe die aankijkt tegen het gegeven dat de Vries sommige van zijn stukken wel en andere niet wil inbrengen.

Janssen: "Het kost natuurlijk veel tijd als ik over alles ga vragen en ik wil meneer niet nóg eens als getuige laten terugkomen..."

Rechtbankvoorzitter Frank Wieland: "Het lijkt me dat de zaken aan de orde moeten komen op het moment dat u het thema behandelt. Dus vraagt u maar.."

De Vries bladert door zijn gespreksnotities, uit 2004. Willem Holleeder breekt in: "Mijn vraag is Peter, het zijn natuurlijk geen verklaringen, het zijn notities van jou...".

De Vries: "Inderdaad."

Holleeder: "Net zei je 'verklaring', maar dat is wat anders dan een gespreksverslag van jou."

De Vries: "Dat klopt."

Peter R. de Vries, die zich op de eerste verhoordag op 9 april had beklaagd dat het Openbaar Ministerie of de rechtbank zelfs geen lunch voor hem hadden geregeld, heeft vandaag een zak krentenbollen bij zich.

Rechtbankvoorzitter Frank Wieland opent de zitting en herinnert De Vries er aan dat hij is beëdigd. Advocaat Sander Janssen van Willem Holleeder gaat verder met het stellen van vragen aan De Vries, waarmee hij in april was geëindigd. Het zijn 'niet zo heel veel' vragen meer.

De Vries bevestigt dat hij weer dezelfde ordner met 'bewijsstukken' bij zich heeft als de vorige keer. Een aantal stukken uit de map heeft De Vries inmiddels aan de procespartijen gegeven, andere niet.

Hoe heeft hij onderscheid gemaakt, vraagt Janssen? De Vries: "De stukken die ter sprake waren gekomen heb ik overgelegd, de andere niet." Janssen mist een besproken stuk over de criminele vastgoedmagnaat Willem Endstra die volgend De Vries 'de nummer één op de opsporingslijsten' was.

De Vries heeft ook verslagen gemaakt van gesprekken die hij voerde met de gewezen xtc-handelaar Ronald van Essen, die in 1999 door zijn hoofd werd geschoten voor zijn woning in Amsterdam-Zuid – en die invalide is.

Van Essen is er van overtuigd dat de familie van de in 2004 geliquideerde Willem Endstra opdracht had gegeven voor de aanslag op de grote schuldeiser Van Essen.

De Vries wil die gespreksverslagen ook nu niet aan Janssen geven.

De Vries: "U wilt natuurlijk vragen naar antwoorden die u kent, dat snap ik, maar vraag maar gewoon."

Janssen: "Dat wordt wat bewerkelijk, maar goed, we hebben de tijd."

Misdaadverslaggever Peter R. de Vries komt dinsdag voor de tweede keer naar de zwaarbeveilige ‘bunker’ van de rechtbank in Amsterdam-Osdorp om vanaf 10 uur als getuige te worden verhoord.

Het is het laatste inleidende verhoor voordat de rechtbank zich donderdag zet aan het eerste concrete moorddossier: over de liquidatie van Holleeders jeugdvriend en gewezen misdaadcompagnon Cor van Hout en diens toevallige metgezel botenhandelaar Robert ter Haak op 24 januari 2003.

Voor dat dossier zijn tot medio juli 22 zittingsdagen ingeruimd. Op de eerste verhoordag van De Vries, in april, had hij een mapje bij zich met tot de verbeelding sprekende stukken, waarvan de vraag bleef hangen of hij dat aan de rechtbank en de procespartijen wil geven. Daarin zit onder meer een door Holleeder ondertekende verklaring uit 2012 waarin die bevestigt dat hij nooit heeft willen meedelen in de opbrengst van De Vries en Cor van Houts boek over de Heinekenontvoering en dat hij geen bezwaar had tegen verfilming daarvan – ook in Hollywood.

Holleeder beschuldigt De Vries er van dat hij hem die verklaring via zijn zus Sonja onder valse voorwendselen heeft laten tekenen door die tussen allerlei verzekeringspapieren te stoppen. Op de zitting in april riep hij uit: “Ik ben geen Gekke Gerritje! Ik zou zoiets nooit getekend hebben. Alleen een gek tekent dat!”

Vriend
Holleeder beschouwde de journalist ooit als vriend, maar nu helpt die zijn zussen Sonja en Astrid en ex Sandra den Hartog met hun verklaringen tegen hem. Ook is Holleeder veroordeeld voor het ernstig bedreigen van De Vries aan diens voordeur, waardoor hij ook alsnog de resterende drie jaar cel moet uitzitten van de negen jaar die hij opgelegd had gekregen voor afpersingen – en waarvan hij zoals gebruikelijk slechts twee derde, zes jaar, had uitgezeten.

In De Vries’ mapje zat ook een verslag van een gesprek waarin een criminele vriend van Cor van Hout had gezegd dat Holleeder, de criminele vastgoedmagnaat Willem Endstra en onderwereldkopstuk Stanley Hillis in 2003 gezamenlijk Van Hout hadden laten liquideren.

Bovendien is er een uitvoerig verslag van een gesprek dat De Vries kort na de moord op zijn vriend Cor van Hout met Holleeder voerde, waarin die erg fel en defensief zou hebben gereageerd op de suggestie dat Hillis met die moord te maken had.

Op zijn eerste verhoordag maakte De Vries meermaals bezwaar tegen de manier waarop hij in de bunker werd behandeld. ’s Ochtends was hij boos vertrokken omdat hij niet in de parkeergarage onder de bunker had mogen parkeren en vervolgens bij het detectiepoortje zijn schoenen uit moest doen. Eenmaal terug stoorde hij zich er aan dat voor een getuige zoals hij niet eens een lunchpakket was geregeld, of een kamer waarin hij zijn verhoor rustig kon afwachten.

Peter R. de Vries (L) en zijn zoon Royce de Vries in april van dit jaar Beeld anp

Na een korte schorsing heeft de rechtbank besloten dat de zitting vandaag niet wordt voortgezet, hoewel dat eerst wel het plan was. Vanwege het belang van de zaak wil de rechtbank in alle rust de zaak kunnen behandelen. "We slikken vragen weg omdat het anders te lang zou duren, ofschoon we nog fris zijn," zegt rechtbankvoorzitter Frank Wieland. Er wordt nu een nieuwe dag gezocht om de zitting voort te zetten.

Lees hier het overzicht van de dag.

Nu al enige tijd hogere onderwereldkunde in de bedompte zittingszaal van de Bunker. Het gaat over de motieven, mogelijkheden en risico’s van criminelen die mogelijk zouden kunnen gaan spreken met justitie – of juist niet. Het was dit onderwerp waar Holleeder en zijn zus over spraken in de tijd nadat Fred Ros kroongetuige was geworden.

Voor Astrid Holleeder is het gesneden koek waarom bepaalde criminelen wél of juist niet met justitie wilden praten, maar hier en daar worstelen andere procesdeelnemers met de verhandelingen over de strategieën.

Even kwam het tot een botsing tussen broer en zus. Willem Holleeder: “Het is gewoon flauwekul.” Astrid: “Weet je wat doet, ga het lekker aan Dino vragen.”

Nu wordt Holleeder al enige tijd stevig doorgezaagd over een onverstaanbaar stukje in een gesprek. Daarin spreken Willem Holleeder en zijn zus over een persoon die op de motor zat die door de daders van de liquidatie van Cor van Hout is gebruikt.

Holleeder zegt in die opname: “Iedereen dacht dat het Fred Ros was, maar het was….." Het vervolg was niet te verstaan.

Holleeder blijft nu volhouden dat hij niet weet wat hij toen heeft gezegd, zelfs niet of hij toen een naam heeft genoemd. “Ik weet het echt niet meer.” Officier van justitie Tammes: “Kom, natuurlijk weet u dat wel, er zat toch geen hond achter op die motor.”

Holleeder was nadat bekend was geworden dat Fred Ros kroongetuige was geworden danig in paniek, zo lijkt het in één van de gesprekken. Hij lijkt vooral te vrezen dat ook Dino Soerel met justitie zal gaan praten. Astrid stelt hem gerust in de gesprekken.

Willem: “Misschien ooit als ze er iets bij vinden?”

Astrid: “Nee.”

Willem: “Misschien ooit als ze er iets bij vinden?”

Astrid: “Ja, dan wel.”

Astrid stelt hem gerust dat Dino Soerel niet zal gaan praten. Willem: “Nee, hij is nu de hoofdpersoon he.”Volgens Astrid is het gesprek een verkapte bekentenis. Officier van justitie Sabine Tammes: “Zo komt het op mij wel over ja.” Holleeder, mompelend. “Dit is echt schandalig.”

Astrid Holleeder vertelt nu over de onvrede die er was tussen Willem Holleeder en de bekende crimineel Danny K. Na zijn vrijlating zou Willem Holleeder ‘vuile praatjes’ over K. hebben verspreid, die daar boos over was. Zo zou Holleeder aan Etou’s Belserang hebben verteld dat Danny K. verantwoordelijk was voor de liquidatie van diens broer Boneka.

Astrid: “En vergeet niet, mijn broer heeft aanzien in het milieu he. Als hij iets zegt, dan geloven mensen dat.”Danny K. was boos over die roddels, wat leidde tot de klap die Dick Vrij aan Holleeder gaf op het terras van Joffers, in Amsterdam-Zuid. Astrid: “Maar daarna was het weer goed en had Danny de duivel weer binnen zitten.”

Er wordt nu al enige tijd tot in detail gesproken over een gesprek dat Astrid en haar broer hadden over Fred Ros, de kroongetuige in het Passageproces, waarover vaak is beweerd dat die een rol speelde bij de moord op Cor van Hout.

Inhoudelijk klinkt er weinig nieuws, maar in de rechtbank is er wat wrevel tussen Willem Holleeder en zijn zus. Als Astrid iets zegt: “Heb je haar weer.” Voorzitter Frank Wieland: “Ze valt u juist een keer bij, ik zou er maar blij mee zijn.” Holleeder: “Ik ben er helemaal niet blij mee.”

Astrid vraagt of ze een geluidsopname mag luisteren. Willem Holleeder: "Dat ga je dan toch lekker thuis doen?"

Zomaar een stukje misdaadgeschiedenis, waarin Holleeder kennelijk ook een rol speelde: in augustus 1983 schiet hasjbaron Klaas Bruinsma Leo Frantzen dood, als die probeert een partij hasj van hem te stelen.

Holleeder vertelt nu dat Frantzen hem een dag eerder had benaderd, met de vraag of hij de hasj kon ‘over persen.’ Holleeder: “Hij vroeg het me, maar ik heb het niet gedaan. Ik was met andere dingen bezig.”

De verdediging van Holleeder laat het fragment horen van het gesprek, dat kennelijk in een lacherige sfeer plaatsvond.

Een lachende broer en zus Astrid klinken door de zaal. Daarna geeft Holleeder zijn visie over het opgenomen gesprek.

"Astrid kwam naar mij toe met dat boek. Dat boek zijn we lachend gaan lezen. Ik lach niet om de dood van Ter Haak en de dood van Cor, maar om de verhalen van Martin E. (Remmetje, red.)."

"Wij zitten gezellig dat boek te lezen, een beetje lachen, een beetje dollen."

Officier van justitie Stempher: "Maar hoe zit het dan met die opmerking dat 'ie het zelf gedaan heeft?'"

Holleeder: "Dat zeg ik op dat moment, omdat ik dat opmaak uit die verhalen die Martin E. in dat boek neerzet. Hij zegt dat ze ruzie hadden en dus zeg ik, 'nou, dan heb 'ie het zelf gedaan'.

Als Astrid inbreekt, valt Willem Holleeder uit. "Ík ben in gesprek."

"Ik geloof er helemaal niks van wat Rem zegt, hij vertelt flauwekul en dat doet ie z'n hele leven al. Dat zij zegt dat ik lach om de dood van Cor en Ter Haak is een gotspe."

Astrid herhaalt nog eens dat zij uit de opmerking van Willem constateert dat Remmetje betrokken was bij het lokken van zijn broer Cor.

Astrid: "Cor ging niet zomaar naar een afspraak. Dus dat lokken moet van heel dichtbij zijn geweest. Met die opmerking gaf mijn broer me nog een puzzelstukje."

Intussen is er onder de aanwezige journalisten wat verwarring: Astrid lijkt te suggereren dat de halfbroer van Cor van Hout, die bekendstaat als Remmetje, bewust of onbewust een rol speelde bij de dood van Cor.

Het gesprek dat Cor van Hout met Robert ter Haak had op de dag van zijn dood, waarna beiden werden doodgeschoten, zou vanwege een conflict tussen Cor en zijn broer Remmetje zijn geweest.

De suggestie wordt gewekt dat dat gesprek in werkelijkheid was georganiseerd om Cor te lokken.

Astrid: "Cor heeft niet één judas gehad, maar twee."

"Hij heb het zelf gedaan," zou Willem in een heimelijk opgenomen gesprek hebben gezegd, over de rol van Remmetje.

Mogelijk komt hierover dadelijk meer duidelijkheid: het gesprek wordt afgespeeld.

Intussen biedt Astrid direct haar excuses aan aan Sander Janssen, voor haar uitval eerder. "Sander, sorry." Janssen: "Geeft niet."

De emoties lopen nu hoog op.

Astrid is zeer geagiteerd over een gesprek over de moord op Cor van Hout, waar Holleeder zou hebben gelachen om de dood van Cor en Robert ter Haak, die op het moment van de schietpartij naast Van Hout stond.

Astrid, met overslaande stem: "Hij zit er gewoon om te lachen. Daar lopen de rillingen van over de rug."

Als Sander Janssen, advocaat van Holleeder interrumpeert om een vraag te stellen, krijgt ook hij er van Astrid van langs.

"Jij hebt net zo'n afwijking als hij, want jij vindt dit allemaal maar normaal."

Janssen: "Nou, hier ga ik maar niet op reageren."

De zitting is nu even geschorst, omdat de tape afgespeeld gaat worden waarop het gesprek is te horen.

Het boek van Hendrik Jan Korterink is nog altijd inzet van de discussie.

Er zijn veel onduidelijkheden over het boek, waarna Willem Holleeder aanbiedt 'wat duidelijkheid te scheppen'.

Holleeder: "Peter de Vries en Sonja hebben mij gevraagd contact op te nemen met Korterink. Ik heb een gesprek gehad met Korterink in het Bonte Paard in Laren, over wat er in het boek zou komme."

"Het ging ook over de familie namelijk en die wilden het lezen. In die context ben ik naar Korterink gaan. Ik heb 'm verteld dat Remmetje en anderen (bronnen van Korterink, red.) leugenaars zijn."

"Ik mocht het lezen van tevoren, dat is heel vaak zo in de media. Peter de Vries heb het gelezen, die wilde dat. Zo is dat gegaan en niet anders."

Astrid: "Ik wou het helemaal niet lezen, dat was in opdracht van mijn broer. Korterink stond in goed contact met de familie Van Hout en die waren niet zo positief over Wim. Daarom stond er zoveel spanning op dat boek."

Intussen botert het niet erg tussen getuige Astrid Holleeder en de tweede officier van justitie, Sabine Tammes, die het getuigenverhoor heeft overgenomen.

Astrid valt de officier geregeld geïrriteerd in de rede. "Moet ik het nou nog duidelijker uitspellen?"

Astrid Holleeder vereffent nu even een kennelijk al wat langer openstaande rekening met misdaadjournalist Hendrik Jan Korterink, die een boek schreef over het leven van Cor van Hout.

Een 'kwallebak’, noemt ze hem. Volgens Astrid heeft Korterink aan de leiband gelopen van haar broer.

"Hij werd gewoon bedreigd. Mijn broer zei: als je iets belastends over mij schrijft dan ga ik gas geven met je. Dat hele boek is een alibi voor mijn broer in de moordzaak van Cor."

Volgens Astrid was er met Korterink een afspraak gemaakt dat Holleeder vooraf het manuscript mocht controleren 'of er niks verkeerds voor hem in stond'.

In een gesprek is Holleeder woest over Sonja en Peter R. de Vries.

"Ze gaan alletwee hoor, net zo makkelijk," zegt hij. "Kom eens hier," zegt Astrid, "je zit op jezelf te spugen."

Volgens Astrid maakt het gesprek haar 'bloedgespannen'.

"Als het zo in zijn hoofd zit, dan kan het escaleren. Ik probeer dat op te lossen, zeker voor Peter, die er niets mee te maken heeft. Maar wat kan ik doen?"

Als Holleeder boos is, zegt hij niet bang te zijn voor de gevangenis, bevestigt Astrid.

"Als hij echt gefokt is, dan is het vastzitten voor hem het minste probleem. Hij is 24 uur per dag bezig zijn positie te bewaken en uit te bouwen."

Na de lunch gaat de zaak verder met een opgenomen gesprek dat Astrid in april 2014 had met haar broer. Het gaat over een uitzending die Peter R. de Vries maakte over Willem Endstra.

Volgens Astrid leverde zij met haar broer het materiaal dat Peter R. de Vries gebruikte om die uitzending te maken. "Het was verdedigen, zodat iedereen kon zien dat Endstra de grote vis was en hij slechts een wagonnetje."

Endstra was toen al dood, dus die kon het verhaal niet ontkrachten.

Volgens Astrid stuurde haar broer iemand op vakantie met de neergeschoten drugshandelaar Ronald van Essen. Van Essen had veel geld geïnvesteerd bij Endstra en was zwaargewond geraakt bij een moordaanslag.

Volgens Astrid probeer Willem Holleeder er achter te komen wat Van Essen wist over de mensen achter de aanslag op zijn leven.

Astrid zegt dat ze haar broer aanraadde te zorgen dat hij niet gearresteerd zou worden in het bijzijn van zijn zoon, om die een trauma te besparen.

Volgens Astrid vond Willem het de schuld van Peter R. de Vries dat hij überhaupt het risico liep te worden gearresteerd, omdat die aangifte had gedaan van bedreiging.

Nu spreekt Willem Holleeder voor het eerst zelf in de microfoon.

Holleeder zegt dat het anders zit en dat het gaat over de film die over de Heinekenontvoering gemaakt zou worden.

"Cor (Van Hout) wilde die film niet vanwege de kinderen en ik wilde ook niet dat mijn zoon er op school op aangesproken zou worden. Het gaat helemaal niet over liquidaties, het is allemaal flauwekul wat ze zegt."

"Ik vond het vervelend dat hij (Peter R. de Vries, red.) dan toch met een film wilde komen."

Het is de laatste verhandeling van de ochtend. De rechtbank pauzeert voor de lunch.

Astrid vertelt dat er een conflict was over de gokhallen die Holleeder beheerde op de Wallen.

Na zijn vrijlating uit de cel meende Holleeder dat er tijdens zijn detentie niet goed voor die gokhallen was gezorgd. Ook familie was ingezet om dat goed te regelen.

Holleeder mompelt iets en Astrid reageert fel: "Dat is leuk hè, draai het lekker om. Het zijn mijn hallen niet hè, het zijn mijn misdrijven niet."

"Maar ik word ingezet en vervolgens krijg ik hem terug. Ik ben alleen je zussie, die er toevallig nog over kan nadenken ook."

Astrid vertelt nu een nieuw verhaal over de moord op cafébaas Thomas van der Bijl.

"Thomas (Van der Bijl) had (Fred) Ros de opdracht gegeven om Wim te doen. Dat heeft Ros via via laten weten aan Wim en toen heeft Wim gezegd we draaien het om en dan ga jij Thomas doen."

Advocaat Sander Janssen breekt in.

"Dit is volstrekt nieuwe informatie. Het was prettig geweest als mevrouw dit in het Passageproces had ingebracht, tijdens de vervolging van Dino Soerel voor het opdracht geven voor de moord op Thomas van der Bijl."

"Toen stond zij overigens onder ede."

Astrid zegt deze gang van zaken van haar broer te hebben gehoord.

Astrid: "Ik moet mezelf voorhouden waarom ik dit doe. Ik heb een mantra in mijn hoofd: 'Inschot in zijn hals, inschot in zijn schedel, drie in de hartstreek'."

Het gaat over het sectierapport van Cor van Hout.

Astrid, emotioneel: "Het is focking je beste vriend geweest. Ik zeg niet dat Cor zo'n fantastische man was, hij had ook bij de overvallen doodgeschoten kunnen worden."

"Maar dit is zo laf, op een motortje aan komen rijden. Daar is een grens overgegaan. Ik heb een verknipt wereldbeeld, ik weet niet meer wat normaal is. Maar dat is niet normaal."

Astrid is emotioneel, als ze vertelt over haar jeugd.

"Wij hadden een vijand in het gezin, een vader die ons in elkaar sloeg. Willem kan mensen alleen zien als vriend of vijand. Hostiliseren heet dat. Ik heb dat ook, maar ik wéét tenminste dat ik het doe."

"Wij waren altijd samen, ook met Sonja. Daarom is het zo erg om dit te doen, dat hij nu door zijn eigen zussie wordt verraaien."

Dit kwam boven omdat Officier van justitie Stempher vroeg waar Willem Holleeder het idee vandaan haalt dat misdaadverslaggever Peter R. de Vries 'een affectieve relatie' had met zijn zus Sonja.

Astrid: "Ga je me dat nou echt vragen? Tsjonge jonge."

Volgens Astrid is het verhaal onzin, verzonnen door Holleeder nadat die Peter R. de Vries in zijn hoofd tot vijand had gemaakt.

Volgens Astrid had haar broer tijdens zijn detentie voor de afpersingszaken al iemand had geregeld, een schutter, 'voor Danny, Dicky en Dino'.

Wie, bromt Holleeder.

Zijn zus: "Ik weet wie dat is en hij weet wie dat is."

In een bijzin lijkt Astrid te suggereren dat er vaker informatie is gekomen dat Holleeder vanuit detentie mensen regelde om mensen iets aan te doen, maar het is onduidelijk over welke periode dat gaat en wie dan het doelwit zouden zijn geweest.

Astrid, die nu plat Amsterdams spreekt: "Die moeten lekker opkankeren, die viezeriken."

In een ander uitgewerkt fragment is Willem Holleeder woedend over zijn zus Sonja, in een gesprek met Astrid:

"Zeg nou gewoon dat het een trut is. Ik steek haar haar in de fik, ik steek haar banden lek. Luister As, dit ken escaleren, zal je zien, dan gaat haar leven lang… Dan ga ik ook over haar praten."

Het voorhouden van het fragment is de aanzet voor een lange monoloog van Astrid, die vertelt hoe Sonja er in slaagde de erfenis van Cor van Hout uit handen van Willem Holleeder te houden.

"Dat is het mooiste dat ze ooit in d'r leven heeft kunnen doen. Lekker puh. Dat kon hij niet hebben. Dat Sonja haar eigen geld, of nou ja, het geld van meneer Heineken, zomaar in d'r eigen zak had gestoken. Maar dát kon zomaar niet. Het zat hem heel erg dwars dat hij zo in de maling was genomen."

Bovendien kreeg Willem Holleeder vragen van de familie van Cor van Hout, die – ten onrechte – dacht dat de erfenis van Cor bij hem terecht was gekomen, vertelt Astrid.

Astrid legt uit dat haar broer mensen in de tang hield, waaronder haar zus, doordat hij dreigde de vuile was over die mensen buiten te hangen als ze zouden praten.

"Het zijn de manieren waardoor hij zorgt dat niemand naar de politie gaat: hij kan altijd wat over jou zeggen. Zo houdt ie heel wat mensen in de greep. Over mij kan 'ie nog het minste zeggen en mij interesseert het niet."

Inmiddels is de publieke tribune toch volledig gevuld: men luistert in stilte naar het verhoor van Astrid Holleeder.

Astrid blijkt in 2013 een gesprek te hebben gehad met Martin Hillegers, de broer van de kort daarvoor per abuis doodschoten Remco Hillegers, telg uit een criminele familie.

Astrid had via via gehoord dat Martin Hillegers een plan had gehad om haar iets aan te doen, 'omdat geldt: een zus voor een broer'.

Astrid: "Ik liep met Sonja op het Gelderlandplein en zij wees Martin aan. Toen zei ik: dan gaan we vragen wat het probleem is. Ik wilde hem duidelijk maken dat het geen zin had om Wim te raken door ons iets aan te doen. Het zou hem niets uitmaken."

Astrid wist niet zeker of het verhaal over de wraakactie klopte. "Of het wel of niet waar is, moesten ze zelf weten. Maar ik wilde ze wel laten weten dat het op straat lag."

Toen Willem Holleeder hoorde dat zijn zus hierover had gesproken, vond hij dat onverstandig.

Astrid: "Je moet je daar niet mee bemoeien. As, als je dat soort dingen tegenkomt, moet je alleen maar luisteren. Nou maak je mensen alert, begrijp je? Moet je nooit doen."

Astrid: "Ja, dat klopt. Ze zijn gewaarschuwd en dan kunnen ze iets terugdoen."

Ze vraagt de rechtbank of die het begrijpt. "Ik kon niets anders, ik kon niet naar de politie. Ik dacht, ik maak het stuk en dan hebben ze er geen trek meer in."

De zitting is hervat.

Het gesprek van 2 maart 2013 bij het Gelderlandplein gaat verder over 'Big Willem' van B., de oud-president van het Amsterdamse chapter van de Hells Angels.

Volgens Astrid Holleeder was Willem van B. bang voor Willem Holleeder. Dat zit als volgt: Willem Endstra zou Van B. hebben benaderd om Holleeder iets aan te doen.

Dat plan lekte uit, waarna Van B. graag met Holleeder in contact wilde komen, legt Astrid uit. "Hij wilde aan onze Wim vertellen dat het niet waar was, maar Wim zei het is wel zo, dus daar ben ik klaar mee."

Officier van justitie Stempher: "Was Willem van B. bang?"

Astrid: "Iedereen is bang voor Wim, dat is niet zo moeilijk. En altijd om dezelfde reden."

Ook Dick Vrij, 'Dicky', wordt besproken.

Astrid: "Toen Wim vrij kwam, was hij slecht met Dicky Vrij. En dat heeft zich omgedraaid en daarna zaten ze weer samen in een cluppie."

Hier spreekt Astrid Holleeder over de oprichting van No Surrender, waar Willem Holleeder en Dick Vrij kort een rol speelden. Ook Willem van B. kwam bij No Surrender.

Astrid Holleeder, over de tactiek van haar broer als er problemen zijn: "Wim zegt altijd: ik ga er gewoon op af en dan komt het weer goed."

De rechtbank schorst de zaak vanwege technische problemen: een aantal microfonen blijft 'rondzingen'.

Omdat iemand van de parketpolitie ('Onze eigen Willie Wortel,' zegt rechtbankvoorzitter Frank Wieland) niet tot een oplossing komt, wordt de zaak even stilgelegd.

Officier van justitie Stempher spreekt met Astrid Holleeder over de financiële situatie van haar broer, naar aanleiding van een opname van een gesprek van 2 maart 2013, waarin Holleeder haar vraagt 'vijf ruggen' voor te schieten.

Astrid: "Hij had geen officieel inkomen, anderen betaalden dingen die via de bank moesten gebeuren. Ik deed dat ook en Frans de Mari (een Amsterdamse dermatoloog, red.) betaalde de huur."

Volgens Astrid moest haar broer in die tijd weer geld verdienen 'op alle mogelijke manieren, ook met drugs'.

Officier van justitie Stempher vraagt aan Astrid of ze haar geld terugkreeg als ze het had voorgeschoten. "Dat was niet altijd het geval."

Willem Holleeder schiet in de lach.

Is het misschien de lente, waardoor minder mensen een dag in 'de Bunker', de extra-beveiligde rechtbank in Osdorp, willen doorbrengen? Of is het de extra ruimte in de rechtbank op de Parnassusweg, waar men op afstand de zaak kan volgen? 

Hoe dan ook, voor het vierde getuigenverhoor van Astrid Holleeder is de publieke tribune slechts voor de helft gevuld. Willem Holleeder zit fris gekapt in een colbert tussen zijn advocaten in.

Officier van justitie Lars Stempher kondigt aan de extra opnames van Astrid Holleeder te willen bespreken op basis van de uitwerkingen die daarvan zijn gemaakt. Later vandaag zal één geluidsfragment worden afgespeeld.

De advocaten van Willem Holleeder, Sander Janssen en Robert Malewicz, vinden het belangrijk dat Astrid Holleeder die uitwerkingen vervolgens niet mee naar huis kan nemen.

Het Openbaar Ministerie zal nu beginnen met het bespreken van de opnames.

Veel dranghekken, maar er zijn vandaag minder belangstellenden voor de rechtszaak tegen Willem Holleeder. Beeld anp

In de Amsterdamse bunker zal vrijdag in het proces van Willem Holleeder vooral worden gesproken over de extra geluidsopnames die zus Astrid Holleeder maakte.

Tijdens een eerdere zitting in maart vertelde Astrid Holleeder dat ze zestien nieuwe, nog niet eerder ingebrachte opnames aan justitie had overgedragen. Die geluidsopnames maakte ze in het geheim, in de periode nadat ze had besloten tegen haar broer te getuigen.

Ze zei die extra geluidsopnames te hebben gevonden bij een verhuizing. Het OM had de opnames al tijdens een eerdere zitting willen laten horen, maar Holleeders advocaten Sander Janssen en Robert Malewicz ageerden daar tegen. Zij wilden de opnames eerst zelf integraal kunnen beluisteren.

Vermoedelijk zal vrijdag eerst worden gesproken over de uitwerking van die opnames: zijn het Openbaar Ministerie en de verdediging het eens over de manier waarop die heimelijk gemaakte opnames zijn uitgeschreven?

Het is goed voorstelbaar dat het OM in de soms moeilijk verstaanbare gesprekken heel andere dingen hoort dan Holleeder en zijn advocaten.

Daarna zal inhoudelijk over de opnames met zus Astrid worden gesproken.

Volg de zaak hier live vanaf 10.00 uur.

Janssen haalt aan dat Peter R. de Vries begin februari 2013 een Amsterdamse officier van justitie benaderde en uiteindelijk een gesprek voerde met haar en nog een officier van justitie over – naar later bleek – de getuigenissen die de zussen Holleeder zouden kunnen afleggen.

Uiteindelijk heeft De Vries meermaals met een officier van justitie gesproken over de voortgang van de gesprekken, omdat die moeizaam verliepen.

De Vries: "Astrid en Sonja twijfelden eerst of ze dit wel of niet moesten doen. We hebben de voors en tegens afgezet. Toen ze de knoop hadden doorgehakt omdat de dreiging en druk ondraaglijk werd, besloten ze dat ze wel moesten gaan verklaren. Daarna heb ik contact gelegd met justitie om te kijken hoe we het proces in gang konden zetten."

'Aan de zijlijn bewaakte' De Vries de voortgang van de gesprekken.

De Vries hielp Astrid Holleeder ook met het schrijven van haar eerste boek 'Judas'.

Astrid Holleeder ging uiteindelijk zelf door met haar boek, 'op eigen kracht'. Janssen: "Bent u ook weer betrokken geweest bij de aanpak van de promotie van het boek?"

De Vries: "Zijdelings. Ik heb zelf ook in programma's wat gezegd, maar het was een mediastrategie die met name vanuit de uitgeverij was uitgezet."

De rechtbank onderbreekt het onderzoek. Omdat Peter R. de Vries donderdag niet kan, gaat de zaak pas op 18 mei weer verder.

Na een korte onderbreking hervat de rechtbank de zitting.

Holleeder tegen De Vries: "Dit is niet eerlijk, Peet."

De rechtbank 'heeft ausdauer' en zou graag nog even doorgaan ('u bent goed op dreef') maar De Vries heeft die map waarin hij zulke interessante documenten heeft meegenomen.

Rechtbankvoorzitter Frank Wieland: "We zitten ook nog met die vervelende 12 april, wanneer we zouden doorgaan, maar u kunt bij nader inzien niet. Dat kost een godsvermogen, want we kunnen niet even tien politierechterzittingen houden. Daarover komen we later terug. nu heeft advocaat Janssen nog voor een kwartier vragen."

Advocaat Janssen komt terug op de verklaring die Holleeder volgens De Vries heeft getekend. "Een juridisch puntje: ik zie niet staan dat de heer Holleeder niet wil meedelen in de opbrengsten van een Amerikaanse film."

De Vries: "Hij verklaart nooit enige aanspraak te hebben gemaakt op de opbrengsten van het boek en hij heeft er voor getekend dat hij geen aanspraak op maakt."

Holleeder moppert weer.

Janssen: "U hoort mijn cliënt mopperen en dat heeft hij eerder gedaan."

De Vries: "Ja, maar hij heeft er voor getekend."

Janssen memoreert de bedreiging door Willem Holleeder aan de deur van Peter R. de Vries. "Klopt het dat u gebeld werd voordat het gebeurde?"

De Vries: "Ik denk het niet."

Janssen: "Eén van de zussen heeft verklaard dat u door Sonja bent gebeld."

Janssen haalt aan dat de zussen, met bemoeienis van De Vries, druk doende waren met het afleggen van verklaringen bij de politie. "Dacht u dat hij er lucht van had gekregen dat u verklaringen aan het afleggen was?"

De Vries: "Die gedachte ging wel door me heen."

Janssen: "Kan het zijn dat het daardoor ernstiger op u overkwam?"

De Vries: "Die gedachte is ridicuul. Die levensbedreiging was buitengewoon ernstig. Dat had niets te maken met de gedachte dat het over die verklaringen van zijn zussen zou kunnen gaan. Eerdere bedreigingen door hem waren niet te vergelijken met wat toen aan mijn deur gebeurde. Ik dacht: 'Over dertig seconden lig ik hier voor mijn leven te vechten.' Hij had zware motorkleding aan, ik had net gesport en droeg alleen een sportbroek en een T-shirt. Ik dacht: Dit is helemaal foute boel'."

De Vries leest de verklaring voor, waarin Holleeder bevestigt dat hij getuige was van de afspraken die Cor van Hout en De Vries na de ontvoering in Frankrijk maakten over het boek over zijn leven en de ontvoering.

Holleeder was geen voorstander van het boek en had het Van Hout afgeraden het te schrijven. Mede op Holleeders verzoek 'is in het boek benadrukt' dat het boek een initiatief was van Van Hout en dat hij er niet in wilde meedelen.

Holleeder doet uitdrukkelijk afstand van de opbrengst van het boek. Hij verklaart ook er 'geen bezwaar tegen te hebben' dat het boek in de Verenigde Staten zou worden verfilmd.

Rechtbankvoorzitter Frank Wieland memoreert dat Holleeder bij de politie heeft gezegd dat hij 'het stuk wel wilde zien' waarin hij zogenaamd getekend zou hebben dat hij geen geld wilde.

Holleeder, nu: "Ik ben geen Gekke Gerritje en ik zou zoiets nooit getekend hebben. Alleen een gek tekent dat! U heeft een opname waarin ik tegen Sonja zeg dat ik niks heb getekend. Wat is gebeurd: Sonja heeft me van alles laten tekenen voor mijn ziektekosten omdat ik hartpatiënt ben. Ze heeft me van alles laten tekenen. Ik wil het wel zien, maar áls ik het heb getekend, heb ik niet geweten wat ik tekende."

Holleeder: "Je hebt me gewoon opgelicht sukkel."

Hij leest de verklaring en erkent dat het zijn handtekening is. "Maar ik wist niet dat ik dit tekende! Jij hebt me gewoon opgelicht!"

De Vries: "Jij hebt gewoon getekend, jongen. Dit is typerend voor jouw karakter: jij tekent dingen en zegt later glashard dat het niet zo is omdat het niet meer uitkomt! Dit is Willem Holleeder ten voeten uit!"

De rechtbank onderbreekt de zitting kort om met het Openbaar Ministerie en de advocaten te kunnen overleggen.

Janssen stelt vragen over de royalties van De Vries' boek over de Heinekenontvoering en de mogelijke verfilming daarvan. Het wordt soms wat technisch, maar het komt er op neer dat de andere ontvoerders van Cor van Hout soms geld kregen 'maar onverplicht'.

Na de liquidatie van Cor van Hout kwamen Heinekenontvoerders Jan Boellaard en Frans Meijer én familieleden zoals broer Ad van Hout om delen van de erfenis, maar bij De Vries waren ze 'aan het verkeerde adres'. "Cor had een testament gemaakt en liet alles na aan zijn kinderen."

De Vries is naar eigen zeggen 'verbijsterd' omdat Willem Holleeder eerst schriftelijk had ingestemd met de verfilming van het boek over de Heinekenontvoering, terwijl hij nu anders beweert.

Holleeder: "Ik heb ze net gezien die aantekeningen van De Vries. Dit is niet mijn handschrift!"

De Vries: "Ik zal dit misverstand ophelderen. Meneer Holleeder heeft daar een verkeerde kopie, met niet zijn, maar mijn handschrift. Ik heb op een eerste versie een soort pro-forma handtekeningetje gezet om aan Sonja te laten zien waar hij moest tekenen. Dit wat ik hier heb, is de ondertekende werkelijke verklaring. Hij heeft er nog bijgeschreven: Amstelveen, 4 april 2012."

Sonja Holleeder heeft Willem de verklaring volgens De Vries laten tekenen. Hij wil graag voorlezen wat in de verklaring staat.

Janssen grijpt terug op een waarschuwing in 2004 aan het adres van Peter R. de Vries waarover Het Parool schreef.

Er zou behoorlijk concrete informatie zijn geweest over een persoon die een conflict had met Heinekenontvoerder Willem Holleeder en die De Vries wat zou willen aandoen.

Officieren van justitie Koos Plooij en Fred Teeven zouden dat aan De Vries zijn komen vertellen. De Vries, nu: "Ik heb moeite terug te halen dat ze er allebei bij waren. U zult denken: 'Wat gek dat hij dat niet meer weet', maar het aantal keren dat ik zo ben bedreigd, is niet meer op de vingers van twee handen te tellen. Mij staat nu bij dat ik de een telefonisch heb gesproken en de ander heb gezien."

De Vries heeft zich er 'vaker aan gestoord' dat justitie in zulke zaken niet zegt van wie de dreiging komt. De suggestie is dat het om Stanley Hillis gaat, maar dat is kennelijk toen niet met zoveel woorden gezegd – of De Vries kan het zich niet herinneren nu.

De Vries citeert uit zijn verslag van het gesprek dat hij kort na de liquidatie van Cor van Hout met Willem Holleeder had in restaurant de Kersentuin in Amsterdam-Zuid.

Holleeder bevestigde in dat gesprek verschillende verhalen over de achtergrond van de moord op Van Hout waarin werd verwezen naar een drugsconflict tussen Gijs van Dam junior en Marokkanen uit Utrecht, waarin Cor van Hout had bemiddeld.

Er passeren veel bekende namen uit de Amsterdamse onderwereld.

Volgens Holleeder liepen 'verschillende zaken door elkaar' waardoor het ingewikkeld was te achterhalen hoe het echt zat. Waar De Vries op de begrafenis van Van Hout had gezegd dat die nooit mensen had laten doodschieten, zei Holleeder van wel. Hij gaf verschillende voorbeelden.

Het is een uitvoerig gespreksverslag dat De Vries voorleest, waarin Holleeder zegt dat Klepper en Mieremet 'dertig a veertig man', 'een bus vol' mensen hebben laten doodschieten in de loop der jaren.

Nadat De Vries het gerucht had gememoreerd dat 'SH' de moord op Cor van Hout had laten plegen, reageerde Holleeder volgens het verslag fel. Het klopte niet zei hij, en hij wilde weten hoe De Vries daar aan kwam.

Holleeder zou ook hebben gezegd dat hij inmiddels over 'tientallen miljoenen' beschikte, niet door drugs maar door het afpersen van zakenlieden. Uit zichzelf zou Holleeder bij het naar buiten gaan opnieuw hebben gezegd dat Stanley Hillis nergens mee te maken had en dat De Vries zich op afstand van de zaak moest houden. Tot besluit: "Wees verstandig hè, Peet, met wat je allemaal doet."

Advocaat Janssen: "Maakte u altijd dit soort verslagen van wat u met criminelen besprak?"

De Vries: "Ik ben journalist en leg dingen vast. Ik weet dat het later nog van pas kan komen en ik weet ook hoe feilbaar het menselijk geheugen is. Het is niet iets dat ik altijd bij iedereen doe en soms heb je er gewoon geen tijd voor."

Janssen: "Heeft u hier eerder bewust niet over gesproken in eerdere verhoren in bijvoorbeeld de liquidatiezaak Passage?"

De Vries: "Misschien is het de reden dat ik nog leef. Dat ik niet altijd te koop loop met alles dat ik weet."

Rechtbankvoorzitter Frank Wieland: "Heeft Cor u verteld waarom hij de prostitutiepanden in Alkmaar verkocht?"

De Vries: "Hij wilde het over een andere boeg gooien. Hij had het idee dat hij van de sores af moest omdat hij al twee keer aan de dood was ontsnapt. Criminelen proberen vaker uit het milieu stappen, maar dat lukt dan niet. Cor wilde het ook proberen. Dat staat mij bij."

Janssen begint weer over Stanley Hillis (de beruchte crimineel, geliquideerd in 2011). "U heeft Holleeder gesproken en u heeft gezegd dat hij Hillis tot mythische proporties opstuwde."

De Vries heeft een gespreksverslag bij zich. Daaruit wil hij wel citeren. Of de rechtbank het verslag krijgt, wil hij nog bedenken.

De Vries zegt zich niet te hebben bemoeid met de afwikkeling van de financiële kant van de erfenis. "Ik had beloofd me te bekommeren om de kinderen en heb dat gedaan. Cors zoontje was tien jaar. Ik wilde dat niet doorkruisen met journalistieke vragen naar de financiën. Ze hebben mij nooit uitvoerig verteld hoe het zat. Ik ving wel eens wat op, maar het is nooit fundamenteel onderwerp van gesprek geweest."

De Vries dacht dat Cor van Hout de prostitutiepanden aan de Alkmaarse Achterdam al had verkocht voor zijn dood. "Ik dacht dat hij dat had gedaan of dat hij daar mee bezig was, maar ik weet het niet zeker."

Het was volgens De Vries 'Cor zelf' die hem zei dat hij de raambordelen in Alkmaar aan het verkopen was of dat al had gedaan.

De Vries: "Het verhaal ging al snel dat Willem (Holleeder) op de erfenis van Cor uit was. Dat verhaal was all over the place."

Janssen schakelt over de afwikkeling van de erfenis van Cor van Hout. Is De Vries daar bij betrokken geweest, vraagt Janssen?

De Vries: "Ik heb daar wel een en ander van meegekregen. Misschien moet ik hier melden dat het anders zit dan Willem Holleeder hier heeft gezegd. Kort voor zijn dood heb ik met Cor van Hout een etentje gehad in de Scheldestraat. We spraken over de wederzijdse bedreigingen. Cor zei, na de twee mislukte aanslagen, 'als mij iets overkomt, wil je dan voor mijn kinderen zorgen?' Ik vind nog altijd moeilijk om te vertellen."

De Vries is ineens emotioneel.

"Ik heb gezegd: natuurlijk doe ik dat. Ik kende zijn kinderen goed. Heb zijn zoon geboren zien worden en ook het andere kindje (met het Syndroom van Down). Ik heb hem toen ook gevraagd: hoe heb je het geregeld? Hij zei: 'Ik heb een testament en daar staat alles in."

"Hij heeft toen met geen woord gezegd dat iets anders zou zijn in dat testament. Hij zei: 'Peter, ik heb een testament, daar staat alles in en zo zit het.' Ik dacht: dat moet ik even zeggen, omdat hier in de rechtszaal (door Holleeder) gezegd is dat het anders zou zijn geweest dan in dat testament stond."

Het verhoor van Peter R. de Vries gaat weer verder. Advocaat Sander Janssen vraagt de getuige naar zijn contact met Cor van Houts vriend Thomas van der Bijl kort na de liquidatie van Van Hout in 2003.

Van der Bijl dacht dat John Mieremet zijn vriend had geliquideerd. De Vries: "Ik denk dat dat een logische gevolgtrekking was. Na de eerste en de tweede aanslag waren er sterke aanwijzingen dat Mieremet daar de hand in had gehad. Toen de derde aanslag gelukt was, zal Van der Bijl hebben gedacht dat het Mieremet nu gelukt was."

Twee jaar voor Van Houts dood was er 'wrevel' tussen Cor van Hout en Thomas van der Bijl. De Vries: "De laatste twee jaar ontstond wat kibbelarij en zochten ze elkaar minder op. Het lijkt een soort botsing van karakters geweest. Thomas was heel toegewijd en ging voor Cor door het vuur. Cor wist dat niet altijd te waarderen. Die was daar makkelijk in."

"Ik heb nooit iemand ontmoet die zo scherpzinnig was als Cor en daartegen was niet iedereen opgewassen. Thomas was gewoon een timmerman, die ook een schoonmaakbedrijfje had. Ik heb wel eens tegen Cor gezegd dat hij wel dankbaarder zou kunnen zijn."

Holleeder praat met zijn advocaat, wat De Vries stoort. Rechtbankvoorzitter Frank Wieland: "Meneer Holleeder, kunt u fluisteren?" Holleeder: "Dat mag niet van het OM."

Thomas van der Bijl kon heel stellig conclusies trekken. De Vries: "Ik ken veel criminelen en onder criminelen is één en één al snel drie."

Advocaat Janssen probeert het verhoor rustig voort te zetten. Holleeder kijkt De Vries vol haat aan. Hij tikt met zijn rechterhand op tafel, met zijn bril er in. Hij heeft duidelijk moeite zichzelf in toom te houden.

Ook De Vries is geprikkeld op lastige vraagjes van advocaat Janssen naar de verjaardag van de zoon van Cor van Hout waar hij was. Holleeder leek opzettelijk op het moment naar de verjaardag te komen waarop De Vries daar ook was, kennelijk om gewoon met hem te praten.

De Vries: "Zegt dat iets over mij dan, als hij op dat moment op die verjaardag komt?"

Janssen: "Het is toch vreemd dat u contact met Holleeder onderhield als u dacht dat hij uw vriend Cor van Hout had laten doodschieten?"

De Vries: "Ik zit met de verschrikkelijkste mensen aan tafel. Ik ben misdaadverslaggever. Als je dat niet wilt of kunt, had je een ander vak moeten kiezen. Je kunt gewoon aardig tegen elkaar doen."

De rechtbank pauzeert een kwartier, hoewel voorzitter Wieland vond 'dat u beiden goed op dreef bent'. "We zitten het hier geboeid te beluisteren."

Peter R. de Vries: "De allereerste keer dat ik Willem Holleeder persoonlijk ontmoette was in 1985 toen hij dat hotelarrest kreeg na de Heinekenontvoering. De volgende ochtend, op de tweede dag, stond ik met fotograaf Wim Hofland aan het ontbijt, net zoals Sonja Holleeder en de toenmalige vriendin van Holleeder. We stonden wat grappen te maken, omdat zij ons als persmuskieten zagen."

"Cor van Hout en Willem Holleeder kwamen aanlopen. Uiteindelijk nam Cor van Hout mij apart om te zeggen dat ik geen grappen meer met zijn vriendin moest maken, want dat trekt Willem niet. Dat is mij altijd bijgebleven, dat Cor van Hout mij daar expliciet voor waarschuwde."

Holleeder vraagt het woord.

Holleeder: "Peter de Vries zegt dat hij met mijn vriendin stond te praten, maar ik had haar tot dan alleen geschreven. Waar zou ik me die tweede dag druk om maken?"

De Vries: "Nou, dat maakt het des te erger, dat hij het toen al niet trok."

De Vries: "Nou, je lag wel bij haar in bed."

Holleeder: "Dat doe jij met iedereen!"

Rechtbankvoorzitter Frank Wieland: "De stemming stijgt..."

Holleeder: "Praat normaal tegen me. Je gaat niet tegen me schreeuwen zoals bij RTL Boulevard, je kunt hier normaal praten!"

Janssen komt terug op de zeer vele afgeluisterde gesprekken waarin de zussen heel aardig met Willem Holleeder spreken.

De Vries: "Ik denk dat ik dit al afdoende heb besproken, maar áls Willem Holleeder opbelde sloegen de zussen en de kinderen een vriendelijke toon aan om maar niet een steen des aanstoots te zijn voor Holleeder om weer in woede uit te barsten. I goes without saying, maar die tap die ik heb laten horen op tv toont hoe Holleeder zich gedraagt als zijn zussen hem tegenspreekt. Als ze in andere gesprekjes poeslief waren, is om hem vooral maar niet te ontrieven."

Peter R. de Vries erkent dat hij 'betrokken is geweest' bij de interviewafspraken van Astrid (met NRC) en Sonja (met De Telegraaf) met media.

De Vries: "De zussen waren er van overtuigd dat Willem ze zou laten doodschieten. Een van de manieren om daar wat tegen te doen, is de zaak 'stuk te maken' door de publiciteit te gebruiken. Dat leek ons hier ook een geschikte methode."

Janssen: "U zei eerder dat u er niet voor honderd procent van bent overtuigd dat Cor van Hout in opdracht van Holleeder is doodgeschoten. Ik krijg het gevoel dat dat niet voor de andere zaken geldt en dat u actief zaken in de media brengt die Holleeder in een kwaad daglicht stellen, nog voordat andere getuigen over de zaken moeten worden verhoord."

De Vries: "Ik ben journalist en breng dingen naar buiten die spelen. Dat dat niet met de belangen van u of van het Openbaar Ministerie parallel lopen, is maar zo."

Janssen: "Nog voordat de verklaringen in een procesdossier waren gevoegd heeft u die verklaringen en ondersteunende bewijsmiddelen naar buiten gebracht."

Janssen: "We hebben allemaal verklaringen van u in het dossier zitten van 2003 tot 2011, waarin u zich uitspreekt over de zaken waarover we het hier hebben. Wat u in die verhoren vertelt, kan ik zo moeilijk rijmen met het beeld dat u nu volgens mij neerzet dat het Willem Holleeder is die achter de moord op Cor van Hout zit."

De Vries: "Ik heb eerdere, afwijkende tips keurig aan de politie gegeven en die zelf onderzocht. Ik heb altijd gekeken of het toch niet anders in elkaar zat..."

Janssen: "Wat mij opvalt is dat Willem Holleeder als betrokkene (bij de moord op Cor van Hout) steeds schitterde door afwezigheid."

De Vries: "Ik zag het toen nog niet zo. U moet goed begrijpen dat ik niet iedere keer als de politie mij wil verhoren, ga zeggen: 'By the way, eigenlijk denk ik dat Willem Holleeder het heeft gedaan. Ik ben 61 geworden, misschien ben ik ook wel voorzichtig geweest."

De Vries: "Als ik nu een goede tip krijg, ga ik daar met energie achteraan. Ik wil dat de goede dader wordt veroordeeld. Ik wil niet dat zomaar iemand wordt veroordeeld, of dat Willem Holleeder onterecht wordt veroordeeld, ik wil dat de juiste dader wordt veroordeeld."

Janssen: "Vindt u niet dat u, door bewijsmateriaal gecoördineerd in de media te brengen, vooruitloopt op de waarheidsvinding die nog plaats moet vinden?"

De Vries: "Ik heb mijn hele leven lang geschreven en gesproken over zaken voordat die voor de rechter kwamen, als die voor de rechter kwamen of nadat die voor de rechter waren geweest en het achteraf niet bleek te kloppen. Ik ben journalist. dat is mijn werk!"

Toen Holleeder in januari 2012 vrij kwam na zijn celstraf voor afpersingen 'zag' De Vries 'dat de druk voor de zussen ondraaglijk werd'. "De manier waarop Willem over zijn zussen sprak... dat gebeurt in een normaal gezin niet. Sonja Holleeder was standaard 'een kankerhoer'. Dat zei hij ook in het bijzijn van zijn advocaat."

De Vries zegt al 'sinds de Heinekenontvoering te hebben gezien' dat Sonja 'als een sloofje voor hem klaar moest staan'. "Ook al had ze een geldige reden, als zij even niet kon doen wat hij wilde, dan was ze 'een hoer'."

De Vries: "Ik heb mijn ogen niet in mijn broekzak. Ook in zijn gevangenistijd moesten zijn zussen maar doen wat hij wilde. Ze moesten de was doen en weet ik veel en als ze in zijn ogen maar één keer verzaakten dan kregen ze de volle laag."

Advocaat Janssen: "In de jaren negentig waren er heel veel problemen met Cor, maar niet zozeer met Holleeder. Hem werd soms ook door de zussen gevraagd wat te doen."

De Vries: "Ik heb de zittingen alleen maar van afstand kunnen volgen, maar ik moest wel lachen om uw pogingen het te doen voorkomen alsof Sonja en haar kinderen een goede band hadden met Willem. Ik heb hem vergeleken met een tiran die soms wel uit zijn paleis naar buiten komt om naar het volk te zwaaien. Willem Holleeder was voor Sonja en de kinderen een tiran."

Janssen: "Zegt u dat steeds omdat het Nederlandse volk of de rechtbank moeten weten hoe het zit?"

De Vries: "Het proces dat hier wordt gevoerd is op een bepaalde manier een mediaproces geworden en ik vind uw uitingen in een flagrante strijd met hoe het was."

Janssen: "Heeft u een idee hoe dit een mediaproces is geworden? Bent u betrokken geweest bij de manier waarop de verklaringen van de zussen en die geluidsopname naar buiten zijn gekomen?"

De Vries: "Ik heb die scheldopname naar buiten gebracht."

Janssen: "Heeft u die opname bewerkt?"

De Vries: "Ja, ik heb de opname ietwat ingekort omdat die niet geschikt was om te worden uitgezonden. Ik heb er ook een stukje uit geknipt waarin de heer Holleeder zich buitengewoon antisemitisch uitliet."

Janssen: "Waarom vond u het nodig die opname op tv af te spelen?"
De Vries: "Om te laten zien onder welk juk de zussen hebben geleefd."

Holleeder werd in sommige media nog steeds afgeschilderd als 'een knuffelcrimineel'. De Vries: "Ik vond dat Nederland dit dan ook maar eens moest horen."

Nadat Cor van Hout net was doodgeschoten kwamen zussen Astrid en Sonja bij Peter R. de Vries 'om alles te bespreken'. De Vries: "Astrid nam me apart en zei zoiets als 'Peter kijk uit, pas op met wat je zegt en wat je deelt'. Dat sloeg op Willem."

De Vries had 'met enige regelmaat' contact met de zussen Holleeder, maar ook met Willem. "Ze waren wel bang dat ik op enig moment in een slip of the tongue zou zeggen: 'Ja, maar Astrid zei dit, of Sonja zei dat..' Omgekeerd was ik terughoudend over hem met hen te praten. Eigenlijk hebben we gedurende lange tijd in een kringetje om elkaar heen gedraaid."

"Geleidelijk werden dingen steeds meer ingekleurd," zegt De Vries. "Ik sprak ook wel met Willem en dan zei hij dingen over zijn zussen waarvan ik dacht: 'Nou, nou...' Gaandeweg hebben de zussen me in vertrouwen genomen en de stap gezet naar het Openbaar Ministerie toe. Het was een geleidelijk proces geweest waarin zij mij steeds meer toevertrouwden."

De Vries had zelf 'wel het idee' dat Willem Holleeder achter de liquidatie van Cor van Hout zat, maar hij zag geen motief.

"Wel meer mensen zeiden dat Willem Holleeder er achter zat, maar ik ben een factfinder. Ik heb me daarin professioneel willen gedragen en niet willen meegaan in wat iedereen riep. Dat neemt niet weg dat ik wel zo mijn gedachten had."

De Vries trof Holleeder op verjaardagen en wilde bij hem op bezoek toen hij in de gevangenis zat.

Janssen: "Ik kan dat niet zo goed rijmen met uw gedachte dat hij achter de moord op uw vriend zat."
De Vries: "U kent het adagium: 'Keep your friends close, but your enemies closer."

De misdaadjournalist had er op allerlei manieren wel 'belang' bij in de buurt van Holleeder te blijven.

Janssen: "Heeft u van alle scenario's als meest plausibel bestempeld dat Willem Holleeder de meest voor de hand liggende partij is die achter de moord op Van Hout kan zitten?"

De Vries: "Ik heb ook van Astrid en Sonja Holleeder dingen gehoord waarvan ik geschrokken ben. Ik heb eerder al gezegd dat iemand moet worden vrijgesproken als er geen bewijs tegen hem is en ik ga hier voor de rechtbank niet zeggen dat hij het gedaan moet hebben, maar ik zeg dat hij een reële optie is."

De Vries sprak Cor van Hout nog telefonisch daags voor zijn dood. Een getuige zegt op een feest in het zuiden te hebben gehoord dat Cor zou worden neergeschoten en dat hij Van Hout daar ook voor heeft gewaarschuwd.

De Vries: "In mijn herinnering kwamen dergelijke waarschuwingen aan de lopende band. In die tijd waren er meer mensen die een soort algemene waarschuwing gaven, van: 'Kijk uit'..."

De Vries vertelt dat Ariën K., een criminele vriend van Cor van Hout, hem kort na de dood van Van Hout heeft verteld 'dat meneer Holleeder er achter zat'. Holleeder moppert er doorheen.

De Vries: "Naar wie moet ik luisteren? Naar U (Janssen) of naar hem (Holleeder)?"

Rechtbankvoorzitter Frank Wieland: "Meneer Holleeder, houdt u zich een beetje in?"

De Vries: "Ik heb hier aantekeningen van mijn gesprek waarin staat dat Ariën K. zei dat Willem Holleeder onder anderen met Stanley H. achter de liquidatie van Cor zat."

Ook Willem Endstra zou met de moord op Van Hout te maken hebben.

Janssen: "Mogen wij de aantekeningen hebben?"
De Vries: 'Daar wil ik me even over beraden."
Janssen: "Zou het Openbaar Ministerie de getuige willen verzoeken zijn aantekeningen over te leggen?"
Officier van justitie Sabine Tammes: "Meneer de getuige, zou u uw aantekeningen willen inbrengen?"
De Vries: "Daar wil ik wel even een nachtje over slapen."

Janssen schakelt over naar leider John Jansen van de Juliëtbende die in het Zuiden zeer gewelddadige overvallen pleegde et cetera. Jansen heeft als getuige verteld dat hij uiteindelijk in de Marokkaanse onderwereld verzeild is geraakt.

Advocaat Janssen: "Hij zegt voor de dood van Cor contact te hebben gehad met Cor omdat er een conflict zou zijn geweest tussen Gijs van Dam en een groep Utrechts Marokkanen, waaruit Mimoun Chengachi is verdwenen. Ook in Tanger is iemand doodgeschoten en later nog iemand," houd Janssen De Vries voor.

"Ik moest daar wel aan denken toen ik in uw boek las dat Gijs van Dam sprak over een conflict waarin meerdere moorden waren gepleegd en waarin ook mensen waren verdwenen."

De Vries herhaalt dat hij met zijn 'onderzoekje' naar deze mogelijke achtergrond van de liquidatie van Cor van Hout 'niet verder is gekomen'.

Na de moord op Cor van Hout probeerde De Vries uit te zoeken wie daar achter zat. Hij schreef later in zijn boek 'Alleen huilebalken hebben spijt' dat hij drie dagen na de moord Gijs van Dam junior sprak.

Die 'biechtte op' dat de liquidatie van Van Hout te maken moest hebben met een gestolen partij drugs. De Vries 'is er ingedoken om te kijken of dat klopte'. "Uiteindelijk is dat een dood spoor gebleken."

Op 5 december 2002 wordt Gijs van Dam junior beschoten bij het Gelderlandplein.

De Vries: "Daar was Cor geschokt over. Hij was lang bevriend geweest met Gijs van Dam senior en met 'kleine Gijssie', zoals hij hem noemde, had hij wel een speciale band. Zelf had ik ook wel contact met Gijs. Ik heb hem ook wel bezocht in het ziekenhuis."

Cor van Hout heeft wel nagedacht over de vraag of de band tussen Cor van Hout en Gijs van Dam zou kunnen meespelen. De Vries: "Ik heb daarover ook met Gijs gesproken. Daar heb ik aantekeningen van die ik nu niet bij me heb."

Advocaat Janssen: "Zou u ons die aantekeningen ter beschikking willen stellen?"
De Vries: "Ik zal dat verzoek in beraad nemen."

Een tipgever suggereerde dat de aanslag op Gijs van Dam junior een waarschuwing was voor Cor van Hout. De Vries: "Ik heb geen actieve herinnering aan wie me dat heeft gezegd. Het was een theorie."

Na de dood van Cor van Hout kreeg De Vries weer meer contact met Willem Holleeder. "Wel gereserveerd, van mij uit. Ik hield er wel rekening mee dat ik tegenover de moordenaar van een vriend zat."

Een half jaar na de mislukte aanslag op Mieremet gaf die een interview aan John van den Heuvel aan De Telegraaf, in augustus 2002. Mieremet noemde Willem Endstra de bankier van de onderwereld en Holleeder zijn bewaker.

De Vries: "Cor vond dat wel een mooi artikel. Dat artikel was toen het gesprek van de dag. Omdat het zestien jaar geleden is, moet ik voorzichtig zijn met hoe ik het recapituleer."

Rechtbankvoorzitter Frank Wieland heropent de zitting. Advocaat Sander Janssen is aanbeland in 2002, toen op 26 februari een moordaanslag werd gepleegd op John Mieremet, op de Keizersgracht.

De Vries: "Ik heb het daar met Cor over gehad. Ik kan dat niet precies recapituleren, maar hij was er niet rouwig om."

In de aanloop naar afpersingszaak Kolbak tegen Holleeder is De Vries verhoord over allerlei moordaanslagen. Hij vertelde toen niet wat hij inmiddels wel heeft verteld: ondanks het gegeven dat ze gebrouilleerd waren, zocht Holleeder op enig moment toch toenadering tot Cor van Hout.

De Vries: "Als ik me het goed herinner, vertelde Cor me dat hij met Holleeder langs de Bosbaan had gewandeld. Willem vroeg of Cor mee wilde doen aan het (laten) liquideren van Johnny Mieremet. Hij heeft dat niet gedaan, maar hij was er wel vol van dat Holleeder dat gevraagd had. 'Nou komt die verrader terug en vraagt hij me Mieremet om te leggen Nou: no way'. Dat was het verhaal dat Cor mij vertelde."

De Vries heeft dat nooit met Holleeder besproken, dat hij dat van Cor had gehoord. De Vries: "Van sommige dingen kun je beter niet laten weten dat je dat weet."

De rechtbank pauzeert momenteel voor de lunch, tot kwart over twee. Lees hieronder terug wat Peter R. de Vries tot op heden verteld heeft vandaag:

Cor van Hout ging er altijd van uit dat op de eerste aanslag op zijn leven, in 1996, een tweede zou volgen. De Vries: 'Zijn denkwijze is altijd geweest dat ze er belang bij zouden hebben het goed te doen uit angst dat hij wraak zou nemen."

Op 20 december 2000 werd Cor van Hout van grote afstand neergeschoten met een scherpschuttersgeweer. Hij dook op de grond en overleefde, waarschijnlijk doordat de schutter dacht dat hij dood was.

De Vries: "Cor en ik hebben die tweede aanslag wel besproken. Cor ging er voor 110 procent van uit dat Paja (Maruf M.), Nico V. en Mieremet daar achter zaten."

De Vries: "Cor zag Nico V., Paja en John Mieremet als uitvoerders van die moordaanslag en hij ging er van uit dat het niet anders kon dan dat Willem Holleeder daar bij hoorde. Zijn visie was dat Holleeder daar van moest hebben geweten. Hij ging er van uit dat John Mieremet en Willem Holleeder één waren. Het kon in zijn optiek niet anders dan dat Holleeder en Mieremet hier samen achter zaten."

De Vries: "Cor ging er van uit dat Holleeder in die aanslag op 2000 faciliteerde, er aan mee deed, name it. Daar hoeven we hier geen woorspelletje van te maken."

Cor van Hout kreeg een relatie met een collega van Peter R. de Vries. Sprak De Vries ook met haar over die aanslag in 2000? De Vries: "Ja, vanzelfsprekend."

Rond 2000 liepen de spanningen weer op. De recherche waarschuwde allerlei criminelen dat ze gevaar liepen.

De Vries: "Cor wantrouwde dat. Hij zag dat altijd als een opzetje om mensen tegen elkaar op te stoken."

Janssen: "Heeft u met Cor gesproken over de liquidatie van Sam Klepper in oktober 2000?"

De Vries: "Cor was daar niet rouwig om, heeft-ie me gezegd."

In het milieu was wel een theorie dat Cor van Hout achter de liquidatie van Klepper zat. De Vries: "Dat is natuurlijk gevaarlijk. Daar heb je niet zo veel fantasie voor nodig, zeker als je al eens bent neergeschoten met je gezin in de auto."

Sam Klepper zou tegen meerdere journalisten en andere getuigen hebben erkend dat hij achter de aanslag op Ronald van Essen zat.

De Vries: 'Dat heb ik zelf nooit zo gehoord. Ik heb altijd gehoord dat de opdracht van Endstra af kwam. Dat de uitvoering bij Sam en John is gelegd, zou een mogelijkheid zijn."

Cor van Hout had wel contact met 'Joegobaas' Streten 'Jotsa' Jocic.

De Vries: 'Daar wilde hij mij niet bij hebben. Er waren in het milieu wel mensen die tegen Van Hout zeiden: 'Kap nou eens met die De Vries, man, die journalist, dat is levensgevaarlijk'."

Willem Endstra was eind jaren negentig, toen de aanslag op Ronald van Essen plaatsvond, al 'target number one' die de recherche graag 'achterover wilde trekken, ook vanwege liquidaties', zegt De Vries.

Cor van Hout was volgens De Vries 'erg aangedaan door wat Van Essen was overkomen' (hij werd dwars door zijn hoofd geschoten).

Van Hout overwoog volgens De Vries zelfs over de aanslag op Van Essen met de politie te praten.

Ronald van Essen wilde de miljoenen terug die hij bij Willem Endstra had belegd. Het idee is dat Endstra hem wilde laten doodschieten om niet te hoeven betalen.

De Vries: "Cor van Hout had Van Essen ook wel gewaarschuwd. Als je tientallen miljoenen bij iemand hebt belegd, wordt het lucratief hem uit te schakelen."

De Vries: "Cor was bereid van zijn standpunt af te stappen geen verklaringen af te leggen omdat hij zo kwaad was dat iemand een moordaanslag wilde plegen om van zijn schulden af te komen."

Wilde Van Hout nog verder gaan, vraagt Janssen? Hij doelt op een liquidatie. De Vries: "Cor heeft mij altijd gezegd dat hij nooit iemand zou laten doodschieten. Ook als hij dronken was en emotioneel."

Van Hout zat het laatste deel van zijn verkorte straf vast met xtc-handelaar Ronald van Essen, op wie met kerst in 1999 een moordaanslag werd gepleegd in Amsterdam-Zuid.

De Vries: "Willem Holleeder heeft me verteld dat Van Essen moest worden doodgeschoten in opdracht van (de criminele vastgoedmagnaat) Willem Endstra."

Op die laatste mededeling van De Vries, die hij ook met stukken zegt te kunnen onderbouwen, komt advocaat Janssen later terug.

Officier van justitie Lars Stempher: "Anders helpen wij u daaraan wel herinneren."

Cor van Hout sloot volgens De Vries een deal met officier van justitie Fred Teeven over de afwikkeling van de City Peak-zaak.

"Ze hebben een deal gesloten dat Van Hout niet in hoger beroep zou gaan als Teeven van bepaalde sancties zou afzien en Cor in een bepaald voordeliger regime zou worden geplaatst."

Van Hout kreeg ook zijn in beslag genomen vastgoed terug. De Vries: "Volgens mij vonden ook zijn medeverdachten dat prima. Eenieder begreep dat dit voor alle betrokkenen het beste was. Voor Teeven was het belang de proces-efficiency. Zo'n proces in hoger beroep kostte weer maanden en was lastig en moeilijk. Teeven heeft me onlangs toevallig nog verteld dat hij een belang zag er een klap op te geven."

Na de eerste aanslag had Cor van Hout 'mensen om zich heen hangen' als 'een soort van bodyguard', zegt De Vries. "Bas Vermeulen en ene Mo, ik dacht uit Afghanistan. Hij had ook zelf wel een vuurwapen."

De drugshandel van Cor van Hout, die leidde tot de grote strafzaak City Peak tegen Van Hout, viel De Vries rauw op zijn dak. "Daarover had hij me nooit wat verteld."

Bij Thomas van der Bijl werd een groot wapenarsenaal gevonden in oktober 1997. De politie dacht volgens verschillende media 'twee liquidaties te hebben voorkomen'.

De een zou in zijn auto worden opgeblazen, de ander zou worden doodgeschoten met 'een precisiewapen'.

De Vries: "Wie moesten dan geliquideerd worden?"
Janssen: "Dat is mijn vraag aan u."
De Vries: "Met Cor heb ik toentertijd wel over City Peak gesproken en ook die wapenvondst bespraken we wel, maar op die liquidaties sla ik totaal niet aan."

Janssen: "Het is speculeren, maar je zou kunnen denken aan Sam en John."
De Vries: "Je kunt overal aan denken meneer Janssen. Cor was gearresteerd, dus het was niet zo dat ik de dag na die wapenvondst even bij hem langs kon."

Janssen gaat weer terug naar het stevige drinken van Cor van Hout. Die dronk geregeld in café 't Vliegertje in de Scheldestraat, van de criminele familie H. en om de hoek bij de Deurloostraat. Hij kwam ook geregeld bij 't Kalfje, aan de Amstel.

In Volendam kwamen Cor van Hout en John Mieremet elkaar toevallig tegen, thuis bij een crimineel.

De Vries: "Cor heeft toen een wandelingetje gemaakt met Mieremet. Hij vroeg waarom het allemaal nodig was (de eerste aanslag). Mieremet zei toen dat Klepper het wilde, niet zozeer Mieremet. Cor vertelde me achteraf dat hij het een slap verhaal vond van Mieremet, die hij niet vertrouwde."

De Vries: "Cor zei: 'Hij (Mieremet) blijft een onbetrouwbare rat."

Janssen benadrukt dat Mieremet dus zou hebben toegegeven dat Klepper en hij achter de eerste aanslag op Van Hout zaten. (En niet Willem Holleeder.)

Mieremet zei in een interview met Telegraaf-misdaadjournalist John van den Heuvel dat Willem Holleeder de woning van Van Hout in de Deurloostraat had aangewezen. De Vries: "Dat is ook zo'n verhaal dat ging, maar waarvan ik niet meer kan reconstrueren hoe dat precies tot me kwam."

De Vries hoorde van Cor van Hout wel 'dingen' over de breuk met Holleeder en de verdeling van de gezamenlijke investeringen van de Heinekenmiljoenen. De Vries: "Willem Holleeder kreeg de gokhallen op de Wallen en Cor van Hout de prostitutiepanden aan de Alkmaarse Achterdam."

De Vries: "Cor vertelde dat die prostitutiepanden in Alkmaar wel een lucratieve bron van inkomsten waren. 'Elke week vers geld', zei hij."

Cor van Hout bleef volgens De Vries tot zijn dood woedend omdat Holleeder dat miljoen aan John Mieremet en Sam Klepper had betaald.

Janssen haalt het boek 'De kouwe Ouwe' aan over Stanley Hillis. "In dat boek vertelt Mink Kok dat inderdaad een miljoen betaald moest worden aan Sam en John en dat Stanley Hillis en hijzelf daar tussen zijn gaan zitten als een soort wederzijdse garantie."

De Vries: "Ik heb dat boek gelezen. Zelf heb ik Mink nooit gesproken."

De Vries heeft een uitzending gemaakt over de aanslag op Cor van Hout en de nasleep. Janssen: "Kent u de strekking van die uitzending nog?"

De Vries, grappend: "Al mijn uitzendingen zijn gedenkwaardig meneer Janssen... Maar nee, de details herinner ik me niet."

Over die uitzending was veel te doen doordat de politie camerabeelden bleek te hebben van de aanslag, van een camera die mogelijk onrechtmatig was geplaatst.

De zitting wordt hervat. Advocaat Sander Janssen gaat terug naar de eerste aanslag op Cor van Hout in de Deurloostraat in de Rivierenbuurt, in 1996.

Nadat De Vries in 1994 in Paraguay Frans Meijer had opgespoord, had Van Hout het contact met De Vries boos verbroken. Normaal 'zou hij het er niet bij laten zitten', liet Van Hout weten, 'maar nu wel'. Pas na de aanslag op Van Hout in 1996 herleefde het contact weer.

Van Hout wilde met iemand spreken 'die zelf niet in het milieu zat' en dat was De Vries. Van Hout was er van overtuigd dat Sam Klepper en John Mieremet achter de aanslag zaten.

Janssen: "Het verhaal gaat dat Van Hout teveel gedronken had en dat hij Klepper en Mieremet tot de grond toe had afgebroken en dat de aanslag daarvoor een represaille was."

De Vries: "Dat was een van de verhalen die de ronde deden."

Cor van Hout 'beschouwde het als verraad' dat Willem Holleeder na de aanslag één miljoen euro aan Klepper en Mieremet betaalde om de dreiging weg te nemen. De Vries: "Cor vond dat krankzinnig. Waarom zou je zoiets doen? De dreiging kan heel goed weer terugkomen, dat is later ook wel gebleken."

Cor van Hout en Willem Holleeder braken. Holleeder stelde De Vries voor de keus: 'of met Van Hout omgaan, of met mij'. De Vries: "Voor mij was het eenvoudig. Ik ging met Cor om."

Janssen neemt een heleboel ontwikkelingen na elkaar door. De moord op Klaas Bruinsma door ex-politieman Martin Hoogland - die De Vries niet persoonlijk zegt te hebben gekend.

Van Hoogland werd gezegd dat die weer contact had met Mieremet en Klepper. Van die relatie weet De Vries 'niet uit eigen waarneming'.

Sam Klepper heeft volgens De Vries nooit met hem gesproken over levensdelicten, zoals hij wel met andere misdaadjournalisten deed.

Janssen neemt de verschillende groepen door die ontstonden na de dood van Bruinsma. Een groepje rond Sam Klepper en John Mieremet. Een groepje rond Stanley hillis. De Vries: "Daar sprak ik ook met Cor van Hout wel over."

Hillis trok een tijd op met Bruinsma's ex-bodyguard Charlie da Silva. De Vries: "Dat heeft Da Silva me zelf verteld." Ook Mink Kok trok met Hillis op. "En Willem Holleeder. Dat heeft Holleeder me zelf verteld." Holleeder snuift weer cynisch.

De Vries wil 'geen jaartal hangen' aan het contact tussen Stanley Hillis en Holleeder.
Rechtbankvoorzitter Frank Wieland wil naar een pauze.

Janssen stelt nog één laatste vraag. "Broeide het in de eerste helft van de jaren negentig in het milieu? Vreesden mensen zoals Cor van Hout liquidaties?"

De Vries: "Ik vind het heel lastig daar jaartallen aan te hangen. U zou uw vraag iets meer moeten toespitsen en koppelen aan gebeurtenissen."

Janssen: "Ik heb het nog over de periode voor de eerste aanslag op Cor van Hout (in 1996)."
De Vries: "Er is altijd misdaad en er is altijd vrees voor liquidaties."

De zitting wordt voor een kwartier onderbroken.

Bij Van Hout thuis leerde De Vries Sonja Holleeder en haar moeder Stien beter kennen. Jongste zus Astrid leerde hij pas kennen toen ze studeerde, maar pas later kreeg hij met haar intensiever contact.

Advocaat Janssen: "Had u als misdaadverslaggever zicht op de ontwikkelingen midden jaren negentig in het milieu?"

De Vries: "Jazeker, dat was mijn vak. Ik volgde het op de voet en had veel breder contact dan alleen met Van Hout en Holleeder alleen."

Hij noemt een reeks bekende criminelen die hij goed kende toen, onder wie Klaas Bruinsma. Ook Stanley Hillis leerde De Vries kennen. "Hij behoorde tot dezelfde categorie: de Premier League van de misdaad."

Ook Etiënne Urka kende De Vries, als 'tweede man' van Bruinsma en later als de man van wie werd gezegd dat die na de liquidatie van Bruinsma de organisatie leidde.

De Vries ontkent dat hij betrokken was bij een gesprek tussen Klaas Bruinsma en de nog gedetineerde Cor van Hout over samenwerking zodra Van Hout definitief uit de gevangenis zou komen.

De Vries kende Sam Klepper en John Mieremet 'alleen uit de entourage van Klaas Bruinsma'. "Nadat Bruinsma was vermoord, heb ik ze nooit meer gesproken."

Dat Sam Klepper en John Mieremet zich in Alkmaar opzettelijk met een partij wapens hadden laten arresteren kort na de liquidatie van Klaas Bruinsma, kent De Vries alleen 'als verhaal'. De Vries: "Daarover heb ik nooit met een van de betrokkenen gesproken."

Terug in Nederland bezocht De Vries Van Hout en Holleeder in de gevangenis. In de jaren negentig komt Cor van Hout vrij. De Vries had geregeld contact met hem. Het werd een vriendschap. Ze gingen samen naar voetbalwedstrijden en hadden veel te bespreken.

Janssen: "Nu gaan onder getuigen verhalen dat Van Hout met geld begon te strooien als hij een slok op had. Herkent u dat?"

De Vries: "Nee, dat heb ik niet meegemaakt. Cor was royaal, genereus en vrijgevig. Als we gingen eten, aten allerlei mensen mee. Ik noemde dat de mee-eters. Cor had dan alweer betaald voor iemand de rekening kon vragen. Als iemand geld nodig had, hielp hij."

Janssen haalt het 'problematische' drankgebruik van Van Hout aan. De Vries: "Ik zag wat er gebeurde en ervoer dat ook wel als problematisch. Hij dronk snel teveel. Ik heb daarover ook wel een aantal keren met hem over gesproken, als een van de weinigen. Ik zei: 'Cor, Heineken krijgt je alsnog te pakken'. Het was een probleem."

De Vries verhaalt over de roerige tijd toen Cor van Hout en Willem Holleeder op het Franse gedeelte van Sint-Maarten zaten, in zijn bijzijn. Ze werden voortdurend bewaakt door Franse politiemensen én met het net opgezette beveiligingsbedrijf van Heineken.

De Vries: "In de media ontstond rumoer omdat deze zware criminelen op het eiland zaten. Op straat ontstond grote onrust. Wij zaten in een hotel daar. Op enig moment moesten we in de kelder van het hotel op de grond liggen om te voorkomen dat we zouden worden gelyncht. We zagen ze in het schijnsel van de fakkels dichterbij komen. Cor van Hout zei: 'Peter, zou je niet weggaan? Ze vragen vast niet om je paspoort als ze binnen komen'."

De Vries bleef toch. "Dat heeft op Cor van Hout wel indruk gemaakt. Mede daarom gunde hij mij dat boek."

Gaandeweg werd het De Vries wel duidelijk 'dat er een bestseller zat aan te komen'. Pas later werd bedacht dat er wellicht een film in zou kunnen zitten.

De Vries: "Het boek is in 1987 uitgekomen. Pas halverwege de jaren negentig is er twee keer een mogelijkheid geweest een film te maken. Een Nederlands productiebedrijf wilde verzonnen elementen toevoegen. dat vond ik niet sterk. Een Amerikaanse filmmaatschappij uit Hollywood kwam ook met een voorstel. Ik heb daarover vrij uitvoerige gesprekken gehad. Dat zag er goed uit. Tegelijkertijd hield Cor van Hout me voor dat hij daar niet voor voelde omdat zijn dochter op de middelbare school vaak werd geconfronteerd met het verleden van haar vader."

Van Hout zag de publiciteit niet zitten, dus wilde hij de verfilming niet. De Vries: "Ik had op zich kunnen zeggen: 'Cor, dat is dan jammer, ik mag dat beslissen', maar ik wist ook wel dat ik dat boek nooit had kunnen maken. ik respecteerde zijn beslissing en heb het afgeblazen. Ze waren in Hollywood not amused, want de voorbereidingen waren in een vergevorderd stadium."

Willem Holleeder legde zich volgens De Vries met tegenzin neer bij Van Houts beslissing een boek te laten schrijven. De Vries: "Holleeder had een ietwat ondergeschikte houding. Cor nam ter kennisgeving aan dat Holleeder tegen dat boek was. Het was een beslissing van Cor alleen."

De Vries sloot met Cor van Hout een contract over het boek. De Vries: "Daarin stond dat ik het boek zou schrijven. Dat ik het copyright had. Dat het pas zou verschijnen nadat ze terecht hadden gestaan. Het was voor hen gewaagd, want ik had een buitengewoon gedetailleerde bekentenis in mijn koffer."

Cor van Hout zou tweederde van de opbrengsten van het boek krijgen, Peter R. de Vries eenderde.

Beeld -

Toen Holleeder en Van Hout tot grote opwining van velen 'hotelarrest' kregen omdat de uitlevering ingewikkeld lag, sprak De Vries Van Hout voor het eerst meermaals, in het bijzijn van Holleeder.

Hij leerde ook familieleden en vrienden kennen, onder wie Van Houts vriend en manusje van alles Thomas van der Bijl en incidenteel broer Ad van Hout.

Janssen: "Er zijn wisselende verklaringen over of Cor van Hout en Ad van Hout gebrouilleerd waren..."

De Vries: "Dat werd mij pas later duidelijk. Ik heb Adje pas later gesproken, na de dood van Cor. Martin Erkamps heb ik in die periode helemaal nooit gesproken. In feite heb ik hem pas leren kennen nadat hij zijn straf had uitgezeten."

De Vries was 'buitengewoon geïntrigeerd' doordat de jonge mannen 'in staat waren geweest zo'n geraffineerd misdrijf te plegen dat de hele wereld over was gegaan'.

De Vries: "Ik heb Cor van Hout voorgesteld een boek te schrijven over alle achtergronden. In eerste instantie zei Cor: 'Geen denken aan'. Hij moest nog berecht worden en dan zou zo'n boek over alle ins en outs natuurlijk niet handig zijn. Ik had er mijn zinnen op gezet en ben met Van Hout in gesprek gebleven. Willem Holleeder was er niet voor."

Uiteindelijk besloot Cor van Hout, nog in Frankrijk, dat het boek er alsnog kon komen. De Vries: "Ik ben daar in die periode veel geweest. De zaak was enorm nieuws en de krant had me gezegd dat ik daar bovenop moest blijven zitten. Toen is het vaak ter sprake gekomen. Op enig moment, dan moet ik een sprongetje maken, heeft de Franse regering Cor van Hout en Willem Holleeder overgevlogen naar Sint-Maarten. Ik wist met een fotograaf op dezelfde vlucht te komen."

Omdat op het eiland oproer ontstond, werden de twee uiteindelijk weer teruggevlogen naar Frankrijk. "Ik zei Cor: je gaat vast snel naar Nederland en zult daar worden veroordeeld. Ik heb hem voor het blok gezet. Áls er een boek moest komen, moest het nu. Na een nacht nadenken stemde hij in. Ik heb weken mijn intrek in hun hotel genomen, heb Van Hout en Holleeder vaak geïnterviewd en had het politiedossier. Het verhaal van Cor van Hout was leidend. Willem Holleeder was daarbij aanwezig. We zaten op mijn kamer, zij zaten op een stoel of op bed. Van Hout leidde en Holleeder vulde aan en corrigeerde soms."

Janssen wil na deze 'inleiding' nu 'chronologisch' door De Vries' eerdere verklaringen heen.

Na de Heinekenontvoering leerde De Vries ontvoerder Cor van Hout in 1984 kennen in Parijs. Willem Holleeder en Cor van Hout waren daar in februari aangehouden. Ze moesten voorkomen in een zaak over hun uitlevering.

De Vries: "Op de eerste zitting van die zaak zat ik vooraan in de zaal als verslaggever. Van Hout en Holleeder werden binnengeleid. Onze blikken kruisten elkaar, en ik begreep later dat Van Hout wel wist wie ik was."

De Vries stuurde Van Hout in de Santé-gevangenis in Parijs een brief. "De Heinekenontvoering was wereldnieuws en ik wilde als jonge en ambitieuze verslaggever alles weten over hoe dat nou allemaal in zijn werk was gegaan. Ik stuurde brutaal op de bonnefooi een brief aan Van Hout. Ik verwachtte niet eens antwoord. Het leek me ook niet in zijn belang met een verslaggever te corresponderen. Toch kreeg ik van Cor van Hout een brief terug. dat contact heeft zich sindsdien voortgezet."

Bij de zittingen in Parijs leerde De Vries ook Sonja Holleeder en haar moeder kennen. "Je zit te wachten voor zo'n zitting of er wordt geschorst. Dan ga je samen de gang op en ontstaat iets van contact. Dat was aanvankelijk niet hartelijk hoor, want zij zagen de aandacht van de pers als iets verschrikkelijks."

Nadat Cor van Hout aan De Vries had teruggeschreven, dacht hij 'mooi, kijk aan, ik heb contact met een van de Heinekenontvoerders'. "Ik stuurde hem vaker brieven. Soms stuurde ik een tijdschrift of zo mee."

Advocaat Janssen: "Vindt u dat meneer Holleeder moet worden vrijgesproken als hij niet schuldig zou zijn aan de liquidaties waarvan hij nu wordt beschuldigd?"

De Vries: "Absoluut! Dat geldt voor Holleeder, dat geldt voor Dutroux, dat geldt voor iedereen."

De Vries: "Ik weet niet hoe u over mij denkt, maar op het moment dat er twijfel over is dat iemand iets heeft gedaan, moet hij worden vrijgesproken. ik ben daarvan zelfs een pleitbezorger."

Janssen vraagt ook nog naar een ontmoeting die Peter R. de Vries bij Jan Tabak had met Jesse R. in 2003. De Vries: "De enige reden waardoor ik me die toevallige ontmoeting herinner, is die Ferrari waarin hij kwam. Aan wat besproken is, heb ik geen enkele herinnering."

Dat het Openbaar Ministerie geloofde dat Jesse R. hem bij die ontmoeting in 2004 zou hebben opgehaald van een parkeerplaats, vindt de Vries vreemd. "Ik ben misdaadverslaggever en dat vak brengt risico's met zich mee. Ik zou niet zomaar meegaan als Jesse R. me ergens op een parkeerplaats zou ophalen."

Dat de kroongetuige Peter la Serpe zegt dat De Vries naar de afspraak al een cameraploeg had meegenomen, noemt De Vries onzin. "Er was daar zeker geen cameraploeg. Als ik naar elke afspraak waarvan ik niet eens wist wat daar zou worden besproken, zo'n zeer kostbare cameraploeg zou meenemen, zou het productiebedrijf half failliet zijn gegaan."

De Vries heeft later in zijn agenda teruggevonden dat hij een dag nádat hij ook volgens obers met Holleeder in Het Arsenaal was geweest, daar was. Voor de presentatie van een tijdschrift. De Vries: "Dat is aantoonbaar waar, dat ik daar die dag daarna was."

Het gerechtshof in Passage oordeelde dat De Vries het 'zich niet herinnerde' dat hij met Jesse R., Peter la Serpe en Willem Holleeder in Het Arsenaal is geweest. De Vries, nu: "Mijn standpunt is dat Jesse R., Holleeder en La Serpe in Het Arsenaal zijn geweest, maar niet met mij."

De journalist sprak met Jesse R. en Peter la Serpe wel in een ander etablissement, Chef's, maar 'daar was Holleeder niet bij'.

De Vries vindt nog steeds dat het Openbaar Ministerie 'een en ander aan elkaar heeft geknoopt' en 'conclusies heeft getrokken' over die vermeende ontmoeting, 'omdat het vervolgingsbelang kennelijk prevaleert boven de waarheidsvinding'.

Advocaat Janssen begint over een ontmoeting in restaurant Het Arsenaal in het Gooi, waar De Vries in 2004 met Jesse R. en Willem Holleeder zou hebben afgesproken om te praten over een televisieprogramma.

De Vries kende Jesse R. 'al sinds 1993'. R. was een interessante figuur voor De Vries. "Toen ging al het verhaal dat hij een kopstuk was in het milieu. Zijn vader Greg was ook geen onbekende in die wereld."

Ook Holleeder was 'interessant' voor De Vries. "Hij is natuurlijk ook een hoofdrolspeler in deze wereld. Ik had met hem natuurlijk al te maken gehad in het kader van de Heinekenontvoering."

Janssen: "U zegt dat u Holleeder 'tientallen, misschien wel honderden keren heeft ontmoet'." De Vries: "Tientallen keren zeker."

De Vries noemt het 'sterk' dat hij met Holleeder én Jesse R. samen aan een tafeltje zou hebben gezeten in Het Arsenaal.

Janssen: "U heeft in liquidatieproces Passage uiting gegeven aan uw ongenoegen over de manier waarop het Openbaar Ministerie in het hoger beroep van Passage heeft gesteld dat u niet het achterste van uw tong heeft laten zien."

De Vries: "Dat klopt. Ik wist aanvankelijk niet dat ik (kroongetuige) Peter la Serpe had ontmoet (in Het Arsenaal). Ik heb bereidwillig meegewerkt aan dat verhoor daarover. Sterker, ik heb nadien nog geprobeerd nadere informatie te geven. Mijn houding was dat ik aan het onderzoek volledig wilde meewerken. Ik keek er dan ook van op dat de aanklagers in het hoger beroep van Passage lichtvaardig zeiden dat ik niet zou hebben meegewerkt. Als ze één telefoontje hadden gepleegd, hadden ze geweten hoe het zat."

Zo was in contacten met Willem Holleeder sprake van 'Ome Jan'. "Dat betekende Jan Tabak, in Bussum. Terwijl het Openbaar Ministerie concludeerde dat het om Het Arsenaal moest gaan. Dat ik altijd met Holleeder in Jan Tabak afsprak, staat zelfs in mijn boek over de Heinekenontvoering. Dat ze mij aanwreven dat ik niet correct had verklaard, vind ik groteske onzin."

Peter R. de Vries zegt zich niet met anderen op het verhoor te hebben voorbereid. "Collega's vroegen me wel wat zou gebeuren en wat me gevraagd zou worden. Dat was informatief. Meer niet. Met Astrid en Sonja Holleeder heb ik geen contact gehad over wat ik zou verklaren. Ik heb contact met hen via de telefoon, maar inhoudelijk hebben we het hier nauwelijks over."

De Vries heeft 'maar op een paar punten' met de zussen besproken dat zaken volgens hem net anders zaten dan op de zitting was besproken. "Ik hoorde dat Willem Holleeder heeft gezegd dat hij niet wist waarom ('de vijfde Heinekenonvoerder') Robbe Grifhorst een hekel aan hem had. Ik heb Astrid gemeld dat ik dat wel wist. Dat was omdat Willem Holleeder met een vriendin in Grifhorsts villa had verbleven en dat hij haar de hele villa door had geslagen, waardoor overal bloed zat. Grifhorst vertelde me dat hij daarvan vreselijk was geschrokken. Ik meen dat het om een vriendin ging die Nicky heette."

Holleeder, die schuin achter De Vries zit, lacht cynisch. Rechtbankvoorzitter Frank Wieland roept de verdachte tot de orde.

Peter R. de Vries is teruggekeerd in 'de bunker' en heeft alsnog plaatsgenomen in de getuigenbank. Hij is beëdigd en het verhoor kan toch beginnen.

De Vries vertelt desgevraagd dat hij veertig jaar journalist is, en zich al snel heeft toegelegd op misdaadjournalistiek.

Advocaat Sander Janssen vraagt De Vries naar zijn werkwijze. Waar had hij contacten? Las hij veel kranten, had hij vooral bronnen binnen de opsporing of in het criminele milieu? De Vries: "Allemaal tegelijk. Ik heb bronnen binnen politie, justitie, advocatuur en ook onder mensen die zelf verdacht zijn."

"Ik ben nu nog steeds actief als misdaadverslaggever, maar doe ook andere dingen. Nog steeds besteed ik veel tijd aan misdaadverslaggeving."

Dit proces heeft hij vooral 'via de media gevolgd' sinds hij op de openingsdag uit 'de bunker' was weggestuurd door de rechtbank, omdat hij nog moest getuigen.

Peter R. de Vries trok uiteindelijk wel zijn schoenen uit bij de veiligheidscontrole. Beeld anp

De rechtbank schorst de zitting voor beraad. Het is onduidelijk hoe lang dat zal duren. Holleeder bij het verlaten van de zaal tegen John van den Heuvel en ondergetekende: "Zeg, hebben jullie wel je schoenen uit?"

Peter R. de Vries maakt rechtsomkeert bij de rechtbank. Beeld anp

Rechtbankvoorzitter Frank Wieland zegt dat 'de rechtbank met verbazing kennis heeft genomen van de mededeling dat Peter de Vries is vertrokken'. De voorzitter weigert de R. van Peter R. de Vries uit te spreken.

Wieland geeft advocaat Sander Janssen het woord. De verdediging heeft De Vries opgeroepen.

Janssen: "Ook wij trekken onze schoenen uit als dat wordt gevraagd. Kennelijk vindt de getuige dat hij kan beslissen weg te gaan. Het past in het patroon dat was ingezet bij de onderzoeksrechter, waar hij ook vond dat de regels die voor iedereen gelden, voor hem niet golden."

De onderzoeksrechter wees toen het verzoek van Janssen af De Vries te laten 'gijzelen' omdat die beloofd had wel in de rechtbank te zullen verschijnen.

Janssen vraagt de rechtbank contact met De Vries te maken en hem 'te verzoeken stante pede rechtsomkeert te maken' en als hij dat weigert 'een bevel medebrenging' uit te vaardigen.

Officier van justitie Lars Stempher 'onderschrijft' Janssens verzoek. "Dit is een geval 'ergert u niet, verwondert u slechts'. Wij zijn het eens met de verzoeken van Janssen."

De zittingsdag begint rumoerig: getuige Peter R. de Vries heeft 'de bunker' meteen weer verlaten omdat de beveiliging eiste dat hij zijn schoenen zou uittrekken nadat de scanstraat had gepiept. Dat vond hij ongepast, te meer omdat hij een getuige is die eerder bedreigd is. Het was hem ook al verboden zijn auto binnen te parkeren.

Hij weigert op deze manier te getuigen, omdat hij zich onvoldoende met respect behandeld voelt.

De rechtbank begint gewoon met de zitting en ook Willem Holleeder is inmiddels in de zaal. In principe kan de rechtbank besluiten 'een bevel medebrenging' uit te vaardigen, waarna De Vries onder dwang naar de rechtbank kan worden gebracht.

Misdaadverslaggever Peter R. de Vries (links) en zijn zoon Royce de Vries. Beeld anp

Na zussen Sonja en Astrid Holleeder en ex-vriendin Sandra den Hartog, getuigt vandaag de man die hen hielp en begeleidde bij het afleggen van hun verklaringen tegen Willem Holleeder: misdaadverslaggever Peter R. de Vries.

Holleeder beschouwde hem naar eigen zeggen ‘al dertig jaar’ als een vriend, maar vindt hem nu een verrader.

De Vries en Holleeder kennen elkaar sinds de Heinekenontvoering in 1983, toen de journalist de ontvoerders volgde tijdens hun vlucht in onder meer Frankrijk. De Vries raakte goed bevriend met mede-Heinekenontvoerder Cor van Hout.

In 2013 heeft Holleeder de journalist ernstig bedreigd aan de deur van zijn woning in het Gooi, in het bijzijn van zijn vrouw. Die beklemmende bedreigingen waren integraal opgenomen door De Vries’ beveiligingscamera’s.

Holleeder was woest om de Hollywoodverfilming van de ontvoering, waaraan De Vries en zijn zus Sonja in zijn visie fors gingen verdienen over zijn rug.

Voor de bedreigingen kreeg Holleeder uiteindelijk vier maanden cel opgelegd. Erger: hij moest ook alsnog de drie jaar uitzitten van de straf die hij kreeg voor het afpersen van zakenlieden. Hij kreeg negen jaar, maar was vanwege de ‘voorwaardelijke invrijheidstelling’ in 2012 na zes jaar vrijgekomen omdat twee derde van zijn straf er op zat. Doordat hij de voorwaarden verbrak met een nieuw misdrijf, werd die ‘v.i.’ ingetrokken.

De Vries heeft eerder geweigerd verklaringen af te leggen bij de onderzoeksrechter. Nu heeft de rechtbank hem alsnog als getuige opgeroepen.

Daarom heeft de journalist het proces tot nu toe niet mogen volgen in ‘de bunker’ in Amsterdam-Osdorp: de rechtbank stuurde hem weg op de openingsdag.

Voor het verhoor zijn twee dagen uitgetrokken. Ook donderdag moet De Vries verschijnen, al heeft hij daar tegenin gebracht dat hij zijn televisieprogramma De Raadkamer moet voorbereiden. De rechtbank moet nog besluiten of die verhoordag geheel of gedeeltelijk doorgaat.

Volg de zaak hier live vanaf 10.00 uur.

Peter R. de Vries Beeld anp

Op dag twee van haar verhoor in de zaak Holleeder getuigde ex Sandra den Hartog vooral weer als klassiek gangsterliefje. Ze wilde van haar criminele partners veel níet weten. Lees hier de samenvatting van het verhoor: een leven zonder lastige vragen.

Janssen gaat weer terug naar haar ontmoeting met Willem Holleeder begin 2001 (maanden na de liquidatie van Sam Klepper) in de garage onder haar villa in het Belgische Neerpelt.

Holleeder wilde volgens Den Hartog buiten het zicht van de camera's spreken.

Janssen: "Hingen er echt camera's ín de woning?"

Den Hartog: "Ja, op sommige plekken."

Janssen: "Maar als hij aankomt en er hangen ook buiten camera's, dan is hij toch al gefilmd?"

Den Hartog: "Maar niet gehoord."

Janssen: "Die camera's binnen namen ook geluid op?"

Den Hartog: "Ja."

Janssens vragen zijn op. Ook Holleeder heeft zelf vooralsnog geen vragen aan de getuige. Ineens rondt rechtbankvoorzitter de zitting af.

Maandag gaat de zaak verder met het verhoor van misdaadjournalist Peter R. de Vries, vanaf 10.00 uur.

De rechtbank is terug.

Voorzitter Frank Wieland: "Kennelijk loopt het Fiod-onderzoek nog. De getuige beroep zich op haar verschoningsrecht en hoeft geen vragen te beantwoorden waarmee ze zichzelf verdacht zou maken of familie zou belasten. Ze hoeft ook geen vragen te beantwoorden over haar beveiliging. De vraag van de raadsman kan die veiligheid raken en dus hoeft de getuige geen antwoord te geven."

Janssen heeft nog andere vragen. Heeft Sandra den Hartog bij haar man Sam Klepper wel eens een wapen gezien? "Ja. Incidenteel."

Sam Klepper investeerde volgens Den Hartog ooit 12 miljoen gulden 'wit geld' bij vastgoedmagnaat Willem Endstra.

Janssen: "Waar legt u de grens? Wanneer is iets wit geld?"

Den Hartog: "Dat geld was in beslag genomen en heeft hij teruggekregen. Dus in mijn ogen was dat wit geld."

Janssen begint over de vermogenspositie van Den Hartog, die zegt dat Holleeder haar geen grote geldbedragen gaf. De Fiod bracht haar bezittingen in kaart en concludeerde dat het wel leek alsof zij kon beschikken 'over een geldboom'.

Janssen wil weten of Den Hartog afspraken over het Fiod-onderzoek heeft gemaakt met justitie voordat ze ging verklaren tegen Holleeder.

Officier van justitie Sabine Tammes grijpt meteen in. "Meneer Janssen, u zou toch beter moeten weten! Over afspraken over de veiligheid wordt niets gezegd."

Janssen: "Ik weet precies waar de grens ligt. Mijn vragen gaan niet over beveiliging, getuigenbescherming of wat ook, maar ik wil weten of is gesproken over het Fiod-onderzoek."

Rechter Benedicte Mildner: "Wat zou dat kunnen betekenen?"

Janssen: "Wij zijn in den brede aan het onderzoeken welke motieven hebben meegespeeld bij het tot stand komen van deze verklaringen. Het feit dat het omvangrijke Fiod-onderzoek bijna vier jaar is afgerond, wat bijna samenvalt met het moment waarop mevrouw is gaan verklaren..."

Officier Lars Stempher: "U ventileert puur een onderbuikgevoel!"

De rechtbank schorst om te bepalen of de getuige vragen moet beantwoorden over de afwikkeling van het Fiod-onderzoek en een mogelijk verband met haar verklaringen. Het is onduidelijk hoe lang dat beraad zal duren.

Janssen snijdt aan dat Den Hartog heeft gezegd dat ze definitief van Holleeder af wilde nadat hij had gezegd dat hij 'Sam had laten liggen' en dat ook haar zoon 'zou gaan liggen'.

Was dat ook dé reden waarom ze geloofde dat niet 'Joegobaas' Sreten Jocic Klepper had laten vermoorden, maar Holleeder?

Den Hartog: "Er waren al eerder dingen geweest natuurlijk. Zijn houding, andere uitlatingen, dingen die uitkwamen nadat hij voorspellingen had gedaan...
En uiteindelijk de bevestiging van Astrid. Je wílt het natuurlijk ook niet geloven."

Janssen: 'U heeft dus niet geprobeerd meer duidelijkheid te krijgen? Terug te denken over wat rond de moord op Klepper allemaal was gebeurd?

Den Hartog: "Ik kon niet zo veel extra onderzoek doen. Ik kan moeilijk naar mensen lopen en vragen: 'Heb jij Sam vermoord'?"

De criminele vastgoedhandelaar Willem Endstra zei in het geheim tegen de recherche dat Sandra den Hartog in oktober 2003 miljoenen kwam opeisen bij hem op kantoor, en dat ze dreigde dat hij door 'haar Joegoslavische vriend Paja (Maruf M.)' zou worden doodgeschoten.

Den Hartog: "Het is gelogen. Ik ben bij hem aan de deur geweest voor een nieuwe woning, maar Endstra bedreigde mij, niet andersom."

Den Hartog komt met een brief van een journalist op de proppen uit 21 juni 2006, waarin hij haar vraagt om een interview. Hij schrijft dat hij weet dat het verhaal van Endstra over de bedreiging door Sandra niet klopt. Dat in plaats daarvan Endstra haar bedreigde. Sander Janssen vraagt de rechtbank de brief aan het dossier toe te voegen.

Janssen vraagt aan Den Hartog naar het verhaal dat bekend was dat Willem Endstra met de politie sprak.

"Dat zei Willem (Holleeder). Hij zei ook dat iederéén wist dat Endstra met de politie sprak."

Het verhoor komt weer op de liquidatie van Cor van Hout in januari 2003. Janssen haalt weer aan dat Holleeder volgens Den Hartog vrolijk was nadat zijn zwager en mede-Heinekenontvoerder was vermoord. ("Het heeft lang geduurd, weet je hoe lang ik hiermee bezig ben geweest?")

Overwoog Den Hartog toen niet van Holleeder af te gaan?

Den Hartog: "Je kon niet zomaar van Holleeder weggaan."

Janssen: "Was dat tóen al het geval? Het was toch niet zo dat u al vaak door hem was geslagen of zo, heeft u vanmorgen gezegd. De relatie werd toch pas later slechter?"

Den hartog blijft er bij dat ze ook in 2003 al 'niet meer uit de relatie kon'.

Janssen: "Waarom kon u in januari 2003 niet zeggen dat u toch niet zo bij elkaar paste?"

Den Hartog: "Dat had hij niet leuk gevonden."

Janssen: "Dat is wel vaker zo met relaties."

Janssen kan er niet bij dat Den Hartog al in 2003, 2004, 2005 'bang was voor Holleeder'. "Op grond waarvan dan?"

Den Hartog: "De angst. Die voedde hij steeds met dingetjes. Ook met de verhalen over Jocic. Het maakte mij wel angstig, ja."

Den Hartog brak pas in 2014 definitief met Holleeder. In het najaar begon ze verklaringen af te leggen tegen hem bij de politie.

Volgens Janssen blijkt uit het dossier dat Stanley Hillis de rol als bemiddelaar tussen de Joegoslaven en John Mieremet had overgenomen van Magdi Barsoum. Den Hartog zegt opnieuw het niet te weten.

Volgens Holleeder zorgde Stanley Hillis er voor dat de miljoenen bij (contacten van) de Joegoslaven terecht kwamen, waarna het probleem was opgelost. Volgens advocaat Janssen zitten in het dossier tal van aanknopingspunten die Holleeders standpunt onderbouwen.

Janssen: "Maar op grond van een opmerking van Holleeder dat het een spel zou zijn geweest en dat al die dreiging van Jocic was verzonnen, stelt u dat het niet waar is?"

Den Hartog: "Willem heeft dat vaker dan eens gezegd. Het was een lang gesprek. We hebben echt wel lang gezeten."

Janssen ziet een inconsistentie: "U zegt ook dat u nooit mocht doorvragen bij meneer Holleeder, maar nu zegt u dat u lang en uitvoerig over deze kwestie heeft gesproken?"

Den Hartog: "Hij heeft gezegd dat het een spel was van Stanley (Hillis), Dino (Soerel) en hij."

Janssen: "En daarom bent u er van overtuigd dat de hele dreiging uit de hoek van de Joegoslaven, van wie u zo bang was, nooit heeft bestaan?"

Den Hartog: "Ja."

Den Hartog zegt in totaal bijna twaalf miljoen te hebben betaald aan Holleeder, dus veel meer dan de tien miljoen die John Mieremet aan de Joegoslaven zou hebben moeten betalen.

Den Hartog heeft verteld hoe ze met crimineel Stanley Hillis naar Liechtenstein moest rijden om miljoenen op te halen. Advocaat Janssen vindt dat verhaal maar vreemd. Ook is ze volgens hem nog een keer alleen geweest voor vijf miljoen.

"Je kunt toch niet zomaar een bank binnenlopen en vijf miljoen ophalen?"

Den Hartog: "Dus wel."

Den Hartog zou ook een keer niet zijn komen opdagen toen de bank in Liechtenstein een speciaal transport met vijf miljoen gulden had laten komen, waarna een nieuw speciaal transport het maar weer terugbracht. Den Hartog kreeg daarvan een rekening. Ze zegt zich dat nu niet te kunnen herinneren.

Volgens bescheiden van de bank haalde Den Hartog 2.269.043 Zwitserse francs op, waarna nog ruim een miljoen gulden op de rekening stond. Den Hartog zegt het niet precies meer te weten en wil er niet op ingaan.

Den Hartog zegt dat Willem Holleeder haar had gezegd dat crimineel Stanley Hillis met haar mee moest om het geld in Liechtenstein te halen. Janssen: "Wat wist u van de rol van Hillis in het kennelijke conflict?"

Den Hartog: "Willem heeft gezegd dat hij had geregeld dat Stanley mee ging. Meer weet ik niet."

Janssen memoreert dat de groep van 'Joegobaas' Sreten 'Jotsa' Jocic aan Sam Klepper en John Mieremet onder anderen volgens een getuige een boete van tien miljoen gulden had opgelegd vanwege een gestolen partij hasj en de moord op de eerdere 'Joegoleider' Duja Becirovic.

Had Sandra den Hartog daarover gehoord? "Nee. Niet dat ik weet."

Sam Klepper zou als eerste worden vermoord als Mieremet en hij niet zouden betalen. Klepper 'zou eerst gaan', omdat de Joegoslaven wisten dat hij aan het Gelderlandplein woonde, in Amsterdam-Buitenveldert. Hij zou wellicht gaan 'zoals Jaap van der Heijden'. Die was in Alkmaar vermoord met een bom aan een tas aan zijn voordeur.

Sandra den Hartog zegt opnieuw maar weinig van dat soort details te weten. Ze was met Klepper naar België gevlucht, maar wist niet over de finesses van het waarom.

Sprak ze in de weken na de liquidatie van haar man Sam Klepper met Mieremet over de opdrachtgevers voor de moord?

"Nee, ik sprak John toen weinig."

Ze was toch met Mieremets vriendin Ria Eelzak 'op vakantie' naar Lanzarote in die periode?

"Ja, maar we waren druk met de kinderen. Je bespreekt zulke zaken niet met de kinderen er bij."

In januari 2001 sprak Den Hartog met Holleeder in de garage onder haar woning (in België). Dat was buiten het bereik van de camera's in de woning, boven. Wist Holleeder dan waar de camera's hingen?

"Dat was mijn interpretatie. Hij was wel bij Sam geweest."

Het was de tijd waarin ze de eerste miljoenen aan Holleeder gaf in tasjes, in de PC Hooftstraat. "Het was voor kogelwerend glas voor het huis van John Mieremet, bewakers en kogelwerende auto's."

Op vragen naar de herkomst van de miljoenen beroept Sandra den Hartog zich op haar verschoningsrecht. "Ik hoef daar geen antwoord op te geven."

De rechtbank 'parkeert' de vragen over de miljoenen even, om later te beslissen of de getuige daarop moet antwoorden.

Volgens een getuige is geld opgehaald bij 'een zus van Sam' (Klepper) ten behoeve van betalingen die John Mieremet moest doen aan Jotsa Jocic.

"Dat klopt niet. Dat zijn hardwerkende mensen. Ik vind dit een beetje laag."

Den Hartog, over haar verklaring dat Holleeder haar miljoenen aftroggelde onder het mom dat die miljoenen naar 'Joegobaas' Jocic moesten opdat Mieremet zou blijven leven: "Dat heb ik verteld omdat Willem mij dat had verteld."

Janssen: "Dat zijn uw woorden, hè? Meneer Holleeder zegt dat het niet waar is."

In café Lexington in Amsterdam-Zuid zou John Mieremet weer miljoenen hebben geëist en Den Hartog woedend hebben gedreigd dat hij haar kinderen zou (laten) doodschieten als ze niet zou betalen.

Rechtbankvoorzitter Frank Wieland hervat de zitting weer. Een uur lang is druk aan het geluid geknutseld, opdat getuige Sandra den Hartog én advocaat Sander Janssen beter te verstaan zijn. Het is nog steeds billen knijpen en hopen dat niet weer storingen optreden. Een technicus doet achter de schermen wat hij kan.

De rechtbank pauzeert een klein uur voor de lunch, tot half twee.

Uiteindelijk zijn Sam Klepper en Sandra den Hartog 'ook weer naar Amsterdam gegaan'. "De rest was daar ook, dus wij konden ook wel weer."

Janssen: "Heeft u daar over gesproken?"

Den Hartog: "We zijn op een gegeven moment gewoon weer gegaan."

Sam Klepper 'vertelde wel dingen', maar weinig over zijn criminele zaken. "Meer grappige anekdotes, of sociale zaken."

Of het Den Hartog uitmaakte met wat voor misdrijven haar man Klepper bezig was?

"Het maakte wel uit ja, maar we spraken daar niet over."

In 1996 werd portier Bert Bons van luxebordeel Yab Yum aan het Singel doodgeschoten voor de deur. Volgens uitbater Theo Heuft van de Yab Yum (en vele anderen) zat Sam Klepper daar achter. Janssen houdt Den Hartog een afgeluisterd gesprek voor waarin Heuft haar zou hebben gezegd dat Sam met de moord op zijn portier te maken had. Den Hartog zegt zich wel vaag een gesprek te herinneren, maar geen details.

Janssen: "Had u de indruk dat Sam betrokken zou kunnen zijn bij de moord op Bert Bons?"

Den Hartog: "Nee, dat is niet bij me opgekomen."

Nadat xtc-handelaar Ronald van Essen met kerst 1999 door zijn hoofd was geschoten voor zijn huis in Amsterdam-Zuid, kreeg Klepper daarvan ook de schuld.

Janssen: "Zou het u te ver zijn gegaan als u er achter zou komen dat Sam achter moorden zou zitten?"

Den Hartog: "Ik had een heel ander contact met Sam dan wat die verhalen in de media suggereerden. Ik kende hem als de vader van mijn kinderen en wij waren heel goede maatjes. Van de aanslag op Van Essen was ik wel geschrokken. Het zou wel een understatement zijn te zeggen dat ik er niet blij mee zou zijn (als hij moorden zou laten plegen)."

Den Hartog vindt de vragen naar de mogelijke levensdelicten in opdracht van Sam Klepper 'niet zo relevant' "Ik weet niet of ik het uit zou hebben gemaakt als ik van moorden zou hebben geweten. Dat weet ik echt niet. Hij zou het nooit aan mij laten blijken."

Op enig moment besloot Klepper dat Den Hartog zelf in een andere auto zou rijden. "Dan zei hij dat het handiger was als ik 's avonds zelf zou kunnen terugrijden. Hij zei ook wel eens dat we moesten oppassen, maar echt duidelijk werd hij niet."

Sam Klepper werd door de Criminele Inlichtingeneenheid (de geheime dienst van de recherche) gewaarschuwd voor plannen voor een aanslag op zijn leven. Hij vertelde dat Dan Hartog volgens haar niet.

Rechtbankvoorzitter Frank Wieland geeft het woord aan advocaat Sander Janssen. Die gaat weer voor in de zaal zitten, zodat hij de getuige kan zien zitten in de getuigencabine.

Janssen is vrijwel niet te verstaan. Zijn microfoon galmt heel erg. De parketpolitie overlegt over een oplossing.

Voor zo ver te verstaan, lijkt Janssen te informeren naar de oorsprong van het conflict tussen Sam Klepper en John Mieremet enerzijds en 'de Joego's' onder leiding van Sreten Jocic anderzijds.

Het ging volgens meerdere bronnen om een gestolen partij hasj en om de moord op Duja Becirovic, de eerdere leider van de Joegoslavische maffia in Amsterdam.

Den Hartog zegt er weinig van te weten. "Ik ken alleen zijn naam, van die Duja. Geen idee." Van de hasj zegt ze ook niet te weten.

Janssen gaat diep terug in de tijd, naar begin jaren negentig. Naar de moord op Klaas Bruinsma, voor wie Sam Klepper en John Mieremet werkten.

Na de liquidatie van Bruinsma zouden Klepper en Mieremet zich opzettelijk hebben laten arresteren met een partij wapens, in Alkmaar, omdat ze zich 'binnen' (in de gevangenis) veiliger voelden dan buiten. Later verhuisden Klepper en Den Hartog naar België omdat dat veiliger zou zijn.

Janssen: "Ik neem aan dat u op hoofdlijnen heeft willen weten waarom die verhuizing nodig was?"

Den Hartog: "Vanwege de dreiging door 'Jotsa' (Sreten Jocic). Als Sam zegt dat het beter is te verhuizen, zal dat zo zijn. Het zou mij en de kinderen ook wel betreffen, want anders ging Sam wel alleen weg."

Janssen informeert naar Magdi Barsoum, een Amsterdams-Egyptische onderwereldfiguur die een belangrijke rol speelde toentertijd – en uiteindelijk is geliquideerd in de Bloedstraat op De Wallen, waar hij horeca had.

Den Hartog: "Sam sprak niet over die dingen met mij."


Voor zijn contact met Den Hartog gebruikte Holleeder vaak 'piepers' (semafoons) zodat hij niet afgeluisterd kon worden. Dan weer waren telefoons in zwang.

Aanklaagster Tammes: "Ik heb gelezen dat u en andere vrouwen met Holleeder een heel arsenaal aan gebaren hadden, zodat buitenstaanders niet konden begrijpen waar een gesprek over ging. Wat waren dat voor gebaren?"

Den Hartog: "Bij mij deed hij dat als hij kwaad was. Dan verduidelijkte hij zijn uitspraken met gebaren. In de gevangenis ook: Dan gaat het ergens over, maar het gaat daar eigenlijk niet over, als u begrijpt wat ik bedoel."

Tammes kijkt vragend.

Den Hartog: "Je leert het in de loop van de jaren."

Den Hartog moest naar eigen zeggen wel boodschappen van Holleeder overbrengen aan zus Astrid.

"Dan moest ik zeggen dat 'die auto zwart was', maar dat betekende iets heel anders. Als hij het had over iemand doodschieten, gebaarde hij een pistool. Als hij kwaad was prikte hij met zijn vinger heel dicht bij je gezicht."

Vragen stellen over bijvoorbeeld de dood van Cor van Hout of de aanslag op John Mieremet 'was niet aan de orde'. "In het begin ben je ongelovig, later ben je zelf al zo bang dat je niet durft door te vragen, want als je al wat vroeg, viel dat nooit goed."

Holleeder dronk 'in periodes'.

Den Hartog: "Hij kan niet zo goed tegen drank. Het was afhankelijk van met wie hij afsprak. Als hij twee of drie keer in de week met vrienden of zakenrelaties afspraak, zoals in januari met nieuwjaarsborrels en zo. Van bier wordt hij agressief, van wijn slaperig."

Den Hartog moest Holleeder 'best wel eens dronken ophalen'. "Een paar keer bij café De Hallen, in Ouderkerk aan de Amstel een paar keer, in Diemen een of twee keer..."

Tammes: "Hoe werkte die dronkenschap? Werd hij balorig, agressief, loslippig?"

Den Hartog: "Dat hing er van af met wie hij was geweest en wat hij had gedaan. Hij vertelde wel vaak dingetjes. Mopperig, of lacherig als hij vrolijk was. Hij kon er wel de humor van inzien als mensen bang waren."

De avond na de aanslag op John Mieremet kwam Holleeder 'katjelam' naar Den Hartog, zegt ze.

Zondag zat Holleeder volgens Den Hartog in The Bulldog aan het Leidseplein, op dinsdag 'in het clubhuis' (van de Hells Angels, aan de H.J.E. Wenckebachweg in de Watergraafsmeer.

Tammes wil weten wat voor spullen Holleeder opsloeg in een garage in Amstelveen, behalve zijn scooter.

Den Hartog: "Ik vond er ook een rijbewijs van iemand met een donker uiterlijk. We hebben het weggegooid. Er lag nog een boekje van Koud Bloed (een misdaadmagazine). Verder zou ik het niet weten."

Heeft Den Hartog over 'De Allesweter' gehoord?

"Ik ken die naam uit de media. Ik kan me niet herinneren dat hij het over hem met mij had."

De rechtbank hervat de zitting. Officier van justitie Sabine Tammes houdt Willem Holleeder zijn schriftelijke verklaring voor waarin hij stelt dat John Mieremet en hij in de woning van de vriendin in de Van Eeghenstraat sliepen na de liquidiatie van Sam Klepper in oktober 2000. Hij knikt.

Tammes snijdt de mislukte moordaanslag op John Mieremet aan op 26 februari 2002 op de Keizersgracht. Volgens Den Hartog was Holleeder boos omdat Mieremet het had overleefd, 'terwijl het zo goed was voorbereid'.

Tammes: "Ik vind het intrigerend dat u daar geen gevolgen aan verbond, dat hij verantwoordelijk was voor een moordaanslag. Uw relatie was nog pril, maar u zei niet: met zo'n man wil ik niet leven."

Den Hartog: "Ik dacht, het zal wel. Ik was er wel van doordrongen dat hij die opdracht had gegeven, maar ik zat natuurlijk in een heel nare periode. Er speelde van alles en Johnny (Mieremet) was dreigend voor mij en mijn kinderen. Als het met hem was gebeurd, was ik daar niet rouwig om geweest."

Holleeder zei in de periode rond de mislukte moordaanslag volgens Den Hartog dingen als: 'Die schele krijgt nog wel eens wat hem toekomt', 'Hij gaat er aan', 'Hij kan mij er niet bij lappen'.

Na de moorden op John Mieremet en de handelaar in hasj en vastgoed Kees Houtman zou Holleeder 'hebben gefeest' in coffeeshop The Bulldog aan het Leidseplein. Den Hartog zegt daar niet bij te zijn geweest.

Met wat eigen vragen werkt de rechtbank naar een pauze toe.

Rechter Benedicte Mildner: "Waren er andere vrouwen die een maandelijkse toelage kregen?"

Den Hartog: "Maike. Duizend euro per maand. Dat heeft zij me verteld en dat heeft hij me verteld."

De rechtbank schorst tot 11.40 uur.

Aanklaagster Tammes vraagt nu naar Den Hartogs contact met de bekende crimineel Mink Kok.

Ze kende hem al via Sam Klepper, maar bezocht hem met Holleeder naar eigen zeggen ook in de gevangenis 'om te zeggen dat Willem van alles voor me regelde en dat John Mieremet de kwade genius was inmiddels'.

Tammes: "Waarom moest Mink Kok daarvan op de hoogte gebracht worden?"

Den Hartog: "Dat weet ik niet. Ik moest vertellen dat hij (Holleeder) mij hielp en het goed met me voor had en dat Sjonnie mij dreigde. Ik heb dat gedaan en daar verder niet over nagedacht. Ik ben weer naar buiten gegaan en heb daar gewacht. Willem bleef nog zitten."

Tammes begrijpt duidelijk niet dat Den Hartog alles maar liet gebeuren en geen vragen stelde, maar het was nu eenmaal zo, herhaalt de getuige.

Holleeder richtte tijdens een ruzie volgens Den Hartog eens een revolver op haar.

"Daar zat zo'n laserdingetje bovenop, waardoor ik een rood puntje op me kreeg. Om te richten of zo denk ik."

Den Hartog zegt wel vaker te hebben geweten dat Holleeder wapens droeg – hetgeen hij ontkent.

"Ik pakte ook wel eens een jas vast om die weg te leggen. Dan voel je dat die zwaar is. Dan zit er geen bowlingbal in of zo, maar iets anders zwaars (een wapen, bedoelt ze)."

Holleeder vertelde Den Hartog volgens haar dat Willem Endstra met de politie sprak.

Dat moet hij van 'zijn petten' hebben gehoord: corrupte politiecontacten. Dat was volgens Den Hartog vóór de liquidatie van Endstra op 17 mei 2004, en niet pas ná die moord, zoals Holleeder zegt.

Den Hartog maakte de woning in de Van Eeghenstraat in Amsterdam-Zuid schoon waar Holleeder geregeld sliep bij een vriendin. Ze zegt daar 'heel vaak' te zijn geweest met Holleeder. Die ontkent dat.

Den Hartog: "We zijn daar zeker vaak geweest."

Ze zouden daar ook vaak zijn geweest na de dood van Sam Klepper in oktober 2000. Holleeder reageert onrustig.

Advocaat Sander Janssen: "Mijn cliënt zegt dat hij eerder heeft gezegd dat hij daar niet meer kwam sinds het interview dat John Mieremet in De Telegraaf had gegeven in 2002. Niet vanaf 2000."

Tammes: "Zeker wel, dat heeft hij gezegd."

Nadat mede-Heinkenontvoerder Cor van Hout in januari 2003 was geliquideerd, reageerde Holleeder 'niet verdrietig, maar opgetogen' tegenover Den Hartog.

Vervolgens zei hij volgens Den Hartog dat hij 'weer naar de familie moest om daar op de bank te gaan zitten huilen'.

Tammes vraagt naar de huizen die Holleeder gebruikte in Wassenaar, Den Haag, Voorburg en Amsterdam.

Den Hartog: "Normaal gesproken moest ik daar naartoe om schoon te maken. Ineens mocht ik in één woning niet meer komen. Ik dacht: 'Dan zal hij daar wel een vriendinnetje hebben of zo'.

Op enig moment vond ze in de woning in Voorburg 'buitenlandse kranten, Russisch of zo' en sauzen die ze had weggegooid.

Tammes: "Vroeg u dan niet: 'Hebben hier Russen gezeten?"

Den Hartog: "Ik mocht niet nieuwsgierig doen. Ik heb ook wel eens een nachtjaponnetje gevonden in een woning. daar zei ik ook niets van. Dan kreeg je maar ruzie."

De beruchte crimineel Stanley Hillis zou Den Hartog op weg naar Liechtenstein om miljoenen te halen, hebben gewaarschuwd dat ze moest oppassen voor Holleeder 'omdat hij niet was zoals ik dacht dat hij was'.

Den Hartog: "Ik vond het een heel rare situatie eigenlijk. Ik was maar voorzichtig en zei weinig terug. Je weet ook niet wat Stanley weer tegen hem zegt."

Later vertelde Holleeder volgens Den Hartog dat het hele verhaal over de dreiging in de richting van Mieremet waarvoor Den Hartog al die miljoenen had betaald, 'een spel was'.

"Het kwam er op neer dat hij dat niet had verzonnen, maar (zijn ex-compagnon) Dino (Soerel). Dat het opzet was, voor geld. Het woord 'geld' gebruikte hij niet, maar dat nam ik aan omdat ik al dat geld aan hem had gegeven. Toen ik er over verder vroeg zei hij: 'Schatje, zo is het goed, we hebben het er niet meer over. Neem nog maar wat te eten en te drinken'."

Tammes: "U heeft jaren van uw leven in angst geleefd, maar heeft daar nooit meer naar gevraagd?"

Den Hartog: "Nee."

Het eerste miljoen dat Den Hartog gaf 'voor de beveiliging van Mieremet' was 'voor kogelwerend glas'.

Den Hartog: "Ik weet dat het kogelwerende glas heel duur was. Dat weet ik van hem."

Den Hartog gaf de miljoenen makkelijk weg. "Het was geld van Sam en John."

Dat het allemaal onzin was waarvoor ze al die miljoenen had betaald, gleed volgens Den Hartog makkelijk van haar af.

De officier van justitie komt terug op de 'dreiging' die er volgens Holleeder zou zijn geweest uit de hoek van 'Joegobaas' Jotsa Jocic.

Den Hartog: "Hij zou mij vermoorden, hij zou Sjonnie (John Mieremet) vermoorden en zo. Ik heb Sjonnie maar een paar keer gezien, dus meestal hoorde ik het van Willem als ik moest betalen."

In een portiek in de PC Hoofstraat gaf Den Hartog een plastic zak met één miljoen cash aan Holleeder. Later nog een plastic tasje met 1,2 miljoen.

Tammes: "De verdachte zegt dat dat eerste miljoen uit de PC Hooftstraat voor de beveiliging was van John Mieremet en dat door u later vijf miljoen is betaald aan Mieremet."

Den Hartog: "Dat van die vijf miljoen zegt me echt niets. Dat klopt niet."

Holleeder moppert weer, tegen zijn advocaat Sander Janssen.

Holleeder 'bemoeide' zich vanaf het begin met de miljoenen die Den Hartog had geërfd van haar man Sam Klepper die in oktober 2000 was geliquideerd.

Den Hartog: "In het begin was ik daar eerlijk gezegd wel blij mee, dat iemand dat deed. Maar u hebt het vaker gelezen: op een gegeven moment beschouwt hij al het geld als zíjn geld."

Als Holleeder eiste dat Den Hartog wat zou betalen, 'negen- of tienduizend euro of zo', dan deed ze dat. Ze betaalde in drie porties 6,5 miljoen gulden 'aan Jocic' ('Joegobaas Sreten 'Jotsa' Jocic, die na Klepper ook diens gewezen vriend en compagnon John Mieremet zou willen liquideren).

Tammes: "Hij had zich eerder ook bemoeid met de investeringen van Sam Klepper bij (de criminele vastgoedmagnaat) Willem Endstra?"

Den Hartog: "Ja. En hij heeft ook geregeld dat ik met (de inmiddels geliquideerde crimineel) Stanley Hillis 4,5 miljoen ophaalde in Liechtenstein. Er waren wel meer momenten. ik zou het niet meer precies weten, maar toen klonk het heel logisch."

Sam Klepper had volgens Den Hartog 12 miljoen gulden bij Endstra belegd, plus een groter bedrag samen met John Mieremet. "Als het terug zou komen van Endstra, vond hij (Holleeder) dat de helft voor hem was."

Holleeder vond het volgens de getuige 'logisch' dat hij de helft van het geld kreeg, omdat hij 'van alles had geregeld'.

"Voor mij klonk het toen ook logisch. Nu niet meer, nee."

Sandra den Hartog zegt zelf nooit meer iets terug te hebben gekregen van alle miljoeneninvesteringen bij Endstra.

"Maar ik denk dat hij het geld wél heeft teruggekregen van Endstra. Hij heeft ook wel eens gezegd dat hij een miljoen had gekregen. Hij hield dat, want ik kon er toch niks mee, zei hij. Ik vond het allemaal best. Later kreeg ik problemen met de Belastingdienst en toen hebben ik en mijn kinderen overal afstand van gedaan. Ik was er wel klaar mee. Ik was daar bang voor.

Heeft Den Hartog wel geld van Holleeder gekregen? "Ja, cadeautjes. En geld om wat te doen, of wat te halen. Ongetwijfeld zal ik wat hebben gekregen, maar miljoenenbedragen, nee."

Een toelage van 6000 euro per maand?

"Klopt niet." Een ton per jaar toen Holleeder vast zat (zoals hij zegt te hebben betaald)?

"Nee. Ik heb heus dingen van hem gekregen en hij heeft dingen voor me betaald, maar dat was op tripjes voor hem. Ik was niet de vriendin met de maandelijkse toelage."

Holleeder zegt 'miljoenen' aan Den Hartog in bewaring te hebben gegeven. Volgens Den Hartog ging het om 'iets van 25.000 euro'.

"Hij heeft wel eens een bedrag aan me gegeven waar (de andere vriendin) Maike en Yvonne bij waren, maar daar kwam toen gedoe over en dat moest ik weer terug geven. Hij heeft twee keer of misschien nog een keer bedragen bij me gestald, die ik in de kluis heb gelegd."

Holleeder kon zelf niet in de kluis, maar Den Hartog opende die als hij dat wilde. Een keer is 15.000 euro in beslag genomen door de politie. Toen Holleeder vast zat, kreeg Den Hartog het terug.

"Dat heb ik opgemaakt." Tammes: "Het gaat niet om bedragen die de ton hebben bereikt, of in ieder geval geen miljoen?" Den Hartog: "Zeker geen miljoen, nee."

Den Hartog moest geld ook schoonmaken, zodat Holleeders vingerafdrukken er af gingen.

"Een keer werd het nat. Daar was hij ook boos over."

Holleeder 'telde altijd zijn geld'. "Als-ie wakker wordt, telt hij altijd zijn geld. Hij is altijd bang dat het gepikt wordt."

Holleeder maakt weer smalend opmerkingen tegen zijn advocaten Robert Malewicz en Sander Janssen.

Den Hartog betaalde zelf haar huur, zegt ze. Dat Holleeder haar huur betaalde nadat hij vast was komen te zitten, zoals hij zegt, 'is ook niet waar'.

Tammes: "Alles wat hij zegt over financiële bijstand, is niet waar? Vaste bedragen, huishoudgeld, huur betalen et cetera?"

Den Hartog: "Hij betaalde wel eens boodschappen of zo, maar die waren dan vooral voor hemzelf."

Den Hartog vertelt hoe ze Holleeder vaak gelijk gaf en 'probeerde mee te bewegen', want anders begon hij te schreeuwen.

"Ik mocht bijna niets, want hij vond alles gevaarlijk. 'Je kunt beter niet met die omgaan, en niet met die..' Als het hem niet beviel werd hij kwaad. De volgende keer hield ik het dan wel uit mijn hoofd. Ik sprak bijna niet meer met vriendinnen af."

Den Hartog ging voornamelijk nog om met Holleeders andere vriendin, met wie hij in 2005 een kind kreeg: Maike Dijkhuis. "Met de rest niet meer. Hij was altijd bang dat mensen iets over hem zouden zeggen. Ik ging ook wel met (zus) Sonja om, maar dat wist hij dan. Mijn andere contacten heeft hij afgeketst."

Toen Den Hartog een opleiding wilde volgen, vond Holleeder dat 'geen goed idee'. "Ik zou dan met andere mensen omgaan. Later vond hij het langzaamaan wel een goed idee en dan wordt het ineens ook zíjn idee. Ik mocht niet met mensen van die opleiding afspreken. Niet op terrasjes zitten. Niet wat gaan drinken..."

Den Hartog was niet zozeer 'zijn vrouw of vriendin, want daar heeft hij er zoveel van', heeft Den Hartog eerder verklaard.

Nu: "Zo zit het wel zo'n beetje." Was sprake van geweld?

"Ik heb twee keer een paar tikken van hem gehad. In 2003, iets in die geest."

Tammes: "Wat was de aanleiding?" Den Hartog: "Heel stom. We waren uit eten in Den Haag in een visrestaurant en hij vond dat ik te aardig deed tegen de ober. In de auto terug kreeg ik een stomp. Ik had een helemaal zwarte arm daarna. Thuis kreeg ik een keer een stomp tegen mijn ribben."

De aanklaagster haalt een observatieverslag aan uit 2012 waarin de observanten zagen dat Holleeder vlakbij het Amstelstation in Amsterdam uit zijn auto stapte en dat een zwarte Golf kwam aanrijden, waar Den Hartog uitstapte.

Er volgt 'een heftig gesprek' en Den Hartog krijgt een klap in haar gezicht.

"Zal ik het heel eerlijk zeggen? Ik kan het me niet herinneren. Ik weet wel dat we op die plek eens ruzie hebben gekregen en dat een voorbijganger het voor me op wilde nemen. Ik kan me niet herinneren dat hij toen heeft geslagen. Er zijn zoveel ruzies geweest om rare dingen...

Rechtbankvoorzitter Frank Wieland hervat de zaak-Holleeder en meldt getuige Sandra den Hartog dat ze nog altijd onder ede staat. Eerst zal het Openbaar Ministerie vragen stellen.

De eerste vraag is of de stemvervormer aan staat. Advocaat Willem Jebbink van Den Hartog bewijst dat: zijn stem galmt door de bunker. We stelden het al vaker vast: rechtbanken en techniek: het wordt nooit wat.

Officier van justitie Sabine Tammes vraagt hoe Sandra zus Astrid Holleeder leerde kennen.

"Hij stelde ons aan elkaar voor. Voor het geval wij wat voor hem moesten doen." Ze belden, of Astrid stuurde iemand langs. Gaandeweg ontstond 'een gelijkwaardiger relatie' met wederzijds vertrouwen, toen Willem Holleeder van januari 2006 tot januari 2012 vast zat.

Tammes: "U vertrouwde haar?"

Sandra: "Nou ja, tot op bepaalde hoogte. Je houdt er eerst rekening mee dat ze alles aan hem doorvertelt. Als ik echt heel eerlijk ben, ben ik haar pas echt helemaal gaan vertrouwen toen we voor het eerst verklaringen gingen afleggen (bij de politie)."

Tammes: "Heeft u afgestemd wat u zou verklaren?"

Den Hartog: "Nee. Ze wist wel wat ik zou kunnen verklaren. Het enige dat ze me heeft meegegeven is: 'Vertel gewoon wat je hebt meegemaakt. Hoe je leven was.'"

Tammes: "De verdachte zegt dat alles is geregisseerd door Astrid."

Sandra: "Dat is onzin. Als hij zegt dat wij alles liegen, is dat wel vervelend."

Tammes haalt het voorbeeld aan waarin Holleeder vanuit de gevangenis belt naar Sandra den Hartog, die zegt dat ze in de Utrechtsestraat is, maar Holleeder vertrouwt het niet want hij hoort geen tram.

Tammes: "Meneer Holleeder zegt dat ook dat verhaal door Astrid in uw mond is gelegd."

Den Hartog: "Dat is niet zo. Het is toch gewoon getapt geweest ook, dat gesprek? Het was vanuit de gevangenis, dus het is sowieso opgenomen."

Die opname is niet beschikbaar. Er zijn 'duizenden' gesprekken opgenomen.

In de veelvoudige liquidatiezaak tegen Willem Holleeder hervat de rechtbank in 'de bunker' in Amsterdam-Osdorp rond 10 uur het verhoor van Sandra den Hartog, weduwe van de beruchte crimineel Sam Klepper en één van Holleeders vele ex-vriendinnen.

Op de eerste dag van haar verhoor heeft ze vorige week donderdag met de twee vrouwelijke rechters haar eerder afgelegde verklaringen op hoofdlijnen doorgenomen – soms in hink-stap-sprong.

Ze wil zo zakelijk mogelijk blijven en niet te zeer in emoties en privézaken treden, maar dat is vanzelfsprekend maar beperkt mogelijk. Op haar eerste verhoordag vertelde ze weer hoe Holleeder haar 'hielp' in de beklemmende periode nadat Sam Klepper in 2000 was geliquideerd.

In die tijd werd ze, zo besefte ze pas achteraf ten volle, volledig gecontroleerd door Kleppers gewezen vriend en misdaadcompagnon John Mieremet, diens vriendin Ria Eelzak en, op de achtergrond, Holleeder. Gaandeweg kreeg ze een relatie met hem.

Ze moest in drie porties 6,5 miljoen gulden betalen 'voor de beveiliging van Mieremet', die immers 'ook' dreigde te worden doodgeschoten door Sreten 'Jotsa' Jocic: de toenmalige baas van de beruchte 'Joegomaffia' in Amsterdam. Ze had die miljoenen, dus ze betaalde maar, was haar idee. Behalve haar had Holleeder meerdere vriendinnen, dat wist ze ook wel.

Gaandeweg nam hij haar steeds meet in de tang, zegt Sandra. Hij controleerde haar leven volledig, was vaak woedend en bedreigde haar voortdurend. In woedeaanvallen zei hij volgens haar dat híj 'Sam had laten liggen' (laten vermoorden, in Holleederiaans) en dat hij haar zoon ook 'zou laten liggen'. Net zoals zussen Astrid en Sonja Holleeder stapte ze in 2014 uiteindelijk naar de politie om zes uitvoerige verklaringen tegen Holleeder af te leggen.

Vandaag krijgen het Openbaar Ministerie en Holleeders advocaten Sander Janssen en Robert Malewicz de beurt om haar te bevragen – en Holleeder zelf natuurlijk, al is onduidelijk of en in welke mate hij van dat recht gebruik zal maken.

Het proces gaat volgende week vrijdag verder. De zittingsdag zit erop.

Rechter Somsen heeft nog een vraag.

Somsen: "U zegt: Willem kijkt tegen niemand op.."

Den Hartog: "Hij heeft twee gezichten en een eigen werkelijkheid. Hij kan soms net doen alsof hij tegen mensen opkijkt of dat mensen groter zijn dan hemzelf, maar dat is dan vooral om die mensen te laten denken en voelen dat ze groter zijn, niet omdat hij het meent."

Rechtbankvoorzitter Frank Wieland geeft Holleeder de kans ook wat te vragen, maar die wil dat pas 'op een later moment'. Dat geldt ook over het Openbaar Ministerie. Daardoor is de zitting ineens afgelopen.

Holleeder weet volgens Den Hartog hoeveel geld ze had en heeft, van haarzelf en 'van Johnny' (Mieremet).

Sandra den Hartog herhaalt dat ze niet te emotioneel wil worden en dat ze het niet te zeer over haar privéleven wil hebben waar dat niet strikt noodzakelijk is.

'Oudste rechter' Benedicte Mildner heeft het verhoor overgenomen omdat de vragen van haar collega Somsen op waren.

Mildner: "Had Den Hartog ooit het idee de relatie met Holleeder te verbreken?"

Den Hartog: "Nee. Dat was echt geen optie."

Mildner: "Maakte het u kwetsbaar dat uw geld uit misdrijf afkomstig was? Dat u dacht: 'Als ik er uit stap, gaat hij de politie vertellen hoe het met mijn geld zit?'"

Den Hartog: "Daar heb ik nooit zo over nagedacht."

Uiteindelijk was Den Hartog naar eigen zeggen bang dat Holleeder 'steeds minder remmingen kreeg in zijn uitspraken en in zijn gedrag'.

Den Hartog: "Ik maakte de laatste jaren zoveel bedreigingen mee. Niet alleen naar mij, maar ook naar zijn zussen et cetera."

Holleeder moppert maar weer tegen zijn advocaat.

Rechter Margo Somsen snijdt het besluit aan van Sandra den Hartog om met de politie te gaan praten over Holleeder.

Ze wilde al eerder praten, zegt Den Hartog, maar Holleeder controleerde haar leven volkomen.

In september 2014 ging Den Hartog alsnog naar de politie.

Om twee redenen: Holleeder had gezegd dat hij Sam Klepper had vermoord én hij dreigde haar zoon met hetzelfde lot.

Den Hartog wilde dat bekend zou worden dat haar zoon in levensgevaar was.

Astrid Holleeder had Den Hartog al benaderd met de vraag of ze wilde getuigen, maar ze durfde het pas later aan.

Sandra den Hartog ging overstag nadat ze haar relatie met Holleeder definitief had verbroken. Wel bleef Holleeder haar benaderen, ook vanuit de gevangenis, om 'de vinger aan de pols te houden'.

Den Hartog: "Maar ik nam niet meer op. Ik wilde hem uit mijn leven krijgen. Voor mijn zoon en voor mijn eigen veiligheid. Hij weet wat hij me heeft gezegd."

Holleeder moppert verontwaardigd tegen de advocaat die naast hem zit, Robert Malewicz.

Maike Dijkhuis
'bleef in beeld' bij Holleeder terwijl hij een relatie had met met Sandra den Hartog. Met Dijkhuis kreeg hij in 2005 ook een kind.

Den Hartog: "Ik heb van het begin altijd geweten dat hij andere vriendinnen had naast mij. Nicky, Maike en nog een vriendinnetje."

Later kreeg Den Hartog brieven en las ze dingen in het dossier.

Sandra den Hartog voelde zich na de liquidatie van Sam Klepper in 2000 'een sitting duck' bij wie makkelijk geld was te halen, wat de criminelen in haar omgeving ook deden.

Den Hartog vond op allerlei manieren bevestiging dat Holleeder Sam Klepper had vermoord.

Eerst had Holleeder gezegd dat Jotsa Jocic Klepper had vermoord, later in de ruzie dat hij hem zelf had 'laten liggen' en daarna riep hij in de tweede helft van 2013 weer dat Dino Soerel er achter zat.

Den Hartog: "Dat laatste geloofde ik niet meer. Ik zag ook dat hij loog."

De relatie liep nog 'gewoon' door, maar 'alles veranderde' omdat Den Hartog er van overtuigd was geraakt dat Holleeder haar man Klepper had laten vermoorden.

Den Hartog: "Natuurlijk wordt alles anders. Bijvoorbeeld Astrid Holleeder adviseerde me dicht bij hem te blijven."

Als ze dichtbij bleef, kreeg Holleeder volgens zijn jongste zus 'geen spinnen in zijn hoofd'.

Sandra den Hartog: "En als ik dichtbij was, kon hij zien wat ik deed en haalde hij zich niet van alles in zijn hoofd."

'Gewoon even eten' met Holleeder was sneller dan weigeren.

Rechter Somsen: "Moest u dan toneel spelen?"

Den Hartog: "Ach, toneel spelen.. Het was niet elke dag en niet heel lang."

Op enig moment moest Sandra van Holleeder naar café-restaurant De Omval komen, aan de kop van de Weespertrekvaart.

Den Hartog: "Ik weet niet meer waarom het was, maar het had weer met mijn zoon te maken. Hij was door het dolle heen en liep weer te tieren."

"Mijn zoon moest het huis uit en ik was een leugenaar... Hij ging hem laten liggen zoals hij zijn vader (Sam Klepper) had laten liggen. Mijn zoon moest niet denken dat hij groot kon worden, zoals zijn vader."

Via hasjcafé Excalibur op De Wallen, waar Sandra's zoon kwam, was er een link met de Hells Angels.

Den Hartog: "Hij voelde zich daar thuis bij iemand die zich ook over Sam Klepper had ontfermd."

Holleeder eiste volgens van Den Hartog dat ze zijn spullen naar De Omval zou brengen. Ze belde Astrid Holleeder ook.

Den Hartog: "Hij begon weer te schreeuwen dat hij mijn zoon zou laten liggen, net zoals zijn vader."

Nadat Holleeder uit haar huis was vertrokken hoopte ze 'op effe rust'.

Den Hartog: "Maar hij belde meteen weer. Hij was ineens weer de lieve Willem. Er mocht niets tussen ons komen... Ik dacht, nee, dit gaat niet meer. Hij begon weer te schreeuwen. Ik ben weggelopen naar mijn auto. Later belde hij weer."

Ze probeerde Holleeder 'op afstand' te houden, met wisselend succes. Ze kwam soms toch opdraven als hij dat wilde, zodat hij niet op haar werk zou komen.

Nu het verbreken van de relatie is besproken, pauzeert de rechtbank voor lunch.

Het is pauze tot 13.55 uur.

In januari 2012 kwam Holleeder vrij.

Hij woonde eerst in een vakantiehuisje en later in Huizen, maar hij sliep geregeld bij Sandra den Hartog.

Rechter Somsen: "Uw huis was gewoon voor hem beschikbaar, moet ik dat zo zien? En u maakte zijn andere huizen schoon."

"Klopt," zegt Den Hartog.

Ze had inmiddels een opleiding gevolgd terwijl Holleeder gedetineerd zat. Ze ging werken in een nagelstudio.

Rechter Somsen: "U heeft een hele omschrijving gegeven van uw leven tijdens uw detentie. U las dingen, hoorde dingen en dacht: doe niet zo raar, want u had Holleeder altijd geloofd.

U dacht: 'Ik heb een relatie met die man, ik ben toch niet achterlijk?' Voordat hij vast zat was het al geen echte relatie meer, maar na zijn arrestatie vond u dat u het zinkende schip niet kon verlaten.

Later vond u dat u verder moest met uw leven, zeker niet met hem.. U volgde die opleiding en ging werken. Nadat hij vrij kwam werd het anders dan u gedacht had.."

De rechter houdt Den Hartog haar verklaring voor dat Holleeder na zijn vrijlating 'steeds minder remmingen had'.

Hij sprak in 2013 voor het eerst over Sam Klepper. Tijdens een ruzie zei hij dat hij 'Sam had laten liggen'.

Holleeder was boos om een zoon van Den Hartog en riep dat hij die 'ook zou laten liggen, net zoals Sam'.

Den Hartog raakte in paniek.

Holleeder zegde ineens de huur op van de woning waarin Sandra den Hartog met de kinderen verbleef. Ze raakte in paniek. Ze piepte Holleeder op, maar die reageerde niet.

Ze ging naar vastgoedhandelaar Willem Endstra.

Den Hartog: "Ik moest binnenkomen. ik dacht, dat ga ik niet doen. Hij is naar buiten gekomen. Ik vroeg Endstra of hij een woning had, want ik had twee kinderen. Hij reageerde heel gek.

Hij zei: 'Kinderen? Daar kunnen maar ongelukjes mee gebeuren."

Willem Endstra zei 'in zijn achterbankgesprekken' tegen de geheime dienst van de recherche dat Sandra den Hartog bij hem was gekomen om 'zeventien miljoen', houdt rechter Somsen de getuige voor.

"Zeven," zegt Holleeder vanuit zijn verdachtenbankje.

Somsen: "Ik heb hier staan zeventien. Nou ja, veel geld."

Den Hartog: "Ik zou het niet meer weten, eerlijk gezegd. Ik ben daar geweest om die woning."

Willem wilde dat Sandra den Hartog in mei 2004 meeging naar Parijs met hem en Maike Dijkhuis. Ze deed dat niet, want ze kon het niet regelen met de kinderen.

Terwijl Holleeder en Dijkhuis in parijs waren, werd Willem Endstra geliquideerd.

Holleeder lijkt dat tripje naar Parijs als alibi te hebben gebruikt, is de aanname.

Op 2 november 2005 wordt in Thailand John Mieremet vermoord en in Amsterdam handelaar in hasj en vastgoed Kees Houtman.

In april 2006 wordt Thomas van der Bijl geliquideerd in zijn café De Hallen in West.

Holleeder was inmiddels gearresteerd voor afpersingen, in januari 2006.

Terwijl het voor zijn arrestatie slecht was gegaan en Holleeder steeds 'dwingender' was geworden, waarover later ongetwijfeld meer, was hij na zijn arrestatie weer 'poeslief' omdat hij Den Hartog nodig had.

Gedurende de afpersingszaak Kolbak, waarvoor Den Hartog zelf ook werd gearresteerd en even vast zat, hoorde Den Hartog ook de 'heel andere' verhalen van getuigen dan ze van Holleeder had gehoord.

Vanuit de gevangenis belde Holleeder eens naar Den Hartog terwijl ze in de Utrechtsestraat stond.

Holleeder geloofde niet dat zij daar stond omdat even geen trams passeerden. Hij hoorde verkeer. Ze rende snel naar een straat waar wél verkeer was.

Ze kon in die tijd eindelijk wel weer meer dingen zelf doen dan toen Holleeder nog vrij was.

De technische recherche verricht sporenonderzoek bij het kantoor van Willem Endstra. Beeld anp

Thomas van der Bijl 'moest liggen' zei Holleeder volgens Den Hartog, omdat die rondvertelde dat Holleeder Cor van Hout had laten vermoorden. Over John Mieremet en Willem Endstra 'heeft hij ook zo gesproken'.

Alles wat Holleeder in gevaar kan brengen, zeker het praten met de politie, kon volgens Den Hartog je doodvonnis betekenen.

Toen hij door had dat Willem Endstra met de politie praatte, zou hij ook tegen Sandra den Hartog hebben gezegd: "Hij hoeft niet meer te betalen, hij mág niet meer betalen"

Hij noemde Endstra een 'kankerhond' – zoals hij veel meer mensen 'kankerhond' noemde.

Toen Van der Bijl was vermoord zei Willem 'niet rechtstreeks dat hij dat had gedaan'.

Den Hartog: "Hij zei dan: 'Nu ligt-ie', 'Je weet wat ik heb gezegd'."

Rechter Somsen: "Kan dat geen grootspraak zijn?"

Den Hartog: "Als hij het tevoren had gezegd en het gebeurde..."

Den Hartog ironisch: "Hij kan ook helderziend zijn. Maar ik zag ook hoe hij reageerde..."

Sandra den Hartog trok in bij haar moeder in Amsterdam nadat 'het geëscaleerd was met Johnny (Mieremet) in café Lexington'.

Den Hartog: "Willem zei dat dit verkeerd ging. Ik heb in België mijn kinderen opgehaald."

Willem regelde volgens Den Hartog via een contact van hem een woning in Amsterdam.

Vanaf februari 2002 stond ze in het nieuwe huis ingeschreven, nadat ze daar in augustus 2001 met haar kinderen was ingetrokken. Nadat ingebroken was, werden vier camera's geïnstalleerd aan de gevel.

Willem Holleeder woonde toen in een woning van een vriendin op een etage in de Van Eeghenstraat in Zuid.

Op 26 februari 2002 werd John Mieremet neergeschoten op de Keizersgracht.

Willem suggereerde geregeld dat hij daar achter zat, herhaalt Sandra den Hartog.

Cor van Hout werd in januari 2003 geliquideerd in Amstelveen. Hij maakte ook het pistoolgebaar met zijn hand.

Den Hartog: "Hij zei: 'Weet je wel hoe lang dit heeft geduurd?"

Holleeder vertelde Den Hartog veel minder dan zijn zussen, herhaalt ze. Na de liquidatie van Van Hout was hij 'jolig', maar normaal was hij terughoudend, ook als hij had gedronken.

Willem werd soms wel 'loslippiger' als ie gedronken had, hij kon niet zo goed tegen drank.

Den Hartog: "Als Wim zich trots voelde ergens over, dan wilde ie graag een schouderklopje. Je moest zeggen hoe geweldig hij was en gevaarlijk.”

Rechter Somsen: : "Nam u dat serieus?"

Den Hartog: "Wel als voorspellingen uitkomen (dat hij mensen zou laten vermoorden).

"Cor van Hout is uitgekomen, Willem Endstra is uitgekomen, Thomas van der Bijl is uitgekomen..."

Rechter Margo Somsen vraagt of Sandra den Hartog het 'vanzelfsprekend' vond dat zij John Mieremet miljoenen moest betalen zodat die zich tegen de 'Joego's' kon beschermen – via Willem Holleeder.

Den Hartog: "Ik dacht, als de dreiging zo groot is en ik heb dat geld, dan betaal ik maar."

In de Spiegelstraat maakte Sandra den hartog voor het kantoor van Bram Moszkowicz kennis met Willem Endstra – bij wie Kleppers miljoenen waren belegd.

Ze spraken over '12 miljoen gulden' die Klepper had gestald. Rechter Somsen: "Vond u dat normaal om over zo'n bedrag te spreken op straat?"

Den Hartog: "Tja."

Met de beruchte crimineel Stanley Hillis reed Den Hartog naar haar zeggen naar Liechtenstein om de eerder genoemde 4,5 miljoen op te halen die Klepper daar had gestald.

Ze gaf Hillis op een parkeerplaats een grote tas met die 4,5 miljoen. Hillis zou die doorsluizen naar 'Joegobaas' Sreten 'Jotsa' Jocic.

Rechter Somsen: "U kende Hillis niet. Vond u het niet vreemd om hem zo veel geld te geven?"

Den Hartog kende hem hooguit van sociale gelegenheden. Ze tilde er niet zwaar aan.

Al met al betaalde Sandra den Hartog in korte tijd 6,5 miljoen gulden (4,5 miljoen en tweemaal één miljoen) voor de beveiliging van Mieremet. Dat is bijna 3 miljoen euro.

Den Hartog kan zich details niet goed herinneren over hoe ze met dat geld in de weer was en wat ze daar bij voelde.

Tijdens een reisje naar Innsbruck zei Holleeder volgens Den Hartog dat hij 'heel dol op haar was geworden'.

Hij had toen een relatie met Maike Dijkhuis – met wie hij een kind heeft.

Den Hartog zegt dat ze het eerst heeft afgehouden, "Ho even, je bent een vriend van me", maar ging uiteindelijk toch met Holleeder in zee.

Het ging steeds over geld. John Mieremet zei steeds via Willem dat Den Hartog miljoenen moest betalen.

Holleeder zei op enig moment dat ze niet meer moest betalen.

Mieremet belde op enig moment op. Mieremet begon haar te bedreigen. Uiteindelijk stuurde hij zijn vriendin Ria Eelzak naar Den Hartog, die bij Maike Dijkhuis was.

Toen John Mieremet, ook tijdens woeste uithalen in café Lexington in Amsterdam-Zuid steeds geld bleef eisen, zei Holleeder volgens Sandra aanvankelijk dat ze zich niet te druk moest maken.

Nadat Mieremet had gedreigd haar kinderen te vermoorden, betaalde ze naar eigen zeggen toch 4,5 miljoen euro aan Mieremet.

Holleeder zou hebben gezegd dat ze niet meer hoefde te betalen aan John Mieremet, die dat geld wilde hebben om zich tegen 'de Joegomaffia' van Sreten Jocic te kunnen beschermen.

In het Vondelpark zou Holleeder hebben gezegd: "Dan schieten ze die kinderen van hun (Mieremet en Eelzak) maar dood."

Den Hartog: "Dat vond ik nogal kort door de bocht, die kinderen konden er niets aan doen.”

Kort na de vakantie in Lanzarote moest Sandra den Hartog 'een miljoen betalen' voor de beveiliging van John Mieremet'.

De jaarwisseling 'vierde' ze met Mieremet en Ria Eelzak in Dubai, met de kinderen. Eenmaal thuis ontmoette ze Willem Holleeder in de kelder van haar villa in Neerpelt, omdat ze had geweigerd naar Eindhoven te komen.

Rechter Somsen: "Waarom de kelder?"

Den Hartog: "Daar waren geen camera's. Het was daar heel groot en er stonden auto's en brommers en zo."

Willem Holleeder zei dat Sandra 'niets moest doen' en dat 'alles goed zou komen'.

Den Hartog: "Ik hield me daar maar aan vast. Alles wat de anderen zeiden was beangstigend."

Den Hartog was doodsbang dat de kinderen wat zou overkomen.

In de PC Hooftstraat in een portiek gaf Sandra den Hartog een miljoen euro aan contanten aan Holleeder, vertelde ze, 'voor de beveiliging van John'.

Willem Holleeder begon John Mieremet en Sandra tegen elkaar op te zetten, zegt Den Hartog.

Terug in België bleef Ria Eelzak steeds bij haar. Als ze in bad ging, 'zat Ria er naast'. Ze moest weken met Ria en hun kinderen naar Lanzarote.

Rechter Somsen: "Dat was buiten de schoolvakanties om, uw jongste was zes. U was angstig en voelde u als op de vlucht."

Den Hartog: "Ja, het was heel angstig."

Den Hartog 'voelde op Lanzarote dat iets niet klopte'.

"Het was heel beklemmend. Ik werd geen minuut alleen gelaten."

Terug in het Belgische Neerpelt zat ze opgesloten in haar villa 'met de rolluiken naar beneden'. "Doodsbang voor Jotsa."

Sreten 'Jotsa' Jocic, die er toen nog door iedereen van werd beschuldigd de moordopdracht voor Sam te hebben gegeven.

John Mieremet begon ondertussen druk te zetten. Hij wist waar het geld van Sam Klepper was, maar kon daar niet bij. Sandra kon daar wel bij.

Eerder verklaarde ze: "John wist dat ik wist waar het geld was "in Liechtenstein."

Nu: "Hij wilde me uithoren. Hij zei dat 'ze' me hadden willen vermoorden, maar dat hij en Willem Holleeder daar een stokje voor hadden gestoken."

De rechter snijdt nu de geruchtmakende begrafenis aan van Sam Klepper, in oktober 2000.

Dat werd een groots vertoon van de Hells Angels, die aspirant-lid Klepper postuum tot volwaardig lid hadden uitgeroepen.

Hij werd opgebaard in Angels Place, het hoofdkwartier van de Hells Angels aan de H.J.E. Wenckebachweg in de Amsterdamse Watergraafsmeer.

Onder politie-escorte ging een lange stoet motoren en auto's naar begraafplaats Sint Barbara in de Spaarndammerbuurt. De stoet sloeg onverwacht af de Jordaan in. De Hells Angels staken groots vuurwerk af voor het hoofdbureau en lieten de klokken van de Westertoren luiden.

Het was één middelvinger naar het gezag.

Sandra den Hartog leefde in een roes. Ze werd door John Mieremet, zijn vriendin Ria Eelzak en de Hells Angels weggehouden bij haar familie en vrienden.

De begrafenis van Klepper werd een groots vertoon van de Hells Angels. Beeld anp

Rechter Somsen snijdt de liquidatiepoging aan op xtc-handelaar Ronald van Essen met kerst 1999.

Die werd in zijn auto voor zijn woning in Amsterdam-Zuid door zijn hoofd geschoten, maar overleefde dat en vecht in een rolstoel nog altijd voor opheldering van de aanslag.

Van Essen is er van overtuigd dat Willem Endstra en zijn familie de moordopdracht hadden gegeven, omdat ook hij vele miljoenen bij Endstra had belegd en die opeiste: Endstra zou niet willen betalen en hem daarom hebben willen doodschieten.

Kort na de mislukte aanslag, waarvoor John Mieremet volgens Sam Klepper de opdracht had gegeven, gaf Endstra een groot 'milleniumfeest.

Daar had niemand zin in en het werd ook niet leuk, want rond Willem Holleeder ontstond een vechtpartij.

Nadat Sam Klepper in oktober 2000 was geliquideerd en Den Hartog een relatie kreeg met Willem Holleeder, alwéér een zware crimineel, ging haar leven hard achteruit.

"Het was altijd dreigen. Altijd kwaad. Je stompt af."

"Je weet gewoon niet meer hoe je moet reageren. Soms zegt hij dingen vanuit zijn leefwereld... Hij gaat er gewoon al van uit dat je dingen weet" zegt Den Hartog.

Sam Klepper had Sandra den Hartog altijd gezegd dat het 'door Willem en Willem' zou komen als hij zou worden doodgeschoten.

Willem Holleeder en Willem Endstra, bij wie Klepper volgens Den Hartog zelf 12 miljoen euro had belegd en nog meer samen met Mieremet.

Als ze samen naar feestjes gingen, ving Den Hartog naar eigen zeggen weinig op over de zaken van de criminelen. "De mannen praatten met de mannen, de vrouwen met de vrouwen."

Klepper werd in 2000 begraven in Amsterdam, de stoet vertrok vanaf het hoofdkwartier van de Hells Angels. Beeld anp

Het verhoor van Sandra den Hartog is begonnen.

Vandaag zal zij met name bevraagd worden door de rechtbank en, als daarvoor tijd is, eventueel door aanklagers Sabine Tammes en Lars Stempher.

Haar stem is vervormd, wat haar soms lastig verstaanbaar maakt.

Den Hartog vertelt hoe haar man, de beruchte crimineel Sam Klepper en zij rond jaren negentig vanuit Amsterdam naar België waren verhuisd omdat Klepper het nodig vond de luwte op te zoeken.

Hij voelde ernstige dreiging uit de hoek van Streten 'Jotsa' Jocic, de toenmalige leider van 'de Joegomaffia', met wie Klepper en zijn toen nog vrijwel onafscheidelijke misdaadcompagnon John Mieremet een hooglopend conflict hadden.

Rechter Margo Somsen houdt de getuige voor dat haar man Klepper en Mieremet een geduchte reputatie hadden als 'Spic and Span': ze zouden iedereen opruimen die hen in de weg stond.

Sandra den Hartog wilde zo min mogelijk weten van kleppers criminele handel en wandel.

Hij moest zijn problemen maar 'achterlaten bij de deur' als hij binnen kwam. Ze leefden goed van Kleppers misdaadmiljoenen.

Ze zegt hem alleen te hebben gesproken over 'gewoon leuke dingen'. Uiteindelijk wilde Klepper uit het milieu stappen en rustig van zijn miljoenen gaan leven. Dat vond Den Hartog 'geweldig'.

Het veelvoudige liquidatieproces tegen Willem Holleeder wordt vandaag rond 10 uur hervat in 'de bunker' van de rechtbank in Amsterdam-Osdorp.

Voor het eerst komt ex-vriendin Sandra den Hartog aan het woord: de derde en laatste van de drie vrouwen die uitvoerig tegen Holleeder hebben getuigd.

Zussen Sonja en Astrid hebben hun inleidende verhoordagen achter de rug en worden later in het proces over specifieke onderwerpen verhoord, in de liquidatiedossiers.

Sandra den Hartog (53) was de vriendin van de in Amsterdam beruchte beroepscrimineel Sam Klepper, met wie ze twee kinderen heeft.

Nadat Klepper in oktober 2000 op het Gelderlandplein was geliquideerd voor zijn penthouse, kreeg weduwe Sandra steeds nauwer contact met Willem Holleeder. Ze kregen een relatie, die volgens Sandra steeds beklemmender werd.

Ze heeft in haar zes verklaringen bij de politie eind 2014 en begin 2015 uitgebreid geschetst hoe Holleeder haar leven totaal beheerste. Ze vertelt ook dat hij haar over liquidaties vertelde, en dat hij tijdens woedeaanvallen ook duidelijk heeft gemaakt dat hij de opdracht had gegeven voor de moord op Klepper.

Overigens staat de liquidatie van Klepper nu niet op Holleeders aanklacht, omdat het justitie aan bewijs ontbreekt dat hij daarvoor inderdaad verantwoordelijk is.

Volg de zaak hier live vanaf 10.00 uur.

Holleeder in de bunker in Osdorp. Beeld anp

Het proces gaat volgende week donderdag verder. De zittingsdag zit erop.

De zitting is hervat.

Astrid wil nog een brief voorlezen die haar moeder heeft geschreven aan de EBI.

"Hij dreigt mijn kleinkinderen hetzelfde aan te doen als mijn kinderen, ze vermoorden. Wat erg voor een moeder van 81 jaar om deze brief te moeten schrijven. Maar ik moet wel voor de veiligheid van mijn kinderen en kleinkinderen. U kunt het zich niet voorstellen, en daarom denkt u dat het niet zal gebeuren. En daar rekent Willem op."

Angststrategie
Willem had de brief nog niet gelezen, maar wist wel dat die in de EBI was bezorgd.

Willem: "Ik weet dat deze brief is gedicteerd. Mijn moeder komt uit de Jordaan. Die schrijft niet zo. Maar ik heb een nieuwtje voor Astrid. In 2014 kwam ik bij mijn moeder. Ze heeft me aangesproken op het feit dat ik de kinderen zou hebben bedreigd. (..)"

Willem: "Astrid heeft mijn moeder er gek mee gemaakt dat ik de kleinkinderen zou vermoorden. Astrid voert een angststrategie. Dat doet ze hier ook. Ze wil iedereen angst aanpraten."

Er wordt geschorst tot 15.45 uur.

Het OM wil het nu hebben over Astrids contacten met de media.

Astrid: "Lang leve de media. Zij namen mij en mijn zus als enigen in bescherming. Wat jullie eigenlijk hadden moeten doen."

OM: "Had uw broer contacten met de media?"

Astrid: "Die had altijd contacten met de media. En hij had een column. (..) Hij gebruikte zijn contacten met de media om zijn versie van de waarheid te verspreiden.

Willem Holleeder lacht smalend.

Astrid wordt inmiddels moe van haar eigen woorden. "Als je de hele dag aan het kotsen bent geweest..."

Astrid wordt nog steeds verhoord over de Achterdam en haar contacten met onder anderen Dino Soerel, die levenslang kreeg in Passage.

Haar verhaal is bij tijd en wijle lastig te volgen, ook voor het OM. Zelf zegt ze een paar keer: "U begrijpt me niet, hè?"

Op de publieke tribune is inmiddels iemand in een diepe slaap gevallen.

Nu komt de verklaring van Astrid over Sjaak B. aan bod. Vorige week verklaarde ze dat hij degene zou zijn die de motor bestuurde die werd gebruikt bij de liquidatie van Cor van Hout.

In een eerder gesprek zei Astrid daar niets over. "Dat was een ander gesprek en een andere situatie."

Cor van Hout Beeld .

Het verhoor van Astrid gaat verder. Ze wordt door het OM ondervraagd over allerlei details rond de Achterdam, de prostitutiepanden in Alkmaar die door Cor van Hout na zijn dood werden nagelaten aan Sonja.

Sander Janssen is pissig. Hij wordt opnieuw verrast met een stuk dat niet met de verdediging is gedeeld. Het gaat om schuldbekentenissen van verschillende spelers rond de Achterdam.

De officier geeft toe dat het stuk aan haar aandacht is ontsnapt. Het woord schorsing valt. Op de publieke tribune klinkt een zucht van ergernis, maar er lijkt toch geen schorsing te komen.

Het OM is ondertussen bezig het stuk aan de verdediging te verstrekken, zodat ze kunnen meelezen.

Rechtbankvoorzitter Frank Wieland maakt van de gelegenheid gebruik om te zeggen dat via de liveverbinding op de Parnassusweg 95 mensen meekijken.

De zitting is hervat.

De rechtbank heeft besloten dat het OM de vijftien nieuwe fragmenten vandaag niet mag laten horen. Dat mag pas op een later moment, als de verdediging zich heeft kunnen voorbereiden. Daarom gaat het OM nu verder met het verhoor van Astrid.

De zitting is geschorst tot 14.00 uur. De rechtbank gaat zich tijdens de lunch buigen over de kwestie om nieuwe fragmenten van opnames vanmiddag af te spelen.

Het Openbaar Ministerie houdt vast aan het afspelen van de nieuwe opnames vanmiddag om ze voor te houden aan Astrid.

De verdediging blijft bij het standpunt dat ze eerst zelf de fragmenten willen horen.

De rechtbank buigt zich over de kwestie tijdens de lunch.

De zitting wordt 10 minuten geschorst voor overleg.

Het OM wil het nog hebben over de nieuwe opnames die Astrid stiekem heeft gemaakt van Willem, die tijdens de zitting vorige week zijn ingebracht.

Het OM wil twee fragmenten aan Willem voorleggen, de rest wil het OM later met Astrid bespreken. De verdediging maakt bezwaar, omdat nog niet alle opnames voor hen beschikbaar zijn.

Janssen: "Het uitgangspunt is dat nieuwe, relevante processtukken de verdediging niet mogen worden onthouden."

De nieuwe opnames kwamen boven water tijdens een verhuizing, vandaar dat Astrid ze pas vorige week heeft ingebracht. Het OM heeft 15 van de 16 tapes uitgewerkt.

Integraal
Janssen wil dat de tapes integraal worden uitgezonden, omdat hij bang is dat anders de nuance mist. Hij vreest dat de media er anders verkeerde conclusies uit zullen trekken. In eerdere tapes heeft de verdediging 'cruciale wijzigingen' aangebracht, als het gaat om de interpretatie van woorden.

Janssen is door zijn vragen aan Astrid heen. Ze kan gaan lunchen. Vanmiddag gaat haar verhoor verder.

Advocaat Sander Janssen begint met de vraag wie de officier van justitie was met wie Astrid in 2011 sprak. Dat wil ze niet zeggen. "Ik heb geen zin in de hele wereld op m'n dak."

Janssen vraagt waarom Astrid vorige week met nieuwe informatie (Astrid verklaarde dat Sjaak B. de motor bestuurde bij de liquidatie van Cor van Hout, JW) kwam.

Astrid: "In Passage werd ik niet beveiligd. We waren gewoon aan het werk."

Janssen brengt Jesse R. ter sprake. Hij vraagt waarom Astrid tijdens haar verhoor in Passage heeft verklaard dat ze niet wist of hij betrokken was bij de liquidatie op Cor.

Astrid benadrukt dat ze niet heeft gezegd dat Jesse R. de schutter was. “Maar ik word er wel op aangesproken."

Astrid vertelt over de gevaren en het gebrek aan beveiliging. "Wij hebben langs de gevel gelopen. M'n broer Willem wordt iedere dag met beveiligd transport aangevoerd."

Willem: "Hoeft van mij ook niet hoor." Gelach op de publieke tribune.

Astrid: "Het gaat er toch om dat ik de waarheid vertel? Ik zweer op al mijn kleinkinderen dat ik de waarheid vertel."

Willem: "Ik zweer op alle kinderen van de wereld dat je liegt."

Astrid: "Jij zweert nogal makkelijk"

Advocaat Janssen vraagt zich af of er nog meer personen zijn over wie Astrid nog niets heeft verklaard of niet de waarheid heeft verteld.

Astrid: "U heeft van mij nu alle informatie waar mijn broer van wordt verdacht. Daar kunt u van mij op aan.

Janssen vindt dat er opnames van de gesprekken tussen Astrid en Willem soms nogal abrupt beginnen en eindigen.

Astrid zegt dat er niet is geknipt en geplakt.

Lees meer over Sjaak B.: Wie is 'onmisbare schakel' Sjaak B.?

Sjaak B. Beeld ANP

De rechtbank pauzeert tot 11.50 uur.

Astrid haalt aan dat ze 'al sinds 2011' met de Criminele Inlichtingeneenheid over Willem Holleeder sprak. Dezelfde CIE noteerde verhalen over haar en Johan Verhoek. "Ik word daar een beetje iebelig van."

Astrid klaagt dat steeds dezelfde officier van justitie achter haar aan zat in het verleden, die ook eens Johan Verhoek uit haar woning haalde. De naam wil ze niet noemen.

Astrid: "Ik wil gewoon lekker veilig zijn. Laten we het zakelijk houden. U ziet hoe wij beloond zijn, hoe wij elke dag tussen vier muren moeten zitten. We hebben van justitie niets gekregen."

Janssen haalt aan dat Astrid heel lang heeft geklaagd over een gebrek aan beveiliging. "Ze hebben maar twee soorten voorzieningen. Of ze doen iets, of ze doen niets."

Dreiging
Willem Holleeder: "Mag ik daar wat over zeggen?"

Holleeder: "Ze zegt dat ze niet beveiligd wordt, maar er was totaal geen enkele dreiging. Ik bel met niemand, ik schrijf met niemand, ik heb met niemand contact. Er was geen dreiging."

Officier van justitie Lars Stempher: "Wij doen verder geen uitspraken, maar er waren dreigingsanalyses waaruit dreiging kwam."

Advocaat Janssen begint over hasjhandelaar Johan Verhoek, De Hakkelaar, die volop mee deed aan besprekingen en aan het in elkaar zetten van verhalen over de erfenis.

Astrid: "Klopt. We hebben allemaal bij de advocaten in de bespreekruimte gezeten. Iedereen moest daar zijn eigen rol verdedigen. Iedereen weersprak de beschuldigingen aan zijn eigen adres."

Astrid zegt 'gigantisch veel' te hebben uitgezocht over de panden waarin losgeld van de Heinekenontvoering was geïnvesteerd.

Janssen: "U weet wat voor verhaal rondgaat over Johan Verhoek. Dat u een relatie met hem heeft gehad.."

Astrid: "Ik zou het heel graag willen, maar het is niet zo. Wat bedoelt u met een relatie? Seks? Hou op zeg, een beetje vragen naar mijn seksleven."

Janssen: "Een man-vrouw-relatie?"
Astrid: "Nee, een man-vrouw-relatie heb ik met Johan Verhoek niet gehad, nee.."

Cocaïneverslaving
Astrid zegt de dochter van Johan Verhoek uit haar cocaïneverslaving te hebben willen halen door haar als chauffeur te laten werken. Ze snoof in de auto en 'ze zat te krijsen' toen ze haar zin niet kreeg. Het werd niets. Nu belastert die dochter Astrid op internet zoals ze ook premier Mark Rutte en Alexander Pechtold beschimpt.

Astrid: "Ze zit me nu al jaren te stalken. Ik kan er niets aan doen dat dat meisje ziek is. Dat hoeft u niet van me aan te nemen, dat kan ik bewijzen. Wat zij op internet zet, is te triest voor woorden..."

Janssen: "Ze schrijft ook over uw relatie met Johan Verhoek."

Astrid: "Dat ik met mijn blote voeten op het dashboard zat met een kort rokje? (Waar Verhoek bij was.) Nou, heeft u ooit mijn benen gezien? Ik draag geen kort rokje. Ik heb geen vrouwenbenen."

Janssen noemde Verhoek 'de op één na beroemdste crimineel van Nederland.

Astrid: "De op één na bekendste crimineel? Hij heeft nog steeds last van alleen maar oude zaken, uit 1989.. Ik ken hem als iemand die van mij een etage huurde om zijn zieke dochter te kunnen verzorgen. Ik zie geen misdadiger.."

Astrid, over zichzelf: "Ik zie er niet uit als een vrouw.. (die volgens zijn dochter probeerde Verhoek te verleiden). Ik zie er uit als een..." Rechtbankvoorzitter Wieland: "Advocaat."

Muziek maken
Astrid zegt met Verhoek 'muziek' te hebben gemaakt. "Ik kan heel goed zingen, meneer Janssen, en hij kan heel goed gitaar spelen. Althans, dat vinden wij van elkaar."

Astrid zegt ook 'de schoonheid van de natuur te hebben leren kennen via Verhoek'.

Janssen neemt allerlei momenten door waarop Astrid Holleeder en Johan Verhoek, vooral ook 's nachts, samen waren.

Astrid: "Kan zo zijn. Ik slaap ook op één kamer met een (mannelijke) collega. Als wij, meneer Janssen, samen naar een camping gaan, kunnen we ook samen slapen zonder dat wat gebeurt.. Ik hou nou eenmaal meer van vrouwen dan van mannen."

Astrid: "Ik kan je vertellen dat Sonja alléén maar nadelen heeft gehad van het verklaren tegen Wim en ik ook. Wij zijn met niets beloond! Het Openbaar Ministerie heeft geen klote voor ons gedaan! We kregen geen bescherming, niets! Als u steeds suggereert dat justitie ons heeft beloond, word ik kwaad, ja."

Volgens Astrid heeft Willem de geheime dienst van de recherche getipt over de erfenis van Cor van Hout. "Wij moesten altijd onze monden houden van hem, maar zelf zit-ie zijn eigen zussies te verraajen!"

"Er was er maar één die wist hoe het zat en dat was hij. Daardoor krijg ik die zaak op mijn nek! Hij heeft ons er in gegooid om zelf buiten schot te blijven."

Willem moppert fronzend tegen zijn tweede advocaat Robert Malewicz.

Uitpraten
Rechtbankvoorzitter Wieland: "Het wordt nu een beetje Jan Klaasen en Katrijn hier.. Kunt u elkaar laten uitpraten?"

Astrid heeft haar vingers in haar oren als Willem praat. "Ik word er helemaal kotsmisselijk van. Ik heb helemaal geen zin om hem als leugenaar neer te zetten, maar hij dwíngt me!"

Volgens Astrid heeft Willem al op de avond van de liquidatie van Cor 'een rondje gelopen' om te bespreken hoe familie en vrienden van Van Hout wat van zijn erfenis konden krijgen. Willem Holleeder roept smalend dat ze liegt.

Rechtbankvoorzitter Frank Wieland, tegen Astrid: "Hoe weet u dat, van dat rondje lopen?" Astrid: "Omdat ik er bíj was!"

Astrid: "Iedereen wilde bij dat vrouwtje (zus Sonja) komen halen en graaien. Je kunt nu niet de onderwereld verplaatsen naar de bovenwereld."

Astrid: "Toen ze bij Sonja bot vingen, gingen ze naar Peter toe om te kijken of hij kon bemiddelen." (Misdaadjournalist Peter R. de Vries).

Astrid noemt een reeks familieleden en vrienden die hebben geprobeerd 'de erfenis te regelen', ook geholpen door Willem.

Testament
Er was een testament waarin stond dat de kinderen alles zouden krijgen dat Cor van Hout had nagelaten. "Maar ja, volgens (Cors broer) Ad van Hout was dat een vodje, dat testament. Hij riep dat het vervalst was, ook bij de notaris."

Astrid, over het liegen in het proces over de erfenis: "Willem mocht toch niet zijn (gok)hallen kwijtraken? Het familiegeheim moest bewaard blijven."

Astrid: "Wij hebben allemaal lopen liegen. We hebben ook tegen andere mensen die in die zaak zaten, keihard gelogen dat het niet om Heineken-losgeld ging. Dat is niet fijn, want zij zitten nog steeds in die procedure."

Astrid: "Je zat door hem (Willem) altijd in een situatie waardoor je niet kon verklaren. Dat kon niet anders. Nu krijgen de mensen die nog in die zaak zitten, problemen over van alles wat ik hier zeg. Maar ik heb geen deal gevraagd als kroongetuige, hè? Ik wil die mensen niet verraden."

Als uit kwam dat de prostitutiepanden in Alkmaar 'besmet waren' met Heineken-losgeld, kwamen de uiteindelijke kopers natuurlijk in de problemen.

Astrid: "Het bouwt voort, hè?" Dat is de reden waarom Astrid en Sonja zo lang niet de waarheid hebben verteld en waarom ze nu willen dat hun verklaringen tegen Willem Holleeder de kopers van de prostitutiepanden niet in de problemen brengen."

Astrid: "Dat Sonja op punten loog (over Cors erfenis), wil toch niet zeggen dat ze over liquidaties liegt?"

Astrid raakt al geïrriteerd omdat raadsman Janssen het bedrag waarover het proces om de erfenis draaide volgens haar steeds veel te hoog inschaalt. "U heeft het steeds over tien miljoen, maar in werkelijkheid was het 1,4 miljoen euro. Als u het vervelend vindt worden, gaat u me onderbreken."

Wieland grijpt in
Rechtbankvoorzitter Frank Wieland grijpt in: "Advocaat Janssen moet de getuige laten uitspreken."

Janssen: "Ik stel een vraag, dan komt een heel lang verhaal. Dan stel ik nogmaals de vraag om toch antwoord te krijgen en komt er wéér een heel lang verhaal..."

Astrid: "Ik leg gewoon mijn verklaringen af. Als je me niet laat uitpraten, zet ik alles wat ik hier niet kan vertellen, wel gewoon op Youtube. Dan hebben we een openbare bron waarvan iedereen kennis kan nemen."

Janssen vraagt of Astrid misschien nu ook weer de zitting opneemt, zoals ze steeds geheime opnames heeft gemaakt. Nee, zegt Astrid.

"Doe ik dat met mijn eigen vrienden? (Het heimelijk opnemen van gesprekken.) Nee. Doe ik dat met die figuren die krioelen in zijn slangenkuil? ja."

Janssen ziet in zijn stukken 'wel degelijk bedragen die veel hoger lagen dan de waarde van 1,4 miljoen waarover Astrid het heeft als het over de erfenis gaat..'

Janssen: "Ad van Hout (De broer van Cor) zegt op televisie..."

Astrid: "Is Ad van Hout een deskundige in onroerend goed? Nee. Is hij een leugenaar? Ja. Die man kan nog niet tot tien tellen en heeft zijn hele leven in een uitkering gezeten. Kom niet met een Adje van Hout aan. Al die mensen die om mijn zusjes erfenis heen draaiden..."

Astrid: "Als je voor geld uit die erfenis je eigen broer verraadt... (Zoals Ad van Hout met zijn broer Cor heeft gedaan volgens Astrid) Ik zit hier niet om mijn broer te verraden voor geld, hè? Ik zit hier voor gerechtigheid!" Willem moet daar om lachen.

Advocaat Janssen begint over het vage verhaal over veertig kilo goud dat een rol speelde in de zaak over de erfenis. Astrid: "We hebben ons (in dat proces over de erfenis) kapot gelogen. Ja, als verdáchte heb ik me kapot gelogen. Dat wil niet zeggen dat ik híer lieg. Om dat aan te tonen, heb ik van alles opgenomen."

Astrid Holleeder wordt, buiten ieders zicht, weer naar de getuigencabine geleid. Het scherm gaat omhoog.

Advocaat Sander Janssen van Willem Holleeder mag als eerste nog wat nadere vragen stellen. Hij wil het weer hebben over de criminele erfenis van Cor van Hout, bij de afwikkeling waarvan (advocaat) Astrid was betrokken om haar zus Sonja te helpen.

Janssen stelt dat Astrid betrokken was 'bij de totstandkoming' van verklaringen die zijn afgelegd in de zaak over die erfenis. Die verklaringen waren op belangrijke punten gelogen.

Astrid: "De advocaten Stijn Franken en Chrisje Zuur waren verantwoordelijk voor de uiteindelijk afgelegde verklaringen."

Hypotheken
Astrid zegt voornamelijk 'van alles op een rijtje te hebben gezet' over ingewikkelde constructies met hypotheken.

"Dat wat juridisch klopte, heb ik voor gelegd aan de advocaten, die moesten bepalen of ze dat wilden opnemen in de verklaringen van Robbie Grifhorst (aan wie Sonja de met losgeld uit de Heinekenontvoering gefinancierde prostitutiepanden aan de Alkmaarse Achterdam verkocht).

Astrid probeerde volgens raadsman Janssen 'dingen te onderbouwen' die 'niet te onderbouwen waren, want het was niet waar'.

Gokhallen
Zo moest ook afgeschermd worden dat Willem Holleeder de werkelijke eigenaar was van gokhallen Buddy Buddy en Molensteeg 1 op de Wallen.

Astrid: "Het was van belang het Heinekenlosgeld niet uit te laten komen." (Er was inmiddels onderzoek gaande naar de financiering van de gokhallen in een zogeheten Bibob-procedure namens het stadhuis van Amsterdam, Bevordering integriteitsbeoordelingen door het openbaar bestuur.)

Astrid, over het liegen in verklaringen: "Als je moet kiezen tussen justitie in je nek of Wim in je nek, kies je voor justitie."

"Wij moesten zorgen dat het Heinekenlosgeld buiten beeld bleef, om niet de toorn van Wim over ons af te roepen."

Astrid: "Ik heb ook met Marcel Kaatee besprekingen gevoerd (de officiële uitbater van de gokhallen). Ja, dat heb ik gedaan." In de verklaringen werd de waarheid verdraaid. "Dat ik daar (juridische) problemen mee kon krijgen, dat moest dan maar."

Uiteindelijk 'raakte' Kaatee toch 'de hallen kwijt' en kwam Rob Grifhorst in de problemen. "In die zin is het niet gelukt."

De eerste belangstellende meldde zich vannacht om 04.00 uur alweer voor 'de bunker' in Amsterdam-Osdorp. In de rechtbank aan de Parnassusweg in Zuid zijn meer dan vijftig bezoekers verschenen om de zaak in een zaal via een videoverbinding te volgen.

Rechtbankvoorzitter Frank Wieland waarschuwt de bezoekers in die rechtszaal aan de Parnassusweg hun telefoons in hun zak te laten. "Anders krijgt u problemen met de bewaking."

Wieland begint met het voorlezen van de beslissing over het verzoek van Holleeders advocaat Sander Janssen om meer openheid over 'de tweede deal' met Sonja Holleeder: een 'strafbeschikking' die ze in december 2016 accepteerde.

Sonja Holleeder zegt sinds die laatste 'boete' de volledige waarheid te spreken, wat ze eerder niet had gedaan.

Geen verband
De rechtbank 'ziet geen aanwijzingen' dat er een verband bestaat tussen de deal en Sonja's huidige verklaringen. Een officier van justitie heeft ook gezegd dat 'op geen enkel moment' afspraken met Sonja zijn gemaakt over haar verklaringen. Ze is dan ook geen 'kroongetuige' of een getuige die anderszins voordeel heeft van een deal.

De rechtbank ziet nog geen aanwijzingen dat Sonja 'leugenachtige verklaringen' aflegt over de criminele erfenis van haar partner Cor van Hout in de zaak tegen haar broer. De rechtbank vindt verder onderzoek en nadere informatie over Sonja's deal dan ook onnodig.

Vanaf 04.00 uur vannacht stond er een rij van belangstellenden voor het proces Beeld ANP

De rechtbank hervat om 10.00 uur in ‘de bunker’ in Amsterdam-Osdorp het veelvoudige liquidatieproces tegen Willem Holleeder. Eerst zal de beslissing worden gegeven over het verzoek van Holleeders advocaat Sander Janssen het Openbaar Ministerie te dwingen tot volledige openheid over een tweede ‘deal’ die in december 2016 is gesloten met zus Sonja.

Zij had in 2011 voor 1,1 miljoen euro een schikking getroffen in een onderzoek naar de criminele erfenis van de in 2003 geliquideerde Cor van Hout. Ze kocht met die deal vervolging af voor witwassen en belastingfraude. Als zou blijken dat ze in de aanloop naar die schikking had gelogen, zou die komen te vervallen.

Vrijuit spreken
In haar verhoren waarin zij en haar zus Astrid broer Willem van moorden beschuldigd, gaf ze vervolgens toe dat ze eerder niet de waarheid had verteld. Na een tweede ‘transactie’ eind 2016 kocht ze vervolging alsnog af. Nu zegt ze vrijuit te kunnen spreken zonder dat justitie haar of andere betrokkenen bij de afwikkeling van de criminele erfenis zal vervolgen.

Raadsman Janssen wil ‘het naadje van de kous weten’ omdat hij de (on)betrouwbaarheid van de zussen wil kunnen beoordelen. Willem Holleeder stelt dat zij hem beschuldigen om er zelf financieel beter van te worden.

Janssen: “Ik vermoed dat hier nog steeds belangen een rol spelen die maken dat zij getuigen zoals zij getuigen.” De rechtbank moet beoordelen hoe relevant ze de antwoorden op Janssens vragen vindt voor het proces.

Als de kwestie over ‘de tweede deal’ is besproken, gaat het verhoor van zus Astrid de derde dag in. Het Openbaar Ministerie is aan de beurt om haar vragen te stellen en die kans krijgt mogelijk ook Willem Holleeder zelf.

Emotie
Het gaat nog altijd om inleidende verhoren, waarin de uitvoerige eerdere verklaringen van de zussen op hoofdlijnen worden doorgenomen. Astrid Holleeder is als ex-advocate heel goed in staat rustig en bedachtzaam te formuleren, maar zodra het over gevoelige onderwerpen gaat, nemen de emoties snel de overhand en is ze weer de Jordanese die fel van zich afbijt.

Het megaproces tegen Willem Holleeder kan vanaf vrijdag door meer mensen live gevolgd worden.

De rij met Holleeder-toeristen voor de bunker in Osdorp wordt elke procesdag langer en om die drukte op te vangen heeft de rechtbank besloten een videoverbinding in te stellen, die te volgen is vanuit een ruimte in de rechtbank op de Parnassusweg.

Net als in de bunker is ook hier het aantal plaatsen beperkt, zo waarschuwt de rechtbank.

Ook in de videozaal is het gebruik van mobiele telefoons, tablets en laptops verboden, en mag er geen beeld- en videomateriaal worden gemaakt.

De zaal in het gebouw aan de Parnassusweg biedt plaats aan 75 mensen. In de Bunker geldt eenzelfde aantal, maar daarvan is een derde gereserveerd voor de pers.

Lees ook: Dit is de planning voor het megaproces tegen Holleeder

De recherche heeft vrijdag de Amsterdamse crimineel Sjaak B. gearresteerd op verdenking van de moord op Heineken-ontvoerder Cor van Hout.

De aanhouding vond plaats kort nadat Astrid Holleeder in de rechtszaal volkomen onverwachts onthulde dat haar broer Willem in een heimelijk opgenomen gesprek had bekend dat Sjaak B. een van de twee huurmoordenaars van Van Hout is.

Lees hieronder terug wat Astrid Holleeder vrijdag nog meer vertelde op de tweede dag van haar getuigenis:

Sjaak B. in de rechtbank tijdens het Passage-proces in de Bunker in Amsterdam. Beeld anp

De rechtbank zal volgende week vrijdag, 23 maart, beslissen over de verzoeken van Janssen. De zitting wordt onderbroken tot 23 maart 10 uur.

Op die dag mag behalve het Openbaar Ministerie ook Willem Holleeder vragen aan zijn zus Astrid stellen.

Advocaat Sander Janssen vindt dat de 'kunstig in elkaar gezette leugenachtige verklaringen' door met name Astrid Holleeder in de zaak-'Goudsnip' over de nalatenschap van Cor van Hout, voldoende reden geven ook nu het naadje van de kous te willen kennen.

Janssen: "Ik snap niet waarom het Openbaar Ministerie zo moeilijk doet. Deze getuigen beschuldigen mijn cliënt van liquidaties en hebben deals gesloten over een thema (de erfenis van Van Hout) dat ook de afgelopen uren weer van belang is gebleken. Welk belang ziet het Openbaar Ministerie om géén openheid te geven? De veiligheid? Ik zie dat niet."

Rechter Benedicte Mildner: "Meneer Janssen, wat is uw vermoeden, wat kan er aan het licht komen?"

Janssen: "Uiteindelijk draait het om de vraag of het mogelijk is dat de zussen verklaringen tegen hun broer afleggen die niet waar zijn. Ik vind dat u zo veel mogelijk geïnformeerd moet zijn over de belangen die er lagen en liggen. De Goudsnipzaak over de nalatenschap van Cor van Hout is voor de getuigen van groot belang geweest. Nu is de vraag of ze de erfenis in de schoenen van Willem Holleeder schuiven als motief om Cor van Hout te laten vermoorden. Ik vermoed dat nog steeds belangen een rol spelen die maken dat zij getuigen zoals ze getuigen."

Janssen: "Hier kunnen belangen en motieven liggen die bekend zouden moeten zijn als uw rechtbank gaat bepalen of levenslang moet worden opgelegd of niet. U moet inzicht hebben en dat is nu niet het geval."

Nu gaat de rechtbank verder met de antwoorden van het Openbaar Ministerie op vragen van de verdediging van Willem Holleeder over 'de tweede deal' van Sonja Holleeder over de nalatenschap van Cor van Hout.

Officier van justitie Sabine Tammes zegt 'geen overeenkomst is gesloten'. "Dat woord suggereert dat de getuige in de positie was voorwaarden te stellen en in onderhandelingen van alles af te dwingen. Dat is niet het geval."

Sonja heeft eerder verklaard dat ze niet voluit kon spreken over de erfenis van Cor van Hout en dus over het Heineken-losgeld, omdat dan 'de gokhalletjes op De Wallen' van haar broer Willem in gevaar zouden komen.

Ze heeft dus toegegeven dat ze heeft gelogen in aanloop naar de schikking van 1,1 miljoen euro die ze had getroffen om te ontkomen aan vervolging voor witwassen en belastingfraude.

Officier van justitie Sabine Tammes wil over de nieuwe strafbeschikking uit 2017, die ging over valsheid in geschrifte, geen mededelingen doen 'om de veiligheid van de getuige niet in gevaar te brengen'.

Astrid Holleeder zegt na de pauze dat ze 'er doorheen zit'. Onder meer vanwege een ontsteking aan haar linkerschouder en de medicijnen die ze daartegen slikt, wil ze nu stoppen.

Rechtbankvoorzitter Frank Wieland erkent dat het 'af en toe koorddansen is' voor de getuige. Wieland: "U blijft steeds op het touw, dat wel, al is dat wellicht een vreemde beeldspraak."

Ineens is het verhoor afgelopen. Volgende week vrijdag gaat het verhoor verder, eerst met de laatste vragen van advocaat Janssen, daarna met de vragen van het Openbaar Ministerie.

De verdediging van Holleeder gaat gedetailleerd in op de beslommeringen omtrent de verkoop van de prostitutiepanden aan de Achterdam in Alkmaar.

Astrid kent dat dossier uitstekend omdat ze nauw betrokken was bij die kwestie. Ze heeft verdachten in het onderzoek naar de nalatenschap van Cor van Hout geholpen bij het samenstellen van hun verklaringen. "Legaal klopte het helemaal."

Astrid schermt weer met 'alle correspondentie' tussen haar en advocaten Chrisje Zuur en Stijn Franken over de Achterdam. Beide advocaten traden ook op voor Willem Holleeder.

Astrid herhaalt dat ze volop heeft meegewerkt met het 'synchroon laten lopen' van de opstellingen door verdachten in de onderzoeken naar de bestemming van het losgeld van de Heinekenontvoering, dat was belegd in de prostitutiepanden in Alkmaar en in onder meer de gokhallen Buddy Buddy en Molensteeg 1 op De Wallen.

"Het is uiteindelijk alleen niet gelukt hè? De Bibob oordeelde anders. De vergunningen zijn ingetrokken (van bijvoorbeeld de gokhallen op de Wallen)."

De rechtbank houdt een koffiepauze. Daarna volgt vanaf kwart over drie het laatste deel van deze zittingsdag.

Advocaat Sander Janssen laat door de zussen heimelijk gemaakte geluidsopnames horen van een gesprek tussen Sonja en Willem, waarin Willem zegt dat hij precies weet hoe het zit met die prostitutiepanden aan de Alkmaarse Achterdam die Cor van Hout had nagelaten, omdat de koper hem dat helemaal heeft verteld.

Astrid: "Wim weet precies hoe hij dat soort verklaringen moet loskrijgen. Je hoort hem ook zeggen: 'Ik zet hem gewoon een pistool op zijn kop'. Zo komt hij aan die verhalen."

Astrid zegt dat ze heeft gehoord dat Willem Holleeder 's avonds in het verpleeghuis bij de doodzieke Rob Grifhorst langs ging om hem te intimideren.

Advocaat Janssen, over de getuige van wie Astrid dat zou hebben gehoord: "Zij zegt dat Holleeder gewoon een pondje paling kwam brengen."

Astrid: "Dan moet je haar nog maar eens verhoren. Zij schijt in haar broek voor Wim."

Willem Holleeder schudt driftig zijn hoofd, met een cynisch lachje.

Astrid kondigt aan dat een trits getuigen die volgens haar in een kwaad daglicht zijn gezet door getuigen die ze tot Willems vertrouwelingen rekent, zich nog wel zullen melden. "Die mensen zullen hier nog wel komen vertellen hoe het werkelijk zit en de vloer aanvegen met die verhalen van dat zooitje dat altijd met elkaar zit te feesten in Spanje."

Astrid heeft ook al gesuggereerd dat de kinderen van Sonja Holleeder en hun moeder desnoods zelf ook nog wel verklaringen zullen komen afleggen in de rechtbank, als dat nodig is om het beeld bij te kleuren dat Willem Holleeder en zijn advocaten schetsen.

(Zij zijn wel bij de politie verhoord, maar nog niet in de rechtbank.)

Astrid herhaalt dat meteen na de liquidatie van Cor van Hout allerlei kennissen én zijn familie bij Sonja aan de deur kwamen om geld. "Iedereen zei van alles te goed te hebben van Cor."

"Het was een heel vervelende situatie. Soms zaten ze in het huis van Cor, soms zaten ze bij Sonja (die inmiddels ergens anders woonde). Sonja wilde graag wat privacy, want haar man was net overleden, maar ze kon alleen maar koffie schenken voor iedereen."

Astrid Holleeder komt wéér met een geheime opname aan, die ze 'uit haar privécollectie' zal halen en overdragen aan 'mevrouw Tammes': de officier van justitie.

Daarmee kan ze naar eigen zeggen de leugenachtige verklaringen weerleggen die 'dat zooitje getuigen uit Spanje' namens Willem Holleeder hebben afgelegd over de nalatenschap van Cor van Hout. "Ik kom wel weer met een bandje. Bandje d'r bij..."

Willem Holleeder lacht.

Astrid: "Hoor ik hem nou lachen? Hoor ik hem nou lachen?!"

Astrid kan vanuit de getuigencabine haar broer niet zien. Rechtbankvoorzitter Frank Wieland: "Als u met 'hem' meneer Holleeder bedoelt, hoort u hem lachen."

Astrid vaart uit tegen de getuigen die Willem Holleeder volgens haar in stelling brengt om haar 'te belasteren'.

"Het mooie is: iedereen van wie ik denk dat die over me zou kunnen liegen, neem ik op. Marcel (zoon van de inmiddels overleden 'vijfde Heinekenontvoerder' Rob Grifhorst, alias De Bouwvakker) neem ik op, ja. Dat bandje krijgt u. Ik heb al bij de onderzoeksrechter gezegd dat ik iedereen die over mij liegt, opneem. Iedereen die over mij liegt, kan een bandje verwachten."

De emoties lopen meteen hoog op. Janssen en Astrid praten door elkaar heen.

Rechtbankvoorzitter Frank Wieland: "Mevrouw, mevrouw, mevrouw! Ho, ho, ho!"

Astrid: "Hij (Janssen) laat me gewoon niet uitpraten!"

De familie Van Hout was volgens Astrid boos omdat Willem Holleeder de familie van Hout 'de Achterdam had beloofd'. Astrid: "Sonja heeft het lekker zelf verkocht. Ik ben trots op haar. Willem heeft die panden aan iedereen lopen te beloven en daarom was iedereen boos. De familie Van Hout riep dat al op de begrafenis."

Astrid erkent wel aanwezig te zijn geweest bij het openen van een rekening door Sonja in Zwitserland. Astrid: "Ik was daar als gemachtigde. Sonja dacht dat ze er ook snel niet meer zou zijn. Dan moest iemand zorgen dat het geld goed beheerd werd voor de kinderen en dat Wim het niet zomaar kon pakken."

Op die Zwitserse rekening kwam de opbrengst terecht van de verkoop van het huis dat Cor van Hout in Spanje had. Dat was gekocht door Bertus H., die ook betrokken zou raken bij de Alkmaarse prostitutiepanden. De Fiod dacht dat het ging om de opbrengst van de verkoop van 'de Achterdam'.

Astrid: "Dat was een verdénking van de Fiod, hè? Is dat bewezen verklaard?"

Janssen: "Het is niet tot een zitting gekomen, hè, zoals u weet."

Astrid zegt dat de panden aan 'de vijfde Heinekenontvoerder' Rob Grifhorst zouden worden verkocht. Astrid: "Ik heb gezegd dat hij het niet moest doen, want hij zou er aan gaan."

Over de afwikkeling van 'de Achterdam' is veel gezegd, zegt Astrid. Bijvoorbeeld in de afpersingszaak tegen Willem Holleeder, waarin een geheime verklaring van de toen inmiddels vermoorde Thomas van der Bijl opdook, waarin hij uitspraken deed over de prostitutiepanden die hij lang voor Cor van Hout had beheerd.

Astrid: "Ja, Thomas dacht dat Wim de panden had geconfisqueerd." Astrid heeft, ook naar eigen zeggen, 'veel werk verzet in de Goudsnipzaak'.

Advocaat Janssen begint over verklaringen over een bespreking die Astrid zou hebben bijgewoond over de verkoop van de prostitutiepanden, kort na de moord op Cor van Hout in 2003. Dat ontkent ze.

Na een verhitte ochtend is Astrid Holleeder tijdens de lunch weer 'een beetje bijgekomen', bevestigt ze op een vraag van voorzitter Frank Wieland bij de hervatting van de zitting.

Vanmiddag zal het gaan om de erfenis van Cor van Hout, waarover 'de zaak-Goudsnip' heeft gelopen, over witwassen en belastingfraude.

In die zaak schikte zus Sonja Holleeder voor 1,1 miljoen, waardoor ze aan vervolging ontkwam.

Ook Astrid speelde een voorname rol in de 'Goudsnipzaak'. Ze adviseerde bij de verkoop van de prostitutiepanden aan de Achterdam in Alkmaar die Cor van Hout aan weduwe Sonja had nagelaten.

Sonja heeft toegegeven dat ze in de aanloop naar haar schikking had gelogen – waardoor die nietig zou kunnen worden verklaard. In de aanloop naar het proces tegen Willem Holleeder sloot ze met het Openbaar Ministerie een tweede deal, waarover nog veel is te doen.

Door die nog geheimzinnige deal, waarin ze een nieuwe 'transactie' kreeg opgelegd, een boete, mag ze nu naar eigen zeggen vrijuit verklaren zonder dat zijzelf óf derden in de problemen kunnen komen.

De rechtbank onderbreekt voor de lunch, tot half twee.

Raadsman Janssen draait een geluidsopname af waarin Willem weliswaar tegen 'Boxer' roept dat zij 'haar bek moet houden' en 'moet ophouden met liegen en me voor de gek te houden', maar dat ze zich 'over haar kinderen geen zorgen 'hoeft te maken'.

Astrid: "Als je dít als houden van beschouwt, een gesprek waarin iemand zegt dat hij je kinderen niet gaat vermoorden, dan moet u zelf naar de dokter. Dit is niet gewoon, meneer Janssen. Dit is niet de manier waarop je over elkaars kinderen spreekt."

Astrid: "Dit is de reden waarom ik hem een psychopaat noem. Niemand in deze hele zaal gaat toch zeggen: 'Ik ga je kinderen niet vermoorden, maak je geen zorgen'. Na terreur van maanden, maanden, maanden. Dan moet je linea recta naar een dokter."

Janssen zegt voorzitter Frank Wieland dat hij maar moet ingrijpen als het te veel wordt met het voorhouden van de opnamen (en het verhitte debat dat dan volgt). Wieland: "Ik denk dat mevrouw wel ingrijpt, eerder, eerlijk gezegd."

Astrid, over dat stukje waarin Holleeder zegt dat hij Sonja's kinderen niet gaat vermoorden: "Hij laat het touw even vieren. Wil de kip met de gouden eieren niet slachten (want hij wil veel geld van Sonja). Dát is wat hij hier doet. Het touw even een beetje laten vieren. Maar wij weten dat het niet bij dreigen blijft. Rond ons zijn heel veel mensen doodgegaan op een onnatuurlijke manier."

Opnieuw geeft Janssen vele voorbeelden van gesprekken waaruit blijkt dat zijn neefje en nicht heel graag bij Holleeder op visite gaan, dat ze cadeau's krijgen en dat ze daarvoor danken.

"Dat neefje wil een binkie zijn tegenover een vriendje dat tegen de naam Holleeder opkijkt. Heb je gezien hoe mijn nichtje (de dochter van Sonja) zich moet gedragen? Ze kan echt niet zeggen dat ze hem niet mag omdat hij haar vader heeft gedaan (laten liquideren). Ze probeert hem een beetje af te houden en mee te praten."

Janssen: "Door al die jaren heen, zie je het beeld van goede familiecontacten."

Astrid: "Die telefooncontacten zijn ab-so-luut geen representatie van ons leven. Uit die telefoontaps is niks op te maken. Je moet weten wat er omheen allemaal speelde. Als u het op een rij zet, dat heeft u leuk gedaan, is het lang geen afspiegeling van de werkelijkheid."

Janssen: "Weet u hóeveel taps er zijn die wij hebben doorgenomen?!" (Duizenden, waaruit volgens Janssen een goede sfeer rijst.) "Misschien moet u dan met andere taps komen als daaruit volgens u een ander beeld rijst..."

Astrid: "Goed idee, dank voor de uitnodiging. Dat ga ik doen."

Officier van justitie Lars Stempher interrumpeert: "Het is wel duidelijk dat het alléen maar gesprekken zijn waarin meneer Holleeder zijn familie belt." Holleeder moet lachen. "Ja, ik zit dan in de gevangenis!"

Daar moet de aanklager hem gelijk geven. (De buitenwereld kan niet naar een gevangene bellen.)

Astrid is het al rond het middaguur, na twee uur verhoor, helemaal beu. Als Sander Janssen weer een vraag stelt die volgens Astrid suggestief is: "Nu moet je je schamen, dat je deze vraag stelt. Dat weet jij ook."

Janssen: "Ik schaam me helemaal niet." Janssen blijft 'verschrikkelijk veel' gesprekken aanhalen waaruit 'de indruk van normale familiecontacten' rijst.

Janssen: "Wilt u dáár op reageren?"

Astrid: "U geeft het antwoord al in de vraag. De índruk ontstaat. Maar de waarheid zit in de gesprekken waarin Willem Sonja, in plat Jordanees, helemaal de téring scheldt en dreigt haar tanden uit haar bek te slaan. Dát is de realiteit. Dat is wat ik u vertel."

Astrid: "In onze familie zit een verkniptheid die niet te bevatten is voor wie geestelijk redelijk gezond is opgegroeid."

Advocaat Sander Janssen snijdt weer het gevoelige punt aan over het gehandicapte kind van Cor van Hout, dat het Syndroom van Down heeft. Dat kind is in een pleeggezin opgegroeid. Cor van Hout wilde het kind niet opvoeden, tot groot verdriet van Sonja.

Willem ontfermde zich geregeld wél over het gehandicapte kind.

Astrid, huilend: "Het gaat er hier niet om wie slechter is. Ik heb nooit gezegd dat Cor een fantastische man was, want dat is niet zo..." Janssen: "Nou, u heeft daar een heel dik boek over geschreven (Judas) waarin u de één heel erg ophemelt (Cor van Hout) en de ander (Willem) als de boeman..."

Astrid: "Er zijn honderdduizend incidenten te vertellen over Wim, Cor en Sonja en alles wat er omheen hangt. Het gaat mij er om dat Cor, die óók vervelend was, ook een soort joie de vivre had. Dat hebben wij allemaal niet. Cor kon lichtvoetige dingen doen en had humor. Dat hebben wij allemaal niet in de familie."

Astrid is 'nu alweer klaar met verklaren'. "Ik heb nu alweer geen zin om de héle dag negatief over mijn broer te praten. Ik heb hem ook niet als een monster neergezet in het boek."

Janssen: "U noemt hem in dat boek een psychopaat!"

Astrid: "Hij is een psychopaat en een sociopaat. Ik ook, want ik heb dezelfde dingen als hij, alleen doe ík er niet al die slechte dingen mee."

Familievriend Ariën K. zei in het verleden dat 'Cor een bloedhekel aan Astrid had.'

Astrid: "Cor had helemáál geen bloedhekel aan me. Ik denk dat Ariën nu wél een bloedhekel aan mij heeft (omdat ze in de ochtend heeft gezegd dat Ariën K. haar heeft gezegd dat Gilbert R. hem had verteld dat Jesse R. betrokken was bij de liquidatie van Van Hout – waardoor hij grote problemen kan krijgen).

Op enig moment deed de politie een huiszoeking bij Astrid, in de jaren negentig. Zij ging er van uit dat ze waren gekomen om 'het geld van Sonja' (onder meer losgeld van de Heinekenontvoering).

"Toen zag ik dat het geld er nog was en alle Disney-films weg waren. Het bleek dat ze onderzoek deden naar een verhaal dat (officier van justitie) Jo Valente in de seksclub in de Roompotstraat had liggen seksen en dat daar beelden van waren (om hem te kunnen chanteren)." Haar ex bracht het geld naar een advocaat.

Advocaat Sander Janssen herhaalt veel passages die hij ook zus Sonja heeft voorgehouden, waaruit het beeld rijst van Willem als familieman. Zoals een gesprek over het prachtige en goed beveiligde huis dat Willem voor Sonja had geregeld in de Haarlemmerbuurt. In het gesprek wordt het huis bezongen ('overal marmer, een bubbelbad..')

Astrid: "Dat huis had hij geregeld na de aanslag op Cor, ja, via (vastgoedmagnaat) Willem Endstra."

Janssen wijst er op dat de verhoudingen tussen Cor van Hout en Willem Holleeder in oktober 1996 nog goed waren. Astrid: "Misschien heeft hij het heel lang gespeeld, en heeft Sonja het ook heel lang gespeeld." Janssen wijst er op dat ook na de breuk tussen Willem en Van Hout én de verdeling van de boedel nog heel goed lijkt om te gaan met Willem, die met Sonja's kinderen naar Eurodisney ging.

Advocaat Sander Janssen houdt weer gesprekken voor waaruit een beeld rijst dat Cor van Hout een nare man was, dat hij vreemd ging, ook in het bordeel dat de Heinekenontvoerders hadden in de Roompotstraat in de Rivierenbuurt en dat hij Astrids ex-partner daar als bedrijfsleider zou hebben ontslaan.

Astrid: "Kijk, Cor was soms een vervelende vent en Willem is soms een vervelende vent. Als Cor Willem had laten doodschieten, had ik hier ook tegen Cor getuigd."

De advocaten van Willem Holleeder: Sander Janssen (L) en Robert Malewicz. Beeld anp

Rechtbankvoorzitter Frank Wieland vraagt na een korte schorsing aan 'de dames en heren journalisten' vooral 'niet te schrijven dat de beloofde videoverbinding met een zaal in de rechtbank aan de Parnassusweg er al is'.

"De horden verplaatsen zich nu naar de rechtbank, maar daar is nog niets. Er wordt aan gewerkt, misschien volgende week."

De emoties in de getuigencabine lopen steeds hoog op als raadsman Janssen de gesprekken voorhoudt waaruit een héél ander beeld rijst dan het beeld dat de zussen nu schetsen, namelijk dat ze altijd door Willem zijn geterroriseerd.

Astrid, soms huilend, soms roepend: "Zo leefden wij. Het ís voor een buitenstaander niet te begrijpen!"

Astrid waarschuwde Willem dat hij in 2000, na de liquidatie van Sam Klepper, in Joegoslavië dreigde te worden 'gevierendeeld'. De dan zeventienjarige dochter van Sonja belt (schijnbaar) vrolijk naar haar 'oompie', et cetera, et cetera.

"Het is gekte! Het is de gekte waarin wij leefden. We konden niet anders!"

Dat Cor van Hout vooral een lieve man was, zoals de zussen stellen, lijkt in tegenspraak met opnames waaruit blijkt dat hij Sonja 'met handschoenen wilde wurgen'.

Astrid: "Het is volkstoneel! Wat Sonja doet is volkstoneel, ze weet heus dat hij haar niets doet. Zo leven wij."

De zoon van Sonja moest maar naar de Verenigde Staten om daar te gaan tennissen en studeren omdat hij daar veilig was, zegt Astrid. Huilend: "Dat wordt zo niet tegen hem gezegd, dat klopt, maar wij hebben niet veel woorden nodig. Hij begreep dat meteen en stelde geen lastige vragen."

Astrid heeft zich voorgenomen 'zich niet in een loopje te laten lokken' van Sander Janssen. "Ik ben zelf twintig jaar advocaat, ik weet heel goed wat u gaat proberen te doen."

Sander Janssen grijpt terug op vele afgeluisterde gesprekken waaruit het beeld rijst dat de zussen en hun familie een prima relatie hadden met Willem. Astrid is woest.

Ze herhaalt wat ze al vaak heeft gezegd: "Niemand kan begrijpen hoe wij leven. Hoe niets dat wordt gezegd, ook betekent wat wordt gezegd."

Altijd waren de zussen bezig mooi weer te spelen om niet in problemen te komen met Willem of een crimineel als John Mieremet. "Sonja's zoon heeft moeten zwemmen in het zwembad van John Mieremet, terwijl die hem bijna had laten doodschieten! Zo leven wij!"

Volgens Astrid had Mieremet opdracht gegeven voor de eerste poging Cor van Hout te liquideren in 1996 in de Deurloostraat in de Rivierenbuurt. De schutter raakte Van Hout meermaals in zijn Mercedes, waar Sonja naast zat. Hun zoontje zat achterin.

Astrid had nog een derde interessant punt. Ze kondigde aan alle correspondentie aan de rechtbank te zullen geven tussen haarzelf en advocaten Chrisje Zuur en Stijn Franken, omdat ze 'geen zin heeft in allerlei verdachtmakerij' door Willem en zijn advocaten.

Astrid Holleeder is zeer geladen en heeft duidelijk dagen toegeleefd naar de kans zaken nader toe te lichten. "Ik laat mijn reputatie als advocaat niet bezoedelen!"

Astrid is niet te stuiten. Rechtbankvoorzitter Wieland: "Mevrouw Holleeder... Mevrouw Holleeder... Mevrouw Holleeder!"

Als hij er eindelijk tussen komt: "Mevrouw Holleeder, neemt u van mij aan dat uw reputatie als advocaat bij de rechtbank onberispelijk is. Daarover hoeft u zich geen zorgen te maken."

De rechtbank vraagt Astrid haar eigen opmerkingen en aanvullingen te bewaren tot het eind van de zitting van vandaag, zodat het verhoor door advocaten Sander Janssen, Robert Malewicz en eventueel Willem Holleeder zelf kan beginnen. Ze stemt daarmee in.

Astrid: "Ik zal mijn best doen."

Astrid zegt ook dat ze met een opname kan bewijzen dat ze tegen zus Sonja heeft gezegd dat (botenhandelaar) Robert ter Haak de 'lokker' was die de uitvoerders van de liquidatie van Cor van Hout had getipt over de plek waar hij zou lunchen.

Ter Haak werd door de schutters ook geraakt doordat hij naast Van Hout stond en stierf enkele dagen later in het ziekenhuis. Willem Holleeder wordt onder meer berecht voor de liquidatie van Cor van Hout én de dood van Ter Haak.

Van de crimineel Ariën K., een goede vriend van Cor van Hout die aanwezig was bij de lunch voordat hij werd doodgeschoten, zegt Astrid te hebben gehoord dat hij van Gilbert Rommy, zoon van 'de Zwarte Cobra' Henk Rommy en in Astrids woorden 'een halfbroer' van Jesse R., gehoord had dat Jesse R. ook bij de moord op Van Hout betrokken was.

Astrid: "Jesse R. was na de moord op Cor drie dagen doorgesnoven. Hij had er heel veel spijt van dat hij Cor had doodgeschoten, zei Gilbert tegen Ariën K."

Astrid: "Gilbert heeft tegen Ariën K. gezegd dat wanneer hij had geweten dat dit had gespeeld, hij Jesse R. van de liquidatie had kunnen weerhouden."

Ook Jesse R., die in het grote liquidatieproces Passage tot levenslang is veroordeeld voor huurmoorden, is vaak genoemd als betrokkene bij de moord op Cor van Hout. Daarvoor had het Openbaar Ministerie te weinig bewijs.

Astrid Holleeder vraagt meteen het woord voor een brisante verklaring, waarmee ze terugkomt op de verklaringen die ze maandag had afgelegd.

Daarin kwam aan de orde dat Willem Holleeder haar in een gesprek had gezegd wie de motor bestuurde waarop de bijrijder Cor van Hout doodschoot op 24 januari 2003.

"Ik heb die naam hier niet willen noemen vanwege de veiligheidsrisico's, maar ik heb nu van mijn beveiliger toegezegd gekregen dat ik bescherming zal blijven genieten. De man die volgens mijn broer de motor bestuurde was Sjaak B."

Sjaak B., in het grote liquidatieproces Passage vervolgd voor het leveren van wapens aan huurmoordenaars, is bekend in het Amsterdamse criminele milieu. Zijn naam is al vaak genoemd in relatie tot de liquidatie van Van Hout.

Rechtbankvoorzitter Frank Wieland opent de zitting met de mededeling dat het 'wat gênant is' dat gedurende elke zittingsdag zoveel mensen buiten voor de deur van 'de bunker' staan te wachten – vandaag al vanaf 4.55 uur.

De rechtbank gaat daarom in het reguliere gebouw aan de Parnassusweg in Zuid een zaal inrichten waar belangstellenden via een videoverbinding de zaak kunnen volgen. Wieland: "Het is niet hetzelfde, maar het is iets. Een rechtszaak is geen theater, maar ook weer wel." De rechtbank hoopt op de zittingsdag van 23 maart die verbinding te hebben geregeld.

De rij voor de bunker, om half zeven vrijdagochtend. Beeld Lex Boon

De veelvoudige liquidatiezaak tegen Willem Holleeder gaat vrijdag verder met de tweede dag van het inleidende verhoor van zijn jongste zus Astrid Holleeder. In de ochtend, vanaf tien uur volgens de planning, moet het Openbaar Ministerie weer vragen beantwoorden die advocaten Sander Janssen en Robert Malewicz hebben over de 'tweede deal' die zus Sonja heeft gesloten met de Staat – in verband met de criminele erfenis van de doodgeschoten Cor van Hout.

Nadat ze eerst voor 1,1 miljoen euro vervolging voor witwassen en belastingfraude had afgekocht, moest ze in haar verklaringen in de aanloop naar het Holleederproces toegeven dat ze voor die deal had gelogen. Normaal gaat zo'n deal dan van tafel en kan vervolging alsnog.

Eind 2017, nadat zussen Astrid en Sonja al een tijd hadden geweigerd verder tegen hun broer te verklaren, 'kwamen' justitie en Sonja een nieuwe 'transactie' overeen. Dat bleek tijdens de eerste verhoren van Sonja, enkele weken geleden.

Vanzelfsprekend willen Holleeders advocaten het naadje van de kous weten. Het is justitie bijvoorbeeld verboden getuigen te belonen en een gunstige deal kan ook een verkapte beloning zijn. Vooral: hoe betrouwbaar zijn de zussen als ze in het verleden al meermaals glashard hebben gelogen (Astrid was nauw bij de afwikkeling van de erfenis betrokken, onder meer bij de verkoop van de prostitutiepanden aan de Alkmaarse Achterdam).

Lees ook het verslag van de eerste dag van het inleidende verhoor van Astrid Holleeder terug: "Wim is ziek en het enige medicijn zijn die vier muren. Ik vind het zielig voor hem, maar ik moet dit doen."

Op 8 februari begon de inhoudelijke behandeling van het monsterproces tegen crimineel Willem Holleeder. Lees hier het blog van de eerste vijf weken terug. Hier vind je de planning van het proces.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden