Plus

Asterix: al 60 jaar een antiheld die zijn tijd vooruit is

Een van 's werelds beroemdste striphelden, Asterix, wordt dit jaar zestig. Een vechtersbaas op leeftijd, maar in topconditie en zonder ook maar één rimpeltje. De oplage groeide van zesduizend exemplaren in 1959 tot vijf miljoen stuks in 2019.

Asterix en ObelixBeeld Albert Uderzo & René Goscinny

De antiheld
Asterix is de antiheld bij uitstek, de underdog, die zich als markant klein mannetje verzet tegen de almachtige Romeinen, in het jaar 50 voor Christus. Die formule was een risico in 1959. Helden waren toen doorgaans jong, groot en knap en hielden zich bezig met actuele zaken en niet met geschiedenis.

Asterix behoort met Superman en Spiderman tot de best verkochte strips ooit. Van de Asterixboeken zijn tot nu toe tussen de 350 en 400 miljoen exemplaren verkocht.

Ter vergelijking: van Kuifje zijn wereldwijd 230 miljoen exemplaren verkocht. Asterix is vertaald in meer dan honderd talen (en dialecten). In 1965 lanceerden de Fransen zelfs een satelliet die de naam Asterix kreeg.

Everzwijnen
De strips staan bekend om hun details en historische nauwgezetheid, maar lang niet alles klopt. De vaste feestmaaltijd met wilde everzwijnen? Dat aten de echte Galliërs nauwelijks: ze hadden hun eigen vee en aten veel groenten. Het vechten met blote handen? Nee, de Galliërs vochten met zwaarden en hadden schilden.

Politiek
Tekenaar Albert Uderzo en schrijver René Goscinny waren er helder over: Asterix is niet links of rechts. De boeken mochten geen politieke kleur hebben. Maar volgens de Franse pers was er één uitzondering. In Het geschenk van Caesar (1974) zegt dorpsoudste en rokkenjager Nestorix: "Ik heb niks tegen buitenlanders, zolang ze maar in hun eigen land blijven."

In veel boeken komen wel vaak maatschappelijke kwesties aan bod. De Berlijnse Muur, chauvinisme, de verstedelijking van het platteland: het wordt behandeld. In Asterix en de Olympische Spelen (1968) komt zelfs dopinggebruik aan bod. Of was het toverdrank?

De nieuwste strip
Op 24 oktober verschijnt het nieuwste en 38ste Asterix-stripboek, in een oplage van vijf miljoen exemplaren. Het verhaal speelt zich af in het Gallische dorp, waar sneeuw ligt, en waar 'een heel belangrijk persoon arriveert'. Het boek is gemaakt door Didier Conrad (tekeningen) en Jean-Yves Ferri (tekst). Zij nemen al sinds 2013 de avonturen van Asterix voor hun rekening.

Goscinny overleed in 1977. Uderzo - inmiddels 91 jaar oud - ziet nog altijd nauwlettend op zijn erfenis toe. Een jaar geleden stapte hij naar de rechter toen een aantal oude originele tekeningen van hem geveild zouden worden, zonder zijn instemming. "Stelletje barbaren!," zou bard Kakofonix (Assurancetourix in de oudere versies) gezegd hebben.

Echt en virtueel
Asterix mag dan zestig jaar oud zijn, hij is zijn tijd vooruit. Al in 1983 verscheen de eerste Atari-videogame rond de stripheld. Eind vorige maand verscheen de jongste game: XXL2.

350.000.000

De Asterix-boeken zijn vertaald in meer dan honderd talen en dialecten en wereldwijd zijn er tussen de 350 en 400 miljoen exemplaren van verkocht.

De besnorde Galliër heeft daarnaast veel volgers op Facebook en Twitter en vanaf deze maand is hij ook met #ArtofAsterix op Instagram te vinden.

Dit voorjaar gaat de eerste echte officiële Asterixwebwinkel open. En wie hem in het echt wil ontmoeten: Asterix loopt sinds 1989 dagelijks rond in de bossen, dertig kilometer ten noorden van Parijs, in pretpark Parc Astérix.

De geboorte
Asterix zag het levenslicht in augustus 1959 in een appartement in Bobigny, een voorstad van Parijs. Het was het huis van Uderzo. Hij moest er met Goscinny voor zorgen dat een nieuw op te richten tijdschrift, Pilote, een goed stripverhaal kreeg. In het appartement werd die dag (veel) pastis gedronken, er werd (veel) gerookt, er werd (veel) gepraat en al snel was het raak.

Het moest gaan over de Galliërs, de West-Europeanen vóór de inval van de Romeinen. Er werd een besnorde hoofdpersoon bedacht en een 'ommuurd' dorpje met huisjes met rieten daken. "In een kwartier hadden we het helemaal uitgewerkt," vertelde Uderzo eens.

Op 29 oktober 1959 verscheen het eerste stripverhaal, Asterix de Galliër, in Pilote. In 1961 verscheen het eerste Asterix-stripboek: er werden zesduizend exemplaren van verkocht.

Humor
"Ik heb wel eens een liefdesverhaal geschreven," vertelde Goscinny ooit. "Na drie regels ben ik gestopt. Als ik schrijf, wil ik mensen laten lachen."

In elke tekening zit een grap, de teksten zijn subtiel humoristisch, en namen hebben vaak een dubbele betekenis. Een handelsmerk is ook de verborgen humor. In de stripverhalen die zich 50 jaar voor Christus afspelen, passeren terloops zelfs The Beatles, Laurel en Hardy en Arnold Schwarzenegger.

Namen
Asterix en Obelix zijn goed uitspreekbare namen, maar er komen ook personages voorbij met namen op recordlengte die zo goed als onuitspreekbaar zijn.

De hoofdprijs gaat naar de Corsicaanse strijder met de welluidende naam Ocatarinetabellatchitchix. In de Nederlandse vertaling is hij ook al een tongbreker: Ozewiezewozewiezewallakristallix.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden