PlusCoronadagboek

Arts in OLVG: ‘Ik baal dat ik me ziek voel. Ik wil werken’

In deze serie volgen we zorgverleners. Dinsdag Heleen Verwijs, specialist ouderengeneeskunde, donderdag huisarts Marike de Meij en zaterdag ic-verpleeg­kundige Martine Minnema.

Huisarts Marike de Meij werkt in het OLVG op de afdeling palliatieve zorg. Beeld Marc Driessen
Huisarts Marike de Meij werkt in het OLVG op de afdeling palliatieve zorg.Beeld Marc Driessen

‘Ik ben al sinds de paasdagen ziek. Verkouden, hoesten, hoofdpijn. Alleen geen koorts. Dinsdag heb ik mezelf getest, want ik werd in toenemende mate ongerust. Ik heb net de uitslag: negatief. Daar ben ik lichtelijk opgelucht over.”

“Het probleem met die test is: hij is wel eens vals negatief. Dat zien we ook veel in het OLVG, dus ik ben nog wel op m’n hoede. Vandaag moet ik weer worden getest.”

“Ik ben onder de indruk van wat het met je doet, het idee van: ik heb het virus nu zelf. Dat merk ik ook in mijn omgeving. Mijn moeder belde net nog om te vragen hoe het gaat. Zelf ben ik er ook mee bezig: wat als mijn klachten erger worden? Ik zal opgelucht zijn als ik volgend weekend door ben. In het ziekenhuis ­vragen we bij iedere patiënt: de ­hoeveelste ziektedag is dit? Na een week gaan veel mensen opeens achteruit.”

“Ik ben snotverkouden. Normaal gesproken is dat niet meer dan lastig en werk je gewoon door. Nu hangt er echt een spanning omheen. Het is zo beladen.”

“Ik ben thuis sinds afgelopen vrijdag. Het palliatieve team in het ziekenhuis kan het zonder mij ook af. Er zijn genoeg mensen, we weten nu hoe het moet. De toestroom van patiënten is onveranderd, maar het is minder druk dan ik van tevoren had gedacht. Op onze afdeling zijn meestal zo’n vier bedden bezet.”

“Als je aan het hoesten en snotteren bent, kijkt iedereen je aan en dat is terecht. Alleen als de nieuwe test ook negatief is en ik met goed voel, kan ik weer aan de slag.”

“Ik ben 45, kerngezond en fit. Volgens mij heb ik medisch gezien een goed gewicht, dus je zou zeggen: je hoeft je nergens zorgen over te maken.”

“We zien echter wel meer ­jonge mensen in het ziekenhuis belanden, van wie het grootste deel andere klachten, maar dat geldt niet voor iedereen. Ik ben niet doodsbang, maar wel ongerust.”

“En ik baal, want ik wil werken, zeker nu. Ik zou het heel erg vinden als ik er weken uit zou liggen, omdat wij iets heel bijzonders aan het doen zijn. Het voelt als ons kindje, de palliatieve afdeling. Ik zou het erg vinden als ik daar halverwege word weg­gerukt. Het voelt goed om daar te zijn.”

“Er wordt hier elke avond eten gebracht voor mij en mijn kinderen. Door mijn moeder, door mijn schoonmoeder. En een vriendin heeft een Italiaanse kok als vriend, die maakt voor ons de heerlijkste gerechten.”

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden