PlusPS

Anousha Nzume over het witte privilege: 'Ik wist: dat gaat er niet in als koek'

Wat eelt op de ziel graag; met haar boek Hallo Witte Mensen wil actrice en theatermaker Anousha Nzume (46) het witte privilege aan de kaak stellen. 'Laat dat kwartje vallen.'

Anousha Nzume: 'Het gaat niet om individuen, ik leg niemand langs een racisme-graadmeter'Beeld Ernst Coppejans

De publiciteit rondom haar nieuwe boek Hallo Witte ­Mensen is nog maar net losgebarsten of ze wordt door GeenStijl weggezet als 'klagende kwetscreool'.

De instant ­defensieve reflex van de - in dit geval kennelijk ­boze - ­witte Nederlander, zoals Anousha Nzume (voor de duidelijkheid: half Russisch, half Kameroens) die ­beschrijft.

Gevalletje 'witte fragiliteit', die reactie van witte Nederlanders ­als ze worden gewezen op de privileges die ze hebben en waarvan ze zich als witte Nederlanders te weinig bewust zijn. Ze missen, schrijft Nzume, de 'psychologische spierkracht', de 'stamina' die mensen van kleur noodgedwongen hebben opgebouwd om weerbaar te worden tegen stress gerelateerd aan huidskleur.

"Hier kun je namelijk van kinds af aan niet omheen. Je krijgt ­ermee te maken op de basisschool, op televisie, bij je klasgenoten, in winkels, in stereotypes, in films. Overal dus. De luxe om nooit met kleur bezig te zijn, heb je niet."

De luxe om niet met kleur of racisme bezig te zijn, vindt Nzume, hebben witte Nederlanders ook niet meer. Hoe is het mogelijk dat zelfs welwillende, redelijke mensen op dit onderwerp reageren als vampiers op een ­kilo knoflook? Wit privilege, zo maakt ze in Hallo Witte Mensen ­inzichtelijk: je hebt het, of je wilt of niet. En dan moet je je verantwoordelijkheid nemen voor je rol in dit ­institutionele ­racistische systeem.

Kunt u zich die afweer voorstellen? Toen ik uw boek las, bemerkte ik bij mezelf ook een zekere weerstand. Mede door de manier waarop u ons 'bij de hand neemt' als 'lieve witte mensen'. Ik voelde me nogal in de hoek gezet.
"Ik doe dat zeker niet om weerstand te wekken. Het is niet sarcastisch bedoeld, het is zoals ik ook praat. Maar aan de andere kant: nu worden witte mensen voor het eerst als groep aanschouwd, als groep onderzocht."

"Ik ben niet anders gewend, maar nu draai ik de loep de andere kant op. We vinden het heel normaal als witte mannen van de VPRO naar China gaan om onderzoek te doen naar de Chinezen; onderzoek naar andere volkeren en culturen is ­gemeengoed. Zo ben ik nu witte mensen gaan bestuderen."

"Ik wist vooraf: dat gaat er niet in als koek. Ik heb wel positieve reacties gehad, maar er zijn ook goede vrienden die me lieten weten dat ze zich ­gekwetst en geïrriteerd voelden. Dat mag ook. Ik zeg: leg het even weg, pak het later weer op. Het is op feiten ­gebaseerd, op institutioneel racisme. Maar ik schrijf met al mijn warmte, liefde en openheid, en zeker niet sarcastisch of kil."

Waarom voelde u de noodzaak dit 'handboek' voor de witte mens te schrijven? U schreef dat u een paar jaar geleden nog huiverig was voor wéér zo'n ­polariserend onderwerp als wit privilege, na alles wat u in de zwarte­pietendiscussie over u heen had gekregen.
"Ik had verwacht dat het tegen de tijd dat ik oud zou zijn, niet meer in Frage zou zijn dat mijn zoon van elf nog steeds een lager schooladvies zou krijgen dan witte kinderen. Ik had niet verwacht dat we nu nog zo zouden moeten struggelen, zeker wonende in Amsterdam."

U groeide op in Buitenveldert, met een witte moeder en een witte stiefvader. Wanneer werd u zich bewust van uw huidskleur?
"Als kind al kreeg ik te horen dat ik vies was, dat ik zou ­afgeven. Ik ben echt racistisch weggepest van school. Ik had niets tegen mijn moeder gezegd, ik wilde haar niet verdrietig maken en wilde ook niet dat mijn nieuwe stiefvader me zielig vond. Toen het uitkwam, was het te laat: ik kon niet op die school blijven."

"Mijn tweede bewustwording kwam toen ik op mijn zestiende mijn vader bezocht in Kameroen, waar ik ineens niet meer de uitzondering was. Toen kwam ik erachter dat ik die witte houding ten opzichte van mensen met een donkere huid zelf ook heb geïnternaliseerd. Ik wist: ik ben zwart en dus minder, dus moet ik me bewijzen."

"Ik was ­alleen maar aan het pleasen; een modelleerling op het vwo, welbespraakt, een heel correct meisje. We moeten ons bewijzen - dat zat in mij, je krijgt het onbewust mee. Als kind word je al geïndoctrineerd. En hoe vaak ik nóg in winkels word aangesproken: 'Ach juffrouw, heeft u deze ook in maat 38?' Of dat ik ergens kom als dagvoorzitter en dat ze denken dat ik het entertainment ben. Ik had niet verwacht dat het zo hardnekkig zou zijn. Maar als je het er niet over hebt, blijft het. Zolang je het hebt over 'incidenten,' blijft het geïnstitutionaliseerde racisme in stand."

Dus ziet u zich nu voor de taak geplaatst om witte ­mensen te bewijzen dat ze witte privileges hebben?
"Ja, en dat is wrang. Mijn schoonzus is wit en heeft twee kindjes geadopteerd uit Zuid-Afrika. De schellen ­vallen haar nu van de ogen. Het is such a part of our culture."

En dan stuit u, in mijn woorden, op tere zieltjes, op die fragiliteit. Witte mensen stribbelen tegen, met argumenten als 'wij zijn ook heus weleens gepest' en 'wij hebben het ook heus weleens moeilijk gehad'.
"Maar ze zijn wit. En dat betekent dat ze altijd een streepje voor hebben. Zoals ik schrijf: er zijn heel veel hokjes, en het enige hokje waar mijn boek over gaat, is het hokje 'wit'. Dat je wit privilege hebt, betekent niet dat je leven niet moeilijk is. Het betekent alleen dat kleur niet een ­extra factor is. Lees mijn boek desnoods met weerstand en ­irritatie, maar laat wel het kwartje vallen."

Waarbij u dan weer in het hokje 'boze bruine vrouw' wordt geplaatst, zoals u schrijft, het 'archetype zware zeurpiet'.
"Ja, zo word ik dan geframed. Ik kan hier ook echt een verjaardagsfeestje mee verpesten. Als ik over racisme praat, ben ik driekwart van de tijd bezig mensen gerust te stellen, hun emoties te bevestigen, begrip te tonen. 'Het gaat niet om jou.' 'Nee, jij bent niet slecht.' 'Jij kunt er niets aan doen.' Het gaat niet om individuen, ik leg niemand langs een racismegraadmeter."

"Je moet het persoonlijke scheiden van het systeem. Het gaat mij om de institutionele constructie die racisme is, en die de levens beïnvloedt van heel veel mensen. Het gaat erom dat de maatschappij is ­ingericht op - en dat klinkt lullig - jullie succes, het ­succes van de witte Nederlanders. Maar dat wordt vaak ­gereduceerd tot een persoonlijk issue."

Heeft u het gevoel dat u mensen bereikt?
"Door sociale media hebben we een eigen stem gekregen en is het pas echt op de agenda gekomen. Wat van belang is: we moeten niet telkens opnieuw hoeven uitleggen dat wit privilege echt bestaat. Het is geen mening, het is een feit. En van daaruit moeten overheid en onderwijs hun verantwoordelijkheid nemen."

En individuele witte mensen dus ook, schrijft u.
"Als je weet dat je wit privilege hebt en je doet niks, doe je ook iets. Jij hebt die luxe; als wit persoon kun je ­denken: racisme? Toedeledokie! Maar ik kan nooit ­wegkijken."

Hallo Witte Mensen, Anousha Nzume, Amsterdam University Press, €14,95.

Anousha Nzume: 'Ik had niet verwacht dat we nu nog zo zouden moeten struggelen, zeker wonende in Amsterdam'Beeld Ernst Coppejans

Bio

Anousha Nzume is columnist, radiomaker, theatermaker en actrice. Ze is dochter van een Russische bioloog en een Kameroense arts en groeide op in Buitenveldert met haar moeder en stiefvader. Ze zat op het Montessori Lyceum en doorliep de Hogeschool voor de Kunsten in Amsterdam.

Ze speelde onder meer in de televisie-series Vrouwenvleugel en Oppassen en stond onlangs op de planken in de voorstelling Opvliegers. In 2014 schreef ze met collega-actrice Tanja Jess De Mama Match. In 2015 maakte ze het programma Uitgesloten voor de NTR, waarin ze op zoek ging naar onbewuste vooroordelen die kunnen leiden tot ongelijke behandeling.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden