Plus Klapstoel

Annemarie Oster: 'Niemand trapt meer op die teentjes'

Annemarie Oster (1942) is schrijfster en cabaretière. Zondag staat ze met Pieter Nieuwint in het Betty Asfalt Complex in een nieuw programma over 'lief, leed, leut en (on)lust'.

Annemarie Oster Beeld Harmen de Jong

Den Haag

"Ik ben geboren in de Emmakliniek in Scheveningen. Óp Scheveningen. Mijn moeder zei daarover altijd dat mijn vader toen zo ongelooflijk vervelend was. Jaloers, denk ik, dat hij niet genoeg aandacht kreeg. En weer flirten met de verpleegsters natuurlijk."

"Er was niet om gevraagd, ik was een ongelukje. Toch was mijn moeder idolaat van me. En mijn vader later ook, geloof ik. In gedachten zie ik ze lopen op het Korte Voorhout, in de bloei van hun leven, jeunesse dorée. Ik kan me zo moeilijk voorstellen dat het toen oorlog was."

Toneelouders

"Dat realiseerde ik me niet zo, ik was klein. Al werd ik wel vaak meegenomen naar de kleed­kamer. Maar ik ging alras naar mijn grootouders en later pleegouders. Voor mij waren mijn ouders (Ank van der Moer en Guus Oster) de koning en koningin van West-Europa. Maar natuurlijk is mijn jeugd getekend, de repercussies kwamen later."

"Mijn pleegouders waren lief, maar ik was toch eenzaam. Dat gevoel van 'er moet iets met me zijn dat ik niet leuk genoeg ­gevonden word'. Ik heb lang het gevoel gehad dat ik moest knokken om erbij te horen. Maar we gaan het toch niet de hele tijd over mijn moeilijke jeugd hebben? Het gaat toch ook wel over mijn nieuwe programma?"

Huwelijk

"Ik ga even een espresso nemen. Want ik heb net een paar glazen wijn gedronken bij Hedy d'Ancona. We vierden dat zij mijn babs is geworden, mijn buitengewoon ambtenaar van de burgerlijke stand. Een enorm gedoe trouwens voor je dat kunt worden, trouwambtenaar, 'bureaucrazy' noemde Hedy het. Op 15 april trouw ik. Voor de derde keer, net als mijn moeder."

"Wat bij mij de doorslag gaf, is dat de kleinkinderen van Arend Jan (van der Marel) en mijn kleinkinderen opa en oma tegen ons zeggen. Mijn grootvader had na de dood van mijn oma een tweede verloofde, 'tante Mary', die was een beetje hoerig in mijn ogen, zo'n bijzit. En ik wil geen bijzit zijn, geen partner of metgezel maar gewoon zijn vrouw. Als de kleinkinderen oma zeggen, moet je dat ook zijn."

"Hij is een schat, een heel leuke man. We zijn 18 jaar bij elkaar, het is de langste verbintenis die ik ooit heb gehad. We pakken het groots aan, maar ik ga niet zeggen waar. De Privé belde al. Niet dat ik zo bekend ben, maar het is ken­nelijk toch pikant als je als 74-jarige in het huwelijk treedt. Zenuwen? Nee, zenuwen heb ik meer voor dat optreden zondag. Dat prevaleert nu. Maar dat heb ik zelf aangekaart, dus eigen schuld."

Oster & Nieuwint

"Ja. Dan mag je straks weer over mijn ouders zeiken. Een programma met liedjes en teksten over 'lief, leed, leut en (on)lust'. Ik heb de aankondiging zelf geschreven en dacht: dat allitereert mooi. Ik ben mijn eigen producent. Misschien is het mijn laatste kunstje, wie weet."

"Ik kan leuk schrijven en leuk performen, al zeg ik het zelf. Maar toen ik de afgelopen jaren met Liesbeth List op het toneel stond, werd ik echt gedóógd. Liesbeth is een icoon, mensen kwamen om haar in levenden lijve te zien. En het publiek van Liesbeth is toch een ander publiek dan dat van mij."

"Ik hou ervan mezelf op de hak te nemen, de meeste mensen nemen zichzelf zo graag au ­sérieux. Ik schaam me niet voor dingen waar anderen zich wel voor schamen. De liedjes die Pieter Nieuwint zingt, liegen er ook niet om. En hij begeleidt als een god, ik loop geen enkel gevaar een verkeerde noot aan te slaan."

Seksbom

"Ik wilde wel opvallen, terwijl ik ook ontzettend geremd was. Van jongs af aan heb ik het beeld in mijn hoofd gehad dat ik mooi moest zijn. En ik wist wat je moet doen om tegemoet te komen aan een soort ideaalbeeld. Compensatiegedrag, weer die ouders. Geldingsdrang."

"Op mijn manier mijn partijtje meeblazen. God, wat zonde van mijn tijd. Ook al dat gedoe met jongens en mannen. If I knew then what I know now. Ik had alle sonnetten van Shakespeare kunnen lezen en psychiater kunnen worden, want dat wilde ik eigenlijk. Maar bij goniometrie ging ik gedichten zitten schrijven en aan jongens zitten denken, n'importe welke."

Kostschool

"Eerst zat ik op het gymnasium in Amersfoort en daarna op het Barlaeus, ik mocht op mijn veertiende bij mijn moeder komen wonen. Die zei ineens feestelijk: een dochter hoort bij haar moeder. Maar dat viel erg tegen, dat Amsterdam. Ik was eenzaam, enorm eenzaam. En toen ben ik naar kostschool gestuurd. Omdat het dus niet goed ging met die goniometrie. Tijdens wiskunde liep ik de Leidsestraat op en neer, op stilettohakken."

"Eerst werd ik naar Zwitserland gestuurd, heel veel nouveaurichemeisjes, maar ook een paar met wie ik heb gelachen. En toen naar Engeland, heel chic. Maar in plaats van dat ik me een geacheveerd Engels accent aanmat, ging ik expres Amerikaans praten. Allemaal dwarsigheid. Met een boek op mijn hoofd lopen wilde ik niet en ik weigerde op bevel Monet en Manet uit elkaar te leren houden."

Toneelschool

"Ik sta graag op het toneel, maar dan wel als mezelf, niet in een rol. Ik ben geen geboren actrice zoals mijn moeder. Daar ben ik veel te bescheten en te kritisch voor. Na twee jaar toneelschool ging ik eraf. Op mijn tekstbehandeling viel niets aan te merken, maar mijn motoriek liet te wensen over."

"Ik schaamde me te pletter. Vooral op ballet. Als we diagonaal door de ruimte moesten bewegen, leefde iedereen zich uit. Maar ik veranderde in een zoutpilaar. Ook door mijn vader, die zo kritisch was en tegen wie ik zo opkeek. Ik stond als mijn eigen recensent op het toneel."

Omroepster

"Ik heb eerst nog op kantoor gezeten, bij de Vewin, de vereniging van exploitanten van waterleidingbedrijven. Dat deed ik om de psychiater te kunnen betalen; mijn vader, moeder en ik ­ieder een derde. Ik had op de toneelschool bij ene dokter Fles een vlekkentest moeten doen."

"Vagina, vleermuis of vlinder? Ik weet niet meer wat ik zag maar wel dat ik onverwijld naar de psychiater moest. Die bleek achteraf stokdoof te zijn, ik heb er altijd veel succes mee als ik dat vertel."

"Ik was al sinds de toneelschool met Bram de Swaan. Daar doe ik zondag trouwens ook een column over. Al zeg ik het zelf: een leuke column, een van mijn beste. Ik zie hem haast nooit meer, maar eens leuk blijft leuk. Het huwelijk liep al op de klippen toen de VPRO met hem kwam praten over een programma."

"Ik bracht koffie, dat deed een echtgenote in die tijd. En toen heb ik gevraagd of ze ook een baantje voor mij hadden. Omroepster dus; tekst voorlezen, daar was ik erg goed in. Moest ik om tien voor acht dominees aankondigen. 'Goedemorgen, dit is Hilversum 1, de VPRO'."

Hadimassa

"Later kreeg ik een eigen satirisch programmaatje waarin ik met eigen teksten zangeressen parodieerde. Zo werd ik ontdekt voor televisie. Voor Hadimassa werd ik ook gevraagd de titelsong te zingen, terwijl ik eigenlijk niet durfde te zingen. Zo'n zuchtmeisjesstemmetje had ik toen. Uit schijterigheid was ik een soort seksbom. Weet je, de jaren zestig waren niet zo leuk voor een vrouw. Je moest met iedereen naar bed. Je mocht niet, je móest."

Moeder van niks

"Ik ben een pionier geweest wat dat betreft. Ik kreeg twee zoons en was de eerste die schreef over moederschap en schuldgevoel. Nu heb je al die stoere moederboeken, dat gekoketteer met 'ik ben een slons'. Maar dit boekje was echt een cri du coeur."

Nooit zeggen...

"Er zijn van die verschrikkelijke uitdrukkingen en woorden die ik niet graag hoor. Als iemand gelijk zegt in plaats van meteen. Of toilet voor wc. Omkleden vond ik ook heel erg. In mijn ­columns werd het een gimmick. Maar ach, het is natuurlijk snobisme. Elitair getut. Ik word steeds milder. Leven en laten leven, hoor."

Mooi geweest

"Columnist ben ik niet meer en dat is een hele opluchting, mag ik wel zeggen. Ik zat altijd een paar dagen in een kramp omdat ik het zo goed wilde doen. Eerst vijf jaar Vrouw van de Wereld, daarna vijf jaar Mooi Geweest."

"In eerste instantie ging Mooi Geweest over uiterlijk, benen, armen, mannen. Maar die titel dekte de lading steeds minder. Zodra je over de kleinkinderen begint te schrijven, is het toch wel een beetje voorbij. Het uiterlijk is nog wel belangrijk voor me. Ik doe nog steeds mijn uiterste best er goed uit te zien en vind dat de metamorfose elke dag wonderwel lukt."

Lastig wijf

"Vroeger misschien, vooral voor mezelf, maar nu niet meer zo erg. Ik was vroeger erg kritisch, dat heb ik van mijn vader. En daarnaast was ik erg onzeker. Uit die combinatie komt weinig goeds voor, want dan ben je veel te streng voor jezelf."

"Ik was jaloers, verongelijkt, gauw op mijn teentjes getrapt. Maar nu trapt er niemand meer op die teentjes. Wat jammer dat ik nog zo weinig tijd heb om van de verworvenheden die de oude dag met zich meebrengt te genieten. Zet er even bij dat ik dit zelf ook een gemeenplaats vind."

Jan Lammers

"Flinke kerel, voor zo'n klein ventje. Ik denk dat ik hem weleens ben tegengekomen in Zandvoort, waar ik jaren heb gewoond. Maar we zijn nooit aan elkaar voorgesteld."

Oster & Nieuwint, zondag, 15.00 uur, Betty Asfalt Complex.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden