Amsterdamse leraren krijgen beurs om beter te worden

Amsterdamse leraren krijgen vanaf volgend schooljaar een beurs van tweeduizend euro om zichzelf te ontwikkelen. Het is de bedoeling dat veertig procent van alle leerkrachten in het basis- en voorgezet onderwijs de komende vier jaar gebruikmaakt van de beurs.

Beeld anp

Het plan, dat vandaag wordt gepresenteerd, is één van de pijlers van het collegeakkoord dat D66, VVD en SP in de zomer sloten.

Behalve leraren kunnen ook scholen aanspraak maken op een beurs voor projecten die de kwaliteit van het onderwijs bevorderen. Afhankelijk van de omvang van de school kan het bedrag voor scholen oplopen tot negentigduizend euro. Wethouder Simone Kukenheim trekt jaarlijks 6,5 miljoen euro uit voor haar 'Lerarenagenda', die in de plaats komt van de kwaliteitsaanpak van haar voorgangers.

Intensief programma
Leraren en scholen kunnen vanaf 18 maart voorstellen aandragen voor wat zij met hun beurs willen doen. De gemeente beoordeelt de voorstellen en wijst de beurzen toe. Per schooljaar kunnen tussen de 800 en 850 docenten zich op kosten van de gemeente laten bijscholen of op een andere manier ontwikkelen. Zo kunnen docenten een cursus volgen, stage lopen of een onderzoeksproject starten. Scholen kunnen het geld besteden aan bijvoorbeeld het verbeteren van taalonderwijs of het gebruik van ict-middelen in de klas.

De Lerarenagenda is een breuk met de aanpak van voorgaande colleges. Om het aantal zwakke en zeer zwakke scholen te verkleinen, introduceerde toenmalig wethouder Lodewijk Asscher de Kwaliteitsaanpak Basisscholen Amsterdam (KBA). Later werd deze methode ook gebruikt voor het voortgezet onderwijs. Met een intensief programma, waarbij aan allerlei strenge normen moest worden voldaan, werd de kwaliteit opgekrikt.

Het beleid wierp zijn vruchten af: het aantal zwakke en zeer zwakke scholen slonk van 44 naar 4. Maar er werd ook geklaagd, omdat leraren het gevoel hadden dat hun te veel verteld werd wat ze moesten doen.

Verantwoordingscultuur
Het nieuwe stadsbestuur maakte een einde aan het KBA. 'Niet uit revanchisme, maar omdat we een andere visie op onderwijs hebben,' zegt Kukenheim. 'Dit college wil in plaats van een afrekencultuur een verantwoordingscultuur. Leerkrachten geven bij ons aan waaraan ze behoefte hebben en hoe ze het onderwijs willen verbeteren en pas achteraf leggen ze daar verantwoording over af.'

'Ik wil af van 'one size fits all'. Als je scholen zelf laat bepalen hoe zij hun onderwijs willen verbeteren krijg je maatwerk. Die diversiteit is juist de kracht van Amsterdam. Te lang werd gedacht en gehoopt dat kwaliteit van onderwijs viel af te meten aan Cito-scores, of aan die rekentoets die het kabinet nu doordrukt. Daarmee doe je scholen, leerkrachten maar ook kinderen tekort.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden