Amsterdamse kinderen interviewen oorlogsslachtoffers

Je hoeft als Amsterdammer niet ver van huis te gaan om verhalen over de oorlog te vinden. Soms blijkt het 'grote oorlogsverhaal' in je eigen straat te zitten, leerde publiciste en projectleider Minka Bos aan 88 scholieren uit de Pijp. Die zochten 33 oudere buurtgenoten op en noteerde hun verslag op.

Joop Borghmans in gesprek met Koen (Eerste Jan van der Heijdenstraat / Rembrandtschool)Beeld Katrien Mulder

De diverse persoonlijke verhalen zijn door Bos gebundeld in het boek 'Oorlog in mijn buurt', dat vanmiddag met ouderen en kinderen werd gepresenteerd in het Stadsarchief in Amsterdam.

De kinderen waren vooral geïnteresseerd in het leven van alle dag. Hoe ziet dat er uit als je niet meer veilig een kopje suiker kunt lenen bij de buren? En hoe ervaar je dat als je zelf nog maar een kind van vier of acht jaar bent? De buurtbewoners vertelden het.

Zoé Dassaud, Miriam Idris, en Angie Wijkhuizen, alledrie 12 jaar, interviewden onder anderen Mirjam Ohringer (89), die vijftien jaar was toen de oorlog begon. Haar hele familie, joods, zat in het verzet, en dook onder in de woning aan de Amsteldijk 18, bij de Jan Steenstraat. Ze vertelde hoe 'jodenjagers' de verzetsfamilie waar ze ondergedoken zat overvielen met een bezoek en daar vijf joden aantroffen en die meenamen. De opbrengst was 7,50 gulden per jood.

Veilig onderduiken
Ook BN-ers die de oorlog als kind hebben meegemaakt, onder wie Hans Willigenburg (1942), die destijds in de Van Woustraat woonde, deden mee aan het project. Van Willigenburg was nog baby in de oorlog, maar hij had een joodse moeder en een christelijke vader. Zijn moeder werd gered door twee Duitse buurvrouwen.

In het Stadsarchief lezen scholieren uit hun interviews voor, onder wie Stella Steketee (10), die Nel Buter-Kroonenberg interviewde over haar tijd in de AJC (jeugdclub van de SDAP) tijdens de oorlog. Buter gaf in de oorlog haar identiteitsbewijs aan haar Joodse vriendin Ilse de Haas-Vyth, zodat De Haas veilig kon gaan onderduiken.

Tijdens de presentatie vanmiddag was De Haas er ook bij. Inmiddels 94 jaar oud. De Haas komt uit een Duits-Joods gezin van wie alleen zij en haar broer de oorlog overleefden door in Groningen en Friesland onder te duiken.

'Rotmoffen'
Fons Eickholt woont nu in het voormalige Amstelbadhuis op de hoek van de Amsteldijk en de Tweede Jan van der Heijdenstraat, maar was als vierjarige woonachtig in de bakkerij van zijn katholieke ouders, een broer en drie zussen aan de Weesperzyde, aan de overkant van de Amstel. Hij vertelde dat hij elke zondag naar de voormalige Willibrorduskerk ging (op de plek van de onlangs leeggekomenverzogingshuis Tabitha van Amsta).

Eickholt herinnert zich nog goed hoe een Engels vliegtuig werd neergeschoten en hoe zijn vader op straat zachtjes sprak als hij het had over de 'rotmoffen'. Als kind bracht hij ook koffers in de buurt rond. 'Ik dacht altijd: wat zijn die toch zwaar. Later bleek dat volwassenen die hadden volgestopt met illegale krantjes als Vrij Nederland en Het Parool.'

Onderdeel van het project was dat de scholieren ook leerden zelf in het stadsarchief te zoeken naar de geschiedenis van hun huizen. Enkele scholieren werken na deze opleiding tijdelijk als hulpgidsen bij het Stadsarchief om Amsterdammers te helpen bij hun speurtocht naar de geschiedenis in hun straat in de oorlog.

www.oorlog in mijn buurt.nl

Beeld Ton Damen
Beeld Ton Damen
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden