Amsterdamse iep is volgens Japanners geneeskrachtig

Iepenknoppen uit Amsterdam helpen kankerpatiënten sneller herstellen, geloven Japanse onderzoekers. Het is oogsttijd.

Oogsten op de Nieuwe Keizersgracht, naast de Hermitage Beeld Joris van Gennip

Het begon allemaal met een visioen dat een bemiddelde Japanse dame de vindplaats van een geneesmiddel tegen kanker verklapte. Ze moest zoeken naar een plek bij water en rood licht. Het visioen leidde rechtstreeks naar de Amsterdamse iep, immers een boom tussen gracht en peeskamer.

Eddie Blankers - inmiddels 79, maar nog altijd bekend als 'Ed, dé bomenman van de gemeente Amsterdam' - vertelt het uit de eerste hand.

Iepentakken
De Japanners kwamen namelijk bij hem terecht. Per fax. Of hij iets kon betekenen? Blankers was de beroerdste niet en deed een paar flinke iepentakken op de post. "Of ik ze nou door de hak­selaar haal of opstuur - snoeien moet ik toch."

Dat was ergens begin jaren tachtig. Het jaar daarop kwamen de Japanners zelf naar Amsterdam, en sindsdien hebben ze in die ruim dertig jaar geen jaar overgeslagen. En Blankers, inmiddels al lang gepensioneerd, ook niet.

Deze week is het weer zover. Blankers staat op de koude kade van de Nieuwe Keizersgracht naast de Hermitage. Het is oogsttijd. Een man in een hoogwerker snijdt de takken van de iep. Op veilige afstand staan drie Japanners met snoeischaren. Ze knippen de kleine takjes met de knoppen eraf en verzamelen ze in manden.

Fles sake
Zo gaat het dus al decennia. Het duurde heel wat jaren voordat Blankers te horen kreeg dat de Japanners van de iepenknoppen een medicijn tegen kanker wilden maken. "Japanners zijn al niet zo breedsprakig, en ze wilden eerst hun octrooi op orde hebben."

De mevrouw met het visioen kwam altijd mee naar Amsterdam. "Ze stond de hele dag in de kou en wees aan wat ze hebben wilde: die tak, en die. Ceremonies waren er ook. Dan gooiden ze een fles sake leeg. Ik stond er ook bij te knikken. Ze was heel spiritueel."

De dame is een paar jaar geleden overleden, maar het onderzoek gaat door. De Japanners huren Henk Werner Groenmanagement in voor het snoeiwerk en Blankers kiest het juiste moment - iets wat nauw luistert, want de Japanners willen de knoppen verwerken als ze nog nét niet open staan.

Blankers raapt een takje van de grond. "Kijk, zie je dat puntje in de knop? We zijn net op tijd, zeker als het warmer wordt. Na het weekend ben je te laat."

Iepenziekte
Vroeger hielp Blankers ook met het verwerken van de knoppen. Ja, dat deed hij op eigen initiatief. Voor de goede zaak. Zo wordt in Amsterdam ook snoeiafval van de taxushagen ingezameld, omdat die een grondstof bevatten voor een kankermedicijn. Dus waarom dan geen Japanners helpen aan iepentakken.

Maar terug naar het procedé: met het instrument waar de bloemist de doornen van de rozen ritst, trekken de Japanners de knoppen van de takjes. "Mijn idee, dat werkt prachtig." Het voorstel van Blankers om de knoppen vervolgens in de magnetron te drogen werd door de Japanners minder gewaardeerd.

"Ze willen het zo natuurlijk mogelijk doen. Het moet rustig drogen, Dus gaan de knoppen in katoenen doeken, waar ze in een atelier in West een paar dagen blijven hangen." Eenmaal droog gaan ze in een keukenmachine, ook een vondst van de bomenman. En daarna wordt het poeder tussen vellen papier gedaan en opnieuw gedroogd. "Altijd zorgen dat er geen schimmel in komt."

Iepenknoppengruis
Vorig jaar werd zo zestien kilo iepenknoppengruis vacuüm verpakt naar Tokio gestuurd, waar het met andere natuurlijke ingrediënten als hars tot supplement wordt verwerkt. Het is bedoeld voor patiënten die chemotherapie krijgen, zegt Shinji Kasema (54), een glasblazer die in Amsterdam woont en ook bemiddelaar en tolk is voor voedingsfabrikant Kibun Foods, het bedrijf dat de iepenknoppenpil ontwikkelt.

Hij staat in een knalgele regenjas mee te knippen op de kade. Achter hem staan twee Japanse onderzoekers in rap tempo takjes weg te werken.

Wat het supplement doet? "Het vermindert de bijwerkingen van de chemo en het versterkt het immuunsysteem, waardoor een patiënt sneller herstelt." Het middel is na dertig jaar nog steeds in de onderzoeksfase en wordt alleen nog op proefdieren getest.

Waar ze in Tokio niet op hadden gerekend is de iepenziekte. De ulmus Hollandica vegeta, waar al het onderzoek jaren op is gericht, wordt bedreigd. "Daarom kijken we nu ook naar de werking van de resistente iepensoort new horizon."

Of Japan zelf geen iepen heeft? "Ja, maar die zijn anders. Die doen niet wat de Amsterdamse iepen doen."

'Zeer sceptisch'

Een wetenschappelijk artikel van de Japanse onderzoekers die het middel ontwikkelen is op ons verzoek doorgenomen door medisch oncoloog en geneesmiddelendeskundige van het Antoni van Leeuwenhoek, Jan Schellens.

Op zijn afdeling is ook onderzoek gedaan naar mogelijke interacties tussen kruiden en reguliere antikankermiddelen. Hij kan er kort over zijn: "Deze stof die uit iepen kan worden gewonnen heeft geen serieuze antikankeractiviteit. Tumorexperimenten worden uitgevoerd met megadoseringen en zelfs dan ziet men geen werking tegen kanker. Er wordt voor de claim dat het tegen kanker werkt vooral naar Japanse artikelen verwezen die niet te controleren zijn. Ik ben zeer sceptisch."

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden