Amsterdamse haven krijgt brandweerbasis

De haven krijgt een eigen uitvalsbasis voor de brandweer. Het havenbedrijf werkt daaraan met de brandweer en de grote benzineopslagbedrijven.

Nu moeten brandweerwagens vanuit de kazernes bij de Haarlemmerweg of de Ookmeerweg komen. Beeld Mats van Soolingen

Dit voorjaar hebben ze in een intentieverklaring meer samenwerking afgesproken. Als het aan het havenbedrijf ligt, leidt dat al eind volgend jaar of begin 2019 zelfs tot een brandweerkazerne in het gebied.

Nu moeten brandweerwagens vanuit de kazernes bij de Haarlemmerweg of de Ookmeerweg komen. "De aanrijtijden blijven wettelijk allemaal binnen de grenzen, maar het is handiger als ze vanuit het havengebied komen," zegt Patricia Haks van het havenbedrijf. Een ander voordeel is wat haar betreft dat het gaat om specialistische, industrieel geschoolde brandweerlieden.

De haven en de brandweer trekken daarbij ook samen op met Amas, een organisatie van de tankopslagbedrijven die Amsterdam de grootste benzinehaven van de wereld maken. Al sinds 2007 hebben zij hun eigen brandweermaterieel, dat helemaal toegesneden is op het bestrijden van reusachtige branden in de petrochemische industrie.

Daarmee is dat materieel niet automatisch geschikt om andere branden in de haven te blussen, zoals laatst de meer dan een dag durende brand in een loods van afvalverwerker Icova of eind april de grote brand bij een bedrijfsverzamelgebouw in de haven. Wel denken Amas en de brandweer dat een 'efficiencyslag' mogelijk is doordat bedrijven in de haven die hier nu hun eigen bedrijfsbrandweer op nahouden hun krachten bundelen.

"Bij de olieopslag moeten we dit soort investeringen toch doen, terwijl uit de cijfers blijkt dat branden vooral voorkomen bij de bedrijven die minder risico meebrengen," legt Amas-voorzitter Peter Boers uit. "Door voorzieningen te delen, halen we meer uit de investeringen die we toch al doen, als bedrijven en als maatschappij."

Langzaam maar zeker kan de samenwerking uitgroeien tot een breed trainings- en kenniscentrum voor veiligheid in de haven. "Met Icova hadden we bijvoorbeeld al een gesprek gehad. Daar was veel animo om mee te doen," zegt gebiedsmanager van de Brandweer Amsterdam-Amstelland Mark van Barreveld.

Het blussen van de brand bij Icova viel niet mee, doordat de brandweer in de afvalloods niet goed bij het vuur kon komen. Beeld Jean-Pierre Jans

'Gevolgen beperkt'
De haven is het ook te doen om het verbeteren van het vestigingsklimaat. Verder anticipeert het havenbedrijf op de toekomst. Dan verwacht het een ander soort bedrijven - minder grote opslagplaatsen van fossiele brandstoffen, meer loodsen gericht op de circulaire economie, die van afval weer grondstoffen maakt. Zoals Icova dus. Met op zichzelf minder gevaar, maar de waarschijnlijkheid van brand neemt toe omdat er meer menselijke handelingen aan te pas komen.

Behalve in benzine speelt de Amsterdamse haven ook een vooraanstaande positie in de overslag van steenkool en cacao. Broei of brand in loodsen gelden als mogelijke bron van langdurige overlast. Maar op de keper beschouwd komt brand in het havengebied maar weinig voor, zegt Van Barreveld. "Begrijpelijk dat de haven meteen in the picture staat na twee grote branden kort achter elkaar, maar tot nu toe zijn de gevolgen beperkt gebleven tot wat milieuoverlast."

Lees ook: Welke gevaren zijn er voor de grootste benzinehaven ter wereld?

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden