Amsterdams Lijflied 3 - Amsterdamse plekken

We gaan het Amsterdams lijflied kiezen. In tien ronden, met elk tien nummers. Twee winnaars per ronde, resulterend in een finale in oktober en een prachtavond in Carré. In de derde ronde van Amsterdams lijflied: Amsterdamse plekken.

1.Tussen Dam en Rembrandtplein

Een jarentwintigliedje van Dirk Witte (1885-1932) die ons één van de mooiste nummers van het hele Nederlandse repertoire bezorgde: Mens durf te leven. Maar ja, dat gaat niet over Amsterdam.

Tussen Dam en Rembrandtplein gaat volgens een aantal theoretici trouwens ook niet uitsluitend over deze stad. Volgens hen is het lied een metafoor en schreef Witte over zijn twee tegengestelde werelden, die van de Zaandamse Dam waar zijn houthandel stond en het Rembrandtplein waar hij zijn hart - uitgaan, kleinkunst -volgde. En de liefde waar hij zo naar snakte, zou er ook een rol in spelen.

Nou geldt dát eerlijk gezegd voor wel meer mensen. Drie jaar geleden was een prachtprogramma in Bellevue te zien over het wat tragische leven van Dirk Witte, met onder anderen Jetta Starreveld, Harry Slinger en Ralf Grevelink. Het kreeg de naam van dit lied.
Laten we de zaken letterlijk nemen. Ook volgens Witte ligt tussen Dam en Rembrandtplein de Munt, met een tramhalte, en daar ontmoette hij een meisje, terwijl het carillon lieflijke klanken liet horen. Maar ja: 'Ik raakte mijn betrekking kwijt. En ik had geen rode duit. / En komt de honger het venster in, dan vliegt de liefde eruit.' Hoe het afloopt, is te horen op de site.

2.Zo'n zomeravond op het Leidseplein

In 1937 ging Toon Hermans naar Amsterdam, het was de stad, schrijft biograaf Jacques Klöters, waar de Limburgse Teun Toon werd. De opname van Zo'n zomeravond dateert van juni 1947, waarschijnlijk heeft hij het geschreven in de winter van '45/'46, kort na de bevrijding. We horen de invloed van Jacques van Tol, voor en in de oorlog een hoogst productieve schrijver, geraffineerd rijm op een simpel schema: 'Op 'n zomeravond in augustus / Zat ik met m'n ome Justus / Op ''n terrasje, heel gerust dus / Waar een knul een blonde zus kust.'

Aardig tijdsbeeld: een dame drinkt koffie met een zoetje. Dat was niet vanwege de calorieën: suiker bleef heel lang schaars, er werden andere zoetstoffen geproduceerd. En die koffie zal geen echte koffie zijn geweest, maar surrogaat - echte koffie was zo moeilijk te verkrijgen dat het tot 1952 'op de bon' bleef: je kon er maar een beperkte hoeveelheid van kopen.

Ook: 'Had ik nog Virginia / dan was ze blijven plakken. / Maar 'k had alleen nog maar / Rhodesiaatjes in mijn zakken." Rhodesia was een inferieur sigarettenmerk, Nederlandse tabak. Je kon met een Britse Players of een Amerikaanse Arvels voor de dag komen, maar met een Rhodesia ... Het merk verdween al snel van de markt. Dus toen Toon het nummer in 1947 op de plaat zette, gebruikte hij een andere term: eigenteeltjes. Naar buitenlandse sigaretten was het nog steeds zoeken, menigeen verbouwde zelf tabak.

3. In de gangen van het Concertgebouw

Het lied maakt de snobistische Concertgebouwbezoekers belachelijk. Muziek: Max Tak, ten tijde van de compositie eerste violist van het Concertgebouworkest. De tekst staat op naam van de grote cabaretier Jean Louis Pisuisse (1880-1927, met zijn vrouw Jenny Gilliams vermoord op het Rembrandtplein), maar daar is een kanttekening bij te maken.

Max Tak schrijft in zijn memoires Onder de bomen van het plein dat hij vier nummers voorspeelde aan Pisuisse, 'Van Fancy fair en de Concertgebouwparodie wijzigde hij de teksten waardoor ze natuurlijk beter werden.'

Kortom, wat nu precies van Tak is en wat van Pissuisse, weten we niet. In 1914 zong Pisuisse het lied voor het eerst, en warempel, in het Concertgebouw. Het werd 'vriendelijk ontvangen', schrijft Tak.
'Want daar zie je zo veel interessante mensen: /mondain, geleerd, professoriaal/ Mensen met fameuze koppen, / muzikaal, kolossaal, fenomenaal.' Willy Alberti nam het lied een halve eeuw later op.

4. Zondagmiddag Buitenveldert

Evergreen van Frans Halsema uit 1970. Muziek van Harry Bannink, en van wie is de tekst? Daarover Halsema's laatste partner, Ria Groeneveld: "Dan had Frans een begin, 'Het weer is bijna opgehelderd, 't is zondagmiddag Buitenveldert', en dat belde hij meteen door aan Michel van der Plas. Die riep: Ik kom. En samen maakten ze dat lied af."

Zonder iets af te doen aan het dichterschap van Halsema, de inbreng van Michel van der Plas zal niet gering zijn geweest. 'Wordt er tegenwoordig eigenlijk nog wel eens een cabarettekst geschreven die het niveau van grootheden als Annie Schmidt, Jacques van Tol en Michel van der Plas zelfs maar benadert?' vroeg Ruud Meijer zich jaren geleden af in het Algemeen Dagblad. Nu valt dat wel mee, maar vast staat: Van der Plas (pseudoniem van Ben Berkel, 1927) wordt onderschat. Hij heeft biografieën op zijn naam staan van Godfried Bomans, Guido Gezelle, Joseph Alberdingk Thijm en Anton van Duinkerken. Hij maakte teksten voor Wim Sonneveld (Frater Venantius) en Wim Kan. Erkenning genoeg: eredoctoraat gekregen van de Nijmeegse universiteit, de Jan Campertprijs gewonnen.

En waarom staat hij dan niet op het lijstje van de heel groten? Vermoedelijk omdat hij niet zo goed valt - of viel - bij de spraakmakende gemeente. Hij was van 1949 tot 1992 redacteur van het nogal rechtse Elsevier en o, o, wat is hij katholiek. Ook nog eens benoemd tot Commandeur in de pauselijke orde van de Heilige Gregorius de Grote. Maar daar gaan we toch niet over zeuren?

De tijdgeest in Zondagmiddag Buitenveldert: de mensen achter de ramen wachten op het begin van Monitor. Monitor was het eerste televisieprogramma dat op zondagmiddag werd uitgezonden. De gierende DC9 (die later Boeing 717 werd gedoopt) wordt sinds 2006 niet meer gebouwd.

5.Van Eeghenstraat
Tim Moore zong Second Avenue in 1974. Peter de Vos maakte er een zeer adequate Nederlandse versie van.
In 1977 zette de beste chansonnier van Nederland het op de plaat: Frans Halsema (1939-1984). Dreigt bijna vergeten te raken. Toch had hij alles in zich om legendarisch te worden. Melancholiek en jong gestorven. Op school wilde hij niet deugen. Hij speelde piano en accordeon zonder een noot te kunnen lezen. Een uitbundig relationeel leven. En vooral: een prachtige warme stem en ijzersterke nummers, geestig of tragisch.

6.Bijlmermeer
Voor het eerst te horen in 't Schaep met de 5 pooten, uitgezonden in het seizoen 1969/1970. Toen: Adèle Bloemendaal, Piet Römer en Leen Jongewaard. Tekst, van de hele serie, en dus ook van de liedjes: Eli Asser. Muziek: Harry Bannink.

De eerste woningen in de nieuwe wijk waren toen al betrokken trouwens. De serie won een Televizierring en had een kijkdichtheid van soms zeventig procent. Toch zijn er maar acht afleveringen van gemaakt.

De opvolger, Citroentje met suiker, viel tegen. In de remake van 't Schaep in 2006 komt het lied terug met Loes Luca, Pierre Bokma en Marc-Marie Huijbregts. Asser (1922) toonde zich in Het Dagblad van het Noorden erg tevreden over die nieuwe versie: 't Schaep is 't Schaep gebleven.' Het warme hart klopt erin, 'het verhaal is verankerd in de Amsterdamse stadsziel.'
7.Ik verveel me zo

7.Ik verveel me zo
Eerste hit, uit 1979, van Drukwerk. Band onder leiding van opstandeling Harry Slinger (1949), toen nog amateur want jongerenwerker in Amsterdam-Noord. Dus als er iemand uit ervaring sprak was hij het wel.

'Weinig kroegen, geen bioscopen/ Alleen een telefooncel, die zullen wij slopen.' Het is een cover van A hard rain's a-gonna fall van Bob Dylan.

Slinger: "Voor jongeren was daar geen uitzicht. Toen zijn er een paar studenten van de VU gekomen, die hebben onderzoek gedaan en daar een rapport over geschreven. Dat heette Moet ik soms m'n bek houden?, en dat ging over de hele sociale toestand in Amsterdam-Noord. Van daaruit is de actiegroep JAN (Jongeren Amsterdam-Noord) ontstaan. Drukwerk was toen net begonnen en ik heb achter mijn bureau in Buurthuis de Banne Ik verveel me zo in Amsterdam-Noord geschreven, mijn eerste tekst."

8.Thorbeckeplein
Een getrouwde, moedeloze man zoekt troost bij een vriend die hij heeft ontmoet op het Thorbeckeplein. Tekst, muziek en uitvoering: Robert Long, (pseudoniem van Bob Leverman, 1943-2006) van de LP Levenslang (1977) waarmee hij een Edison won. Goed, over de stad zegt het lied niet zo veel, maar toch, plek en thema, laten we het ons maar toeëigenen.

9. Vondelpark vannacht
Door Acda en De Munnik op de plaat gezet in 1997. Tekst Thomas Acda, muziek: David Middelhof. Ze traden nogal eens op in het Vondelpark en dan was dit nummer natuurlijk een niet te missen opening.

Intrigerende zinnen: 'Een meisje zit alleen op het terras / en een jongen wil haar mee, / Hij schrijft / steeds op zijn krant een nieuwe zin, / En dan schudt zij weer van nee. / Dan hoort-ie verderop / de man die steeds hetzelfde vraagt/ Hij schrijft: 'Hoe ruikt het Vondelpark vannacht.' En heeft haar harnas weggevaagd.'

10.Molenbeekstraat

Het was, in 2006 een heel project van Ernst Jansz (1948), bekend geworden als lid/oprichter van Doe Maar. Een cd, een boek en een tournee, allemaal genoemd naar die straat in de Rivierenbuurt waar hij zijn eerste 21 jaar woonde.

Toen zijn moeder naar een tehuis moest bleek ze heel veel te hebben bewaard: 'Brieven, foto's, kasten vol. Uiteindelijk heb ik in dat lege huis één stoel neergezet met een kist vol spulletjes die ik wilde meenemen. Alles wat het huis mij nog influisterde aan verhalen en herinneringen heb ik opgeschreven. Het voelde als afscheid nemen van mijn jeugd.'

Uit het titellied: 'Met mijn voetjes op de glijders / van de stofzuiger als paard, / trekt zij mij, een stoere rijder / rond de tafel langs de haard.'

De tweede ronde, De Jordaan had een duidelijke winnaar: Geef mij maar Amsterdam met 25 procent. Tweede werd Aan de voet van die oude Wester met zeventien procent. Beide gaan naar de finale. Bij ons in de Jordaan haalde vijftien procent, De begrafenis van Manke Nelis tien procent, de andere nummers zeven of minder.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden