Amsterdams eerste woontoren ooit krijgt een opknapbeurt

Het was de eerste 'woontoren' van Amsterdam. Na 85 jaar krijgt de Wolkenkrabber nu een grote beurt: een renovatie waarvan de kosten in de miljoenen lopen.

De Wolkenkrabber, zoals het gebouw in de volksmond heet, aan het Victorieplein.Beeld Maarten Steenvoort

Eenzaam torende het gebouw boven het toenmalige Daniël Willinkplein uit, maar liefst 46 meter hoog. Angstig keken de Amsterdammers het aan. De 896 heipalen en het gewapende beton waren niet genoeg om hen te overtuigen dat het veilig was. Wat als het omvalt?

De stad raakte gewend aan de hoogte. Na enige tijd durfden de meeste stedelingen zelfs de lift te nemen om in vijftig seconden naar de bovenste etage te gaan. De naam, het Twaalfverdiepingenhuis, vervingen de Amsterdammers al snel door een eigen naam: de Wolkenkrabber. Met gebouwen die boven de 800 meter uitstijgen, klinkt die bijnaam vandaag de dag bijna ironisch. Maar toen de Wolkenkrabber werd gebouwd, tussen 1930 en 1932, was het project in Nederland revolutionair.

Verroest en vuil
Na 85 jaar is de tand des tijds duidelijk te zien aan het Victorieplein. De metalen kozijnen zijn verroest. Het glazen trappenhuis is dof en vuil. Maar er is hoop. Na jaren discussie begint komende week eindelijk de restauratie van het Twaalfverdiepingenhuis.

Eerst wordt het trappenhuis uit elkaar gehaald; een smid gaat de metalen onderdelen herstellen. De trapconstructie is niet sterk genoeg voor echt glas, dus komen er gewoon weer kunststof ramen in. Ook willen de eigenaren, een groep bewoners en investeerders, alle deuren, ramen en kozijnen vervangen. In totaal gaat dat twee miljoen euro kosten. Omdat de Wolkenkrabber een nationaal monument is, is de rekening gelukkig belastingvrij.

De Wolkenkrabber heeft aan de buitenkant een sobere, zakelijke uitstraling, maar binnen is duidelijk dat het pand tijd een welgestelde indruk moest geven. In de entreehal van marmer heet een bronzen plaquette met bouwmeester Jur Reijn bewoners en bezoekers welkom . Opvallend dat die eer niet aan architect Jan Frederik Staal is gegund.

Een woontoren noemden ze het, niet zomaar een flat. Met 24 ruime appartementen, bedoeld voor de gegoede middenstand: 130 vierkante meter, meerdere kamers en een balkon. En dat voor 1600 gulden per jaar. Luxe woningen: centrale verwarming, een elektrische bel, een badkuip en een vuilstortkoker. Voor degenen die het geld en geen last van hoogtevrees hadden, was het een mooie kans.

Waar Amsterdammers in het begin misschien wat angstig waren voor de hoogte, werd het uitzicht later een van de belangrijkste troeven. Zoals Willem Frederik Hermans schreef in zijn oorlogsroman De Tranen der Acacia's: 'Het gebouw leek zonderling hoog. Het had, met z'n ijzeren balkonnetjes, met alle kachelpijpen die eruit staken, aan de muren en aan elkaar bevestigd in een verwarring van ijzerdraden, ook iets weg van een enorm vergroot onderdeel uit een radiotoestel; of een isolator van een fantastische Amerikaanse hoogspanningsinstallatie.' Dat laatste is een referentie aan bewoner en verzetsstrijder Gerbert Sonderman, die het gebouw gebruikte als zendmast om contact te houden met de Nederlandse regering in Londen.

Plan Zuid
In oostelijke richting trekt het zicht over het beeld van Hendrik Berlage naar de Berlage-brug. De architect was verantwoordelijk voor het Plan Zuid, de uitbreiding van de stad aan het begin van de twintigste eeuw. Hoewel hij de tekeningen maakte voor de Rivierenbuurt, zou Berlage uiteindelijk alleen de brug met zijn naam mogen ontwerpen.

Aan de andere kant is het beeld van Anne Frank te zien. Het staat er als herinnering aan haar familie, die zich net als veel andere Duits-Joodse vluchtelingen na de Kristallnacht in de Rivierenbuurt vestigde. Vanuit haar huis aan het Merwedeplein had Anne uitzicht op de hoge toren.

328 gulden per maand

Actrice Anita Menist (89) groeide op in de Rivierenbuurt en weet nog hoe ze met haar vader ging kijken toen werd begonnen met de bouw van de Wolkenkrabber. In 1967 zag ze kans om op de achtste verdieping een appartement te huren. Voor 328 gulden kon ze er met haar man en kinderen in. Haar appartement verkeert voor het grootste deel nog in de oorspronkelijk staat, maar het is voor Menist ook wel tijd voor een renovatie.

'Sedert eenige maanden is ten raadhuize gedeponeerd een reusachtig plan,' schreef de NRC vlak voor de bouw van de Wolkenkrabber. Nu, 85 jaar later, is het tijd om dit betonnen stuk geschiedenis in ere te herstellen.

Bewoner Anita Menist herinnert zich de bouwBeeld Jean-Pierre Jans
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden