PlusPS

Amsterdammers en hun reigers: 'Hij is mijn ware Jacob'

Wie door de stad fietst, ziet vroeg of laat wel een reiger voor een voordeur staan, wachtend op een makkelijk maaltje. Amsterdammers over hun band met deze statige, brutale vogels.

Marga Kunst met reiger 'Rolfje'Beeld Marijke Volkers

De Amsterdamse media berichtten vrij recentelijk over een reiger die al weken op de stoep stond van het adres waar hij altijd gebraden kipfilet kreeg. Helaas werd er niet meer opengedaan: zijn weldoener was overleden.

Het nieuws verspreidde zich als een lopend vuurtje, want het was zo'n sneu beeld: een dier dat trouw wacht op iemand die er niet meer is.

Maar een reiger mag dan slim zijn - hij kan een bekend gezicht tussen een mensenmassa herkennen - hij is toch voornamelijk loyaal doordat hij bij die ene voordeur hapjes krijgt waarvoor hij niet eindeloos in een sloot hoeft te turen.

Het gaat goed met de stadse reiger, volgens stadsecoloog Geert Timmermans: "Er is genoeg te halen in en rond ­Amsterdam. Blauwe reigers eten alles wat zij in ondiep ­water vinden, plus afval dat achterblijft op de markten."

In de regio leven er naar schatting meer dan vijfduizend, waaronder ruim achthonderd broedparen. Hebben ze niet te veel concurrentie? "Nee hoor," zegt Timmermans. "Het voedselaanbod is bepalend voor het aantal reigers. In de stad is de populatie al decennia vrij stabiel."

Buren
Hoewel reigers prima hun eigen kostje bijeen kunnen scharrelen, zijn er genoeg mensen die zich geroepen voelen ze te voeren - soms tot ergernis van de buren. "Ik vind het niet zo fris als ik voor mijn neus een dood kuiken door de lucht zie vliegen," zegt iemand als we ergens aan het fotograferen zijn.

Onenigheid met de buren is de reden dat sommige reigervrienden zich liever niet laten interviewen.

Een ­mevrouw die 'haar' reiger stukjes kaas voert, probeert te minderen omdat de buurman klaagt over poep op zijn ­auto. "Maar als ie dan weer staat te wachten, vind ik het zo sneu dat ik hem toch maar wat geef."

Of het goed is voor een reiger om te worden bijgevoerd, kun je je afvragen, maar de stadsecoloog ziet er in elk geval geen gevaar in: "Kaas voeren is niet gezond, maar af en toe kan geen kwaad. Een drumstick op z'n tijd ook niet en in eendagskuikens zit alles wat een reiger nodig heeft."

Voerverbod
Heel lief allemaal, maar mag dat zomaar: reigers voeren? Sommige reigerbaasjes zijn bezorgd over het voerverbod tegen dierenoverlast dat onlangs werd aangekondigd.

Manon Koffijberg, woordvoerder van wethouder Laurens Ivens (onder meer Dierenwelzijn) stelt hen ­gerust: "Er komt dit najaar een nieuw handhavingsartikel, maar dat wordt geen algemeen voerverbod. Stadsdelen krijgen de mogelijkheid om probleemgebieden aan te wijzen. Het gaat dan echt om bovenmatig voeren, waarbij eten blijft liggen en waar ongedierte op afkomt."

Zolang iemand geen bergen voedsel achterlaat, is er dus niks aan de hand. Hebben de reigerliefhebbers elke dag een gezellig bezoekje, de geadopteerde vogels een lekker hapje en toeristen een mooie foto.

Marga Kunst met vaste ochtend-bezoeker Rolfje. 's Middags komt reiger Franca. 'Er gaat per dag bijna een kilo kuikens doorheen'Beeld Marijke Volkers

9:30 uur

Marga Kunst (68), gepensioneerd, Czaar Peterbuurt

Het begon halverwege de jaren negentig, toen Marga Kunst en haar man Siebe katten hadden die dol waren op diepvrieskuikens. "Ik voerde ze in de tuin en gooide dan weleens een kuiken op het dak van de schuur voor de eksters. En toen kwam er ineens een reiger aanvliegen met anderhalf pootje. Dat was Franca, die komt hier nu dus al twintig jaar."

Waarom ze de reiger Franca heeft genoemd, weet ze niet, 'ze zag er gewoon uit als een Franca'. Maar het zou ook net zo goed een mannetje kunnen zijn. Franca komt 's middags, Rolfje - die zo'n vijf jaar geleden kwam aanwaaien - komt 's morgens.

Kunst is een echte dierenvriend, dat heeft ze van thuis meegekregen. Haar computer gebruikt ze niet om te Facebooken of e-mailen ('Heb ik allemaal niet'), maar om het wel en wee van broedende vogels in de gaten te houden op sites als nestkastlive.nl. Haar man is nog ­altijd druk in zijn fietsenwinkel, hoewel hij ook al 68 is.

"Er gaat per dag bijna een kilo kuikens doorheen," ­bekent Kunst. "En Siebe maar banden plakken om het allemaal te kunnen betalen. "'Duur, duur, duur,' klaagt hij weleens, maar algauw helpt hij me een handje met voeren. Hij vindt het net zo leuk als ik."

Lavinus Pieterse (l) en Michael Berck Beelenkamp voeren reiger Hoofdpiet. 'Als we niet op tijd opendoen, tikt hij met z'n snavel tegen het raam'Beeld Marijke Volkers

12:00 uur

Lavinus Pieterse (80), voormalig stratenmaker, en Michael Berck Beelenkamp (55), verpleegkundige, Jordaan

Pieterse staat op een doorsnee dag achter het open raam kippenstrotjes door te knippen met een heggenschaar, terwijl reiger Piet vanaf de stoep verlekkerd toekijkt. "Dat is de leider, die heeft maar één pluimpie. Er komen hier nog een stuk of zeven andere reigers, maar die moeten wachten op hun beurt."

Piet blijkt niet zo ruimhartig te zijn. Ook als hij geen strotje meer door zijn strot krijgt, jaagt hij hongerige soortgenoten de straat uit. Die overigens ook allemaal Piet heten. Hoofdpiet is in het geheel niet schuw voor voorbijgangers en behoorlijk brutaal.

"Als we niet op tijd opendoen, tikt hij met z'n snavel tegen het raam," zegt Pieterse, die de reigers al lang voert. De laatste jaren wordt hij geholpen door buurman Michael Berck Beelenkamp: "Piet komt ook weleens binnen, dat vinden we het veiligste. ­Anders gaat hij op straat staan en wordt hij misschien aan­gereden. Dat wil ik niet op mijn geweten hebben."

En wat vindt de buurt van al dat gefladder in de straat? "Die heeft er niet zo veel last van. De vogels kakken meestal op de grond en als het op de auto's terechtkomt, maak ik het schoon. Toeristen vinden het prachtig. 'The birds, the birds!' roepen ze dan. Piet is de meest gefotografeerde reiger van Amsterdam."

Johanna van der Kroft met Jacob. 'In de winter komt hij zodra ik het licht aandoe ¿ al is het vijf uur 's nachts'Beeld Marijke Volkers

16:00 uur

Johanna van der Kroft (65), vrijwilliger bij het Leger des Heils, De Banne

Jacob de reiger staat meestal om vier uur voor de deur, maar nou net vandaag niet. We mogen binnenkomen voor een kopje koffie. Door de vitrages zien we een meisje de voortuin afspeuren. "Ja, iedereen kent me als die vrouw met de reiger in de tuin," zegt Van der Kroft.

"Het zijn slimme beestjes, ik vind ze geweldig. En het is gezellig. In de winter komt Jacob zodra ik het licht aandoe - al is het vijf uur 's nachts. Hij staat dan voor het keukenraam en wanneer ik de koelkast opendoe, gaat ie voor de voordeur staan. Het zal wel niet elke keer dezelfde reiger zijn, maar ik noem hem altijd Jacob. Hij is mijn ware Jacob, alleen gaat ie weer weg en heb ik verder geen last van hem!"

Als Jacob na een uur nog steeds niet is komen ­opdagen, besluiten we het op te geven voor vandaag. Maar we zijn de hoek nog niet om of krijgen we een telefoontje: hij is gearriveerd. Van der Kroft heeft de zak met drumsticks ('van die borreldingetjes') al paraat en een van haar ware Jacobs staat te trappelen van ongeduld.

"Het is een goedkoop huisdier hoor, hij kost me maar zo'n drie euro per week. Ik zal hem alleen nooit uit mijn hand laten eten, want het zijn van die salmonellabeesten, daar heb ik geen zin in. Jacob kan iets ook echt heel erg lekker vinden, dan hangt zijn tong naar buiten als een beige leren riempje. Ik vind dat prachtig."

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden