Plus

Amsterdam vies? In het buitenland kan het nog stukken viezer

Amsterdam is de laatste jaren veel viezer geworden, maar gek genoeg zijn de Amsterdammers elk jaar weer iets tevredener over het schoonhouden van hun straat. Eerste aflevering van een serie over de strijd tegen zwerfvuil.

Zwerfvuil in Rome Beeld Gettyimages
Zwerfvuil in RomeBeeld Gettyimages

Het is wat je noemt: een dikke voldoende. Gevraagd naar een rapportcijfer voor het schoonhouden van straat en stoep geeft de Amsterdammer gemiddeld een 6,4.

Hoeveel foto's ook in de krant komen van uitpuilende vuilnisbakken en rondslingerende patatbakjes, het oordeel over de gemeentereiniging kruipt al jaren omhoog, van een 6,0 in 2003 tot een 6,4 in 2015.

En dat terwijl Amsterdammers alle reden hebben om zich te beklagen. Sinds 2013 wordt daar van straathoek tot straathoek secuur naar gekeken door het gemeentelijke onderzoeksbureau OIS en dan blijkt meteen dat de viezigheid snel oprukt.

Offensief
Het aantal plekken waar OIS 'zeer veel' vuil telde, verdubbelde in een jaar. Het aantal plekken met zeer veel fijn zwerfvuil - kleiner dan tien centimeter - vertienvoudigde zelfs tussen het voorjaar van 2013 en dat van 2015.

In het deze week gelanceerde offensief tegen zwerfvuil spreekt de gemeente van 'een gestage terugloop'. Begin 2016 was het bovendien niet beter geworden. Hooguit was de neergang tot staan gebracht. En dan toch een oplopend rapportcijfer, eentje waarmee je over gaat bovendien.

Het is een paradox die we de komende ­weken nog vaak gaan tegenkomen als we ons in een serie buigen over het zwerfvuil in de stad.

Rustige woonstraten
Het begin van een verklaring is dat het schoonmaakpeil heel plaatselijk kan verschillen. Er zijn grote verschillen tussen buurten. Zo is de properheid van de Wallen, Oud-Zuid en de buurten rond het Oosterpark sinds 2013 nog het diepst weggezakt.

Maar zelfs de buurten die het meest zuchten onder zwerfvuil kennen meetpunten die de kwalificatie 'goed in orde, amper vervuiling' hebben gekregen.

Tegenover doorgaande wegen en drukbezochte pleinen vol horeca staan, even verderop, rustige woonstraten, waar op de reinheid niet veel aan te merken is. Gemiddeld komen de Amsterdammers allemaal samen dan uit op een nette voldoende voor een allesbehalve nette stad.

Het vuil op straat irriteert en wordt zelfs vaker genoemd dan het tekort aan parkeerplekken

Middenmoot
Dat de rommel veel Amsterdammers wel degelijk hoog zit, blijkt ­- behalve uit tirades op Twitter - als ze de open vraag krijgen wat er ­beter kan in hun buurt. Dan is de viezigheid op straat bijna overal het punt dat het meest wordt genoemd. In 2013 werd het zelfs vaker genoemd dan het tekort aan parkeergelegenheid, geen stadsdeel uitgezonderd.

Nog meer cijfers: vergeleken met andere Europese hoofdsteden verkeert Amsterdam in de grijze middenmoot. De stad blijft ver achter bij Luxemburg en Wenen, waar negen op de tien ­inwoners tegenover EU-statistiekbureau Eurostat konden beamen dat hun stad schoon is.

Van de Amsterdammers deed 62 procent dat - net iets minder dan in Londen, maar weer wel een stuk meer dan in Brussel (46 procent), Berlijn (45) en Parijs (40). Hekkensluiter was Rome, waar niet meer dan negen procent bevestigend antwoordde op de vraag of de stad schoon is.

Straatbeeld in Tokio Beeld Getty Images
Straatbeeld in TokioBeeld Getty Images

Tokio

In Tokio, een van de grootste steden ter wereld, moet je goed zoeken om zwerfafval te vinden. Des te komischer is het beeld van groepen ouderen, gekleed in fluorescerende hesjes en bewapend met afvalprikkers, die op zoek gaan naar afval.

Het typeert de houding van de Japanner: het kan niet schoon en opgeruimd genoeg. Deze houding wordt al op jonge leeftijd aangeleerd. Als Japanse kinderen voor het eerst naar school gaan, is het de bedoeling dat zij hun eigen klaslokaal schoonmaken.

Deze opvoeding is terug te zien in de houding van menige Japanner in publieke ruimtes. Het dumpen van afval is een doodzonde. Het is dan ook een komisch beeld om toeristen door de miljoenenstad te zien dwalen met een plastic tasje gevuld met afval, op zoek naar een vuilnisbak. Die zijn namelijk moeilijk te vinden.

Voor de Japanners zijn afvalbakken ook niet nodig, aangezien het not done is om op straat te eten, roken of een blikje frisdrank te drinken. De keuze om geen vuilnisbakken te plaatsen, lijkt daarom vooral van praktische aard, de gedachte is dat men sowieso geen afval produceert in publieke ruimtes. Boetes zijn daarom uit den boze.

De regels voor het scheiden van huishoudelijk afval worden netjes nageleefd. Dit heeft voor een groot deel te maken met de transparante vuilniszakken die zij gebruiken voor afval. Zo is het makkelijker voor vuilnismannen (die afhankelijk van het soort afval één tot twee keer per week langskomen om afval in te zamelen) om te zien of inwoners zich aan de regels houden.

Wat er gebeurt bij verkeerd scheiden? In sommige gevallen laten de vuilnismannen de vuilniszak achter en word je in het anders zo ­beleefde Japan enige tijd door buurt­genoten met de nek aangekeken.
Bobbie van der List

Winkels: 'De gemeente laat wekelijks een onderzoekje naar de stadsreiniging doen, en afgelopen zomer kreeg die vooral in het toeristische centrum een dikke onvoldoende' Beeld Getty Images
Winkels: 'De gemeente laat wekelijks een onderzoekje naar de stadsreiniging doen, en afgelopen zomer kreeg die vooral in het toeristische centrum een dikke onvoldoende'Beeld Getty Images

Barcelona

De viezigheid, het vuilnis en het zwerfafval (voor dat laatste woord bestaat overigens geen Spaans equivalent) zijn de derde grootste zorg van de inwoners van Barcelona.

Volgens de jaarlijkse enquête van de gemeente piekeren en klagen de mensen in de eerste plaats over de werkloosheid en daarna over de veiligheid. De ergernissen over troep op straat worden gevolgd door die over het toerisme in de stad.

Niet alle klachten betreffen overigens het vuil zelf. Elk jaar ontvangt de ombuds­man ook veel klachten over het lawaai van de vuilniswagens.
In Barcelona wordt het vuil elke dag opgehaald.

Of beter gezegd: elke nacht, want de ophaaldienst begint na acht uur 's avonds, om zo min mogelijk overlast in het verkeer en bijvoorbeeld de winkelstraten te veroorzaken. Maar daardoor worden veel Barcelonezen in hun slaap gestoord, met als gevolg dus veel gemopper. Alleen de glasbakken worden overdag geleegd.

In totaal is de stad elk jaar 360 miljoen euro kwijt aan de reiniging. Voor dat geld heeft Barcelona onder andere 40.000 verschillende containers, eentje per veertig inwoners. En er staan 25.000 prullenbakken verspreid door de stad, de belangrijkste wapens tegen het zwerfafval. Maar omdat ook in Barcelona veel mensen die negeren, zijn er in totaal 4000 mannen en vrouwen nodig om de stad schoon te houden, van vuilophalers tot straatvegers.

Dat lukt niet altijd even goed. De gemeente laat wekelijks een onderzoekje naar de stadsreiniging doen, en afgelopen zomer kreeg die vooral in het toeristische centrum een dikke onvoldoende, na jaren van lichte verbetering.

Reden voor de gemeente om het bedrijf dat in die wijken verantwoordelijk is op het matje te roepen.
Edwin Winkels

Van Schaik: 'Romeinen zeggen trots te zijn op hun stad, maar behandelen haar heel erg slecht' Beeld Getty Images
Van Schaik: 'Romeinen zeggen trots te zijn op hun stad, maar behandelen haar heel erg slecht'Beeld Getty Images

Rome

Het was een van de laatste echt mooie zondagen van het jaar, een mooie aanleiding voor een bezoekje aan Porta Portese, de grootste rommelmarkt van Rome.

Op weg naar het station liep een verzorgde vrouw van middelbare leeftijd. Vlak bij een vuilcontainer zakte ze iets door haar knieën en dumpte ze een handvol rommel tegen een boom. Een passant zei er wat van. 'Fatti cazzi tua,' was het antwoord in onvervalst plat Romeins. Bemoei je met je eigen zaken.

Een bijna dagelijks tafereel. Romeinen zeggen trots te zijn op hun stad, maar behandelen haar heel erg slecht. In de - toeristische - binnenstad doet de gemeente haar uiterste best de schone schijn op te houden, maar in de buitenwijken struikel je over het zwerfvuil en is het slalommen tussen de hondendrollen.

Tel daar de haperende vuilophaaldienst bij op en je hebt een regelrechte ramp. Toen de vorige burgemeester, ­Ignazio Marino, besloot dat het welletjes was met de al jaren overvolle vuilstort ­Malagrotta, bleek de vuil­ophaaldienst op de loonlijst te staan van Manlio Cerroni, ­eigenaar van de vuilnisbelt en al decennia de onbetwiste vuilniskeizer van Rome.

De dienst startte prompt stiptheidsacties uit protest tegen de sluiting. De vuilniswagen werd een zeldzaam verschijnsel in het Romeinse straatbeeld, het vuilnis puilde uit de containers, viel ernaast en de ratten vierden feest.

Op Facebookpagina's en blogs als Roma fa schifo ('Rome is goor') klaagt men steen en been over het vuilnis, maar leggen het probleem altijd bij een ander: de vuilophaaldienst, de gemeente, zigeuners die in containers wroeten. Dat ze zelf geen rotzooi op straat moeten gooien en een drollenzakje mee moeten nemen, komt niet in ze op.
Angelo van Schaik

Er is hoop in New York: vanaf februari moeten winkeliers vijf cent rekenen voor elk plastic tasje Beeld Getty Images
Er is hoop in New York: vanaf februari moeten winkeliers vijf cent rekenen voor elk plastic tasjeBeeld Getty Images

New York

Koffiebekers. Schoenen. Fietsframes. Donutverpakkingen. En plastic tasjes, vooral veel plastic tasjes. Op de stoep, in een boom, aan een hek en als je niet oplet vastgezogen aan je schoen. New Yorkse supermarkten verpakken elk product dat het pand verlaat in zo'n flinterdun zakje - liefst twee om te voorkomen dat het eerste scheurt - en dat eindigt vaak op straat.

Vooral buiten de glamourbuurten op Manhattan is New York vergeven van het zwerfvuil.

Vooral metrostations zijn berucht. De baas van de lokale rekenkamer sprak vorig jaar van een 'dagelijkse, maag­omkerende belediging voor miljoenen forenzen'.

Dankzij etensresten zijn New Yorkse stations ook een paradijs voor ratten, die rustig tussen de rails rondscharrelen en soms hele pizzapunten met zich meeslepen - een ambitieuze soort­genoot werd vorig jaar een internetsensatie toen hij met een punt pepperoni in de klauwtjes een trap afdaalde. En ook op straat kunnen de beesten hun hart ophalen.

De rattenklaaglijn verwerkte vorig jaar een recordaantal klachten - voor een groot deel te wijten aan zwerfvuil, een schier oneindige bron van voedsel.

Het vuilophaalsysteem werkt de rotzooi in de hand. Winkeliers stapelen hun afval 's avonds in zakken op de stoep. Zo'n zak scheurt open, nodigt uit om je bananenschil er plompverloren naast te gooien en stinkt, vooral in de zinderende New Yorkse zomers.

Maar er is hoop: vanaf februari moeten winkeliers vijf cent rekenen voor elk plastic tasje, om klanten te dwingen een eigen herbruikbare tas mee te nemen.

Ondertussen wordt geëxperimenteerd met slimme, op zonne-energie werkende prullenbakken die afval samenpersen en een signaal afgeven als ze vol zijn.
Karlijn van Houwelingen

Lees ook: Afval in de stad: We maken er een bende van [+]

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden