Amsterdam verzet zich tegen bezuiniging op onderwijs

Amsterdamse scholen en de gemeente verzetten zich tegen bezuinigingen van het kabinet op hulp aan leerlingen met achterstanden, veelal in taal.

Simone Kukenheim Beeld Rink Hof
Simone KukenheimBeeld Rink Hof

Volgens wethouder Simone Kukenheim (Onderwijs) raakt de voorgenomen bezuiniging van 100 miljoen euro de meest kwetsbare kinderen. Kukenheim: "Die moeten van ver komen. Als we de achterstanden niet meer in een vroeg stadium kunnen aanpakken, is dat heel heftig."

De Tweede Kamer debatteert donderdag over de bezuiniging van staatssecretaris Sander Dekker van Onderwijs. Kukenheim heeft met haar collega's in Rotterdam, Den Haag en Utrecht een brief gestuurd aan de Tweede Kamer, waarin ze haar ongenoegen uit. Ook wethouders van 32 minder grote gemeenten ondertekenden de brief.

Pijnlijke besparing
Van de besparing komt 50 miljoen euro op het bordje van de grote steden, daarnaast gaat nog eens tien miljoen van grote naar kleine gemeenten. Hierdoor kunnen in Amsterdam circa drieduizend kinderen van 2,5 tot vier jaar dan niet meer naar een voorschool, terwijl die juist belangrijk is voor het wegwerken van taalachterstanden op jonge leeftijd.

Ook kan de gemeente dan minder investeren in het personeel op de voorschoolse opvang. "Heel pijnlijk allemaal," zegt Kukenheim. "We kunnen minder kinderen helpen."

Brandbrief
Scholen moeten eveneens bezuinigen, in totaal 50 miljoen. De Amsterdamse scholen hebben ook een brandbrief gestuurd naar de Tweede Kamer, zegt Jan Hus van BBO, de vereniging van schoolbesturen in Amsterdam. "Door deze maatregelen krijgen we nog minder handen in de klas," zegt Hus. En die extra handen zijn juist nodig om kinderen met taalachterstanden te begeleiden.

Volgens staatssecretaris Dekker hebben gemeente en scholen minder geld nodig, omdat het aantal leerlingen met laagopgeleide ouders afneemt. Het opleidingsniveau van de ouders is bepalend voor de hoeveelheid geld die scholen krijgen voor begeleiding.

Stapeling van problemen
Kukenheim vindt dat Dekker de lat wel erg laag legt: als ouders meer dan drie jaar middelbaar onderwijs hebben gevolgd, krijgen scholen geen extra geld meer voor begeleiding van hun kinderen. Ze stelt dat de achterstanden in de klas juist toenemen. Niet alleen opleiding, maar ook inkomen en afkomst van de ouders spelen een rol, net als de vraag of thuis Nederlands wordt gesproken of niet.

"Het gaat om een stapeling van problemen," zegt Kukenheim. "Armoede speelt ook een rol, zeker nu we net uit een economische crisis komen. Die heeft effect op de omgeving waarin kinderen opgroeien."

Grote steden worden geconfronteerd met een instroom van hoogopgeleide vluchtelingen uit bijvoorbeeld Syrië en middelbaar opgeleide migranten uit Oost- Europa. Op papier hebben hun kinderen geen begeleiding nodig, in de praktijk spreken die nauwelijks Nederlands als zij op school komen.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden