Fotoserie

Amsterdam onbewolkt: Centraal Station ligt op de verkeerde plek?

Ook dit jaar verschijnt in de zomer de fotoserie 'Amsterdam onbewolkt', op dinsdag en vrijdag, op Parool.nl en in de krant. 

Amsterdam onbewolkt: het Centraal Station Beeld Peter Elenbaas
Amsterdam onbewolkt: het Centraal StationBeeld Peter Elenbaas

Het 'Fransch klooster' heeft de aanleg van de Noord/Zuidlijn doorstaan. ­Wat de bouwers onder het Centraal Station tot stand hebben gebracht, blijft nog een jaar, twee jaar misschien, grotendeels verborgen. Maar bovengronds is het station nu af. Hoewel, een kleinigheidje nog, hier en daar.

In 1864 schreef Thorbecke, de voorzitter van de ministerraad, aan zijn echtgenote dat hij bij een bezoek aan de hoofdstad 'eerst het toekomstig terrein van den spoorweg, voor het gehele water- of IJ-front van Amsterdam, van het station van den hollandschen spoorweg ten westen [Station Willemspoort] tot op den zeeburgschen dijk' had verkend.

'Den Haag' had dus al beslist, terwijl in Amsterdam nog een debat woedde over de beste plek voor een hoofdstation als schakel, tussen de spoorlijn naar Den Helder en de lijn naar Utrecht. Het stadsbestuur was geporteerd voor de Leidsepoort, die daartoe twee jaar eerder was gesloopt (nu staat er het American Hotel), en de stadsingenieur J.G. van Niftrik maakte in 1866 nog hoopvol een uitbreidingsplan met een hoofdstation op de plek van het huidige Sarphatipark (klein inconveniënt: de Reguliersgracht zou moeten worden gedempt).

Toen Thorbecke met zijn besluit in de openbaarheid trad, protesteerde het stadsbestuur dan ook hevig: Amsterdam zou worden afgesloten van het IJ! Maar Thorbecke hield de poot stijf. Amsterdammers lagen volgens hem altijd dwars: 'Tegenwerken, ophouden is de leus.' De hervormer van de Grondwet zou de opening van het station, gebouwd op drie kunstmatige eilanden in het IJ, in 1889 niet meer meemaken. Hij overleed in 1872. Maar hij kreeg in 1876 toch een standbeeld - Amsterdammers zijn geen wrokkig volk.

Het idee dat het hoofdstation op de verkeerde plek terecht was gekomen, bleef echter knagen. In 1914 nam Berlage in zijn Plan Zuid een groot station op en situeerde het op de plek van het huidige Station Zuid. En ook nu nog zijn velen ervan overtuigd dat een vrij uitzicht op het IJ de stad ten goede zou zijn gekomen.

Na jaren waarin het Centraal Station een bouwplaats was waar goeddeels buiten het zicht van reiziger en passant, ondergronds of achter hekken, wonderlijke dingen gebeurden, is het nu gereed, op een enkel klusje na. Want de oostelijke tunnel naar de perrons zonder horeca of enige andere exploitabele voorziening steekt nu wel erg af bij de middentunnel en de westelijke tunnel. Om maar te zwijgen van de IJpassage en de nog te openen Amstelpassage, waar men zich eerder waant in het winkelcentrum van een provinciestad met grootsteedse aspiraties dan in een treinstation.

In het buitenland heeft men zich nogal opgewonden over de Cuyperspassage, de westelijke doorgang onder de spoorbaan, uitsluitend bestemd voor voetgangers en rijwielen zonder hulpmotor, en genoemd naar de architect van het 'Fransch klooster', zoals tijdgenoten het ­stationsgebouw betitelden. Het buitenland vergaapte zich voornamelijk aan de ­ 77-duizend-en-nog-wat handbeschilderde (!) Delfts blauwe (!) wandtegels uit Makkum (!), naar een tegel­tableau van een achttiende-eeuwse (Rotterdamse) zeeschilder. In deze tunnel niet één horecagelegenheid, zelfs niet een souvenirwinkeltje met tegeltjes.

En het is vrijwel de enige plek in het stadscentrum waar voetgangers en wielrijders niet in een permanente onderlinge guerrilla zijn verwikkeld. 'Pourvou que ça dure…' zoals de Corsicaanse Maria-Letizia Bonaparte keer op keer verzuchtte als haar zoon Napoleon weer eens een oorlogje had gewonnen: als dat maar goed blijft gaan.

Het Centraal Station. Onder de kap aan de IJzijde het busstation met de Michiel de Ruijtertunnel voor het doorgaande autoverkeer over de De Ruijterkade. ­Middenonder de bebouwing van het Oosterdok en de restbebouwing tussen het IJ en spoordijk. Beeld Peter Elenbaas
Het Centraal Station. Onder de kap aan de IJzijde het busstation met de Michiel de Ruijtertunnel voor het doorgaande autoverkeer over de De Ruijterkade. ­Middenonder de bebouwing van het Oosterdok en de restbebouwing tussen het IJ en spoordijk.Beeld Peter Elenbaas

De grote Amsterdam onbewolkt verschijnt 21 november bij Uitgeverij Bas Lubberhuizen. Lezers kunnen het boek nu al bestellen via parool.nl/shop voor €34,99 ipv €39,99.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden