Plus

Amsterdam had al vroeg een Afrikaanse gemeenschap

Amsterdam had halverwege de zeventiende eeuw al een kleine Afrikaanse gemeenschap. Historicus Mark Ponte bracht meer dan tweehonderd zwarte stedelingen in kaart.

Twee Afrikaanse mannen, destijds 'moren' genoemd, geschilderd door Rembrandt Beeld Mauritshuis
Twee Afrikaanse mannen, destijds 'moren' genoemd, geschilderd door RembrandtBeeld Mauritshuis

Een uitstekend besluit van de Amsterdamse bestuurders om in het einde van de zestiende eeuw de ondertrouw verplicht te stellen voor alle inwoners met huwelijksplannen. De maatregel moest dubbele huwelijken en ingewikkelde erfkwesties voorkomen, maar vijf eeuwen later zijn de bewaard gebleven registers vooral een belangrijke bron van informatie voor onderzoekers.

"Van alle mensen die in ondertrouw gingen, werden de naam en de geboorteplaats genoteerd," zegt historicus Mark Ponte. "Af en toe kwam er iemand voorbij die was geboren in Angola of Brazilië. 'Swart', stond er dan vaak nog tussen haakjes achter."

Wie waren deze mensen en hoe waren ze in Amsterdam verzeild geraakt? Ponte dook in de registers van gesloten huwelijken en voltrokken dopen van kinderen in dezelfde periode, en kwam geregeld dezelfde namen tegen, soms als getuige bij een huwelijk, dan weer als vader of moeder van een geboren kind.

Bedienden
In de loop van enkele jaren onderzoek kreeg hij zicht op een kleine gemeenschap van circa tweehonderd mensen in steeds wisselende formaties. Een verrassende ontdekking, want tot nog toe werd aangenomen dat Amsterdam in de zeventiende eeuw wel een enkele zwarte inwoner telde, maar dat dit voornamelijk losse individuen waren.

De groep kwam voort uit zwarte zeelieden en soldaten die naar Amsterdam kwamen in dienst van de West-Indische Compagnie of de Vereenigde Oostindische Compagnie. Regelmatig kwam het tot een huwelijk in de stad, op het einde van de zestiende eeuw vaak nog met een Europese vrouw, in de zeventiende eeuw steeds vaker met een vrouw met Afrikaanse roots.

Ponte: "Die vrouwen kwamen vermoedelijk als bedienden mee met de families die uit de kolonie terugkeerden. Nederland had Brazilië veroverd op de Portugezen, maar moest de kolonie in 1654 weer prijsgeven. Dat zorgde voor een massale trek naar Nederland."

Uitpuilende stad
Amsterdam groeide in een eeuw van 30.000 inwoners naar 200.000. Er vormden zich omvangrijke gemeenschappen Portugezen, Spanjaarden, Duitsers en Scandinaviërs, en dus ook een kleine groep donkere mensen uit Afrika, Brazilië en het Caribische gebied. De laatsten woonden bijna allemaal in de buurt van de Jodenbreestraat, ontdekte Ponte aan de hand van de adressen in de registers.

"Het einde van de Jodenbreestraat was de grens van de toenmalige stad. De Mozes en Aäronkerk was toen een kleine katholieke schuilkerk waar veel kinderen werden gedoopt. De meeste mensen woonden in de buurt in kelders, vaak met meer gezinnen. Dat was niet ongewoon in die tijd. De stad puilde uit."

Voor een beeld van hoe de mensen leefden, maakte Ponte gebruik van de notariële akten uit dezelfde periode. Hij vond er bijvoorbeeld een over een ruzie tussen een koopman uit de buurt en een groep 'swarten' en 'swartinnen'.

"In de akte vertellen getuigen over ene Francesca die leiding zou geven aan de groep en ook werkzaam zou zijn als koppelaarster. De getuigen zijn vrienden van de koopman, dus het beeld dat zij van de vrouw schetsen is behoorlijk negatief. Tussen de regels door kun je echter lezen dat die Francesca eigenlijk de eerste opvang van de nieuwkomers verzorgde en hen wegwijs maakte in de buurt."

200

Amsterdam telde in de Gouden Eeuw een zwarte gemeenschap in wisselende formatie van circa 200 mensen.

Een inkijkje in het huwelijksleven verschafte het relaas van de zeeman Anthony Manuel uit Kaapverdië, die na jaren op zee terugkeerde in zijn woning in de Turfsteeg en zijn vrouw Hester Jans aantrof met een dikke buik. De dader stond voor de deur om het kind op te eisen. In de notariële akte waarmee de scheiding in werking werd gezet, komen vier getuigen aan het woord, twee Afrikaanse vrouwen en een Deens echtpaar.

Anthony liet er geen gras over groeien en trouwde volgens een andere akte drie weken later een nieuwe vrouw, Magdalena Jans uit Angola. Ponte: "Het verhaal onderstreept dat het kennelijk niet erg moeilijk was om een nieuwe man of vrouw te vinden in de buurt."

Trotse, vrije, zelfstandige mensen
Beeld is ook bewaard gebleven, en dan met name de schilderijen, tekeningen en schetsen die grote kunstenaars als Rembrandt van Rijn, Govert Flinck en Ferdinand Bol in hun tijd maakten van leden van de gemeenschap. Ponte: "De mannen en vrouwen worden vaak afgebeeld als trotse, vrije, zelfstandige mensen. Wij zijn gewend terug te blikken met een achttiende-eeuwse bril waarin zwart en slavernij onlosmakelijk met elkaar verbonden zijn."

"Maar een eeuw eerder speelde dat nog niet. In Amsterdam was slavernij expliciet niet toegestaan. In Brazilië kwam slavernij wel voor, maar de actieve rol van Nederland moest nog beginnen. In de achttiende eeuw nam de slavenhandel een enorme vlucht, en werden mensen massaal overgebracht naar de suikerplantages in Suriname."

Ponte wil dit jaar enkele wetenschappelijke artikelen over zijn spitwerk publiceren en denkt al na over een boek, maar ook daarna gaat de zoektocht naar nieuwe zwarte bewoners van het oude Amsterdam door. "We moeten het hebben van de registers. De meeste mensen hebben helemaal geen sporen nagelaten. Maar af en toe komt er weer een brokje informatie naar boven."

In het huwelijksregister uit dezelfde periode kwam de onderzoeker onlangs een Afrikaanse vrouw tegen die het jawoord had gegeven aan een Aziatische zeeman. "Dat riep bij mij de vraag op hoe het eigenlijk zat met Aziaten in de stad. Daar zou ik ook graag eens in duiken."

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden