Plus

Amstelveen begint pilot om honingbij te redden

Bijenpark Amstelland in Amstelveen begint als eerste in Nederland een proefproject om te kijken of de bijen op een natuurlijke manier resistent kunnen worden gemaakt tegen een parasitaire mijt.

Een varroamijt op een honingbij Beeld Shutterstock

De varroamijt is een parasiet. Hij dringt binnen in de kolonie en legt eitjes in de larven. "Wanneer je de mijten niet bestrijdt, is de kolonie binnen twee jaar dood," zegt Gerbert Kos, lid van de bijenvereniging en initiatiefnemer van het proefproject.

Voor de bestrijding worden chemische middelen gebruikt. "Maar dat doe je liever niet als imker," aldus Kos. "Bovendien werken deze middelen niet meer goed, de mijt wapent zich hiertegen."

Superbijen
De mijt komt oorspronkelijk uit de ­Indische archipel. De bijenvolken daar hebben een manier gevonden om te leven met de mijt. Besmette larven worden opgespoord door werksters en opgeruimd, zij beschikken over een bepaalde hygiëne-eigenschap.

Al in de jaren negentig werd in Amerika varroa-resistent gedrag ontdekt. Het onderzoek kwam echter niet van de grond vanwege een gebrek aan middelen en kennis. Kos: "De Amerikanen zijn niet goed in het kweken van bijen. Zo hebben ze nooit de stambomen juist in kaart gebracht. En dat is essentieel om inteelt te voorkomen."

Daarom waren de Amerikanen blij met hulp uit Nederland. Onderzoeker BartJan Fernhout kweekt in samenwerking met het Amerikaanse ministerie van Landbouw (USDA) sinds vijf jaar op Hawaï superbijen, die in staat zijn om zelf de gevreesde varroamijt te elimineren.

Na vijf jaar boekt Fernhout nu goede resultaten. Zijn beste teeltlijnen zijn volledig resistent. Volgens Kos is de tijd rijp om het ook in Amstelveen te proberen. "We hebben een relatief grote vereniging, en een mooie bijentuin. Omdat we hier voldoende volken hebben, kunnen we hier een hotspot van resistente bijen maken."

Nieuw bloed
Over drie tot vier jaar moet het bijenpark in Amstelveen volledig resistent zijn. Voor het echter zover is, moet veel werk worden verzet. De eerste stap is het testen van alle volken op het bijenpark op resistente eigenschappen.

Kos: "Dat doen we door 150 mijten in een kolonie te zetten. Na twee weken kijken we hoeveel mijten er over zijn." Van volken met resistente eigenschappen wordt nageteeld. Vervolgens moeten darren worden gevonden met dezelfde eigenschap.

Het sperma van deze darren wordt verzameld. Kos: "Normaliter gebruiken koninginnen sperma van vijftien darren. Zouden we de natuur haar gang laten gaan, dan is niet zeker of het sperma van de resistente mannetjes wordt benut. Daarom insemineren we het sperma van één mannetje."

Om inteelt te voorkomen, is er telkens behoefte aan nieuw bloed. "Daarom moeten we de komende ­jaren blijven zoeken naar geschikte koninginnen."

Na drie jaar is de hoop dat de volken ook op natuurlijke wijze de eigenschap doorgeven, net als de volken van Fernhout op Hawaï. Vandaaruit moet het verder groeien: naar een hele regio met resistente bijen tot uiteindelijk het hele land.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden