Column

Alles gaat altijd anders dan je denkt

 

Roos Schlikker
Roos Schlikker. Beeld Het Parool
Roos Schlikker.Beeld Het Parool

Op 28 maart, tien jaar geleden, zag ik om zes uur 's morgens de zon opkomen. Urenlang, vanaf middernacht, was ik omhelsd, op schouders geramd en hadden mensen wedstrijdjes tonghockey met me proberen te spelen, terwijl ik almaar lalde dat ik me 'heeeeeeeul errug oud' voelde. Dertig worden, ik vond het wat.

Vandaag, een decennium later, zal ik weer om zes uur wakker zijn. Dat ben ik namelijk iedere dag. Mijn kinderen kunnen veel, van het alfabet boeren tot polsstokhoogspringen over de door ons zo zorgvuldig gemonteerde traphekjes, maar tot uitslapen zijn ze niet in staat. Het is niet anders. De eerste jaren gromde ik vaak woedend: 'Ja ja, dan heb je tenminste wat aan je dag,' inmiddels ben ik het nog gaan menen ook.

Want hoewel ik het geen probleem vind dat ik vandaag de veertig aantik, zit het leven me op de hielen. Het jaagt, het raast, en als je niet oplet ben je decennia verder, kopen je spruiten traphekjes voor hun eigen kroost en sta je als Willeke Alberti bij Schoonenberg een gratis gehoortest te doen.

Tot dan wil ik zo aanwezig mogelijk zijn. Mijn der­tigersfeest vierde ik uiteindelijk met velen in een bar. Het was gezellig. Schijnt. Want vanaf één uur herinner ik me niets, dankzij Koning Wodka. De volgende dag moest ik vrienden hees en beschaamd vragen of ik echt met een onderbroek op mijn hoofd radslaggend een pornografische versie van André Hazes' Zo heb ik het nooit bedoeld had gezongen ('Een ander in je huig, die deelt met jou de hele nahaaaacht'), of dat ik het had gedroomd. Hun antwoord laat ik in het midden.

Het feestje had ik van tevoren helemaal uitgedacht, maar alles gaat anders dan je denkt. Als ik iets heb geleerd, is dat het. Hoe kon ik weten wat de tijd zou brengen? Dat ik zou trouwen, vier keer zwanger zou worden, dat ik twee kinderen verloor en er twee kreeg, dat IS zou ontstaan, welke natuurrampen de wereld overspoelden, dat ik een plekje in míjn krant kreeg, welke zorgen ik om mijn ouders zou dragen en wat voor diepgang dat ook bracht. Ik kon me nergens op voorbereiden.

En dus geef ik mijn verjaardag deze zaterdag uit handen. Mijn man heeft een partijtje georganiseerd, ik heb geen idee of dat betekent dat ik vanavond radslaggend met een onderbroek zwaai. Mijn enige zekerheid is dat ik het morgen zes uur zie worden, met kindergestamp naast mijn bed. En de dag daarna. En daarna.

Natuurlijk benauwt me dat soms. Waar is de tijd die ik tonghockeyend doorbracht? Maar de kunst van het leven is het midden vinden tussen je schikken en streven naar meer.

Makkelijker gezegd dan gedaan. Afgelopen week stond ik in het ziekenhuis, mijn liefste, sterke tante in mijn armen. In haar ogen brandt energie, in haar lichaam woekert kanker. Schikken? Mijn reet.

Het leven is een rare surpriseparty. Het enige wat we kunnen doen, is wakker blijven. Wakker en bewust. Tot de dood ons scheidt.

r.schlikker@parool.nl

Wil je reageren op deze column? Dat kan! Scroll (een beetje) naar beneden om een reactie te plaatsen.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden