PlusAchtergrond

Alleen terras open? ‘Dat is niet rendabel’

Als de situatie het toelaat, mogen over drie weken de terrassen onder voorwaarden open. Is dat logistiek en financieel haalbaar in een land waar lang niet altijd de zon schijnt?

Uitzicht op de Lindengrachtmarkt vanuit een lege kroeg.  Beeld ANP
Uitzicht op de Lindengrachtmarkt vanuit een lege kroeg.Beeld ANP

Het was alsof minister Hugo de Jonge maandagavond tijdens de persconferentie Nederland een vette worst voor de neus hield. Als de belasting van de zorg stabiel blijft of daalt en het R-getal op of onder de 1 is, dan zouden terrassen onder voorwaarden weer open kunnen op 31 maart. Menigeen droomde weg naar een middag in de zon, met een drankje en een hapje.

Branchevereniging Koninklijke Horeca Nederland noemde het na afloop ‘een klein lichtpuntje’, maar Amsterdamse horecaondernemers benaderen de mogelijke versoepeling met scepsis, zo blijkt uit een rondgang. Er is nog niets concreet. Eerst zien, dan geloven.

Daarbij is het een flinke operatie om een horecazaak weer in vol bedrijf te krijgen. Lang niet iedereen denkt daarover na als een ober de bestelde drankjes komt brengen. We zijn eerder geïrriteerd als het te lang duurt voor de borrelhapjes komen.

Voorbereiding

Wat komt er zoal kijken bij heropening? Allereerst is er het personeel dat moet worden opgetrommeld: roosterwensen opvragen, inroosteren, uren registreren en ga zo maar door. Het schoonmaakbedrijf moet elke dag langskomen. Kranten, week- en maandbladen moeten weer worden aangeschaft. De glazenwasser moet worden ingeschakeld. De terrassen uitgezet en weer opgeruimd. Afwasmiddel en andere benodigdheden moeten ingekocht. De ovens en andere apparatuur moeten weer draaien. En dan zijn we er nog niet.

De kaart: welke gerechten worden geserveerd? De producten die daarvoor moeten worden besteld, verschillen uiteraard per horecazaak. De een kiest voor een beperkte kaart en heeft genoeg aan hamburgers, tosti’s en wat kleinere gerechten, maar er zijn ook zaken die een veel breder menu serveren.

“Op het moment dat we weer open kunnen, zijn we zeker twee à drie dagen bezig om alles voor te bereiden,” zegt Jan-Paul Bekkers, mede-eigenaar van de Ysbreeker. “We maken namelijk alles zelf én vers. Kreeft kun je bijvoorbeeld maar een dag bewaren.”

Altijd kans op regen

Een kleinere kaart is voor zijn zaak geen optie. “Dat is een afweging. Mensen komen naar De Ysbreeker met een bepaald verwachtingspatroon. Ook al ga je beperkt open, met alleen een terras, dan moet je toch laten zien wie je bent. Vergelijk ons met een Formule 1-wagen. Die moet met 200 kilometer per uur door de bocht, niet op twee wielen en op de helft van de snelheid.”

Daar komt bij dat het weer in Nederland lang niet altijd stabiel is. Zeker niet in de lente. “April is een maand die alle kanten op kan gaan,” vertelt meteoroloog Jaco van Weezel van Weeronline. “Soms valt er nog een beetje sneeuw, soms is het weer tropisch.”

Wel positief: april is gemiddeld de droogste maand van het jaar. “En ook qua zon kan het goed gaan. Maar het blijft Nederland: er is altijd kans op meer regen, altijd kans dat de warmte tegenvalt. Bij dat laatste is de windrichting heel bepalend. Een noorderwind neemt de kou van de Noordzee mee.”

Stip niet genoeg

Voor Bekkers is het duidelijk: opengaan met alleen een terras is voor de Ysbreeker financieel niet rendabel. “We zijn dan te afhankelijk van het weer.”

Ook Peter van den Boom, mede-eigenaar van Mojo in Oost, kan het zich moeilijk voorstellen. “Wat is dan het gevolg voor de steunmaatregelen? Het is fijn om een stip aan de horizon te hebben, maar alleen een terras is lang niet genoeg om alle kosten te dekken.”

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden