PlusColumn

Alleen maar kunnen wachten tot de zoetigheid op is

James WorthyBeeld Agata Nowicka

De bruidstaart staat op een schommel naast de dansvloer. 2018 schijnt het jaar van de zwevende bruidstaart te zijn. De taart ziet er zo mooi uit dat hij niet lekker kan zijn.

Op de taart staat een bruidspaar van kunststof.

De bruid heeft bruin haar, een witte bruidsjurk aan en een sluier op haar hoofd. De bruidegom heeft bruin haar en een zwarte smoking aan. De bruid houdt haar hand op de arm van de bruidegom.

Het kleine bruidspaar ziet er ongelukkig uit. En ik ­begrijp ze wel. Ze staan op een taart die steeds kleiner wordt. En ze kunnen niet weglopen. Ze zijn maar van kunststof.

Ik vraag me altijd af of dat kleine bruidspaar een soort metafoor voor het huwelijk is. Twee mensen, bewegingloos, op een taart die krimpt. Twee mensen, met de voeten vastgemetseld in marsepein, die alleen maar kunnen wachten tot de zoetigheid op is.

Het bruidspaar loopt de dansvloer op. Een paar uur geleden hebben ze in een kerk het onbeloofbare aan ­elkaar beloofd. In ziekte en gezondheid, tot de dood hen scheidt. Nee, voor eeuwig en altijd. Ik wil ze geloven, maar ik weet niet eens of ze het zelf wel geloven. Er is geen samenvatting van voor eeuwig en altijd. Je moet het hele boek lezen. Ook de pagina's die branden.

De dominee die het huwelijk inzegende, noemde het tweetal herhaaldelijk tortelduiven. Hij sprak over de ­tederheid van die vogels. Het constante minnekozen. De dominee vergat alleen te vertellen dat tortelduiven allesbehalve trouw zijn. Ze tortelen met iedereen.

Het bruidspaar danst. Ze dansen precies onder de ­discobal. Het regent lichtsproetjes op het gezicht van de bruid. Het paar danst op What Am I Here For van ­Jade Bird. Een prachtig liedje over de gekmakende broosheid van liefde. Een liedje over een einde dat al richting de kapstok aan het lopen is. Liedjes over eindes zijn altijd mooier dan liedjes die over het begin gaan.

Zij danst, hij tortelt. De bruidegom wil de bruid niet loslaten. Hij legt zijn hoofd op haar hoofd neer en ruikt aan haar haar. Maar ruiken is niet genoeg. Hij legt zijn neus op haar hoofd neer en snuift haar scheiding schoon.

De man breekt. Hij gaat door zijn knieën en verstopt zich onder haar jurk. Dit is wat ik wil zien. Een man die onder de bruidsjurk van zijn vrouw schuilt. Een man in een tent van dromerig tule. Dit geeft hoop. Dit is overgave. Geborgenheid. Een vrouw die op de mooiste dag van haar leven een schuilkelder voor haar man durft te zijn.

De bruidstaart wordt weggedragen. Ik kijk naar het bruidspaar van kunststof. Ze staan er nog steeds. Hij is nog wel even zoet met haar en zij ook met hem.

Ik kijk naar mijn vrouw die aan de andere kant van het zaaltje met de moeder van de bruid staat te praten. Misschien moet ik ook maar een keer het onbeloofbare aan haar gaan beloven. We zouden mooi op een taart staan.

"Ik zal je aankleden als je niet meer weet wat een broek is," fluister ik, terwijl ik op haar afloop. Ja, ik zal haar aankleden als ze niet meer weet wat een broek is.

De in Amsterdam geboren en getogen schrijver James Worthy (1980) probeert in zijn columns iets van het leven te begrijpen. Lees al zijn columns hier terug.

james@parool.nl

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden