Plus

Al vanaf de start werkt vrouw in deeltijd

Jonge vrouwen werken twee keer zo vaak in deeltijd als mannen, ook als er nog lang geen kinderen in beeld zijn. Starters krijgen eerst een deeltijdcontract en mannen eisen - en krijgen - sneller meer uren.

Ook speelt mee dat vrouwen vaak voorsorteren op beroepen waar deeltijdwerk de norm is, zoals bijvoorbeeld in de thuiszorg of de kinderopvangBeeld anp

Van de werkende vrouwen onder de 25 jaar heeft 63 procent een baan van minder dan 35 uur per week. Van de mannen van dezelfde leeftijd werkt maar 30 procent in deeltijd.

De resultaten hebben het Sociaal en Cultureel Planbureau, dat maandag het onderzoek Werken aan de start presenteert, zelf ook verbaasd.

"We wisten wel uit eerder SCP-onderzoek dat deeltijdwerk voorkomt onder jonge vrouwen zonder kinderen," zegt onderzoeker Ans Merens. "Maar dat je bij de jongste groep, die pas net op de arbeidsmarkt is, al zo veel deeltijdwerkers ziet, is opvallend."

Kleine verschuiving
Ongeveer de helft van deze vrouwen werkt minder uren dan zij zouden willen. Starters krijgen vaak eerst een deeltijdcontract aangeboden, stelde het SCP vast.

Pas later durven jongeren om meer uren te vragen - en dat blijken mannen veel vaker te doen dan vrouwen. Ook speelt mee dat vrouwen vaak voorsorteren op beroepen waar deeltijdwerk de norm is, zoals bijvoorbeeld in de thuiszorg of de kinderopvang.

Merens: "Werkgevers vinden deeltijders vaak wel makkelijk: als iemand uitvalt, kunnen ze iemand anders vragen wat extra uren te werken. Dat wordt met voltijders veel ingewikkelder, dan moet je meteen uitzendkrachten inzetten."

De huidige economische groei zal slechts een kleine verschuiving naar voltijdwerk veroorzaken, denkt Merens.

Vrouwen kiezen nu eenmaal al zo lang voor deeltijdwerk; dat komt door de veelheid aan beschikbare functies en de goede rechtsbescherming van parttimers.

Niet economisch zelfstandig
Vaak is het voor vrouwen financieel ook niet noodzakelijk volledig te werken - wat er wel toe leidt dat het aantal Nederlandse vrouwen dat economisch zelfstandig is, laag is: van de vrouwen tussen 30 en 35 jaar verdient 67 procent minstens 920 euro per maand, tegenover 82 procent van de mannen.

Klein lichtpuntje: de loonkloof lijkt wel - iets - kleiner te worden, doordat vrouwen het beter doen in het onderwijs. Ze studeren sneller af, vallen minder vaak uit en volgen opleidingen op hoger niveau.

Bij de overheid komen vrouwen op betere posities binnen, waardoor zij tot hun 30ste een hoger uurloon hebben. Rond die tijd wordt dat gelijk, daarna streven mannen ze voorbij. In het bedrijfsleven verdienen vrouwen tot hun 25ste meer dan mannen, en tot hun 30ste evenveel.

Merens: "Je zou kunnen zeggen dat de loonkloof mettertijd kleiner wordt, doordat de groep hogeropgeleide vrouwen natuurlijk steeds groter wordt. Tegelijk wordt deze trend gestuit door de voorkeur voor deeltijdwerk: onder de 25 jaar zijn er ongeveer evenveel mannelijke als vrouwelijke managers, op latere leeftijd zijn het steeds meer mannen. Of je bijvoorbeeld een leidinggevende positie hebt, is van invloed op je uurloon. Een manager kan zijn werk nog wel in vier dagen doen - in twee dagen niet."

Laura Grilo Melo (23)

Marketing- en webshop­medewerker TonTon Club en Puck, Amsterdam-West

"Ik werk 32 uur per week. Na de havo heb ik een tijdje journalistiek gestudeerd, maar dat was niks voor mij. Toen heb ik een jaar in Portugal gezeten, bij mijn vader. Daar belde mijn oude baas, of ik terug naar Nederland wilde komen om de webshop van zijn club te runnen. Ik stond er vroeger al achter de bar, dit was mijn eerste serieuze baan."

"Het is voor vier dagen in de week, op maandag ben ik vrij. Eigenlijk verdien ik net niet genoeg om relaxed van te kunnen leven, daarom sta ik af en toe op zaterdagavond nog achter de bar. Ik vind het ook wel erg leuk, zo voor één dag in de week. Als ik gevraagd zou worden vijf dagen per week te komen werken, zou ik het misschien wel doen, omdat de collega's en het werk zo leuk zijn."

"Maar zo'n maandag vrij is ook wel prima. Het is soms een soort tweede zondag, en soms ben ik juist best productief. Ik zie het ook als een manier om te wennen aan werken van negen tot vijf. Over een paar jaar werk ik vast fulltime; dan ben ik er wel aan toe."

Laura Grilo MeloBeeld -

Susan Dubbeldam (24)

Verloskundige bij eerstelijns­praktijk Nova (IJburg en Van Swindenstraat)

"Ik heb meestal één spreekuurdag en één of twee 24 uursdiensten. Dat betekent dat ik ofwel 32 uur in de week werk, of 56 - dat is betrekkelijk normaal in de verloskunde. Zo'n 24 uursdienst betekent visites rijden, langs net bevallen vrouwen, en de spoedlijn: nieuwe bevallingen."

"Soms ben je echt de hele tijd aan het werk, maar het komt ook vaak voor dat ik tijdens mijn dienst boodschappen kan doen of koffie kan drinken. Het is niet te vergelijken met werken op een kantoor. In de toekomst zou ik in een ­ziekenhuis kunnen werken: kortere diensten, veel handiger te combineren met kinderen."

"Maar ik weet ook dat juist zo'n eerstelijnspraktijk meer bij me past. Je hebt dan veel meer contact met de zwangeren. Als ik ouder word, wil ik wel minder gaan werken, bijvoorbeeld één spreekuurdag en één 24 uursdienst. Anders krijg je het nauwelijks geregeld. Ik heb zo'n respect voor mijn collega's die kinderen hebben. Terug naar 32 uur is niet meer dan reëel."

Susan DubbeldamBeeld -
Beeld Jet de Nies
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden