Affaire-Rochdale: waarschuwingen genoeg

Prominente illustratie uit het jaarverslag 2007 van Rochdale, waaruit duidelijk blijkt welke nieuwe rol woningcorporaties voor zichzelf zien.

AMSTERDAM - Woningbouwverenigingen zijn allang niet meer die kleine organisaties met huizen voor arme mensen. Het zijn grote bedrijven, waarin veel geld omgaat. Directeur Möllenkamp van Rochdale kon privé en zakelijk niet scheiden.

Het onbeschaafde volk leren ordentelijk te wonen. Dat was het sociale doel van de woningbouwverenigingen. Maar de verenigingen zijn bedrijven geworden, met een andere cultuur en andere normen, waarbij fraude op de loer lag. De affaire-Rochdale komt niet uit de lucht vallen. ''De directeurtjes van de woningbouwverenigingen zijn tycoons van grote bedrijven geworden,'' zegt René van Genugten, commissaris van woonstichting De Key.

Met die ene zin heeft hij de omslag bij de woningcorporaties geschetst. ''De directeuren hebben aan het grote geld geroken. Hun salarissen zijn opgetrokken en ze zijn betrokken bij grote transacties. Dan moet je erg sterk zijn om je rug recht te houden.''

Van Genugten, tevens medewerker van de Woonbond, bezet één van de twee 'huurderszetels' in de raad van commissarissen van De Key. Hij houdt daar namens de huurders streng toezicht op het reilen en zeilen van de corporatie. Hij trekt daarbij schouder aan schouder op met Leo Platvoet, prominent GroenLinkser, die net als Van Genugten regels en controle als het geeigende middel zien om misstanden bij woningcorporaties te voorkomen.

Zij zijn niet verbaasd over het ontslag van Hubert Möllenkamp als voorzitter van de raad van bestuur van woonstichting Rochdale. Möllenkamp is niet de eerste directeur van een woningcorporatie die wordt verdacht van fraude.

Dat zegt ook PvdA-Tweede Kamerlid Staf Depla. Hij maakt zich grote zorgen dat een deel van de corporatiedirecteuren eigen bv's bezit. ''Sommigen gebruiken die voor de handel in vastgoed op hun eigen naam.''

Volgens Depla is het tijd de bezem door de sector te halen. ''Er lijkt nu sprake te zijn van fraude bij Rochdale, maar in 2006 hadden we hetzelfde bij PWS in Rotterdam en in 2004 bij SWZ in Zwolle.''

Bij Woonbron in Rotterdam ging het weer niet om fraude, maar om grootheidswaanzin, zegt Depla. Het kopen en verbouwen van het cruiseschip SS Rotterdam kostte Woonbron zo veel (tweehonderd miljoen euro) dat de gehele woonstichting eraan onderdoor dreigde te gaan.

Het grootste probleem van woningcorporaties is volgens Depla de bedrijfscultuur. ''Het gaat om huizen, vastgoedontwikkeling en -handel en bouw. Al deze sectoren zijn fraudegevoelig gebleken. Daarom heeft Joop van den Ende zich ook uit het Zuidasproject teruggetrokken.''

Volgens Jaap van Rhijn, directeur van makelaarsbedrijf Boer Hartog Hooft (BHH), zijn er twee momenten geweest waarop de bedrijfscultuur bij corporaties omsloeg. Eerst kwam de bruteringsoperatie van de jaren negentig, waarbij woningbouwverenigingen werden verzelfstandigd. Hun taken veranderden. Woningcorporaties moesten huizen bouwen, beheren en verhuren. ''Maar nu mogen ze ook commercieel vastgoed ontwikkelen, bedrijfshallen kopen en grond verhandelen. Zolang het rendement maar ten dienste van de volkshuisvesting komt.''

Ook de Neprom, de vereniging van ontwikkelingsbedrijven, wijst op 'het hybride karakter' van de corporaties. Directeur Jan Fokkema: ''Het gaat om grote partijen. Een organisatie met tienduizenden huizen is per definitie een grote marktpartij.''

Volgens Fokkema zijn de taken van de corporaties in de jaren negentig flink verruimd. ''Ze kunnen beheren, bouwen, ontwikkelen, handelen.'' Hij vindt dat acceptabel, mits de commerciële activiteiten in aparte bv's worden ondergebracht om oneerlijke concurrentie met commerciële partijen te voorkomen. ''Opdat de corporaties niet met subsidies of overheidsgaranties andere partijen met lage rentes en lagere prijzen beconcurreren.''
Zolang de sociale taken van corporaties niet goed gescheiden zijn van de commerciële, vindt de Neprom dat corporaties te veel vrijheden hebben - en dat is vragen om moeilijkheden.

En er is nóg iets. De huisvesters zijn in Amsterdam veelal onderdeel van 'de rode familie', of het nu gaat om Duco Stadig (oud-wethouder, oud-voorzitter van de Amsterdamse Federatie van Woningcorporaties), Lex Pouw, (oud-bestuurder van Ymere), Gerard Andriessen (Stadgenoot, voorheen AWV), Frank Bijdendijk (Stadgenoot, voorheen Het Oosten), Jaap van Gelder (De Key) of Jacques Thielen (Far West), de corporaties zijn nauw verbonden met de politiek.

Sommige corporatiedirecteuren verdienden vorig jaar volgens vorige week gepubliceerde cijfers twee à drie ton per jaar, terwijl zij vóór de jaren negentig salarissen hadden die vergelijkbaar waren met wat een stadsdeelbestuurder nu verdient (tachtig à negentig mille). En ze zitten al decennia als spinnen in het web van de volkshuisvesting.

Al deze hoofdrolspelers van de Amsterdamse volkshuisvesting, die bijna tachtig procent van de huurwoningen in de stad beheren, waarvan ongeveer zeventig procent een sociale huurwoning is, kennen elkaar door en door. Ze komen elkaar tegen op recepties van de gemeente en gaan niet zelden ook nog bij elkaar op verjaardagsbezoek.

Tachtig jaar lang werden zij, de directeuren, gecontroleerd door 'de partij' of de socialistische of sociaal-christelijke leden van woningbouwverenigingen. Die verenigingen waren rond 1900 opgericht om 'het onbeschaafde volk' te leren wonen en het te beschermen tegen commerciële bouwers.

Arie Keppler, tussen 1915 en 1957 directeur van de Gemeentelijke Woningdienst, bouwde bewust aan een netwerk van verantwoordelijke huisvesters. Hij kende alle hoofdrolspelers persoonlijk. Zo is het nog steeds.

Alleen keerden Keppler en de om hem heen gevormde clan zich tegen misstanden bij bouwers en verhuurders, die in zijn tijd hadden geleid tot verkrotting van bijvoorbeeld De Jordaan, Uilenburg en een deel van het Nieuwmarktgebied. De opvolgers van huisvesters als Keppler werden zelf ondernemer en werden niet langer gecontroleerd door huurders of de politiek, met alle verleidingen van dien. (TON DAMEN)

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden